(Alle Sampol-artikels, behoudens die van de laatste 6 nummers, worden hier integraal beschikbaar gesteld. Geen overname zonder bronvermelding.)

Over de rol van wraak in de formatie, een koningsdrama

maart 2008
2008

There’s something rotten in the state of Belgium

 

De Belg zou in 2007 kerstmis tegemoet gaan met zes maanden politieke crisis, geen regering, geen formateur of programma. De prijzen stegen spectaculair, de vakbonden roerden zich en economische instabiliteit dreigde. Het zou een lange koude winter worden: ijzig, zowel in de politiek als in het eigen huis door de hoge stookolierekening. In een goed Shakespeareiaans koningsdrama heet dit the winter of discontent. De meesten werden van dit alles depressief, sommigen eufoor - we hebben toch maar mooi het been stijf gehouden. Maar dan staat plots de weggestemde premier op uit de dood als nieuwe formateur. Zal hij erin slagen om wel een regering op de been te krijgen en daarbij wraak te nemen op zijn tegenstander die zijn kroon al half op het hoofd waande? Deze Belgische tragedie kent zijn voorganger in de verschillende werken van Shakespeare waarbij Leterme een 21ste eeuwse Hamlet speelt. Het stuk brengt geen held in de klassieke zin: hij twijfelt meermaals, maakt onschuldige slachtoffers, slaagt erin bijna iedereen tegen zich in het harnas te jagen en lijkt bij momenten de waanzin nabij. Op het einde van dit wraakepos wacht geen loutering, geen happy end, maar slechts dood en verderf met als enige troost dat hij zijn plan tot een eind heeft gebracht. De vergelding die Hamlet wil uitvoeren is zowel het focuspunt van het stuk als een onderdeel van de cirkel van wraak en wederwraak. Dit essay wil het koningsdrama in de regeringsvorming naar boven laten komen zonder het verhaal te laten verloren gaan in geforceerde parallellen. Want de regeringsvorming is reeds een drama pur sang waarbij de Shakespeare lijn slechts dient om het verhaal uit de Vlaamse klei te trekken en de antagonisten te verlossen van hun stage fear. De grote politieke strijdtaferelen zijn slechts het decor. De schijnwerpers, daarentegen, blijven gericht op de acteurs die in het weinig fraaie spektakel opstaan en vallen. En zoals het een goed koningsdrama betaamt, worden er diepe wonden geslagen tussen de rivaliserende groepen alsook tussen de oorspronkelijke bondgenoten. Dat is Shakespeare: als het doek valt, ligt het merendeel van het gezelschap morsdood op de planken.

De verdrijving van de koning - Het voorjaar van 2007 had enkele hete verkiezingsmaanden in petto. De kroonprins Leterme en zijn manschappen CD&V en N-VA aasden reeds enkele jaren op de overwinning van het koninkrijk. De Vlaamse zijde was eerder veroverd en nu zou ook het land aan zijn voeten liggen. De stijgende lijn van het kartel was niet te stoppen en de credo’s ‘goed bestuur’, ‘respect’ en in het bijzonder de eis voor meer Vlaamse autonomie zorgden voor een klinkklare overwinning op de vorige coalitie. Er moest en zou afgerekend worden met de vorige coalitie die de christelijke familie voor het eerst sinds decennia van de macht had weten te houden. De heersende Wetstraat koning Verhofstadt werd publiekelijk vernederd als onbetrouwbaar en onnozel. Het laatste televisiedebat voor de verkiezingen etaleerde publiekelijk de persoonlijke afkeer tussen Verhofstadt en Leterme. Op 10 juni vierde het kartel de overwinning tot in de vroege uren. En ieder aan de zijde van Leterme hoopte zijn buit binnen te halen; eindelijk regeren zonder de roden, eindelijk Vlaanderen verlossen van het koninkrijk, eindelijk weer voor lang uit de oppositie, etc. Nochtans, een wijs man weet dat oft expectation fails and most oft where most it promises [All’s Well that Ends Well].

