Log in

Edegem: make Edegem great again

MIJN GEMEENTE, VK 14/10

Ik hoop dat er in Edegem jonge mensen opstaan die grenzen willen oversteken. Gemeentelijke grenzen, en misschien – wie weet – ook partijgrenzen.

Ik groeide op in een Kempens kernstadje maar trok al snel naar Antwerpen, op zoek naar de dynamiek van de grote stad. Twintig jaar snoof ik de stadslucht op, flexibel van Zurenborg naar Deurne-Noord naar Wilrijk. Ongewild belandde ik in Edegem, tijdens een fietszoektocht naar een betaalbaar huis mét tuin en garage. Dat bleek zich toevallig over de grens met Edegem te bevinden. Ik besefte niet eens dat ik een gemeentegrens was overgestoken.

Dat is ondertussen meer dan 12 jaar geleden. In de eerste jaren was Edegem gewoon ons huis-met-zicht-op-tuin-én-groen. De focus was gericht op onze gekende stad – ook nog steeds onze werkstad. Mettertijd ben ik van Edegem gaan houden, van de zeer lokale dynamiek van een samenleving op mensenmaat, de kleine en grote initiatieven: van het jaarlijkse buurtfeest tot het – ondertussen door gebrek aan gemeentelijke subsidies ter ziele gegane – Werelddansfestival. Ik werd een dorpsbewoner, in mijn eerder schaarse vrije tijd.

Antwerpen, maar zeker ook Mortsel niet te vergeten, ligt op fietsafstand en levert in belangrijke mate het winkel- en ontspanningsaanbod voor de Edegemnaar: voor de betere boekhandel, de fijne viswinkel, het (alternatieve) cultureel centrum, de kunstacademies, het zwembad, neem je tram 7 naar Antwerpen. Edegem kan enkel dit Edegem zijn dankzij het aanbod van de stad aan haar rand. En natuurlijk ook dankzij de samenwerking met die stad en de gemeenten in de vele én noodzakelijke samenwerkingsverbanden, waarin Edegem zich - met zijn bijna 22.000 inwoners - tot de groteren kan rekenen.

Een politieke aardverschuiving

Net zoals in Antwerpen vond in Edegem in 2012 een politieke aardverschuiving plaats. CD&V was, na al die jaren naoorlogse katholieke hegemonie, een eerder arrogant en gezapig machtsbastion geworden en verknocht geraakt aan de macht; Koen Snyders maakte reeds plannen voor de viering van zijn 20 jaar burgemeesterschap. Dat was echter buiten zijn ex-coalitiepartner N-VA gerekend. Die dreef in 2012 mee met de nieuwe Vlaamse grondstroom en sloeg haar slag: zij wipte haar coalitiepartner CD&V, minimaliseerde Vlaams Belang (maar daarom niet persé zijn gedachtengoed), haalde bijna 1.000 stemmen weg bij Open VLD en integreerde de hippe zelfstandigen, projectontwikkelaars en acteurs van Edegem Anders. Niets stond haar in de weg. Al zeker niet een kleine, kwetsbare en door ruzies verdeelde linkerzijde.

De nieuwsgezinde Edegemnaar kreeg met Koen Metsu een nieuwe burgemeester, die ondertussen enige nationale bekendheid geniet als de expert terreurbestrijding van zijn partij (echt waar!), wat vermoedelijk louter te danken is aan zijn voorzitterschap van de Bijzondere Kamercommissie Terreurbestrijding. Een commissie waarmee je je wel in de kijker kunt werken. Een godsgeschenk voor Metsu in het bijzonder en de Francken-lijn binnen de N-VA in het algemeen. Verder levert Vlaams minister Philippe Muyters in Edegem extra ondersteuning. Hij is er raadslid, en ook nu weer duwt hij er de N-VA-lijst.

De tevreden burger

N-VA Edegem zit mijns inziens op rozen. De gemiddelde Edegemnaar is fier op zijn gemeente, woont er graag, is behoorlijk tevreden over de dienstverlening en de redelijk gezonde financiën, met enige ruimte om te investeren in nog extra groene ruimte en heraanleg van straten (dank u voor mijn straat trouwens) en pleintjes, en niet te vergeten het – door de vorige legislatuur besliste – aankoop en ontsluiting van groene long Hof ter Linden, wat dan weer de coalitiepartner Groen blij maakt. Dat blijkt ook uit hun berichtgeving die toch vooral over – inderdaad – groen gaat. En pleintjes. En participatie van de burger.

Maar alles kan beter

Dat wil niet zeggen dat Edegem geen uitdagingen heeft, wel integendeel.

