Abonneer Log in

Er waren eens twee hanen, een pitbull en een wolf

2017: VERKIEZINGSJAAR BIJ ONZE BUREN

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 10 (december), pagina 68 tot 72

De Franse presidentsverkiezingen vinden plaats op 23 april 2017. De kandidaten van Les Républicains (François Fillon) en Front National (Marine Le Pen) zijn ondertussen gekend. Uittredend president François Hollande zal de kiesstrijd niet aangaan. Het strijdveld ligt open ter linkerzijde. Op 22 en 29 januari vinden de voorverkiezingen voor de PS plaats. Alle Fransen mogen stemmen na een symbolische bijdrage (1 euro) en een verklaring dat men de waarden van links onderschrijft. Ze kunnen kiezen uit een haan en een pitbull. Daarrond sluipt een wolf in schaapsvacht en een beetje meer naar links, maar buiten het kippenhok, kraait nog een haan. Al wordt waarschijnlijk niemand van hen president.

2017: VERKIEZINGSJAAR BIJ ONZE BUREN

Maigret en de moord op de sociaaldemocratie
Menno Hurenkamp
Er waren eens twee hanen, een pitbull en een wolf
Niels Morsink
De zure vruchten van de große Koalition
Dieter Berckvens

HET OFFER VAN HOLLANDE

Uiteindelijk houdt uittredend president François Hollande de eer aan zichzelf. Voor het eerst sinds 1958 gaat een zittend president niet voor een tweede ambtstermijn. Het heeft hem een tijdje gekost om deze pijnlijke nederlaag te onderkennen. Lang hield hij vol zich toch kandidaat te stellen voor de linkse voorverkiezingen. Dankzij een lege politieke agenda reisde hij sinds de zomer het land rond om zijn blijde boodschap te verkondigen. Hij achtte die tour nodig, want slechts weinig Fransen zijn tevreden over zijn presidentschap. Ook binnen de eigen partij is hij onpopulair, met name na een recent interviewboek waarin hij een groot aantal partijgenoten beledigt en achtelooseen staatsgeheim onthult.

President Hollande heeft een moeilijk parcours gereden. Hij positioneerde zich als de normale president na de blingbling periode onder president Sarkozy, maar al in het verkiezingsjaar 2012 geraakte bekend dat zijn minister van Begroting een rekening in Zwitserland heeft. Daarna blijven incidenten opduiken. Elke president heeft last van incidenten, maar wanneer hij of zij een sterk bilan heeft, kunnen deze onder de mat worden geveegd. Dat is echter niet het geval. Al van bij de start ging het mis met stijgende werkloosheidscijfers waarop de president geen antwoord had. Na veel getreuzel kwam hij met liberale hervormingen: een daling van de werkgeversbijdragen en een versoepeling van de arbeidswetgeving. Daarenboven kregen CAO’s op bedrijfsniveau - waar vakbonden zwakker staan - voorrang op deze op sectoraal niveau. Daar hadden de PS-kiezers niet voor gestemd. Met dit klassiek rechts beleid verloor hij voorspelbaar de steun van economisch links. Recente cijfers tonen een economische herstel voor Frankrijk en een kleine daling van de werkloosheid in 2016, maar dat bleek uiteindelijk niet genoeg.

De steun van multicultureel links en zijn minister van Justitie verloor hij met de poging om de Franse nationaliteit van terroristen met een dubbele nationaliteit af te nemen. Deze kwestie domineerde de media gedurende vier maanden. Uiteindelijk moest hij bakzeil halen. Een gelijkaardig scenario speelde zich eerder af met de illegale Kosovaarse leerlinge Leonarda als inzet. Toen ze van de schoolbus werd geplukt en het land werd uitgezet, ontstak er op links een storm van protest. Om tijd te winnen werd een onderzoek bevolen. De premier pleitte consequent tegen een terugkeer. De president twijfelde en besloot uiteindelijk om Leonarda zelf te laten terugkomen, maar de rest van het gezin in Kosovo te laten. Opnieuw werd het beeld bevestigd van een halfslachtige president.