De twijfel van de kroonprins -  ondanks de grote overwinning van CD&V/N-VA aan Vlaamse zijde en de MR aan Waalse zijde blijkt bij het aantreden van kroonprins Leterme dat het geen makkelijke opdracht zal worden. De man van 800.000 stemmen kiest voor een symmetrische coalitie van oranjeblauw met aan de beide grenzen van de taalgrens een christelijke-liberale familie. Maar voor een meerderheid moeten ook de kartelpartners van MR en CD&V mee het bad in: een N-VA dat Vlaanderen graag onafhankelijk ziet en het FDF dat ijvert voor meer rechten voor de Franstaligen in de rand. Waar zij elkaar zullen vinden, is vanaf het begin een niet te beantwoorden vraag. Zoals het een kroonprins betaamt, onderhandelt hij in een kasteel: Hertoginnedal, dagelijks belaagd door een meute perslui die de blutsen en builen van de onderhandelingen live in beeld brengen. Alle mijmeringen en twijfels worden voor het publiek geuit met de nodige afkeer voor de tegenstander.1 Ook het twijfelende optreden van de kroonprins en de tegenstand die hij oproept met zijn uitlatingen, zorgen enkel voor een sterkere verzuring van de relaties aan de onderhandelingstafel. Maar falen is geen optie, want ‘de mensen’ verwachten zoveel. Of hoe de roem van 800.000 stemmen ook een last kan zijn omdat de beloften waargemaakt moeten worden. All that glitters is not gold [The Merchant of Venice].

De Raadsman - Het pad naar roem blijkt bezaaid met obstakels. Daarom verdwijnt de kroonprins even van het toneel. Hij wordt vervangen door wijze raadsheren, de Verkenner Van Rompuy. De ervaren denker Van Rompuy wordt gevraagd om ‘even’ de opdracht van de kroonprins over te nemen. De diepe wonden die zijn geslagen door de verkiezingen waarbij er over de taalgrenzen heen op elkaar gescholden werd en de hoge woorden die vielen in Hertoginnedal aan de tafel van de kroonprins, worden door de wijze denker verzacht. Want de oude wijze weet dat enkel gesprek, verzoening en tijd raad zal brengen. How poor are they that have not patience! What wound did ever heal but by degrees? [Othello] Zijn pogingen lijken succes te hebben en voorstellen worden geformuleerd. Echter, de vriend van de kroonprins, Bart de Wever, ziet dit met lede ogen aan. De voorstellen gaan hem niet ver genoeg. Maar ook de handen van de kroonprins beginnen te jeuken. En dus wordt de verkenner na amper een maand afgevoerd. Zijn werk wordt naar de vuilbak verwezen.

