Abonneer Log in

Cultuur

DE VERGETEN VERKIEZINGSTHEMA'S

Samenleving & Politiek, Jaargang 21, 2014, nr. 5 (mei), pagina 72 tot 76

Zoals bij elke verkiezing is het zoeken naar hét verkiezingsthema. Het is duidelijk dat alle partijen zelf het sociaaleconomische thema uitroepen tot de inzet van de stembusgang op 25 mei. Terecht. Maar dan dreigen andere maatschappelijk belangrijke thema’s ondergesneeuwd te raken, zoals cultuur.

DE VERGETEN VERKIEZINGSTHEMA'S

Ontwikkelingssamenwerking
Bogdan Vanden Berghe
Cultuur
Mil Kooyman
Sociaal Europa
Wouter Wolfs en Steven Van Hecke
Duurzaamheid
Lieze Cloots
Armoedebestrijding
Frederic Vanhauwaert

Jan Goossens, artistiek directeur van de KVS, bond de kat de bel aan in een opiniestuk in De Standaard.1 Hij vraagt zich bezorgd af of cultuur een fait divers zal zijn in het stemhokje. Hij zoekt vergeefs naar uitgewerkte standpunten over het cultuurbeleid in de verkiezingsprogramma’s en stelt vast dat geen enkel Vlaams politiek kopstuk met een ambitieus standpunt over kunst en cultuur op de proppen komt. Hij wil de stilte verbreken en roept de culturele sector op om zelf ook bij te dragen tot het cultuurdebat.

In de aanloop naar de verkiezingen worden er wel enkele boeiende initiatieven genomen, zoals de 4X4 debatten van kunstencentrum CAMPO in Gent in samenwerking met het tijdschrift recto:verso en de bijeenkomst ‘Red de Cultuur!’ in de Antwerpse Bourla. Toch zijn er weinig verkiezingsdebatten, met of zonder kopstukken, waar het cultuurthema wordt aangesneden.

KANTELMOMENT?

Volgens Pascal Gielen, Vlaams socioloog, die binnenkort een lijvig onderzoeksrapport publiceert over ‘De Waarde van cultuur’2 bevindt Vlaanderen zich wat cultuurbeleid betreft op een kantelmoment: ofwel volgt men de Angelsaksische/Nederlandse tendens tot neoliberalisering, met een verscherpt concurrentiemodel ofwel volgt men het Scandinavisch model waarin de regeldrift van de overheid de cultuurdynamiek dreigt te verstikken. Het is duidelijk dat geen van deze beide tendensen de aangewezen weg vormen voor een toekomstig Vlaams cultuurbeleid.

Toegegeven, het cultuurbeleid van de huidige Vlaamse regering is aan de kaalslag ontsnapt. De minister van Cultuur, Joke Schauvliege, beweert zelfs dat het budget nog verhoogd werd. Dat staat in schril contrast met wat er in grote delen van Europa gebeurt. Bij onze Noorderburen werd flink gehakt in de cultuursubsidies wat leidt tot ca. 25% minder middelen. In Portugal werd het ministerie van Cultuur zo goed als opgedoekt en worden de werken van Miró geveild om de staatsschuld te verminderen. Toch blijkt ook dat in Vlaanderen de lokale subsidies voor kunst en cultuur worden teruggedraaid. In de besparingsdrift van steden en gemeenten wordt er vooral gesnoeid in deze subsidies. Gelukkig zijn er ook uitzonderingen zoals de stad Gent.

Er staat ook een nieuw kunstendecreet in de steigers. Het lijkt een aanvaardbaar compromis te zijn voor het toekomstig subsidiebeleid. Het zal echter van de toekomstige minister van Cultuur afhangen hoe dit decreet concreet invulling krijgt.