Was het allemaal kommer en kwel? Neen. Cijfers tonen aan dat dankzij fiscaal beleid de lagere en middenklasse er, in tegenstelling tot de hogere klassen, financieel op vooruit zijn gegaan. De verwezenlijking die het meest in het oog springt is de klimaatconferentie die resulteerde in een bindend klimaatakkoord. Onder Hollande werden 60.000 meer leerkrachten aangeworven en een onderwijshervorming doorgevoerd. In de gezondheidszorg werd de derdebetalersregeling veralgemeend. Ten slotte introduceerde Hollande ook het homohuwelijk.

Hij voerde een fors buitenlands beleid. Daarbij werd de opmars van jihadisten in Mali gestopt en in de Centraal-Afrikaanse Republiek werd dankzij een Franse interventie een genocide voorkomen. President Hollande, die aanleunt bij de Golfstaten, was ook een voorstander van militair ingrijpen tegen Assad. Deze interventie is er niet gekomen door een weigerachtige houding aan Amerikaanse kant. In de oorlog tegen IS bombardeert Frankrijk mee met de internationale coalitie in Irak en Syrië. Na de gruwelijke aanslagen van 13 november 2015 in Parijs werden deze bombardementen opgedreven. De kiezer lijkt echter niet onder de indruk.

Kortom, president Hollande verloor de steun van zowel economisch als multicultureel links. Een herverkiezing was dus onmogelijk. Wie zit er op de reservebank?

PREMIER VALLS: DE PITBULL AAN DE KETTING

Premier Manuel Valls stond al een tijdje te trappelen om zich in de race te werpen mocht president Hollande geen kandidaat zijn. De voorbije maanden nam hij langzaam meer afstand, onder andere door de uitspraken van de president subtiel te bekritiseren. Manuel Valls koestert al enige tijd presidentiële ambities. Zo nam hij al in 2011 deel aan de PS-voorverkiezingen met een ferm discours over binnenlandse veiligheid en economische hervormingen, maar scoorde toen laag. Hij werd toch minister van Binnenlandse Zaken. Dat is een gunstige positie om, net zoals Sarkozy in 2007, met een veiligheidsdiscours president te worden.

Om zijn stagnerende regering een nieuwe adem te geven na erg slechte lokale verkiezingen, stelde president Hollande de toen populaire Valls in 2014 echter aan als premier. Dat was een vergiftigd geschenk, want nog nooit is iemand in de Vijfde Republiek erin geslaagd om vanuit het premierschap president te worden.

Vandaag positioneert hij zich als de hondstrouwe premier met hetzelfde discours als in 2011. Zo bekritiseerde hij fel de verwelkomingspolitiek van bondskanselier Merkel. Als gevolg van de benoeming van deze hardliner, maar ook met het oog op de verkiezingen van 2017, verlieten de ecologisten de regering. Het verwondert niet dat hij niet goed ligt bij de linkervleugel van de PS, onder andere bij de gevreesde want populaire burgemeester van Lille, Martine Aubry. Zij zou alles in het werk stellen om de kandidatuur van Valls te dwarsbomen.

VOORMALIG MINISTER MONTEBOURG: DE HAAN IN HET KIPPENHOK

Gegeven de centrumkoers van Manuel Valls is er ruimte op links. Daar maakt de voormalig minister van Economie (2012-2014), Arnaud Montebourg, gretig gebruik van. Hij is zeker kandidaat en wordt vooral herinnerd door zijn ‘made in France’-campagne waarmee hij de herindustrialisering van Frankrijk wilde stimuleren. Daar is hij niet echt in geslaagd. Al heeft de Franse staat wel meer aandelen gekocht in PSA (Peugeot en Citroën) en Alstom. Montebourg maakte ook een potje van de verkoop van de energiepoot van Alstom aan General Electric.