De bondgenoten - Tijd voor het echte werk: de onderhandelingen over socio-economische thema’s kunnen beginnen. Enkele deelakkoorden worden gesloten. Al gaat elk akkoord gepaard met het heugelijke nieuws dat er een akkoord is, gevolgd door het ontkennen van het bestaan van een akkoord, dan van het houden van onderhandelingen om dan toch eindelijk te besluiten dat er wel een akkoord is met enkel wat moeilijkheden over technische details. Maar het communautaire spook blijft rond de formatiegesprekken hangen. De strategie wisselt vaak: eerst enkel spreken over socio-economische thema’s en dan pas het communautaire en dan weer omgekeerd. Maar duidelijk blijkt dat de bondgenoten op velerlei vlakken verschillen van mening. De Gucht noemt het een contract van rede en niet van passie.2 Een contract omdat de kiezer, het lot de kaarten zo geschud heeft. Misery acquaints a man with strange bedfellows [The Tempest]. Bovendien blijkt de hardste noot te kraken langs Franstalige zijde niet enkel het FDF, maar in het bijzonder de Waalse tegenhanger van de partij van de kroonprins, de cdH. De Vlaamse partijen dreigen op het heetst van de strijd het moeilijke dossier van de splitsing van BHV te stemmen, Vlamingen tegen Walen, indien er geen akkoord uit de bus komt tijdens de coalitiebesprekingen. De machteloosheid van Leterme wordt blootgelegd. De onmogelijkheid van zijn opdracht wordt door menig wijs man als logisch gevolg van de verkiezingen ervaren. Zij hebben immers beide kampen zeer verdeeld en wie langs Vlaamse of Waalse zijde ook de redelijkheid boven zou halen, krijgt het etiket van ‘verrader van de zaak’ op zijn hoofd gekleefd. Wie een millimeter wijkt, vreest in een volgende verkiezing een zware pandoering. Steeds duidelijker blijkt dat de bondgenoten misschien wel over de woorden van een bepaalde tekst een overeenkomst kunnen bereiken, maar zij over de basis van het project grondig verschillen. De kroonprins twijfelt tussen emotie en rede, tussen ‘zijn woord houden’ en een regering op poten krijgen. Hij weet niet te kiezen tussen de rol van aanvoerder van zijn Vlaamse groep en de rol van formateur boven het partijengewoel verheven. De gesprekken lijken op dat moment al lang niet meer over beleidsopties te gaan, maar wel over de procedures die gevolgd moeten worden en welke partij zal moeten toegeven. Hij moet verzucht hebben tijdens de nachtenlange onderhandelingen die niets opleveren: My words fly up, my thoughts remain below: Words without thoughts never to heaven go [Hamlet].

De verraderlijke vriend - Het huwelijk tussen de christendemocraten en de Vlaams nationalisten wordt een moeilijke relatie. Een wijze informateur stelde reeds ‘quid N-VA’,3 maar de kroonprins heeft beslist om de vriend bij zich te houden. Hun lot hebben ze met elkaar verbonden. Zo niet voor de vriend De Wever; er hangt een constante dreiging dat als de kroonprins niet genoeg binnenhaalt, hij de kroonprins zal verlaten om dan ruim te scoren bij de volgende verkiezingen. De vriend zal meermaals de kroonprins mede tot vallen brengen door te oordelen dat een akkoord niet ver genoeg gaat, door eis op eis te stapelen tot hij weet dat de andere bondgenoten aan Waalse zijde zich zullen keren.4 Nieuwe verkiezingen en duidelijke profilering zullen immers de vriend groot maken, groter dan het minimale belang in zetels die de vriend nu in het parlement onder zich houdt. Maar deze boodschap blijft verborgen onder de grote verontwaardiging die steeds wordt geëtaleerd telkens de Waalse zijde ‘non’ zegt, terwijl het grootste onrecht wordt uitgeschreeuwd eenmaal deze zijde om een ‘ja’ vraagt van Vlaamse zijde. Waarom de vriend eigenlijk met de andere partners mee in het bootje wil, blijft onduidelijk want het einde van het koninkrijk is en blijft zijn enige doel.5 De vriend zal daarom nooit kunnen instemmen met een plan dat aanvaardbaar is voor de Franstalige bondgenoten en bewerkstelligt daardoor de zekere dood van de kroonprins. Some cupid kills with arrows, some cupid kills with traps [Much ado about Nothing].

De vijanden - BHV wordt gesplitst met een ongewone stemming. De Waalse partijen wordt verweten om niet inschikkelijk te zijn en altijd ‘non’ te zeggen, de Vlaamse dat ze hun wil opleggen aan de minderheid en zo België opblazen. Windstilte in de formatie. Niet in de pers. Leterme zou onderhandelen, of toch niet. Er zou dan een economisch-sociale miniregering komen, of toch liever niet. Er zou eerst over de sociale thema’s gesproken worden en dan pas over het communautaire, of toch weer graag eerst omgekeerd. Oranjeblauw zou elkaar nog zien zitten, maar om eerst te babbelen moet er een teken komen. De macht wil men wel delen met elkaar, maar de compromissen en hun mogelijke gevolgen niet. De boodschap is duidelijk: I will buy with you, sell with you, talk with you, walk with you, and so following; but I will not eat with you, drink with you, nor pray with you [The Merchant of Venice].

