Log in

De terugkeer van ‘Het Streven’

Je zou bijna denken dat Karl Marx terug is. Komt dit doordat we dit jaar zijn 200e verjaardag vieren? Of is er meer aan de hand?

Er verschijnen steeds meer publicaties die pleiten voor een nieuw communisme, marxisme 3.0. Er worden zelfs theatervoorstellingen aan Karl Marx gewijd. En niet alleen in Vlaanderen en Nederland. Zou dit enkel te wijten zijn aan het feit dat we dit jaar zijn 200e verjaardag vieren? Of is er meer aan de hand?

Rechtse en extreemrechtse politici vermoeden in ieder geval van wel en waarschuwen ons, op achterste pootjes, in vlammende columns voor een opmars van een gevaarlijk nieuw soort links. Cultuurmarxisten, feminisme, politieke correctheid, neo-marxisten.

Iedereen van een zekere leeftijd herinnert zich de beelden waarmee we in de jaren 1980 op de journaals van de BRT dagelijks werden bekogeld. Rijen uitgehongerde wachtenden die in de Sovjet-Unie moesten aanschuiven om aan woekerprijzen in een staatsbakkerij een zeldzame homp brood te mogen kopen. Beelden die door plaatselijke communisten steevast als westerse propaganda werden afgedaan. Ogen en oren werden gesloten voor de realiteit van een corrupt systeem.

De pijnlijke ontnuchtering na de val van de Berlijnse muur en de blootgelegde schandalen uit Polen, Roemenië en vooral Oost-Duitsland was van epische orde. Verwoestend. Een bevriend lijsttrekker van de lokale Kommunistische Partij van een grote West-Vlaamse stad durfde zelfs nauwelijks nog het woord 'communisme' in de mond te nemen maar verkondigde vanaf toen dat - en ik citeer - 'zijn ideeën een beetje neigen naar het marxistisch referentiekader'.

De tijd dat langharig werkschuw tuig met het rode boekje pronkerig in de achterzak van de gescheurde, ongewassen jeans uw dochters probeerde binnen te doen, ligt ver achter ons. Het ideaal werd ontgoocheling. De ontgoocheling werd schaamte. En die schaamte heeft de weg geplaveid voor het blind, nietsontziend Uber-Kapitalisme waarin we nu met z'n allen proberen overeind te blijven, op een immer vuiler en onleefbaar wordende planeet. Waarin de verliezers de verliezers opvreten, tot groot genoegen van de zogenaamde winnaars.

Die schaamte heeft er ook voor gezorgd dat het mensbeeld en de hele filosofie van Karl Marx in onmin zijn geraakt, of steeds verder worden kapot genuanceerd als een interessant idee, dat spijtig genoeg geen rekening houdt met de mens en zijn egoïstische natuur. De mens als individualist die niets voor een ander doet en alleen persoonlijk comfort en beloning zoekt voor elke geleverde morzel arbeid of inspanning.

En laat mij dat toch een beetje spijtig noemen, want zijn filosofie stelt vooral de menselijke waardigheid voorop, en vertoont dus geen enkele gelijkenis met het ondemocratisch, dictatoriaal experiment dat in het Oosten werd opgediend op een bedje van repressie, angst en genocide. Die filosofie vertelt ons namelijk dat de mens niet slecht is, of goed, maar bovenal een product van de politieke en sociale omstandigheden waarin hij opgroeit en leeft. Dat wij dus zelf de omstandigheden kunnen creëren die het beste in ons naar boven halen.

Het wil ons leren dat de mens streeft naar verbondenheid, waardigheid en vrijheid. Ik wil nog in het midden laten of we het daar met z'n allen mee eens moeten zijn, en er zijn ongetwijfeld kanttekeningen te maken bij die stelling. Maar die kanttekeningen interesseren mij nu even niet. Want met de filosofie is ook 'Het Streven' verdwenen. De schaamte werd berusting en zelfs stilzwijgen. En dat is schadelijk. Want de tegenstem is weg. Het contre-gewicht is monddood gemaakt.

Eerlijkheid, kameraadschap, rechtvaardigheid, vreedzaamheid, sociaal en maatschappelijk bewustzijn, solidariteit en zorgzaamheid zijn wollige begrippen geworden. Terwijl wij nu juist nood hebben aan die begrippen, aan dat ideaal, aan een terugkeer van dat Streven. En niet alleen in de hoofden van de naïeve dromer, van de occasionele dreadlock of van de moegestreden vakbondsdéléguée, maar in het hart van iedereen. De hele wereldbevolking.

En daarom steekt Marx overal de kop weer op.

Want wat gaan we doen? Gaan we gelaten, in onze economische groeifixatie, de planeet laten verpieteren tot zij een manier vindt om zich van haar voornaamste parasiet, de mens, te ontdoen? Gaan we stilzwijgend de 150 miljoen ecologische vluchtelingen opwachten die er aan komen binnen dit en 20 jaar? We kunnen die proportionele enkelingen uit Syrië nu al niet aan. Gaan we onverschillig verdragen dat de mondiale ongelijkheid tussen arm en rijk zo'n onmenselijke absurditeit aanneemt dat een onvermijdelijke revolutie een wereldbrand zal veroorzaken? Gaan we de mens verder en verder laten vervreemden, tot hij niet anders meer doet dan voor één of ander scherm lege, voorgekauwde morele propaganda te verorberen? Gaan we blijven verdragen dat elke ethische en sociale progressie die we voor 1989 hadden opgebouwd, verder en verder wordt teruggeschroefd? Gaan we alle noodlijdenden en zorgbehoevenden profiteurs blijven noemen? Gaan we zingend de afgrond in? Gaan we blijven volhouden dat er geen alternatief is?

Nee? Dan lijkt mij een werkelijke herverdeling, het loskoppelen van arbeid en inkomen, een serieuze belasting op de grote inkomens en op beursspeculaties een minimaal begin.

Als de honderd rijkste mensen van de wereld hun kapitaal halveren, dan verdubbelt het inkomen van 3,5 miljard mensen.

Komaan! Och... Noem me maar naïef. Ik laat me met dat woord in elk geval niet meer het zwijgen opleggen. En ik hoop van u hetzelfde.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 5 (mei), pagina 26 tot 27