Abonneer Log in

'Je pardonne': amnestie in theorie en onder voorbehoud

Enkele kanttekeningen bij de Soetkin-saga

Samenleving & Politiek, Jaargang 10, 2003, nr. 3 (maart), pagina 49 tot 51

Op woensdag 19 februari opende La Dernière Heure met een primeur die nogal wat stof deed opwaaien. Dezelfde dag nog sprongen de audiovisuele media op het verhaal en een ware saga was geboren. De feiten laten zich als volgt samenvatten. Volgens onze Staatsveiligheid houdt Soetkin Collier er een extreemrechts gedachtegoed op na. Op zich zou daar geen haan naar kraaien, ware het niet dat Soetkin de Vlaamse front woman is van de Belgische folkband Urban Trad, de Waalse inzending voor het nakende Eurovisie songfestival in Letland. Prompt besloten de selectieheren van de RTBF - in samenspraak met Universal Music, de producent van Urban Trad - dat Soetkin niet mee mag naar het jaarlijkse liedjesfestijn. En terecht. Alhoewel. Er vallen toch wel enkele kanttekeningen te plaatsen bij de Soetkin-saga.

Cultureel correct kan je het Eurovisie songfestival bezwaarlijk noemen. In elk geval is het een conditio sine qua non er politiek correct te zijn. Op 24 mei aanstaande zal Urban Trad ons landje immers ‘officieel vertegenwoordigen’, zoals dat dan heet. En weldenkend België - bekend van tv als universeel vredestichter en rechter in nood - kan het uiteraard niet maken om voor de hele wereld een extreemrechts imago uit te dragen. De populariteit van het Vlaams Blok ligt ons zwaar op de maag, terwijl we nog niet eens ons collaboratieverleden hebben verteerd: getuige de blijvende onwil om algemene amnestie te verlenen. Bij een onwelwillende Waal mag nog wel eens het beeld heersen van de collectief collaborerende Vlaming - wie wil er trouwens een overgelopen koning terug op de troon? Het verhaal van de Staatsveiligheid over Soetkin Collier zal dat beeld niet bepaald doorbreken. Haar levenswandel trekt de lijn van het verleden door naar het heden: in augustus 1996 zou ze een herdenking ter ere van nazi-leider Rudolf Hess hebben bijgewoond, eerder werd ze reeds gesignaleerd bij onder andere Voorpost en de Gentse afdeling van het NSV (de Nationalistische Studentenvereniging). Fout dus, zwaar fout. Niet bepaald iemand om België te vertegenwoordigen in Letland. Laat staan Wallonië, inzender van dienst.
Vlaamsgezind is een eufemisme voor het milieu waarin Soetkin opgroeide. Door haar vader behoort ze niet alleen op nominaal vlak tot de Germaanse categorie der Brunhildes en Hildegondes, als de dochter van de voormalige uitbater van De Leeuw van Vlaanderen - de toenmalige place to be voor extreemrechts in Antwerpen - werd ze ook in levende lijve voor de Vlaams-nationalistische leeuwen geworpen. Geen excuus natuurlijk, als puber kan je altijd revolteren. Soetkin deed dat niet. Ze wachtte tot haar adolescentie. Nog voor haar breuk met het extreemrechtse milieu, zette Soetkin haar eerste stappen in de Vlaamse folkscène. Beide wereldjes worden nogal eens aan elkaar gelinkt, tot wanhoop van menig goedmenend folkliefhebber. Op zaterdag 22 februari verscheen er in De Morgen bijvoorbeeld nog een artikel met de insinuerende titel: ‘Eigen folk eerst?’. Daarin ‘onthullen’ journalisten Douglas De Coninck en Jeroen de Preter onder andere ‘het best bewaarde geheim van Laïs’: niet alleen maakte Soetkin Collier een tijdlang deel uit van het populaire trio, via een insider in het NSV vernamen de auteurs dat ook haar collega’s Jorunn Bauweraerts en Annelies Brosens in de periode van hun grote doorbraak lid waren van de Nationalistische Studentenvereniging. Na hun erg succesvolle optreden op het folkfestival van Dranouter in augustus 1996, zouden Jorunn en Annelies dan met extreemrechts hebben gebroken. En dat ging toen ten koste van Soetkin. In De Morgen van donderdag 20 februari noemde Annelies de extreemrechtse sympathieën van Soetkin ‘één van de oorzaken’ voor de breuk.

In een ‘furieuze’ reactie aan De Morgen op maandag 24 februari ontkenden Jorunn en Annelies formeel dat ze ooit lid waren van het NSV. Twee dagen laten boden journalisten Douglas De Coninck en Jeroen de Preter in dezelfde krant officieel hun verontschuldigingen aan: hun informatie was fout, niet het verleden van Laïs. De verhaallijnen in de Soetkin-saga slepen zich langzaam voort en in het intrigerende web van gissingen en hypotheses lijkt een ontknoping vooralsnog niet in zicht.

Naar eigen zeggen brak Soetkin Collier medio 1996 met extreemrechts. Ze ontkent haar aanwezigheid op de Hess-herdenking met klem. Over haar administratieve aanhouding in februari dat jaar, na een verboden protestactie van het TAK (het Taalaktiekomitee), doet ze er tactvol het zwijgen toe. Maar goed, Soetkin beweert dus een streep te hebben getrokken onder haar foute verleden. Soetkin was intussen negentien en blijkbaar was de wijsheid met de jaren gekomen. Dat zowat haar hele familie nu nog steeds in extreemrechtse kringen vertoeft - wat Douglas De Coninck en Jeroen de Preter in hun artikel nogal lijken te benadrukken - mag haar niet aangerekend worden. Dat ze drie jaar geleden samen met haar naasten een petitie voor het behoud van Doel ondertekende, maakt haar al evenmin een fanatieke flamingante.

