(Alle Sampol-artikels, behoudens die van de laatste 6 nummers, worden hier integraal beschikbaar gesteld. Geen overname zonder bronvermelding.)

Elementaire deeltjes - Over onze democratie en haar falen

maart 2008
2008

Ineens bedacht ik dat de meeste mensen de voornaam van Boonens nieuwe
liefje beter kennen dan de elementaire principes van een staatshervorming.
Zoiets maakt mij lusteloos.
Renaat van Poelvoorde, Aalst

 

Deel 1

Sofie. Zo heet ze. Sofie Van Vliet. Ze is zestien jaar en de godin van onze Monegaskische wielerheld. 

Ik weet niet of ik iets kan doen aan Renaat z’n lusteloosheid, maar ik vrees ervoor. In zijn analyse van het failliet van de Belgische politiek ben ik de dader, maar dan één met alle begrip voor het slachtoffer en z’n noodzaak om die emoties uit te schreeuwen in een weekblad dat men voor de lol beter Humoradio was blijven noemen. Dan zou z’n aanklacht ook iets nostalgisch en eeuwigs uitstralen. Want er is wel iets van aan, maar ze brengt ons tegelijk geen stap verder.

Elementaire principes van een staatshervorming. Meteen een drietal woorden die de ‘meeste mensen’ niet zullen begrijpen. Hij maakt de zaak dus nog eens twee woorden complexer dan ze al is. Ik ga ervan uit dat ‘van’ en ‘een’ nog net zullen lukken, zoniet valt voor meer te vrezen dan voor Renaat z’n lusteloosheid. Maar in een land zonder volwaardige regering, waar de toekomstige premier ter afwisseling eigenlijk Frans gebekt hoort te zijn, sluiten we niets uit.

Elementaire principes, nog eens. Is dat geen pleonasme? Elementaire deeltjes: basisbestanddelen waaruit iets is opgebouwd; principes: beginselen, uitgangspunten om iets op te bouwen. Principes zijn omzeggens altijd elementair, waarschijnlijk ook in Aalst. Nu goed, Renaat, je bent ter goeder trouw. Je gebruikt dat mooie adjectief natuurlijk om aan te tonen dat zelfs het uitgangspunt van het politieke wezen in een federale staat de mensen ontgaat. Het minste wat we kunnen verwachten, basiskennis, niveau prop nul. Om te zeggen hoe gemakkelijk zoiets is gebruik je dure woorden die geen mens begrijpt. Je klaagt ons intellectueel niveau aan.

Net goed. Dat zou meer moeten gebeuren. Want het klopt helemaal, we worden dag na dag in slaap gewiegd op de zachte tonen van het dwaze nieuws. Ik denk niet dat Vlamingen achterlijk zijn, althans: zo zou ik mijzelf niet omschrijven en ik ben én Vlaming én onvolkomen onderlegd in de uitgangspunten van een staatshervorming. De impasse in de wetstraat maakt trouwens dat het er naar uit ziet dat geen enkele Vlaming nog weet wat een staatshervorming is en hoe je eraan begint. Een heel ras achterlijk noemen - je bent van vreemde allooi, kameraad.

Deel 2

We zijn niet dwaas, noch zijn we helden. We worden gevoed door het dwaze nieuws, door warme winters en bestuurloze koninkrijken. ’t Is jammer, maar niet abnormaal. Leve je lust, Renaat, we zullen haar nog nodig hebben.

Probeer maar te overleven, als je dagdagelijks met de neus op de feiten wordt gedrukt. Als je het dwaze nieuws wil ontsnappen, probeer het: niet verzwolgen raken in de oneindige stroom van bodemloze zinloosheid. 13 uur. 18 uur. 19 uur - tot kwart vóór. 20 uur. 23 uur. Net gemist? Kijk nog eens. Of probeer een ander kanaal: nieuws genoeg! Meestal niets dat je écht nieuw kan noemen, maar laat het een Vlaamse cabaretier zijn die daar grappen over maakt. We gaan akkoord met Renaat: ondanks de vele tijdingen, snappen we nog steeds geen jota van het politieke bedrijf. Reken mij daar maar bij.