De dood van de kroonprins - Alles of niets! De kroonprins doet een laatste, finaal, schluss damit en deze keer voor echt, voorstel; indien hier niet mee wordt ingestemd dan moet het voor hem niet meer. Maar zo ultiem blijkt het ultimatum niet te zijn, want ondanks het goedkeuren van de Waalse partijen vindt de vriend van de kroonprins het voorgelegde plan onaanvaardbaar. Het voorstel wordt aangepast op aandringen van de vriend waarop de Waalse cdH alsnog weigert. De kroonprins is, voor een tweede maal, uitgespeeld en zijn politieke dood wordt ingeleid. Hij wordt een martelaar genoemd, iemand die voor de goede zaak is gestorven en heilig verklaard maar niettemin pie-ren-dood. De man van 800.000 stemmen moet amper 6 maanden later zijn teloorgang aanschouwen vanaf de zijlijn. So sweet was never so fatal [Othello].

Wat zou de kroonprins gedacht hebben, daar stervend in dat koude herfstweekend? Zou hij hebben gedacht hoe zijn val vanaf het begin onvermijdelijk was? Hoe zou hij denken over de drie voormalige bondgenoten VLD, MR en cdH? These three have robb’d me [The Tempest]. En hoe te denken over zijn voormalige vriend die nu vooral maatjes blijkt te zijn met de eigen belangen en de voorzitter van de kroonprins, maar geen enkel moment heeft gemist om het hem moeilijk te maken?6 and this demi-evil - For he’s a bastard one - had plotted with them to take my life [The Tempest]. Of zou de kroonprins zijn lot aanvaard hebben? this thing of darkness I acknowledge mine [The Tempest].

De terugkeer van de koning - Zes maanden ver waren we; de staatswijzen te oud om terug te keren, enig mogelijk informateur onwillig, de vriend van de kroonprins teruggetrokken in zijn kartel, de vijanden achter hun linies en de kroonprins dood. De ideale positie voor de triomfantelijke terugkeer van de voormalige koning in het braakland België. Waar de koning was gemerkt als onverantwoordelijke brokkenmaker, vraagt men hem nu om de brokken van de kroonprins te lijmen. Oh gij duivelse ironie! Met iedereen van het toneel, verschijnt hij weer om dit maal de brokken te lijmen met meer ervaring en voorzichtigheid dan tevoren. Men kan enkel de steek in het hart van de stervende kroonprins inbeelden als ook de bevolking hem nu als redder weer binnenhaalt.7 Maar is dit niet eigen aan het leven in de politiek van vandaag - snelle winst betekent snel verlies? En daar zit de koning nu op de 16 met de troeven van het land wederom in handen, want geen ander als hem weet dat de politiek een toneel is waarbij man en vrouw in volle glorie op de bühne klimmen om er even later af te stuiteren. Maar zijn rol in dit stuk was bijzonder, de anti-held die semi-held wordt, met het knarsetanden van de kroonprins en zelfs zijn eigen partij op de achtergrond: And one man in his time plays many parts, he acts being seven ages [As you like it]

