Log in

Basisschool De Wereldreiziger

Project in de kijker

De Wereldreiziger, dat is de naam van onze school. Ik ben best trots op deze naam, niet enkel om zijn speels karakter, maar vooral om de lading die deze naam dekt. Het is een school met oog voor het kind en zijn wereld. Eigenlijk kan je die naam het sluitstuk noemen van de zoektocht naar onderwijs op maat die we zeven jaar geleden aangingen.

De Wereldreiziger is een basisschool van het Stedelijk Onderwijs gelegen in het hartje van Antwerpen. Het negen verdiepingen tellende schoolgebouw, neergepoot in 1972, was in de beginjaren een symbool van moderniteit en succes geweest en dat had zich ook zo weerspiegeld in de toenmalige samenstelling van de schoolpopulatie. Het waren meestal kinderen uit gegoede milieus. Het team vertrok vanuit een sterk pedagogisch optimisme en met zijn negen etages was inderdaad enkel the sky the limit.
Later tijdens de jaren 1980 en 1990 veranderde de schoolpopulatie sterk - verarmde is misschien een begrip dat meer de lading dekt. De oorspronkelijke schoolbevolking verdween. Het schoolteam bleef echter en bleef zoals steeds vertrekken vanuit datzelfde sterk pedagogisch optimisme. De leerlingen kwamen nog steeds uit alle windstreken, maar ze waren niet meer gegoed maar juist onbemiddeld. Met de armoede slopen ook een heleboel andere problemen de school binnen.

In 2001 kreeg ik de kans directeur te worden van deze basisschool. Ik probeerde mij als nieuwe schoolleider een goed beeld te vormen van de school, voerde uren functioneringsgesprekken en probeerde zo in kaart te brengen wat de sterktes en de zwaktes waren. Het schoolteam had zijn pedagogisch optimisme gaaf weten te houden, maar gaf duidelijk aan dat de situatie te complex geworden was om binnen de muren van de eigen klas op te lossen. Het was immers geen evidentie om tegelijkertijd leerkracht, en gids in een nieuw land, en verzorger en welzijnsverstrekker te zijn. Iedereen was doordrongen van een sense of urgency en het was duidelijk dat er niet moest worden bijgestuurd, neen, het roer moest worden omgegooid en wel drastisch.

Het schoolteam wilde meewerken aan een zorgzame school die elke leerling maximale ontplooiingskansen bood. Maar wat bedoelde elk teamlid nu juist met zorgzaam? En hoe maximaal wilde elk van hen die ontplooiingskansen invullen? Tijdens de zoektocht naar een waardengedreven en bezielende schoolcultuur hanteerden we daarom de ‘Cultural Transformation Tools’ (CTT) van Richard Barrett.
Na de nodige bevragingen werd het duidelijk dat zelfs binnen ons schoolteam leerlingen te snel het gevaar liepen omschreven te worden als ‘risicogroepen’, ‘kansarmen’, ‘deficiënt’, ‘met een verkeerde werkhouding’, ‘in een achterstandssituatie’, ‘van lagere sociale klasse’, ‘allochtoon’ en ‘met onvoldoende studievaardigheden’. Kortom, we deden zelf onbewust mee aan blaming the victims.

Vanuit dit inzicht ontstond langzamerhand onze nieuwe schoolvisie. Het team stelde dat van elke leerkracht verwacht mocht worden dat hij of zij voldoende inspanningen leverde om de complexe leefomstandigheden van de leerlingen te leren kennen. Met andere woorden, dat zij de cultuur van onze leerlingen leerden zien als een cultuurvariant en niet als cultuurdeficiëntie. Tegelijkertijd beseften we ook dat we als school de ondernemingszin van onze leerlingen moesten prikkelen, hen aanmoedigen te dromen, dat we de ambitie moesten hebben om hun talenten te ontplooien, te laten zien hoe excellent ze wel waren.
Bovendien moest het duidelijk zijn dat diversiteit een meerwaarde inhield en dat voor ons diversiteit en excellentie hand in hand gingen. De meertaligheid en de rijke culturele achtergrond van onze leerlingen moesten een volwaardige plaats krijgen binnen de school. Op basis van deze visie kozen we een naam voor onze school. Het werd De Wereldreiziger.

Als school namen we nog een belangrijke tweede beslissing. We wilden een school zijn op maat van onze leerlingen en kozen er bovendien voor een kennisexpertise school voor anderstalige nieuwkomers te worden. Dit betekende dat we radicaal ons onderwijs-aanbod in vraag moesten durven stellen. Om dit helemaal te officialiseren schreven we een nieuw schoolwerkplan dat begon met een uitspraak van Søren Kierkegaard: ‘Durven is even de grond onder je voeten verliezen, niet durven is je leven verliezen’. Dit was de start van een waarlijk nieuwe school.