Deel 3

Om uit te zoeken of de Belgische politiek verstaanbaar is, heb ik een experiment op mezelf uitgevoerd. Ik heb mij vrijwillig ingelaten met politiek. Aan alle vensters een affiche, op elke manifestatie een vuist, op elk debat een wederwoord en voor elk journaal een kijkcijfer. Enkele jaren studie over maatschappelijke toestanden, en dan kon ik nagaan in welke mate volk, leider en politiek samengaan. Het lijkt een naïeve methode, en het vereist dat je afstand doet van de politique politicienne, van de drang zelf naar optimale oplossingen te zoeken en van de functionalistische trek om vrede te nemen met wat geschied is. Toch is het een interessante oefening deze zekerheden van je af te zetten. Ze zitten verankerd in hun historiciteit, maar lezen als een boek dat z’n plot kent door de eerste zin van het eerste hoofdstuk opnieuw te beginnen.

Beste mensen, beste Renaat. We begrijpen geen sikkepit van de Belgische politiek omdat de elementaire logica vaak zoek is. Het politieke spel maskerade noemen is even doortastend als dertig jaar lang het nakende einde der tijden en olievoorraden uitschreeuwen. Het klopt wel een beetje, maar laten we onze lust niet voor laten. Ik denk deze keer dat we echt op het punt zijn aanbeland waarop het politiek systeem moleculair ontleed moet worden. Niet om het platgetrapte volk de les te spellen - laat Renaat maar prediken. Het is tijd voor de politici om kleur te bekennen.

Vooral simpele dingen kunnen hard aankomen. Ons politiek systeem is onweerlegbaar fout georganiseerd. Hoe goed je het institutioneel ook schikt, hoe sterk de Europese Unie, NAVO of VN uitgebouwd mogen worden, de wortels van dat hele stelsel zitten in los zand. Bij verkiezingen gaat men namelijk uit van een rationeel electoraat, en die premisse houdt geen steek. Het gaat hier niet over de filosofische overtuiging dat de menselijke wegen ondoorgrondelijk zijn, maar enkel om het feit dat het stemgedrag in kwestie irrationeel is. In de economische wetenschappen is er naar analogie de premisse van de rationele consument. Men weet dat dit uitgangspunt imperfect is, maar men leeft ermee. En inderdaad: op basis van prijs en verpakking kan je wel een goeie gok doen als het erop aan komt te bepalen welke yoghurt uit het rek wordt gehaald. Maar kiezen we politici zoals kaasjes of waspoeders? Wat blijft over van die rationaliteit als de factoren die de keuze bepalen meerduidiger zijn dan een enkele dimensie zoals prijs, en wanneer kiezen op basis van verpakking eigenlijk irrelevant zou moeten zijn, en dus irrationeel genoemd moet worden? Je bent wellicht al even ver: niets. Geen sikkepit. Dezelfde sikkepit waarvan Renaat vaststelde dat ze verdwenen was, ontsnapte dus reeds bij de aanhef van het eerste hoofdstuk door de irrationele openingen van het politiek systeem. Verdwenen. Verder moet je niet zoeken, het bewustzijn dat je ze kwijt bent is belangrijker dan de onrealistische hoop ze terug te vinden in de beerputten van de journalistiek. Enkel een intellectueel wil zich daaraan bevuilen.

Dringt de vergelijking met de barbierswereld zich op? Ockham had zijn scheermes. Bezat hij ook een machientje, dan zou hij gemerkt hebben dat dit minder efficiënt werkte. Meer nog, een baard die naam waardig raakt er niet mee gladgeschoren. Het concept is eenvoudigweg verkeerd: je kan niet tot op het vel gaan door het raster dat altijd in de weg zal zitten. En dat geldt dus ook voor het kiessysteem: het kan niet werken omdat de elementaire voorwaarden niet vervuld zijn.