Een verhaal van wraak - Wraak lijkt thuis te zijn in maffiose afrekeningen, maar geen uitstaans te hebben met politieke strategie. De soms bikkelharde politieke discussies worden aanzien als een botsing van ideeën in een rationeel debat waarbij de overwinning wordt behaald door diegenen met de meeste verbale talenten en de toekomstplannen die het best aanspreken. Een nieuwe regering zou het logische gevolg zijn van de resultaten van de verkiezing waarbij enkel de keuze voor bepaalde ideologieën en sterkte van de partijen telt zoals bepaald door de kiezer als onpartijdige rechter. Recente politieke theorieën stellen dat wraak wel degelijk een niet te overzien element is in politiek. Dit is het geval op momenten wanneer het politieke veld wordt ingenomen door uitgesproken leiders die het land sterk verdelen in twee conflicterende toekomstvisies waarbij de andere zijde wordt overladen met negatieve en emotionele etiketten. Indien een van deze groepen een zekere vernedering oploopt of deze vernedering in zijn collectief geheugen zit gegrift, is er een grote neiging tot wraak. De scheidingslijn tussen wraak en rechtvaardigheid lijkt soms dun. Echter, indien bepaalde eisen vanuit een gevoel van rechtvaardigheid worden bekomen, is dit meteen ook het einde van de strijd terwijl een wreker ook uit is op een vernedering van de tegenstander. Rechtvaardigheid wordt aanzien als een noodzakelijk element voor een vredige staatsverdeling en intrinsiek goed, terwijl wraak negatief en destructief wordt bevonden. Dit betekent echter niet dat de wraakengel onpopulair moet zijn. Hamlet bewijst dat het publiek misschien de daden kan afkeuren, maar ze wel nog begrijpelijk kan vinden. Een held wordt de wreker echter nooit, want daarvoor heeft hij zijn menselijke ‘kleinheid’ te veel tentoon gespreid. De tweestrijd tussen Leterme en Verhofstadt is de ideale voedingsbodem voor een politiek wraakverhaal. Verhofstadt was de man die Leterme’s CD&V voor de eerste maal uit de regering wist te houden en daarbij de partij als verouderd afdeed. Leterme klom met zijn partij uit het diepe dal om Vlaanderen weer te heroveren. Als minister-president moest hij enkel nog in Verhofstadt zijn meerdere erkennen die hij vervolgens na de federale verkiezingen definitief en eigenhandig naar huis kon sturen. Het ideale wraakplan ware het niet dat ook Leterme de handdoek in de ring moet gooien tot twee maal toe. Leterme slaat zich op de borst dat het door hem is dat een staatshervorming in de toekomst mogelijk zal zijn. Daarmee heeft hij toch een deel van zijn wraakplan uitgevoerd; wat Verhofstadt niet deed, heeft hij mogelijk gemaakt. Maar kan hij werkelijk genieten van een overwinning? Een weekblad kopt ‘Leterme out, Verhofstadt in?’ waarbij de laatste als breed lachende overwinnaar binnentreedt, terwijl de andere met hangende schouders afdruipt.8 Ook Leterme weet dat het land zich in een impasse bevindt, dat de prijzen stijgen met een machteloze regering aan het roer en dat vele frustraties woekeren in de harten van de Vlaming, de Brusselaar en de Waal. Daarenboven zal hij enkel premier kunnen worden met een steuntje in de rug van de koning. Het feit dat de kroonprins moest en zou premier worden van het koninkrijk en dit het begin en het einde van het verhaal was, maakte de val van de kroonprins en de steun van de koning des te pijnlijker. Doordat de partij van de kroonprins blijft eisen dat hij moet en zal premier worden, vallen de maskers af: de vriend van de kroonprins werd daardoor de man van de principes, terwijl Leterme de rol zal krijgen van de eeuwige kroonprins. Waar is het verhaal van goed bestuur en respect? The very substance of the ambitious is merely the shadow of a dream [Hamlet].
Door de triomfantelijke terugkeer van de koning wordt de kroonprins in de schaduw geplaatst: Fortune’s Fool schreeuwt hij als Romeo uit. Het applaus van zijn partij na zijn ontslag als formateur moet eerst hartverwarmend zijn geweest. Maar ook hij moet weten dat hij veel uit handen heeft gegeven. Want wie bepaalde zijn strategie en zat daar in volle glorie mee te klappen? De vriend van de kroonprins die plots mee aan de tafel zit en de ideeën vertolkt van zijn partij. Niet van N-VA of het kartel, nee, van CD&V. De kroonprins besefte waarschijnlijk pas op dat moment dat de vriend hem overstegen had als woordvoerder van het ideeëngoed. Maar hij had het lot hier naartoe gedreven door zich volledig op de lijn te zetten van de vriend en zijn programma te willen uitvoeren. Het pre-electoraal geschimp op de paarse regering en de Waal had gewerkt, maar zou ook zijn ondergang zijn. Want zou hij nu een stap terugzetten, staat daar steeds de vriend met het stopbord - met strikje daarop. En ook de koning die hij schielijk leek te hebben verdreven zes maanden tevoren, maakte hem nu van martelaar tot verliezer van het verhaal. Ook hier had hij het lot een handje geholpen, door de vernederende woorden ‘wie gelooft u nog?’ die hij de koning had toegestuurd, wat bijdroeg tot de smadelijke nederlaag van de koning. Dit alles maakt de terugkeer des te triomfantelijker en opzienbarender. En zo begint een hoofdstuk ‘De wraak van Verhofstadt’, als een episode tussen de anderen met o.a. ‘De wraak van de Vlamingen’, ‘De wraak van de N-VA’, ‘De wraak van de MR’ en iets later weer ‘De wraak van de PS’. Juist hier kan onze kroonprins leren van Hamlet. De dood van Hamlet en de onschuldige geliefde Ophelia zijn door Shakespeare als waarschuwing tegen de eeuwige cirkel van bloedwraak gesteld. Wie zich stelt in de lijn van het wreken, zal het graf mee delven van zijn geliefden. Wie de cirkel van wraak en wederwraak wil stoppen, moet zich zetten op het pad van verzoenende rechtvaardigheid waarbij ieder krijgt waar hij recht op heeft via nuchter debat zonder oude demonen. Daarvoor moet de kroonprins weg van de rol van wraakengel die het lot lijkt te ondergaan. Daarvoor moeten de politici aan de onderhandelingstafel eerst weg van het zondebokverhaal waarbij de eigen kant of partij steeds het onschuldig slachtoffer is van een strijd waarin het machteloos toekijkt. Want de onmacht van een Hamlet is niet reëel. Shakespeare laat zien dat mensen de meesters zijn van hun eigen lot. The fault, dear Brutus, is not in our stars, but in ourselves, that we are underlings [Julius Caesar].

