Abonneer Log in

Uber voor alles

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 5 (mei), pagina 73 tot 75

Uber voor alles

Rens Lieman
Business Contact, Amsterdam, 2018

De koeriers van Deliveroo en Uber Eats fietsen ons dagelijks voorbij in de stad. De taxichauffeurs in Brussel gaan in staking tegen de Ubertaxi's. Steeds meer mensen doen beroep op schoonmakers via Helpling. Het is duidelijk dat er, dankzij de technologische vooruitgang, nieuwe vormen van economie ontstaan.

De Nederlandse journalist Rens Lieman ontrafelt in het boek niet alleen de achtergronden van deze nieuwe diensten, maar analyseert hun verdienmodel en kijkt naar de invloed ervan op ons leven. Hij interviewt beleidsmakers, investeerders, ondernemers en topmanagers, maar spreekt ook met de mensen die voor Uber, Deliveroo en Helpling werken. Hij werkt zelfs even zelf als koerier om aan den lijve te ondervinden hoe het werkt in de praktijk.

De auteur vindt zelf dat de term on demand-economie best omschrijft waar het hier om gaat. Het is de consument die bepaalt wat (product of dienst), waar en wanneer geleverd wordt, liefst direct, via een handige app en tegen een lage kost.

Uber was eerst en heeft de koppositie. Er zit ook groot geld achter en merkwaardig: Uber maakte tot nog toe enkel verlies. De investeerders nemen blijkbaar het risico en verwachten hun return later.

Deze nieuwe on demand-economie botst met de bestaande regels. Zijn ze een geduchte concurrent van de sterk gereglementeerde taxibedrijven en moeten ze dus ook aan alle erkenningsvoorwaarden voldoen? Welk statuut hebben de Uberchauffeurs, de Deliverookoeriers en de Helplingschoonmakers? De (negatieve) invloed op de arbeidsregels is overduidelijk. Maar hoe reageren? In een rapport van het Rathenau Instituut in Nederland ('Eerlijk delen', 2017) worden vier mogelijke strategieën voorzien:

  1. Strikte handhaving van de huidige regelgeving. Dit betekent dat de platformen Uber, Deliveroo, Helpling, Airbnb en andere verboden worden.
  2. Ad hoc reguleren. Naar aanleiding van een casus wordt de reglementering aangepast. Het is onder meer wat Amsterdam deed met Airbnb (toeristentaks en maximum dagen verhuur).
  3. De eisen van de aanbieders worden dan versoepeld.
  4. Niet tussenkomen. Het ontduiken van regels wordt gedoogd en men hoopt op zelfregulering

Ondertussen hebben enkele Uberchauffeurs al rechtszaken gewonnen in Londen en New York, waarbij ze als werknemers erkend worden. In Nederland ontstond een Riders Union van Deliveroobezorgers. Ze vonden ondertussen onderdak bij de grootste vakbond van Nederland, de FNV.

In elk geval zullen (lokale) overheden en vakbonden ernstig moeten nadenken over de te volgen strategie. In een kramp schieten en alles verbieden lijkt niet meer mogelijk. Tegenover dit innovatieve economiemodel zullen innovatieve regels en vakbondsacties moeten worden bedacht.

Het valt ook te verwachten dat deze on demand-economie steeds meer diensten zal aanbieden. Zo heeft Uber in de VS al een aanbod van diensten voor: de was, boodschappen, oppas voor kinderen en honden, helikoptervluchten, huisartsenbezoek, wiet, huishoudelijke taken en zelfs voor 'betaalde dates'. Vandaar de titel van het boek: Uber voor alles.

In het hoofdstuk 'Het algoritme de baas' legt Rens Lieman haarfijn uit hoe algoritmes bepalen wie welke klus krijgt en stelt daarbij vast dat algoritmes ook discrimineren.

De on demand-economie gedijt vooral in een stedelijke context. Het is onmiskenbaar dat het ook het samenleven in de stad beïnvloedt. Mobiliteit en de woningmarkt bijvoorbeeld. Ondertussen werkt Uber ook met een app voor carpooling en een parkingdienst, waarbij iemand je wagen parkeert en weer terugbrengt als je hem nodig hebt.

De grote vraag wordt dan ook of deze on-demand diensten niet botsen met publieke belangen, zoals bijvoorbeeld het openbaar vervoer (Uber) of de prijzen op de woningmarkt (Airbnb).

Laat ons wel wezen: deze on demand-economie is uit op grote winst. Met de not-for-profit platformen en de werkelijke deeleconomie gaat het om andere waarden. Een mogelijke strategie van overheden zou dan ook kunnen zijn om die deeleconomie hard te steunen.

Het boek eindigt met een aantal niet onbelangrijke filosofische gedachten. Zal de on demand-economie de zogenaamde 'derde omgeving' (naast thuis en werkplek, de publieke ruimte) bedreigen en blijven we in onze thuiscocon, waar (bijna) alles geleverd wordt. Blijkbaar zijn heel wat sociologen ervan overtuigd dat de publieke ruimte levendig zal blijven.

Ten slotte wordt er ook even ingegaan op het begrip tijd. Willen we alles meteen krijgen? Nieuwe technologie versnelt blijkbaar processen, maar onze verlangens veranderen mee. Moeten we ons niet bezinnen over tijd en geduld?

Rens Lieman vindt zijn boek een eerste aanzet om de wondere wereld van de on demand-economie te begrijpen. Dat is het, en ook niet meer. Het blijft dan ook uitkijken naar verder onderzoek, analyse en strategie in de toekomst.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 5 (mei), pagina 73 tot 75