Deel 4

Vanaf hier spreken de gevolgtrekkingen voor zich. Mensen hebben losraak iemand verkozen. Als je geluk hebt: uit traditie, dan raak je je job volgende keer niet kwijt. Als je handig bent: dankzij je marketingcampagne. Inhoudsloos maar doeltreffend - ‘goed bestuur’, ‘gezond verstand’, ‘mensen op de eerste plaats’, ‘eigen volk eerst’, ‘we gaan verder, Freya’, noem maar op. Neem nu de sp.a. Met het gedachtegoed heb ik geen problemen: sociaaldemocraten zijn van overal en alle tijden, dus daar valt wel iets voor te zeggen. Maar met Patrick Janssens aan het roer was dit in de periode vanaf 1999 overduidelijk de partij met de beste marketing. Glorierijk resultaat in 2003, roemloze afgang in 2007. Toen is het mislukt. De ‘Ja! Führer, wir folgen dir’-campagne schoot bij de rechtgeaarde Vlaming in het verkeerde keelgat, en z’n stem vlot naar de grijze generaal uit de Westhoek. Veel meer hoef je daar niet achter te zoeken. Het was bon ton om christendemocratisch te stemmen, dus om zondag in het gezelschap van de wielervrienden geen mal figuur te slaan heeft men behoudsgezind gestemd. Als er straks opnieuw een vlaag van enthousiasme over het land trekt, krijgen we weer progressieve kleurtjes in het halfrond. Zijn de illusies bezonken, dan is het de beurt aan de liberale zakelijkheid.

Een bedrijf dat z’n afzet zo ziet fluctueren, zit met een probleem. Ook de Belgische politiek zit duidelijk met een probleem, maar om het aan te pakken zou het zichzelf in vraag moeten stellen en zichzelf in vraag stellen, daar zijn we niet goed in. Ons politiek ego moet overleven, maar van een strategie op lange termijn merken we weinig. Keer op keer hoopt elk kopstuk de strotrekkerij te winnen. De ‘kanseliersverkiezingen’ van 2007 vormen het voorlopige hoogtepunt van deze trend. Je had evengoed de hele achterban cyanidepilletjes kunnen toedienen en alle fondsen naar de coiffeurs van de drie kemphanen laten doorvloeien. De moeilijke vertering van het Generatiepact door de vakbonden was tekenend voor de afstand tussen militanten en het marketingmanagement. Hoe goed de politici als technocraat ook mogen werken, doet niet ter zake. In hun publieke rol zijn het louter uithangborden en dat zorgt voor onredelijk stemgedrag. Het soort van personencultus dat vandaag opgeld doet, is in feite compleet apolitiek. Het rààkt mij als kamergenoten het beleid beoordelen op basis van een scheefgeknoopte das, maar het vreet pas echt als die politici dít het mandaat noemen dat ze van ‘de mensen’ hebben gekregen. Ik wil gerust aannemen dat het aandeel autisten in de parlementen ongeveer overeenkomt met die in de gehele populatie. Op bepaalde zangevents zal dat aantal waarschijnlijk nog hoger liggen. Maar blijft er dan geen Piet of Jan meer over die ten eerste rationeel van geest is en ten tweede oprecht van hart? Dit maakt mij lusteloos, en zonder dat men het beseft met mij allicht de hele natie.

Deel 5

Dan komt de nietsvermoedende democraat met de rug tegen de muur te staan. Iedereen is blij dat hij Winston Churchill kan citeren: It has been said that democracy is the worst form of government except all the others that have been tried. Maar hij sprak met een dubbele tong: The best argument against democracy is a five-minute conversation with the average voter. Iedereen weet dat je op heel democratische wijze zeer slechte beslissingen kunt nemen. Een aantal mensen weten dat we dit ook doen. Zo kiezen we bijvoorbeeld de verkeerde partijen. Maar er zit een soort justificatie in de getalsterkte, dus laten we het eerste citaat maar aannemen. Leve de democratie! En naar de maan ermee! Eens ze verkozen zijn, doen de politici toch maar wat. Oh! Hoe ongenuanceerd. Kort door de bocht. Politiek incorrect! Generaliserend! En dat tegenover onze teerbeminde afzetmarkt voor bètablokkers. Die mensen werken zich te pletter en krijgen stank voor dank. Sorry, was niet zo bedoeld.

