Log in

'Omfloerst separatisme? Van de vijf resoluties tot de Maddens-strategie'

Uitgelezen

Omfloerst separatisme? Van de vijf resoluties tot de Maddens-strategie

Bart Maddens
Uitgeverij Pelckmans, Kapellen, 2009

In Omfloerst separatisme? schetst de ondertussen alom bekende Bart Maddens de historie van de staatshervormingsdiscussie van de afgelopen tien jaar. Een kroniek die begint in 1999 met de goedkeuring van de fameuze vijf resoluties van het Vlaams Parlement over de staatshervorming en die eindigt in 2009, met het recente Vlaams regeerakkoord met een bijzondere staatshervormingsagenda.
De resoluties van het Vlaams Parlement vormen het startschot. Met de opties voor vergaande fiscale autonomie, voor de overdracht van het gezins- en gezondheidsbeleid en voor een tweeledige staatsstructuur, gaat het volgens de auteur om ‘een institutionele big bang’.
De realisaties komen aan bod zoals het Lambermontakkoord (de ‘vijfde’ staathervorming), dat onder meer een vrij drastische wijziging inhield van de financieringswet, met een aangepaste financiering van het onderwijs en met bijkomende fiscale bevoegdheden voor de regio’s, zoals de begrensde kortingen op de personenbelasting.
Maar ook de mislukkingen passeren de revue, zoals het bijna-akkoord omtrent de splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde dat opnieuw naar boven kwam, na de invoering van provinciale kieskringen onder paars-groen. En vooral het complete imbroglio onder de eerste federale regering Leterme. Een bijna-regimecrisis die het gevolg was van de Van Rompuy doctrine, ‘geen staatshervorming, geen federale regering’, die na de eclatante verkiezingsoverwinning van het kartel CD&V/N-VA koppig werd toegepast door leerling-tovenaar Yves Leterme.
Zijdelings wordt er melding gemaakt van de reacties in de media en in de publieke opinie. Op 13 december 2006 is er de RTBF-uitzending Bye Bye Belgium ‘waarna de schrik voor de Vlaamse onafhankelijkheid er bij de Franstaligen dieper in zit dan ooit’. En er is de volgens de auteur ‘uitgesproken belgicistische’ actie ‘Red de Solidariteit’. Ook de academische milieus beginnen zich te roeren, zoals de Paviagroep die pleit voor de invoering van een federale kieskring, waarmee men volgens de auteur ‘van België één groot BHV maakt’.

Volgens de auteur stevenen we recht op een confederaal staatsmodel af. De recente ontwikkelingen getuigen noch min noch meer van ‘de geboortepijn van een nieuw constitutioneel model’. Bart Maddens is ‘hoopvol’ gestemd: hij ontwaart een onstuitbare opgang van het Vlaams nationalisme. Als je de resultaten van al de Vlaamsgezinde partijen (VB, N-VA, LDD, SLP) bij de laatste regionale verkiezingen optelt, dan kom je aan 37%. En er is het ‘explosieve’ regeerakkoord met een stevige portie staatshervorming: de Octopusnota is als bijlage aan het regeerakkoord toegevoegd en er is een assertieve strategie opgenomen om ‘maximaal gebruik te maken van de eigen bevoegdheden’ wat duidelijk tot uiting komt in het voornemen om te voorzien in een Vlaamse hospitalisatieverzekering en een aanvullende kinderbijslag. Die assertiviteit blijkt ook uit de wat vage verwijzing naar het mogelijk inroepen van belangenconflicten.
Dit is volgens de auteur nu precies de essentie van de Maddens-strategie: creatief de grenzen verkennen van wat mogelijk is binnen de bestaande bevoegdheidsverdeling. Ook het inzetten van het wapen van de belangenconflicten is cruciaal om greep proberen te krijgen op bevoegdheden die nog federaal zijn, maar die door Vlaanderen worden geclaimd. Deze strategie is een tweedekeuzestrategie ten opzichte van de superieure ‘Van Rompuy-strategie’ (geen staatshervorming, geen regering), maar zolang de gevestigde partijen het voortbestaan van België niet in vraag stellen is deze institutionele stiptheidsstaking volgens de auteur aangewezen op weg naar de realisatie van ‘de soevereine Vlaamse staat’.

Omfloerst separatisme? levert een aantal inzichten op over de staatshervormingsdiscussie zoals de recente BHV-saga. Het levert vooral inzichten op over de manier waarop binnen Vlaams-nationalistische kringen wordt aangekeken tegen de politiek en de toekomst van dit land. Het vraagteken na omfloerst separatisme mag je na lezing van dit pamflet alvast laten vallen. Bart Maddens cum suis kiezen voor een soevereine Vlaamse staat en ze winden daar geen doekjes om.

Het is niet alleen een bondig schrijfsel, maar vooral een smal verhaal. De invalshoek is louter politiek-institutioneel. Het leert je niets over het project wat men voor ogen heeft voor die ‘soevereine staat Vlaanderen’. Wij houden het dus op ‘wat we zelf doen, doen we beter’.
Het is vooral een éénzijdig vertoog. Het perspectief van de politieke tegenstander komt nauwelijks aan bod. Er is welgeteld één passage waar de auteur even begrip opbrengt voor de houding van de Franstaligen: ‘dat ze zich met hand en tand verzetten tegen een splitsing van de sociale zekerheid is gemakkelijk te begrijpen, want hier komt de welvaart van honderdduizenden Walen in het geding (…) dat de Franstalige politici de sociaal zwakkeren in Wallonië een hand boven het hoofd proberen te houden is perfect legitiem en strekt hen zelfs tot eer’.
Al wie er een enigszins andere mening op nahoudt - zoals de Paviagroep of de beweging ‘Red de Solidariteit’ - wordt al snel als belgicistisch geklasseerd.
Het verhaal gaat compleet voorbij aan de vraag waaraan elke grote politieke hervorming getoetst zou moeten worden, namelijk of we er met zijn allen op vooruit zullen gaan, en in het bijzonder de zwaksten onder ons. Solidariteit komt in het boek - op die ene passage na - niet aan bod en wordt in elk geval niet doorgedacht. Want mocht de auteur dat wel doen, dan zou hij op zijn minst ook kanttekeningen moeten maken bij een operatie uitbouw Vlaamse Sociale Zekerheid die wordt aangekondigd, met de realisatie van een Vlaamse hospitalisatieverzekering en kinderbijslag: riskeer je dan niet dat het aanvullend gedeelte toonaangevend wordt en de federale sokkel herleid tot een minimum, om maar één vraag op te roepen?
De geschetste strategie is bovendien beangstigend omdat alles op het spel wordt gezet in naam van het Vlaamse doel. ‘Het leuke aan het belangenconflict‘, dixit Maddens, ‘is immers dat het op een zeer gratuite manier kan worden ingeroepen’. De Maddens-doctrine is verre van onschuldig en houdt het risico in op een verrotting van de politieke verhoudingen en op een complete politieke stand still , waarvan we even een voorproefje hebben beleefd onder Leterme I. Drie keer raden wie er het minst gebaat is bij een niet functionerende overheid. Jawel, de zwakkeren onder ons.

Samenleving & Politiek, Jaargang 17, 2010, nr. 2 (februari), pagina 67 tot 69