Enkele voorbeelden:

  • de uitbreiding en diversifiëring van zorgfuncties voor een vergrijzende bevolking, met een betaalbaar (woon)zorgaanbod en vooral ook een laagdrempelig centraal aansprekingspunt, zeker voor de grote groep mensen die de digitale kloof niet zelfstandig kan overbruggen;
  • de verruiming van het vrijetijdsaanbod voor een groeiend aantal kinderen en jongeren;
  • de verbetering van het aanbod aan betaalbaar (ook sociaal) wonen en huren binnen de gemeentelijke grenzen. De vele nieuwe projectontwikkelingen bieden alvast geen betaalbare woningen, maar trekken veeleer kapitaalkrachtige gezinnen of investeerders aan. Ook een – overigens zeer sympathiek – cohousingproject voldoet niet aan de norm 'betaalbaarheid' voor het gemiddelde jonge gezin in Edegem;
  • meer aandacht voor mobiliteitsproblemen, zoals de verkeersveiligheid op de zeer drukke gewestwegen, de aanleg en kwaliteitsverbetering van de fietspaden, de uitbreiding van én de handhaving van een zone 30-beleid, de aanpak van het sluipverkeer dat in een aantal wijken voor grote overlast zorgt;
  • het afvalbeleid dat zeker nog kan verbeteren. Ook hier is betaalbaarheid en de aanpak van overlast een aandachtspunt;
  • het culturele aanbod dat absoluut beter en verfrissender kan, minder 'vermarkt' en ook op maat van de minder begoede Edegemnaar;
  • de aanpak van het hoge aantal woninginbraken, en het daaraan gerelateerde onveiligheidsgevoel. De private beveiligingssector vaart er wel bij;
  • het nog verder versterken van initiatieven die het samenleven in de Edegemse wijken bevorderen. Dergelijke initiatieven kenden – onder impuls van vooral Groen – extra investeringen, maar het kan zeker nog beter.

Waar is dat politieke debat?

Heel wat van deze discussies vragen niet enkel een beslissing over het al dan niet (kunnen of willen) investeren maar ook een daadwerkelijk politiek debat, geïnspireerd vanuit een sterke visie op waar overheden verantwoordelijk moeten in dragen. Een debat over de afschaffing van de onderhoudsplicht voor senioren in het woonzorgcentrum bijvoorbeeld. Of een debat over het (pro)actiever inzetten op ondersteuning van burgers voor noodzakelijke aanpassingen van (verouderde) woningen voor/door haar ouder wordende bewoners, over het ondersteunen van mantelzorgers o.a. door het invoeren van een mantelzorgpremie, over het versneld verduurzamen en energiezuiniger maken van woningen en gemeentelijke gebouwen, bij voorkeur door collectieve initiatieven. Kortom: een beleid met visie, waar de Edegemse burger actief bij betrokken wordt.

Mag ik dat nu missen in Edegem. Als syndicaal verantwoordelijke in regio Antwerpen en als sp.a-lid volg ik van nature graag wat er politiek leeft in mijn omgeving. Wat blijkt: ik geraak maar niet geïnspireerd door het Edegemse bestuur en zijn beleid. Een beleid dat ook in hoge mate afhankelijk is van bovenlokale structuren en waar de afstemming binnen de vele samenwerkingsverbanden gebeurt en waar je dus als burger veel minder zicht op krijgt. Small is niet altijd beautiful. Heel wat maatschappelijke discussies overstijgen het gemeentelijke niveau en worden amper of niet aangegaan. (Tenminste: dat is wat ik er als burger van merk, want natuurlijk kan ik perfect worden tegengesproken door de kenners van de particuliere dossiers die elke gemeente rijk is.)

Ik ben jammer genoeg niet de enige. Toch bleek bij enige rondvraag in Edegem bij gelijkgezinde progressieven de politieke interesse van mijn mededorpsgenoten én de goesting om zich in de gemeentepolitiek te interesseren, laat staan te smijten, behoorlijk gering. Is Edegem te klein voor ernstig politiek debat over de wat grotere maatschappelijke thema's? Natuurlijk niet, maar de voedingsbodem ontbreekt.

Big is beautiful

De huidige burgemeester liet enkele jaren geleden een mediatiek ballonnetje op over een fusie-initiatief, wat al snel de kop werd ingedrukt door andere partijen én door de gemeente waarop de eerste pijlen waren gericht. Daarna werd het stil. Ikzelf ben reeds jarenlang een principiële voorstander van stadsgewesten. Niet enkel in de feitelijke realiteit die we vandaag kennen als buurgemeente van Antwerpen maar ook met alle juridische, fiscale, structurele,… gevolgen. Waar Edegem nu lekker verder dorp mag zijn als het zo uitkomt, en gemeente en burger leven in de gemeenschappelijke illusie dat ze op zichzelf bestaan, gooi ik deze stok in het hoenderhok: als je consequent aan politiek en beleid wil doen, dan handel je vanuit het principe en het streven dat burgers gelijke rechten hebben, én dat het belang van alle burgers of een zo groot mogelijke groep vooropstaat in elk beleid, en dat daarbij grenzen – dus ook van gemeenten – ondergeschikt zijn aan dit streven.

Dit zeggen is vermoedelijk in elk dorp nabij een (dominante) stad politieke zelfmoord plegen. Niet voor niets zijn er veel partijen die Gemeentebelangen heten, waarbij de burger er gemakshalve van zal uitgaan dat net die partij het beste voorheeft met de gemeente én dus met haar burgers.

Bij deze dus, mijn politieke zelfmoord. Ik hoop dat er in Edegem en elders jonge mensen opstaan die dit politieke debat willen aangaan en die daarbij grenzen willen oversteken. Gemeentelijke grenzen, en misschien – wie weet – ook partijgrenzen.

Deze bijdrage verscheen in de reeks Mijn Gemeente, VK 14/10