Log in

Ethisch Tribunaal in de Andesregio

Project in de kijker

Eind april 2015 organiseerde FOS samen met de Peruaanse vakbondskoepel (CGTP) en de staatsuniversiteit San Marcos in Lima een succesvol Ethisch Tribunaal, waar schendingen van de arbeidsrechten in vijf Andeslanden aangeklaagd werden.

Maanden voor het begin van het Tribunaal gingen advocaten in elk land op zoek naar getuigenissen van syndicale leiders en arbeiders, om de verschillende inbreuken op het arbeidsrecht zo grondig mogelijk te documenteren. Eind april kwamen magistraten uit Cuba, Mexico en Brazilië naar Lima. Zij gaven verschillende radio- en tv-interviews om het doel van het Tribunaal aan een breed publiek uit te leggen. Dat ging hand in hand met een sociale mediacampagne. De overheden en bedrijven in elk land kregen de aanklacht in de bus, met de uitnodiging om die in het Tribunaal te komen weerleggen. Sommigen stuurden hun repliek per mail. Geen van hen durfde zich op het Tribunaal zelf te vertonen.

De eerste dag hoorden we getuigenissen uit de Peruaanse textiel- en huishoudsector en de agro-industrie, drie sectoren waar speciale statuten werden ingevoerd die de arbeidsrechten uithollen. Jongerenleiders kwamen uitleggen hoe en waarom ze het voorgestelde arbeidsregime voor 18 tot 24-jarigen kelderden in januari.Uit de bouwsector kwamen verhalen van maffiapraktijken waarbij de voorbije drie jaar elf syndicale leiders vermoord werden. De dag nadien volgden getuigenissen uit de agro-industrie in Colombia, Ecuador, Peru, Bolivia en Chili, met videobeelden die het mensonwaardige werk in beeld brachten: lange werkdagen, onbetaalde overuren, onaangepaste kledij, onveilig werk, dodelijke ongevallen, ontslagen en vervolging van syndicale leiders, seksuele intimidatie van vrouwen, enzovoort.

We hoorden tal van pakkende getuigenissen, zoals ook die van Paula Quinto uit Ecuador.
Zij werkte al twaalf jaar voor Reybanpac, een bedrijf dat jaarlijks 21 miljoen dozen bananen exporteert, toen ze in 2010 in zwangere toestand op staande voet werd ontslagen. Ze werkte op de inpakafdeling, waar ze vaak 12 uur per dag moest rechtstaan. Ze werd onwel door het zware werk en kreeg van de dokter van het Ecuadoraans Instituut voor Sociale Zekerheid een paar dagen rust voorgeschreven. Het bedrijf maakte hier misbruik van en ontsloeg haar wegens ‘onwettige afwezigheid’.
Paula werd ontboden om haar ontslagvergoeding in ontvangst te nemen, die dan nog eens ver onder het wettelijk verplichte bedrag lag.
Paula getuigt: ‘Ik moest ander werk zoeken om toegang te hebben tot gezondheidsdiensten, maar dit lukte niet omdat ik op de zwarte lijst stond. Mijn kindje werd geboren met ernstige gezondheidsproblemen, volgens de dokters het gevolg van een overvloedige blootstelling aan pesticiden op het werk. Na een jaar vond ik de moed en de middelen om een advocaat op te zoeken. Toen bleek dat het bedrijf me ooit blanco-papieren had laten ondertekenen en het in mijn naam een valse aanklacht tegen zichzelf had ingediend. Daarop trok het bedrijf de klacht weer in, omdat we zogezegd tot een akkoord waren gekomen. Ik kon dus zelf geen echte klacht meer indienen.’
Paula heeft de strijd echter niet opgegeven. Ze sloot zich aan bij de vakbond ASTAC en is bereid te getuigen overal waar nodig om gerechtigheid te laten geschieden.

De Peruaanse Carmen Almeida werkte tien jaar als huishoudhulp voor Hugo de Zela Hurtado, een diplomaat. Ze woonde in bij haar werkgever en deed allerhande andere taken, waarvoor ze nooit betaald werd. Carmen kon van geen enkel arbeidsrecht genieten. Toen ze op een dag haar sleutelbeen brak tijdens het werk moest ze zich met haar eigen financiële middelen laten verzorgen, omdat haar baas haar niet had aangesloten bij de sociale zekerheid. Carmen werd zes jaar lang seksueel misbruikt en vernederd door haar werkgever. ‘Ze namen me soms mee naar hun strandhuis, waar ze mij opsloten zodat ik niet zou ontsnappen.’ In 2007 kon Carmen het niet meer aan en beëindigde ze de arbeidsrelatie.
Ze vond de moed om haar werkgever aan te klagen. Hij maakte vervolgens misbruik van zijn diplomatieke functie om het proces te vertragen. In 2011 werd hij dan toch veroordeeld tot het betalen van een boete, maar het seksueel misbruik is tot op heden ongestraft gebleven.
Ik ben nu nationale leidster van FENTTRAHOP, de Nationale Federatie van Huishoudpersoneel in Peru. Het kost mij nog altijd moeite om te spreken over het seksueel misbruik waar ik het slachtoffer van was, maar ik heb geleerd op te komen voor mijn rechten.’

De dag na het Tribunaal stapten de buitenlandse delegaties mee in de 1 meibetoging van de CGTP. De vonnissen van het Tribunaal werden er voorgelezen. Hiermee stopt het echter niet. In elk land geven de FOS-partners verder gevolg aan deze aanklachten, via juridische dienstverlening, door beleidsbeïnvloeding bij de overheid, via de media of door aanklachten bij de IAO. Zolang overheden en bedrijven niet paal en perk stellen aan ontoelaatbare schendingen van arbeidsrechten in de Andesregio, geven we de strijd niet op.

Felix De Witte
FOS Peru

Samenleving & Politiek, Jaargang 22, 2015, nr. 8 (oktober), pagina 46 tot 47