Log in

'Op eigen kracht. De bevrijding van gas, olie en kernenergie'

Uitgelezen

Is ons klimaat onherroepelijk naar de vaantjes, of komt het dankzij technologische innovatie sowieso wel goed? Is de elektrische wagen een vloek of een zegen? En moet kernenergie niet sowieso deel uitmaken van een toekomstige energiemix? Wat heeft eigenlijk geleid tot de beslissing van Donald Trump om het Klimaatakkoord van Parijs niet uit te voeren? En hoe erg is dat?

Op eigen kracht. De bevrijding van gas, olie en kernenergie

Mathias Bienstman
Borgerhoff & Lamberigts, Gent, 2017

Op deze en vele andere vragen vindt u antwoorden in het boek Op eigen kracht van Mathias Bienstman, beleidscoördinator bij Bond Beter Leefmilieu. Het werk een 'klimaatboek' noemen, is het oneer aandoen. Het is veel meer dan dat. Het is een publicatie over de economie van de toekomst. Dat we niet over het klimaat kunnen praten los van de economie, is een van de lessen van het boek.

Laat me het meteen duidelijk stellen: het boek is een krachttoer. Het bevat de twee eigenschappen van een must read: het maakt een helder punt en je leert op zo goed als elke pagina iets bij. Zowel in die eigenschappen als qua stijl heeft het wel wat van Rutger Bregman zijn werk.

Het kernargument kan als volgt worden samengevat. We mogen optimistisch zijn over de energietransitie. Zowel marktdynamieken als technologische vernieuwing maken hernieuwbare energie in snel tempo onweerstaanbaar. Maar als het beleid niet alles op alles zet om deze transitie te versnellen, dan dreigt het toch te laat te komen. We zitten namelijk op een kantelpunt. Op zeer korte termijn moet de uitstoot van broeikasgassen drastisch naar beneden, en op niet zo lange termijn moet die zelfs naar nul.

Het boek slaagt er dus magistraal in om tegelijk een optimistisch verhaal te brengen en te waarschuwen. Dat we de goede kant uitgaan verhindert namelijk niet dat de verliezers van de energietransitie zich fel verzetten. Dat hebben ze in het verleden vaak met succes gedaan. Mede daardoor hebben we niet meer de luxe hen nu nog kansen te geven de omwenteling te vertragen.

In een eerste deel van het boek focust Mathias Bienstman op de beslissing van Donald Trump om de Verenigde Staten terug te trekken uit het Klimaatverdrag van Parijs. Hij legt uit dat dit niet samen met The Donald uit de lucht is komen vallen. Al sinds de jaren 1970 financieren oliebaronnen zoals de Koch-broeders denktanks om twijfel te zaaien over het bestaan, de oorzaken en de aanpak van klimaatverandering. Ze zijn er in geslaagd om een hold-up te plegen op de Republikeinse Partij, die nu veel meer klimaatsceptici naar het Congres stuurt dan een decennium terug.

Dat de Verenigde Staten zich niet houden aan de afspraken van Parijs is belangrijk omdat het economische en politieke argumenten geeft aan andere landen om er ook de kantjes af te lopen. Terwijl alle landen nodig zijn om de klimaatverandering op tijd een halt toe te roepen. Dus moet de EU, nog steeds een van de drie belangrijkste economische machten ter wereld, dat bovendien over grote troeven beschikt op vlak van energietechnologie en afhankelijk is van soft power voor invloed in de wereld, het voortouw nemen. Het kan dat op verschillende manieren: allianties aangaan met progressieve actoren in de Verenigde Staten (zoals staten en steden), meer samenwerken met andere internationale partners zoals China, zelf een tandje bijsteken, of gerichte sancties tegen de Verenigde Staten nemen. De EU moet dus meer dan ooit op eigen kracht leiding geven in het internationale klimaatbeleid.

Het tweede deel legt in detail uit hoe de energietransitie - weg van olie, gas en kernenergie naar hernieuwbare bronnen - precies moet verlopen. De nadruk ligt daarbij op de Belgische situatie. Mathias Bienstman heeft het zowel over onze obstakels, onze ruimtelijke ordening en mobiliteit bijvoorbeeld, als over onze troeven, zoals de mogelijkheid tot grootschalige windmolenparken op de Noordzee en onze ligging waarmee we het hart van een West-Europees hernieuwbaar energienetwerk ('een Unie van Zon en Wind') kunnen worden.

De sterkte van het boek kan voor mij samengevat worden met volgend citaat: 'nochtans is het zoals elk ander beleid het gevolg van ideeën, belangen en keuzes'. Het zou uit de inleiding of de conclusie van het boek kunnen komen. Dé reden waarom Mathias Bienstman tegelijk optimistisch en mobiliserend uit de hoek komt, is dat hij terecht stelt dat niets vanzelf gebeurt, positieve marktdynamieken en technologische evoluties ten spijt. De vrije markt die zelf wel voor de optimale uitkomst zorgt, bestaat niet. De markt kan tot problemen leiden, wanneer externe effecten niet worden betaald door de producent of consument of wanneer ze voor monopolievorming zorgt. Dus zijn er regels nodig. Er zal altijd gestreden worden om die regels door groepen die er bij denken te winnen of te verliezen. Dat is absoluut niet anders bij klimaatbeleid. En dus moet er politiek gestreden worden om op tijd de omschakeling naar hernieuwbare energie te maken.

Ondanks dat het citaat de kern van het betoog van Mathias Bienstman mooi samenvat, komt het niet uit de inleiding of conclusie, maar uit een passage over het monetair beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). Maar ook dat kenmerkt het boek. Zoals al gezegd, behandelt het een zeer breed scala aan onderwerpen die raken aan de groene economie van de toekomst. En dus leren we dat de huidige monetaire versoepeling van de ECB ook naar de opkoop van obligaties van vervuilende bedrijven vloeit. Maar dat het ook anders zou kunnen: de ECB zou net aan gunstige voorwaarden hernieuwbare energieprojecten kunnen financieren. Elders krijg je uitgelegd waarom Uber positief kan zijn, maar het evengoed kan zorgen voor meer autoverkeer en naar een monopolie dreigt te evolueren, en er dus vanuit economisch, sociaal, ecologisch en mobiliteitsperspectief een rol voor de overheid is weggelegd.

Kortom, het boek is een aanrader voor wie wil bijleren over de energietransitie en de economie van de toekomst. Zonder daarbij defaitistisch te worden, maar ook zonder de garantie te krijgen dat het allemaal wel goed komt. De energietransitie komt er niet op tijd 'op eigen kracht', wel als we allemaal een kleine bijdrage leveren aan de strijd om de bevrijding van gas, olie en kernenergie.

Samenleving & Politiek, Jaargang 24, 2017, nr. 8 (oktober), pagina 83 tot 85