Log in

Liever een sterke foute leider dan een zwakke goede

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 10 (december), pagina 22 tot 23

De uitdaging voor politici vandaag is om te proberen een sterke goede leider te zijn.

Voor me ligt een kopie van een oude klasfoto uit 1899. Het is een klasfoto van de tienjarige Adolf Hitler. Je herkent hem, verrassend genoeg, vrij makkelijk. Maar wat me nog meer intrigeert dan het kindergezichtje van de toekomstige Führer is zijn pose. Hitler staat in het midden van de bovenste rij, waar hij boven alle schoolkameraadjes uittorent, de kin licht opgeheven, de armen gekruist. Met de kennis van nu lijkt het alsof een hele geschiedenis besloten zit in dat ene beeld: een kind in wie toen al een hang naar superioriteit en redeloos geweld broeide. Veertig jaar later zou hij Duitsland en een groot deel van Europa aan zijn wil onderwerpen.

Zo kijken veel mensen naar een dictator. Als een verwoestende komeet die op de wereld afstevent. Een waanzinnige die de wereld gijzelt. Die manier van kijken detecteer ik ook vandaag, nu leiders met dictatoriale instincten wereldwijd aan een comeback bezig zijn. Gevaarlijke gekken zoals Donald Trump en Jair Messias Bolsonaro die de macht onverwachts naar zich hebben weten toe te trekken: het is een populair beeld, maar het klopt niet.

Autocratische leiders komen niet aan de macht ondanks hun vertekende wereldbeeld. Ze komen aan de macht omdat ze scherp zien waar mensen van wakker liggen. Hitler sprak Duitsers niet aan omdat hij driftig en radicaal was: Duitsers vestigden hun hoop op een radicale agitator omdat hij beter dan andere – kibbelende, verdeelde en aristocratische – politici de traumatische en vernederende impact van de Eerste Wereldoorlog begreep. Hitler bood zichzelf aan als megafoon om de ellende van het volk te vertolken. Hij wist perfect wat het publiek wilde horen – en gaf hen dat, zolang dat hem zou helpen om de macht te grijpen.

Hetzelfde zie je nu. Trump is geen groot denker, maar hij weet maar al te goed wat zijn publiek wil. Een van de weinige accurate tweets die hij verstuurde was na het Brexit-referendum in 2016. Het resultaat bewees volgens Trump dat hij de Amerikaanse presidentsverkiezingen, die later dat jaar plaatsvonden, zou winnen. Het was meer dan bluf: Trump zag een link die weinig commentatoren toen zagen. Brexit toonde aan hoe groot de malaise in het democratische Westen was over de negatieve gevolgen van de globalisering. Het toonde aan hoe teleurgesteld mensen waren in de politieke status quo. De presidentskandidaat weefde zijn boodschap heel sluw rond die gevoelens.

Als de verkiezing van een autocratische leider ons verrast, zou dat niet mogen zijn omdat een wereldvreemde hansworst de jackpot heeft gewonnen, maar omdat we niet goed hebben opgelet. In tijden van crisis – of als mensen het gevoel hebben dat het steeds slechter gaat, ook al is dat niet zo – verlangen mensen naar een sterke, krachtdadige leider. Liefst een buitenstander die niet gecorrumpeerd is door politieke spelletjes. Het is een normale menselijke reactie.

Je kan dat als liberale politicus betreuren en alles in het werk stellen om een autocraat belachelijk te maken – waardoor hij bij zijn achterban ironisch genoeg aan geloofwaardigheid wint. Of je kan jezelf in vraag stellen, je herbronnen en op zoek te gaan naar een alternatief antwoord op de verzuchtingen van mensen die zich in de steek gelaten voelen.

Hoe? Door de ingrijpende consequenties van de globalisering te erkennen. Door op zoek te gaan naar een vernieuwende, participatieve politiek waarbij mensen zich niet langer aan de kant gezet voelen als toeschouwers van een politiek theater dat voor velen te technisch – en te saai – is om te volgen. Door eerlijk en verstaanbaar te zeggen waar je als politicus in gelooft, en wat mensen realistisch van je mogen verwachten. Door op een positieve en inspirerende manier over de toekomst na te denken, in plaats van te blijven grossieren in doemdenken.

Toegegeven, die houding vergt lef, grenzend aan politieke zelfmoord. Maar ze is ook een springplank naar groots leiderschap.

Een van de meest cynische reacties op het succes van autocratische leiders is om net als zij simpele en bevredigende antwoorden te geven op de complexe problemen van de moderniteit. Maar wie dat doet ziet iets cruciaals over het hoofd. Wat voor autocraten, fascisten en dictators in het begin een voordeel is, wordt later een nadeel: elke buitenstaander wordt een insider, gemaakte beloftes botsen op de muur van de realiteit en politieke onervarenheid komt bovendrijven. Dat is de reden waarom dictators na een initiële periode van populariteit steeds meer investeren in sluwe tactieken en repressie om aan de knopen van de macht te blijven. Maar ze vergeten dat macht niet iets is wat je neemt – het is iets wat je krijgt.

Mensen die zich onzeker voelen hebben liever een sterke foute leider dan een zwakke goede, merkte de voormalige president Bill Clinton terecht op. De uitdaging voor politici vandaag is om te proberen een sterke goede leider te zijn. Het is de beste manier om te vermijden dat nieuwe 'sterke' mannen aan de macht komen die de democratie slechts lippendienst bewijzen – en soms niet eens dat.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 10 (december), pagina 22 tot 23