Ze doen maar wat. Wie heeft in godsnaam om die staatshervorming gevraagd? Vertel het mij … Waren we het niet eens met Renaat dat de meeste mensen niet eens weten wat dat inhoudt? Moeten we dan alleen omwille van het gewenningseffect met Jo Vandeurzen en Bart Somers meelippen dat de kiezer het zo gewild heeft? Moi, je dis non. Het tweede citaat klopt dus ook. We bejubelen de democratie voor de verkiezingen, en pleiten voor de pragmata aan de onderhandelingstafel. Zo werkt het systeem, maar de machtsverhoudingen aan die onderhandelingstafel blijven op niets gebaseerd. En na al die weken, na al die maanden, na al die journaals blijf ik in het ongewisse waarom ik toch zo naar een staatshervorming verlangd heb. Journalisten vullen de katernen met tactische allianties, blufpoker en chantage. Lobbygroepen ter linker- en ter rechterzijde zetten hun bottom line, maar enkel in de marge krijg je de elementaire aspecten aangereikt. Marginaal genoeg om het grote publiek nooit te confronteren met de inhoud van een politiek programma dat het nooit begrepen heeft, en waarvan het zeker niet wist of het dat wel wenste.

Begint het te dagen? Mooie instellingen, knappe politici, stevige discours, geen basis. Onze fascistoïde belangenorganisatie heeft een kiezerskorps dat voor 78 percent de Belgische staat aaneen wil houden. Hoeveel groter kan de kloof tussen perceptie en programma worden? Als je de democratie genegen bent moét je het kiessysteem verwensen. Als je geen elitarist of verlicht despoot bent moet je ook de wil hebben daar iets aan te veranderen. Kom op met die tegenstem. Een stel Antwerpse studenten werkte zich in de schijnwerpers. Waarom mag de kiezer niet ‘neen’ zeggen? Nee, ik weet het niet. Nee, ik vind mijn gading niet. Nee, ik wil geen kaarten tellen , geen stem uitbrengen, geen beslissingen nemen die ik niet gewild heb. Non! Je ne veux pas être obligé de choisir un gouvernement fédéral avec que des partis de ma communauté sur la formulaire de vote. J’aime Leterme. Ik aanbid Di Rupo. Geef mij maar Wathelet.

In sociaal-wetenschappelijk onderzoek is een non respons van 20 tot 40 percent niet ongebruikelijk. Het gaat dan ternauwernood om vragen als ‘Hoe vaak per maand gaat u op consultatie bij een dokter?’ en navenante vragenlijsten. Extrapoleer dat naar verkiezingen, de moeder van alle enquêtes: 40 percent van de Kamer blijft leeg. Op een doordeweekse zitting niets bijzonders, maar probeer nu maar eens je 2/3-meerderheid te vormen voor een staatshervorming. Veel succes, kanselier. Je zal over een paar nachten ijs moeten gaan - en die worden schaarser met de jaren.

Dat is stap één: eerlijk zijn in de keuzes die je mensen geeft. Vechten voor elke stem, je niet tevreden stellen met de gedachte dat jouw partij de slogan heeft die in het stemhokje het langste blijft nazinderen. Als men de mogelijkheid krijgt niet te stemmen, zullen steeds meer mensen zich van hun onwetendheid bewust worden. Zoals sinds de oudheid bekend is: wie weet dat hij niets weet, weet alles. Onze dwaasheid zal dan al bij al nog meevallen. Nu reeds stemt iets meer dan 5 percent van de bevolking blanco. Daarmee haal je de kiesdrempel! Tenminste, mochten deze zetels vrijgehouden blijven. Ik steun dan ook de stem voor het bolletje zonder naam.