VISIE OP CULTUURBELEID EN DE CENTEN

Jan Goossens heeft misschien niet helemaal gelijk als hij zegt dat de Vlaamse partijen geen standpunten hebben over het cultuurbeleid. Enig speurwerk leidt toch naar sterk uitgewerkte standpunten in de verkiezingsprogramma’s. Een analyse.

Nagenoeg alle Vlaamse partijen zijn het er over eens dat de overheid de culturele sector (financieel) moet blijven steunen. Maar hoeveel centen er van de Vlaamse begroting naar cultuur gaat en hoe die centen moeten worden verdeeld, is een ander verhaal.

Door de uitval van Bart De Wever naar de door hem genoemde ‘culturo’s’ krijgen subsidies, ongewild, een wrange bijsmaak. Gelukkig herinnert Josse De Pauw in een opiniestuk in De Morgen3 nog eens aan de oorsprong van de term, namelijk van het latijn subsidium, steun of hulp. Het is de overheid die de kunstenaar en de cultuurhuizen steunt in hun creatief proces.

De N-VA wil het cultuurbudget behouden, niet direct verminderen of verhogen.4 De partij wil met dezelfde middelen wel andere accenten leggen. Zo zet ze vooral in op de grote cultuurhuizen. Wat met de middelgrote en kleine organisaties waar de creativiteit vaak hoger is? Die moeten volgens de N-VA getoetst worden op hun ‘kwaliteit’. Hedendaagse kunst wil men meer steunen op internationale podia. Doordat de N-VA Cultuur, Jeugd, Media, Erfgoed en Artistieke Vorming bij één minister wil onderbrengen, is de kans groot dat niet elk beleidsdomein even goed bedeeld wordt. Ook het hoger kunstonderwijs wil men bij N-VA meer afstemmen op de kunstpraktijk. Over de sociaal-artistieke praktijk geen woord.

De sp.a heeft in haar verkiezingsprogramma5 ruim 12 bladzijden voorzien voor het cultuurthema. In hun tekst wordt er wel geregeld, naast wat ze noemen ‘de noodzakelijke middelen’, gepleit voor meer middelen. Zo wil de partij meer steun voor de sociaal-artistieke praktijken en meer middelen voor culturele activiteiten tijdens de schooluren. Ook de sp.a wil financiële steun geven aan een goed cultureel exportbeleid. Merkwaardig is dat de sp.a van Vlaanderen een boeiende circusregio wil maken.

Open Vld6 heeft minder uitgesproken standpunten over het cultuurbeleid. Zij willen duidelijk dat de verhouding tussen de structurele en projectsubsidies aangepast wordt in het voordeel van de projectsubsidies. Bij hen zullen de grote cultuurhuizen het dus met minder moeten doen. Verder wil Open Vld vooral alternatieve financiering, een grotere vermarkting en een aangepast fiscaal systeem volgens het tax shelterprincipe in de filmindustrie.

Het CD&V-programma7 brengt weinig verrassingen. Ook zij kiezen resoluut voor een cultuurbeleid dat mensen bindt en kans op ontplooiing biedt. Bij hen ligt een belangrijke klemtoon op het sociaal-cultureel werk als motor van het middenveld. Internationalisering, erfgoed en de amateurkunsten verdienen volgens CD&V ook alle steun. Zij pleiten voor samenwerking tussen de cultuursector en de markt.

Vlaams Belang8 past voor ‘de internationale vermarkting van de hoogvliegers uit onze cultuursector’. Ze willen projectsubsidies terugdringen. Het Nederlands moet meer dan ooit de cultuurtaal worden en het verwondert dan ook niet dat ze ‘geen overheidsgeld voor vervreemding en multiculturalisme’ willen.