We zijn nu acht jaar verder. En de school kende een grote sprong voorwaarts. We groeiden van 255 naar 366 leerlingen, van 46 naar 76 nationaliteiten, van 22 naar 76 nieuwe anderstalige nieuwkomers op jaarbasis. Dit maakt dat 95% van onze leerlingen ooit gestart is als anderstalige nieuwkomer. Met zijn 89,60% GOK-leerlingen blijft onze school echter een plek waar veel maatschappelijke problemen via de leerlingen de schoolpoort binnenkomen, maar we zijn sterker geworden in de manier waarop we samen met de leerlingen en de ouders oplossingen zoeken voor deze problemen.

Het uitgangspunt van onze pedagogische visie is de overtuiging dat elke leerling in staat is om te leren en meer mogelijkheden heeft dan risico’s. Intussen hebben we ook rekening leren houden met de struikelblokken waar onze maatschappelijk kwetsbare leerlingen tegen aan lopen. We stellen de leerling centraal en passen het onderwijsaanbod aan op maat van de leerling. De lat moet daarbij niet alleen hoog liggen, de lat moet ook juist liggen. Een differentiatie die niveauverlaging inhoudt helpt de leerling op lange termijn niet vooruit.
Daarom creëren we een uitdagende leeromgeving, waar veel aandacht is voor het hanteren van leerstrategieën om hun gebrek aan voorkennis te compenseren. Aan het eind van de rit moeten ze op eigen kracht slagen voor de OVSG-eindproef, want aan de eindmeet geven we geen cadeaus. Vanuit onze school moeten ze immers succesvol verder kunnen studeren in het secundair onderwijs.Onze leerlingen hebben vaak geen rolmodel in hun directe omgeving, moeten tegen vooroordelen en beeldvorming opboksen en hebben dikwijls allerlei financiële zorgen en familie-verplichtingen die veel van hun tijd en energie buiten de schoolmuren opslorpen. Dit vraagt van alle teamleden een attitude van high expectations en een high level of support. Hoge verwachtingen, dat betekent, vertrouwen hebben in de capaciteiten van de leerlingen, hen aanmoedigen hun talenten en aspiraties te onderzoeken, hun dromen te volgen en hoge eisen aan zichzelf te stellen. Veel ondersteuning houdt concreet in, een sterk uitgewerkt leerlingvolgsysteem en het bieden van zowel praktische hulp als ondersteuning door middel van rolmodellen en empowerment.

Leerlingen en ouders worden gezien als personen die in staat zijn om zelf hun problemen te bepalen, te weten welk doelen voor hen belangrijk zijn en hoe ze die willen bereiken. Het vergroten van de handelingsbekwaamheid van leerlingen en ouders is daarbij de doelstelling. Tijdens de oudercontacten nodigen we alle ouders persoonlijk uit, voorzien daar waar nodig tolken en geven op een bevattelijke manier aan met welke leerstof de leerling aan de slag is en op welke manier, zodat ouders zelf deze leerprocessen kunnen ondersteunen.
Bij problematisch gedrag van leerlingen of ouders zijn we enkel hard op de boodschap maar zacht op de relatie. Ook voorzien we altijd ruimte voor herstelgesprekken omdat geen enkel incident mag leiden tot een definitieve breuk tussen het gezin en de school. Maatschappelijk kwetsbare gezinnen verglijden immers vaak na een conflict in een vicieuze cirkel waar ze op eigen kracht niet altijd uitraken.

De voorbije jaren hebben we daarenboven een beleid ontwikkeld dat stoelt op een zorgzame competentieontwikkeling. We bekijken elke leerling los van de groep of subgroep waartoe hij behoort, elk kind heeft immers het recht als een individu benaderd te worden. Daarom stimuleren we de individuele ondernemingszin en ambitie van elke leerling. Weten wat je kunt en waarom je iets wilt, zijn daarbij de sleutelwoorden.
Samen met Het Paleis, het Museum voor Schone Kunsten Antwerpen en de Koninklijke Vlaamse Filharmonie werken we elk jaar een traject van duurzame cultuurparticipatie uit. Enerzijds omdat het de sociale mobiliteit van onze leerlingen verhoogt doordat ze een ruime bagage ontwikkelen en anderzijds omdat praten over kunst veel invalshoeken mogelijk maakt. Zo is praten over zelfportretten bijvoorbeeld ook steevast een beetje praten over jezelf en hoe jij de wereld ziet. Deze benadering biedt leerlingen ruimere referentiekaders waardoor ze meer inzicht krijgen in de maatschappij en de richting die ze voor zichzelf willen uittekenen. Duurzame cultuurparticipatie betekent ook dat we de drempels naar deze cultuurtempels verlagen omdat de leerlingen vertrouwd raken met deze omgevingen.

Zo’n beleid ontstaat niet vanzelf, maar is het resultaat van een consequente en bewuste benadering gedragen door een heel schoolteam. Een gedreven schoolteam waar ik elke dag weer trots op ben.

Dirk Bicker
Directeur Stedelijke Basisschool De Wereldreiziger

onderwijs

Samenleving & Politiek, Jaargang 16, 2009, nr. 7 (september), pagina 51 tot 53