Deel 6

Die stemshock zal op termijn stemmen opleveren voor de partij die de kiezer appelleert aan zijn intelligentie. Directe communicatie wordt belangrijker en de achterban krijgt een herwaardering. Op de hogere niveaus zal politiek altijd afvaardigingen impliceren, maar een volledig partijapparaat herleiden naar één of enkele personen is een brug te ver. Het maakt de zaak trouwens alleen maar complexer om te begrijpen. Mensen dienen zich thuis te voelen in de ideeën van een partij. Binnen die partij maakt men dan uit wie ze kan vertolken. Van een kiezer kan je niet verwachten dat hij meteen een redenering van twee stappen maakt voor elke partij en politieker. Dat vraagt te veel tijd. Laat hem dus eerst een lijst aanduiden en in tweede instantie of als lid de meest bekwame van de politici die tot die partij behoren. Het lidmaatschap herwaarderen zal dus van pas komen. Een jonge partij zoals Agalev en later Groen! speelt die basisdemocratische rol heel behoorlijk, al is ze ook genoodzaakt geweest tegenover het grote publiek met kopstukken en BV’s te werken. We merken uit onderzoek dat het aantal mensen dat zich lid noemt van een partij doorheen de jaren toenam, van 2,8 percent van de bevolking in 1981 tot 5,8 in 1990 en ten slotte 7 percent in 1999. Het is uitkijken naar de volgende European Social Study om te zien of die tendens zich verder zet, maar ze is niet noodzakelijk gunstig. Wat telt is de samenstelling van die groep. Het kan gaan om de overgrote meerderheid van de 10 percent van de bevolking met een grote interesse in politiek en voldoende kennis van staatshervormingen. Maar dit is een gemiddelde, want hoogopgeleiden delen zich voor 20 percent in die categorie in, terwijl dat bij laagopgeleiden slechts 3,5 percent is. Dertig à veertig percent van de Belgen is helemaal niet geïnteresseerd, en denk daar gerust nog een pak sociaal wenselijke antwoorden bij met een ‘vrij kleine’ interesse. Daar heb je het potentieel voor de nee-stemmers. Maar ook die mensen zijn te bereiken. Je moet er alleen baat bij hebben en dit is het geval wanneer elke kiezer telt en niet politici maar wel partijen het electoraat aan zich moeten binden. Vandaag wordt het verschil vaak gemaakt door de vlottende kiezer, Jan en Piet die zich tot geen enkele politieke stroming rekenen. De zwalper beslist. Is dat normaal? Zegevieren CD&V en MR omdat de wind goed zat? Zwaaide hun uithangbord sierlijker dan de andere?

Deel 7

Sofie. Kennis. We zijn niet incapabel, Renaat. We weten wie zij is, dus kunnen we ook andere dingen begrijpen. We kunnen er zelfs een mening over hebben, maar men moet ernaar vragen. Structurele aanpassingen kunnen verkiezingen correcter maken en de kiezer boven z’n luiheid doen uitstijgen. De juiste mensen moeten zich daarvoor loswrikken uit hun geijkte posities. Nu men toch aan het hervormen is, kan er werk van gemaakt worden.

Ooit was ik in Hasselt op een debat voor scholieren. Elke grote partij had z’n dienaren afgeleverd en de scholieren werden op een steekspel van jewelste getrakteerd. Na afloop sprong één meisje recht: ‘Wij zijn naar hier gekomen om meer over politiek te leren maar hebben jullie enkel zien kibbelen, welk doel denk je daarmee te hebben bereikt?’ De zaal applaudisseerde, het debat viel in het water. Was dat zo? Of heeft het meisje misschien meer geleerd dan ze dacht. Is ze nu trots dat ze weet wie Sofie Van Vliet is, en zegt ze tegen Renaat:

Jammer, maar helaas.

Tom Braem
Sem VANDEKERCKHOVE
3e laureaat Emile Zola-prijs 2008

Samenleving en politiek, Jaargang 15, 2008, nr.3 Bijlage (maart), pagina 24 tot 31
Free business joomla templates
Ontwerp Amsab - Powered by Amsab helpdesk