Ook Groen besteedt een ruim deel van het verkiezingsprogramma9 (17 blz.) aan het thema cultuur. Ze pleit voor een correcte ondersteuning/subsidiëring en stelt daarbij dat de vermelding in decreten dat de subsidies ‘binnen de perken van de kredieten’ worden uitbetaald, moet worden geschrapt. Als ze meer middelen voorzien dan gaan die voor Groen vooral naar het sociaal artistieke werk, kunsteducatie, de arthousebioscopen en circus. Groen stelt ook nadrukkelijk dat cultuur een hefboom vormt voor diversiteit, waarbij men pleit voor een kleuriger kunstenveld, maar ook verwacht dat diversiteit deel wordt van ons cultuurpatroon.

Je zal het misschien niet direct verwachten, maar ook PVDA+ heeft een cultuurhoofdstuk in het verkiezingsprogramma.10 Cultuur moet toegankelijk zijn voor iedereen; iedereen moet de kans krijgen om aan cultuur deel te nemen. Ze vraagt dat recente tariefverhogingen voor kunstopleidingen, bibliotheken en musea teruggeschroefd worden. Cultuur moet voor de PVDA+ inzetten op diversiteit en ze wil een gratis cultuurpas voor jongeren.

DE CREATIEVE ECONOMIE

In Europa duikt meer en meer het begrip creatieve economie op. Onder de naam Creative Europe bestaat er een basisdocument over de zogenaamde creatieve industrie/economie. In dit document wordt duidelijk verwezen naar een conventie van de UNESCO van 2005 (in België geratificeerd in 2013) waarbij de culturele sector beveiligd wordt ten aanzien van de vrije handel. Europa mag voor alle duidelijkheid geen kunstenbeleid voeren. De lidstaten willen dit in geen geval.

Toch tracht de EU in de culturele sector binnen te dringen via de economie. Een eerste bres in de beveiliging van de kunstensector werd geslagen door het EU-programma voor de audiovisuele sector. Hier wordt o.m. steun verleend aan de filmindustrie. Tot zover met succes. Wat velen vreesden, namelijk een soort Europese pudding zonder smaak, is er nog niet gekomen. Ook de niet-commerciële film, waaronder enkele Vlaamse producties, kon op steun rekenen. Toch blijft waakzaamheid geboden.

Europa tracht ook via andere kanalen invloed te krijgen op kunst en media. Zo wordt gesteld dat staatssteun de markt niet mag verstoren. De EU waakt dan ook over de overheidssteun aan de openbare omroep. Die mag worden gegeven als aangetoond wordt dat er een publieke meerwaarde wordt gecreëerd.

Het vrijhandelsakkoord tussen de EU en de VS wordt best ook met argusogen gevolgd. Ook hier is een beveiligingsclausule nodig voor de culturele sector, want in de VS is er van subsidie aan de sector geen sprake.

VERMARKTING

Wil men na de verkiezingen ook de weg op van de culturele ondernemer die winst nastreeft of minstens zelfbedruipend (zonder subsidie) moet zijn?

Als we de verkiezingsprogramma’s aan deze vraag toetsen, dan onderscheiden we drie verschillende benaderingen.

Open Vld en N-VA gaan het verst in het vermarkten van de culturele sector. Bij Open Vld gaat het over het uitbreiden van het tax-sheltersysteem over nagenoeg alle culturele sectoren. Ze wil nog meer inzetten op managements- en ondernemingsvaardigheden en vindt dat private actoren moeten worden aangemoedigd om mee te investeren in de culturele sectoren. N-VA wil dat de cultuursector economisch werkt en pleit voor eigen inkomsten, maar beseft wel dat de sector niet zelfbedruipend kan zijn.

CD&V vindt dat er moet worden gewerkt aan samenwerking tussen de cultuursector en de markt. Ze hebben het dan over de Culturele Creatieve Sectoren. Concreet ziet men die samenwerking tussen Cultuurinvest, fondsen, steunpunten, het departement Cultuur en het Agentschap Ondernemen. Dit alles gekaderd in Creative Europe. Daarnaast wil men ondernemerschap in de culturele en creatieve sectoren stimuleren. Ook de sp.a wil zuurstof geven aan het creatief ondernemen. Ze voorziet vooral ondersteuning aan jonge aanstormende ondernemers via basisaccomodatie (in coöperatief verband) en startkapitaal via micro-kredieten en crowdfunding.

