Log in

'Politieke ideologieën in Vlaanderen'

Uitgelezen

Samenleving & Politiek, Jaargang 15, 2008, nr. 10 (december), pagina 45 tot 46

Politieke ideologieën in Vlaanderen

Luk Sanders en Carl Devos (eds.)
Standaard Uitgeverij, Antwerpen, 2008

Ik herinner het me nog goed hoe mijn ontluikende politieke interesse steeds opnieuw werd gefnuikt. Herhaaldelijk vroeg ik naar aanleiding van verkiezingen of het bekijken van de nieuwsberichten op televisie: ‘mama, leg dat nu eens uit, wat is het verschil tussen al die bekvechtende politici? Wat is het verschil tussen de CVP en de PVV, tussen de SP en de VU?’. Keer op keer werd ik naar mijn vader doorverwezen en die verwees me steeds door naar een later tijdstip. Mocht het boek van Luk Sanders en Carl Devos al hebben bestaan, het zou ongetwijfeld al mijn prille vragen hebben kunnen beantwoorden.
Het boek vult een leemte, niet alleen op het vlak van kennis bij politiek geïnteresseerden, maar ook op de boekenmarkt. Het boek is bij mijn weten enig in zijn soort in Vlaanderen en alleen daarom al een goed initiatief.

Luk Sanders, één van de initiatiefnemers, opent het boek met een inleidend hoofdstuk van bijna tachtig pagina’s over de geschiedenis van de politieke ideologie. De bekendste politieke ideologieën van kort na de Verlichting zijn het liberalisme, het conservatisme en het socialisme. Omdat verder in het boek het conservatisme niet wordt behandeld, besteedt Sanders er zelf enkele bladzijden aan. Wat betreft de geschiedenis van het concept politieke ideologie, besteedt hij eerst aandacht aan Destutt de Tracy die het woord voor het eerst publiekelijk gebruikte in 1796 en aan de manier waarop Hegel en de linkshegelianen het concept herijkt hebben. De ideologiekritiek van Napoleon, Marx en Engels wordt besproken en tot slot laat hij ook Aron, Bell, Lyotard en Fukuyama, die elk op hun manier ‘het einde van de ideologie’ hebben voorspeld, de revue passeren. Deze inleiding maakt duidelijk dat het begrip ‘politieke ideologie’ niet onproblematisch is. Auteurs die zich het hardste verzet hebben tegen ideologie, zijn zelf tot de grootste ideologen uitgegroeid; zij die het luidste het einde van de ideologie uitroepen, propageren zelf eigenlijk ook alweer een ideologie.

De volgende werkdefinitie wordt naar voren geschoven: een ideologie is een geheel van ideeën dat de basis vormt voor georganiseerde politieke actie of dit nu bedoeld is om het bestaande machtssysteem te behouden, aan te passen of omver te gooien. Daartoe bieden alle ideologieën a) een beeld van de bestaande orde, meestal in de vorm van een ‘wereldbeeld’, b) een model van een gewenste toekomst, een beeld van de goede samenleving en c) een uitlegging van hoe de politieke verandering kan en behoort bereikt te worden, met andere woorden, hoe men van a) naar b) kan gaan. Deze definitie toont hoe omvangrijk politieke ideologieën zijn. In deze omvang schuilt meteen ook hun gevaar; zo is al dikwijls gebleken.
Het corpus van het boek bestaat uit vijf hoofdstukken waarin de belangrijkste politieke ideologieën in Vlaanderen worden voorgesteld. Telkens komt zowel het gedachtegoed zelf aan bod als de manier waarop dit gedachtegoed partijpolitiek - eerst in België en later vooral in Vlaanderen - is vertaald. Telkens blijkt dat de ideologie geen eenduidig, homogeen geheel is, maar dat er verschillende interpretaties, verschillende concretiseringen en verschillende accenten mogelijk zijn. Bovendien blijkt dat ook de relatie tussen de ideologie en de partij niet steeds evident is. Nieuwe omstandigheden, nieuwe politieke machtsverhoudingen en een gewijzigd electoraal landschap vragen om creatief, vernieuwend en soms ook pragmatisch om te gaan met de ideologische uitgangspunten. Bovendien leven we in een tijd waarin velen van mening zijn dat goedgetimede ideetjes, goedbekkende oneliners en mediagenieke figuren electoraal een stuk efficiënter zijn dan het klassieke ideologische discours. Anderen zijn dan weer van mening dat juist het gebrek aan een goed ideologisch verhaal, een gebrek waar nogal wat partijen mee worstelen, er precies voor zorgt dat mensen politiek afhaken en niet aan de lokroep van extreemrechts of het populisme kunnen weerstaan.

Hoe dan ook, ideologieën spelen soms impliciet, soms expliciet, soms bescheiden, soms radicaal een rol in het politieke spel. Politieke discussies van niveau kunnen niet zonder ideologische vooronderstellingen van waaruit standpunten verdedigd en in verband met andere standpunten gebracht kunnen worden. Het interessantste aan politiek is die botsing van ideeën. In dat opzicht doet dit boek enkel, desalniettemin belangrijk, voorbereidend werk. Het boek wil een vakkundig overzicht geven van die verschillende ideologieën zodat zij die dat willen beter gewapend politiek ten strijde kunnen trekken.

De redacteurs laten verstaan dat het zoeken naar de gepaste auteurs niet zo’n gemakkelijke opdracht was. Nogal wat kenners van de ideologie in kwestie zijn (gelukkig) ook politici, maar het voorliggende boek wil natuurlijk geen politiek gekleurde informatie geven. Uiteindelijk hebben de redacteurs beslist dat de persoon met de meeste ‘kennis van zaken’ de pen mocht voeren, los van het feit of hij/zij nu academicus dan wel politicus is. Het lijstje namen dat nu volgt, toont dat dit boek inderdaad in goede handen is. Patrick Stouthuysen (VUB) schrijft over het liberalisme, Wouter Beke (CD&V) over christendemocratie, Bruno de Wever en Antoon Vrints (UGent) over het Vlaams-nationalisme, Carl Devos en Tine Boucké (UGent) over socialisme en ten slotte Jos Geysels (groene Minister van Staat) en Jan Mertens (beleidsmedewerker Groen!) over het ecologisme. Samen hebben ze een omvangrijk, maar inderdaad erg interessant en lezenswaardig (hand)boek gemaakt.

Samenleving & Politiek, Jaargang 15, 2008, nr. 10 (december), pagina 45 tot 46