Log in

De kracht van het vorkdenken

Zomerreeks - Hoop 2019

Een vurig pleidooi voor de stelling dat het evident moet zijn dat het allemaal niet evident is.

Zou mij de vraag gesteld worden wat het maatschappelijke en wetenschappelijke denken van de 21e eeuw kenmerkt, dan is mijn antwoord: het vorkdenken. Wat ik hiermee bedoel is dat de problemen waarmee we af te rekenen krijgen voor de nabije en de verre toekomst, zo complex en grootschalig geworden zijn dat we met te veel mogelijke scenario's zitten. De economie is een wereldeconomie geworden, het klimaatvraagstuk is planetair, menswaardig leven is een uitdaging voor iedereen, … Enkel kleinschalig of lokaal denken zit er echt niet meer in. Worden we dan gevraagd om voorspellingen te maken, dan is het beste wat we kunnen doen een opsomming te geven van de mogelijkheden. Blijven we bijvoorbeeld onder een opwarming van 2 graden Celsius? Of gaan we erboven en wordt het 3, 4 of 5 graden Celsius meer? Of …? Wat we krijgen is een zogenaamde vork met, als het meevalt, een onder- en bovengrens. Die vork is een uitdrukking van onze onwetendheid enerzijds en van onze bereidheid om te handelen anderzijds. Want voor elk scenario binnen de vork stelt zich de vraag hoe we erop zullen, willen, kunnen of moeten reageren, en dat is niet evident. Het is een vrij ernstige situatie om eerlijk te zijn. Het doet denken aan de beroepsgokker die in een laatste, wanhopige daad alles op het spel zet en hoopt dat de kansen hem of haar gunstig gezind zijn. Daar kan je vrij snel gedeprimeerd van worden, maar dat hoeft niet. En die boude bewering wil ik graag onderbouwen. Want ik ben en blijf een optimist. Niet tegen beter weten in, maar juist omdat er een vork is. Meer bepaald, de vork van de mensheid (om eens grootse woorden te gebruiken). Daarbinnen zie ik op zijn minst de volgende, hier summier beschreven, scenario's:

(1) De ondergrens, of het gaat allemaal om zeep (met de mens toch): het klimaat ontspoort volledig, grote gedeeltes van de aardbol worden totaal onleefbaar, gigantische mensenstromen komen op gang op zoek naar minimaal leefbare gebieden, conflicten en oorlogen zijn het resultaat, nucleaire rampen dreigen, de aarde komt in een decennialange nucleaire winter terecht, de mens heeft te weinig tijd om zich aan te passen en sterft aan zo'n tempo dat er onvoldoende aantallen overblijven om te reproduceren en de mens is niet meer. Vooral Hollywood geniet schaamteloos van dit scenario. Belangrijk: de aarde heeft hier weinig of niets van gemerkt. De rest van de fauna en flora haalt opgelucht adem.

(2) We halen het met ongelofelijk veel kleerscheuren: hetzelfde scenario als (1) maar in iets mindere mate. Het klimaat ontspoort niet helemaal, een aantal problemen kunnen gedeeltelijk opgevangen worden, de mensenstromen komen niettemin toch op gang maar men slaagt erin om conflicten min of meer te beperken. Nu hebben we af te rekenen met lokale oorlogen die tot genocides leiden op een gigantische schaal – enigszins vergelijkbaar met de actuele toestand – maar we blijven met voldoende om de mensheid in stand te houden. Een telling van de slachtoffers loopt in de miljarden. 'Kleerscheuren' moet als vrij cynisch gelezen worden.

(3) We halen het omdat we stomweg geluk hebben: het valt niet uit te sluiten maar stel dat er een mutatie komt die het menselijke gestel zo wijzigt dat we met belachelijk weinig zuurstof toekomen. Die mutatie verspreidt zich onder de wereldbevolking en blijkt vrij epidemisch te zijn. Beetje bij beetje kunnen we situaties aan die voor de mens vandaag dodelijk zouden zijn. We hebben ons onverwacht aangepast aan de nieuwe wereld. Dit is een reëel scenario dus mogen we dit mee laten spelen. Er hoeven geen mirakels te gebeuren. Let wel, onderweg zullen er natuurlijk een hoop sneuvelen, namelijk al diegenen die zich niet op tijd hebben kunnen aanpassen.

(4) We halen het omdat wetenschap en technologie ons ter hulp snellen: het maakt niet uit of ikzelf vrij sceptisch ben wat betreft dit scenario, het is wel degelijk een mogelijkheid. Wetenschappers komen met oplossingen voor de dag die toelaten om CO2 veilig te stockeren, te transformeren in iets anders – zo bekeken wordt dit de nieuwe steen der wijzen, niet lood maar CO2 in goud veranderen – of op een andere manier de klimaatverandering bij te sturen zonder dat het leidt tot politieke en economische ontwrichting, waardoor conflicten kunnen worden vermeden.

(5) De bovengrens, of wij halen het niet maar iets anders wel: in scenario (1) verdwijnt de mens and that's it; hier verdwijnt de mens wel maar iets anders neemt zijn of haar plaats in. Zal ik de gedoodverfde Homo Deusvan Yuval Noah Harari vermelden? De mens getransformeerd in een virtuele datastroom, ongevoelig voor de aardse biosfeer. Nu trekt de mens zich niets aan van de aarde wegens niet meer nodig.

Het simpele feit dat scenario's (4) en (5) een kans hebben die niet nul is – anders gezegd: ze zijn mogelijk – is voldoende basis voor een optimistische levenshouding. De scenario's (1), (2) en (3) worden dan fundamentele waarschuwingen om dat optimisme niet als evident te beschouwen. Deze bijdrage kan dan ook gelezen worden als een vurig pleidooi voor de stelling dat het evident moet zijn dat het allemaal niet evident is.

Deze bijdrage verscheen in de SamPol-zomerreeks Hoop 2019