Arnaud Montebourg was ook al kandidaat in de voorverkiezingen in 2011, waar hij vooral opviel door zijn zeer links discours. Deze lijn bleef hij aanhouden in de regering, wat hem op ramkoers bracht met president Hollande toen hij zijn bocht naar rechts inzette. Montebourg werd aan de kant gezet. Ook vandaag profileert hij zich duidelijk links van de andere kandidaten, met uitspraken over de nationalisering van banken en industrie. Tegelijkertijd beroept hij zich op zijn ervaring als bestuurder (hijzelf noemt het ‘ondernemer’) in drie bedrijven sinds zijn ontslag en pleit hij voor een publiek investeringsfonds voor kmo’s dat zal instaan voor 90% van de leningen. Naast links noemt hij zich republikeins en patriottisch. Zo zou 80% van de Franse openbare aanbestedingen worden gereserveerd voor Franse kmo’s. Dat is duidelijk incompatibel met het Europees recht, maar Montebourg zal dit unilateraal schorsen. Hij pleit ook voor belastingverlagingen voor de lagere en middenklasse en een groot investeringsplan voor infrastructuur en het energie-efficiënt maken van gebouwen. Zijn programma lijkt sterk op dat van de extreemlinkse kandidaat Jean-Luc Mélenchon, die niet zal meedoen aan de PS-voorverkiezingen.

Omdat we vandaag niet op peilingen kunnen afgaan, vermeld ik ook nog Benoît Hamon. Hij was staatssecretaris van Sociale Economie en Consumentenzaken, kortstondig ook van Onderwijs, maar werd samen met Montebourg ontslagen. Vervolgens profileerde hij zich sterk op het links verzet tegen de arbeidsmarkthervorming, die hij als president zou afschaffen. Deze kandidaat stelt zich voor als de tegenpool van Manuel Valls. Hij plaatst economische en sociale zaken boven kwesties van immigratie en integratie. De voorstellen zijn traditioneel links: arbeidsduurvermindering, meer investeringen in onderwijs en cultuur, maar ook een basisinkomen. In tegenstelling tot Montebourg schaart hij zich achter een hervormde Europese Unie met een sociale en fiscale agenda.

COMMUNIST MELENCHON: DE HAAN BUITEN HET KIPPENHOK

Het theatrale Europarlementslid Jean-Luc Mélenchon was al presidentskandidaat in 2012 voor het Front de gauche, een alliantie tussen Parti de Gauche, de kleine Gauche unitaire en de communistische partij. Nadat hij lange tijd goed scoorde in de peilingen, strandde hij in de eerste ronde op de vierde plaats met minder dan de helft van de stemmen van Hollande. Deze keer pakte hij het Front de gauche in snelheid door zichzelf kandidaat te verklaren. Na wat intern getwist, schaarde de communistische partij zich nipt achter deze Chavez-cheerleader.

Mélenchon pleit in zijn programma ‘L’avenir en commun’ voor een nieuwe Franse grondwet, waarin er een parlementair systeem wordt geïnstalleerd. Parlementairen zullen tijdens hun mandaat door hun electoraat kunnen worden herroepen. Op internationaal gebied, wil hij de NAVO verlaten en indien er geen radicale hervorming komt ook de Europese Unie. De staatsschuld wordt geherstructureerd en banken, autosnelwegen, gas en elektriciteitsproducenten genationaliseerd. De werkduur en pensioenleeftijd worden verlaagd, het minimumloon en -pensioen verhoogd.

Kortom, heel wat voorstellen roepen vragen op, maar in tegenstelling tot enkele andere kandidaten is het wel een consequent, herkenbaar links programma. Vermoedelijk kan Mélenchon ook profiteren van de malaise in de PS. Daarenboven is deze oud-journalist een begenadigd mediastrateeg. Ondanks een wederzijdse afkeer slaagt hij erin de schijnwerpers van de media, inclusief de entertainmentprogramma’s, door offensief spektakel op zich gericht te houden. Ook de sociale media bespeelt hij vaardig. Hij heeft meer volgers op Twitter dan elke andere linkse kandidaat.