Celia
Catherine VAN DE HEYNING
1e laureaat Emile Zola-prijs 2008

Samenleving en politiek, Jaargang 15, 2008, nr.3 Bijlage (maart), pagina 4 tot 12

Geraadpleegde werken
- Steven Matthews, Veto threats: rhetoric in a bargaining game (1989), Quarterly Journal of Economics, vol. 104, pp. 347-369.
- David Austin-Smith, Strategic Models of Talk in Political Decision Making (1992), International Political Science Review, vol. 13, nr. 1, pp. 45-58.
- Eleanor Posner, Hamlet and Revenge, 1967, Oxford, Oxford University Press
- Huw Griffiths (ed.), Shakespeare’s Hamlet, a reader’s guide to essential criticism, 2005, New York, Palgrave Macmillan
- John Rawls. A Theory of Justice, 1971, Harvard, Harvard University Press
- Mark R. Amstutz, The Healing of Nations: the promise and limits of political forgiveness, 2004,  Lanham, Rowman and Littlefields publishers
- R.E. Harkavy, Defeat, National Humiliation and the Revenge Motive in International Politics (2000), International Politics, vol. 37, nr. 3, pp. 345-368.
- René Girard, A Theater of Envy, 1991, Oxford, Oxford University Press

Noten
1/ Paul Geudens, Geen vriendenclub op Hertoginnendal, Gazet van Antwerpen, 28 juli 2007.
2/ De Standaard, 14 augustus 2007.
3/ Marc Hooghe, ‘Quid N-VA’, De Standaard, 4 december 2007.
4/ De Standaard, 27 november 2007.
5/ Interview De Gucht, Knack, 5 december 2007.
6/ Interview Yves Leterme, Gazet van Antwerpen, 9 december 2007.
7/ Peiling iVox in opdracht van Het Nieuwsblad, 4 december 2007.
8/ Knack, 5 december 2007.

Emile Zola-prijs 

Free business joomla templates
Ontwerp Amsab - Powered by Amsab helpdesk