Zijn er redenen om aan Soetkins woorden te twijfelen? De media konden ons voorlopig niet meedelen of de Staatsveiligheid de ommekeer in haar leven al dan niet heeft opgemerkt. Cruciaal nochtans, want als haar dossier (nog) niet is bijgewerkt, staat ze nu nog steeds als staatsgevaarlijk geboekstaafd. In ‘Eigen folk eerst?’ wijzen de auteurs op een hiaat in de nota die de Staatsveiligheid overmaakte aan ‘de bevoegde instanties’: dat Soetkin op 4 november 1993 werd opgepakt nadat ze met een groepje rechtse rakkers de blijde intrede van koning Albert en koningin Paola in Antwerpen trachtte te verstoren, werd in de tekst niet vermeld. Dat doet vragen rijzen bij de volledigheid van Soetkins ‘geheime’ dossier.

Zijn er redenen om haar woorden voor waar aan te nemen? Jawel, een tweetal. Ten eerste kunnen we ons afvragen waarom een overtuigde flamingante zich bij een overwegend Waalse band als Urban Trad zou aansluiten. Ten tweede liet Soetkin langs het persagentschap Belga weten dat ze momenteel in Antwerpen lessen Nederlands geeft aan allochtonen. Niet onmiddellijk de favoriete bezigheid van een Vlaams Blokker. Een nieuwe Soetkin lijkt zich aan te dienen. Ze verdient het voordeel van de twijfel, zij het dan onder voorbehoud. Grondige studie van Germaanse verhalen leert ons dat er zich nogal eens wonderlijke wendingen durven voor te doen in sagen. Er kunnen nog altijd lijken uit de kast vallen in deze Soetkin-saga. De zangeres van Urban Trad zal de snelle beslissing van RTBF en Universal Music waarschijnlijk proberen aan te vechten. Haar apologie lijkt echter nu al in dovemansoren te vallen. Als we Soetkin het voordeel van de twijfel gunnen, dienen we dat te betreuren. Zeker in deze moeilijke tijden voor democratische partijen, waarin we er alles aan doen om kiezers terug te winnen van het Vlaams Blok. Haar omwenteling kon emblematisch zijn. Soetkin zelf kon uitgroeien tot een icoon voor alle democraten, voor katholieken, liberalen en socialisten tegelijk. Zelfs voor de groenen, Soetkins engagement voor Doel indachtig.

We konden onze vergevingsgezindheid laten blijken tegenover deze bekeerlinge. En er zou meer vreugde in de democratische hemel zijn geweest om deze enkele zondares die zich bekeert, dan om de honderd reeds aanwezige rechtgeaarden. Door haar toe te staan zich van haar stigmatiserend verleden te bevrijden, konden we bovendien blijk geven van een oprechte openmindedness en onze afkeer jegens een hokjesmentaliteit beklemtonen. We konden haar zelfs zien als het bewijs dat verandering in onze maatschappij wel degelijk mogelijk is, voor iedereen en op elk moment. En dat doen we dus niet. Integendeel. Aan de huidige kiezers van het Blok geven we de ontmoedigende boodschap mee dat ze zich voor eens en voor altijd verbrand hebben. Ook al keren ze terug naar de stal van één van de democratische partijen, op de blaren moeten ze blijven zitten. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?

In theorie bestaat er geen mooiere illustratie van democratische weldenkendheid dan een zangeres naar het songfestival te sturen die extreemrechts heeft afgezworen. In praktijk zou het echter moeilijk zijn om het volledige verhaal aan de wereldpers verkocht te krijgen. Het risico bestaat dat men bij Soetkins foute verleden blijft hangen, net zoals velen in België nu. En dan hébben we een foute zangeres afgevaardigd, want net als schoonheid ligt ook de waarheid in het oog van de beschouwer. Dat we dat tot elke prijs willen vermijden, hoeft geen betoog. Een separatistische Blokker kán België eenvoudigweg niet vertegenwoordigen, en Wallonië al helemaal niet. En Vlaanderen wíl geen extreemrechtse zangeres afvaardigen, want haar onverdraagzaamheid wordt nog steeds door vijfentachtig procent van de Vlamingen níet gedeeld. Als democraten hoeven we intolerantie niet te tolereren. Als democraten kunnen we ons niet laten vertegenwoordigen door onverdraagzaamheid.
De Vlaamse zangeres Soetkin Collier mag niet mee naar het Eurovisie songfestival in Letland. En bijna wilden we ook Laïs afraden er ooit aan deel te nemen. Voor Soetkin stond tussen droom en daad de Staatsveiligheid in de weg. Wat ons betreft slechts één enkel praktisch bezwaar: de schrik dat de wereld niet haar hele verhaal zou horen. Het is een laffe houding, zonder meer. Ons uitgesproken pardon en onze amnestie in theorie en onder voorbehoud, zetten voor Soetkin geen zoden aan de dijk. Sorry Soetkin.

drs. Kevin De Coninck (neerlandicus)

discriminatie - veiligheid - Vlaams Blok

Samenleving & Politiek, Jaargang 10, 2003, nr. 3 (maart), pagina 49 tot 51