VOORMALIG MINISTER MACRON: DE WOLF IN SCHAAPSVACHT

De vreemde eend die de bijt vroegtijdig verliet, is Emmanuel Macron. Hij was tot augustus minister van Economie, Industrie en Digitaal beleid en poulain van president Hollande die hem daarvoor adjunct-secretaris-generaal van het Elysée maakte. In een eerste wet-Macron liberaliseerde hij de langeafstandsbussenmarkt. Werken op zondag werd beperkt toegestaan. Hij bereidde ook een tweede wet-Macron voor, maar premier Valls wilde deze potentiële concurrent uit de spotlight houden en verplaatste het initiatief voor deze wet naar de minister van Werk.

Macron is eerder liberaal en pleit voor het afschaffen van de 35 urenweek en de vermogensbelasting. Verder wil hij een verdere flexibilisering van de arbeidsmarkt. Hij zal niet aan de voorverkiezingen van de PS deelnemen, maar als onafhankelijke opkomen. Hij staat voor openheid en is sociaal progressief. Zo zet hij zich expliciet af tegen het strenge veiligheidsbeleid en het islambashen. Daarenboven is hij pro-Europees. Pro-Europees zijn is minder evident in Frankrijk dan in België. Op dat gebied leunt Frankrijk dichter bij Groot-Brittannië aan. In 2005 torpedeerden de Fransen de ‘Europese grondwet’ en vandaag heeft slechts 38% van de Fransen een positieve opinie over de EU.

De man heeft veel rijke vrienden. Toch is het voor hem bijna onmogelijk om op deze korte termijn een beweging met genoeg expertise, geld en vrijwilligers uit de grond te stampen die het kan opnemen tegen het partijapparaat van de drie grote partijen. Anderzijds heeft Trump laten zien dat persoonlijkheid en het voortdurend vasthouden van media-aandacht belangrijker zijn dan een gedetailleerd programma of partijsteun.

In de Franse geschiedenis delven centrumkandidaten die niet tot één van de twee centrumpartijen behoren traditioneel het onderspit. Enkel indien de PS een extreemlinkse kandidaat kiest, zou hij zich mogelijk succesvol als centrumkandidaat kunnen presenteren. Misschien de volgende keer?

NIEMAND IS ECHT POPULAIR

De presidentsverkiezingen vinden in twee rondes plaats, waarbij enkel de twee kandidaten met de meeste stemmen naar de tweede ronde gaan. Aangezien het FN in de regionale verkiezingen van vorig jaar in 6 van de 13 regio’s als eerste uit de eerste ronde kwam met 28,4% van de stemmen is het waarschijnlijk dat het ook bij de komende presidentsverkiezingen de tweede ronde haalt. De media- en peilingconsensus is dat geen enkele van de linkse kandidaten de tweede ronde van de presidentsverkiezingen haalt. De verdeeldheid tussen extreemlinks, een PS-kandidaat en een centrumlinkse nieuwlichter zal links meer dan ooit parten spelen.

Indien centrumrechts de tweede ronde haalt, zullen linkse kiezers hopelijk met de wasknijper op de neus voor de centrumrechtse kandidaat stemmen. Dit was het geval in 2002 toen socialist Lionel Jospin de tweede ronde niet haalde en de linkse kiezers op Jacques Chirac stemden om Jean-Marie Le Pen uit het Elysée te houden. Dit was ook het geval voor de recente regionale verkiezingen van 2015 toen het FN in de tweede ronde uiteindelijk geen enkele regio won. Maar het is niet zeker.

In een duel tussen François Fillon en Marine Le Pen zal die laatste immers geen liberaal economisch programma bepleiten. De vraag is of de linkse kiezer wel op Fillon zal stemmen; hij is immers een oerconservatieve en ultraliberale kandidaat. In die optiek is het alleszins goed nieuws dat voormalig president Sarkozy de voorverkiezingen niet heeft overleefd; de haat bij links zit zo diep dat zelfs een wasknijper niet voldoende zou zijn geweest. Marine Le Pen temperde alvast haar discours. Zo stelde ze dat de islam wel compatibel is met Frankrijk. Niet voor niets is haar campagnelogo een roos zonder doorns. Daarenboven belichaamt Le Pen het anti-establishment, een gevaarlijke sirenezang in deze tijden.

Niels Morsink
Redactielid van denktank Minerva

Frankrijk - verkiezingen - PS

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 10 (december), pagina 68 tot 72