Groen en de PVDA+ zijn het duidelijkst in hun afwijzing van de vermarkting. In het verkiezingsprogramma van Groen wordt uitdrukkelijk afstand genomen van de filosofie van Creative Europe. Ze waarschuwt ook voor de gevaren die vrijhandelsakkoorden, zoals dat met de VS, kunnen inhouden. Groen vreest dat de vermarkting de subsidiëring van de kunsten onder druk zal zetten en zal de vermarkting dan ook bestrijden. Ook PVDA+ verzet zich tegen de privatisering van de sector via crowdfunding of privaat-publieke samenwerking.

DE PLAATS VAN KUNST EN CULTUUR IN DE SAMENLEVING VAN DE TOEKOMST

Tussen de lijnen van de diverse verkiezingsprogramma’s blijven er nog veel onbeantwoorde vragen. Is cultuur een middel om de Vlaamse identiteit vorm te geven of is het een opstap naar een gedeelde cultuur in een (super)diverse samenleving?

Hoe de participatie, van jong tot oud verhogen?
Welk statuut heeft de kunstenaar en komen de middelen ook toe aan wie kunst schept, of gaat er te veel geld naar overheadcity, zoals Jeroen Olyslaegers het onlangs noemde in de 4X4 debatten van Campo en recto:verso?

Zal men in de toekomst ook kunst blijven steunen die het verzet organiseert, heilige huisjes neerhaalt en beleidsverantwoordelijken een geweten schopt?

Alle Vlaamse politieke partijen zien een rol weggelegd voor cultuur in de samenleving van morgen. Vraag is alleen welke rol en om welk doel te bereiken?

In de komende beleidsperiode zou het wel eens kunnen dat voor het eerst in jaren de subsidies voor cultuur dalen (Bart Caron in het 4de debat 4X4). Zoals bekend zullen er dan keuzes moeten worden gemaakt. De vraag is dan welke keuzes de politiek zal maken en op welke criteria deze keuzes gebaseerd zullen zijn.

Ook in de visies op cultuur loopt er een links-rechts scheidingslijn tussen de diverse politieke partijen. Ook al verschillen ogenschijnlijk de cultuurhoofdstukken in de verkiezingsprogramma’s niet erg veel van elkaar, toch blijft het afwachten welke keuzes zullen worden gemaakt na 25 mei 2014.

Het is dus goed om in het stemhokje ook de visie op cultuur in het achterhoofd mee te nemen.

Mil Kooyman
Redactielid Samenleving en politiek

Noten
1/ Cultuur als fait divers op 25 mei, Jan Goossens, artistiek directeur KVS, De Standaard, 15/16-03-2014.
2/ ‘Cultuur is dé zingever van het leven’, Evelyne Coussens, De Morgen, 07-04-2014.
3/ Mocht het iets zijn als adem, Josse De Pauw, De Morgen, 04-04-2014.
4/ Verkiezingsprogramma N-VA, Verandering voor Vooruitgang, pp. 56-62.
5/ Verkiezingsprogramma SP.A, Sociale Welvaart, Ervaringen delen, pp. 195-206.
6/ Verkiezingsprogramma Open Vld, ‘Vlaanderen vleugels geven’, pp. 38-39.
7/ Ontwerp verkiezingsprogramma CD&V, pp. 26-30.
8/ Verkiezingsprogramma Vlaams Belang, pp. 31-32.
9/ Verkiezingsprogramma Groen, Iedereen is mee, pp. 49-65.
10/ Verkiezingsprogramma PVDA+, Solidariteit maakt cultuur groot, pp. 65-67.

verkiezingen - cultuur

Samenleving & Politiek, Jaargang 21, 2014, nr. 5 (mei), pagina 72 tot 76