Beren, wolven, lynxen en bizons keren terug in onze bossen. De droom van een wild Europa is dichterbij dan je denkt – maar onze natuur staat onder druk.

Vergeet leeuwen en olifanten. Binnenkort trekken we allemaal Europese bergen en wouden in op zoek naar beren, bizons en lynxen. Op safari in onze achtertuin, zeg maar. Een utopie? Zeker niet, deze droom is dichterbij dan je zou denken. Onze grote iconische soorten werken immers aan een comeback. Helaas wil dat niet zeggen dat het goed gaat met onze natuur. Als we écht een wild Europa willen, dan moeten we drie dingen doen …
We waren gewaarschuwd. Onderweg naar onze schuilhut hadden we zijn pootafdrukken gezien, gekerfd in de stam van een eeuwenoude beuk. Beer is hier. Ik draai me om. Hij kijkt me recht in de ogen. Hoe ver zijn we van elkaar verwijderd? Dertig meter - niet meer. Een kolos van vijfhonderd kilogram, het grootste landzoogdier van ons continent. Hij blijft staren. Zijn bek gaat open en dicht. Honger? Toegegeven: mijn hart bonst in mijn keel. Ik geef mijn dochter van negen een duwtje in de rug. ‘Kom, voortmaken.’ Onze ranger, een Duitstalige Sloveen, wandelt al enkele meters verderop, het jachtgeweer over de schouder.
We zijn in de Lož-vallei in het zuiden van Slovenië. Het grootste onbewoonde bosgebied van Centraal-Europa, wordt gezegd. Dé plek om bruine beren te spotten. We hebben net drie uur schuilgehouden in een kleine boomhut, tien meter hoog. Omdat de zon bijna ondergaat, wil onze ranger vertrekken. ‘We moeten het bos uit zijn voor het donker’, zegt de man. ‘Anders wordt het te gevaarlijk.’ Er staat echter een mannetjesbeer vlakbij de hangladder van de hut. Toch dalen we af, en dus kijken we de beer recht in de ogen. Kippenvel! Mooier wordt het niet, de magie van onze natuur! Wat een beest, deze Ursus arctos. Hét icoon van het Europese wildlife, zeg maar. Wat een uniek einde van onze safari in de Sloveense natuur – ook al kregen we wolf en lynx niet te zien. Een bos is maar een bos als er beren leven, zei een wijs man ooit.
De Europese bizon werkt aan een succesvolle comeback nadat de soort begin vorige eeuw bijna helemaal uitgeroeid was.
Het gaat goed met de grote iconische soorten in Europa. Neen, ik ben het woordje ‘niet’ niet vergeten. Kijken we naar het laatste rapport van Rewilding Europe, dan lezen we dat het aantal bruine beren van 1960 tot 2016 met 44 procent gestegen is. Ook de populaties lynxen, wolven en veelvraten zijn in dezelfde periode explosief gestegen. De Europese bizon werkt dan weer aan een succesvolle comeback nadat de soort begin vorige eeuw bijna helemaal uitgeroeid was. Een comeback die begon met de herintroductie van enkele exemplaren in het oerbos van Bialowieza, Polen, één van de laatste wildernissen van Europa. Ónze Big Five – de vijf genoemde soorten - doen het dus best goed en daar mag je mee uitpakken.
De belangrijkste vraag is natuurlijk: wil dat ook zeggen dat het goed gaat met onze natuur en biodiversiteit, de variatie aan planten en dieren? Hier is het antwoord neen. Helaas niet, neen. Een cijfer dat alle alarmbellen moet doen afgaan: 22 procent van onze soorten is met uitsterven bedreigd. Dat is bijna 1 op 4! Studies wijzen uit dat het aantal insecten aan het instorten is: een daling van 50 tot 75 procent op enkele decennia tijd. Voornaamste verklaring: ongezonde bodem. Wanneer neemt het Europees parlement écht actie tegen pesticiden en andere troep?
Waarom de grote soorten het dan wel goed doen, vraag je je af. Elke soort heeft zijn eigen verhaal, maar er is ook een rode draad. Deze dieren keren terug omdat ze kúnnen terugkeren. Sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw zijn we deze soorten en hun leefgebieden gaan beschermen. We schieten hen niet langer af als ze een grens oversteken. Daarom is het zo verontrustend dat de Europese Unie nu de beschermingsstatus van de wolf terugschroeft. Voor een goed begrip: de wolf is niet vogelvrij verklaard en blijft een beschermde soort, maar toch: we zitten op een hellend vlak. Is het de start van een beweging naar minder bescherming?
Maar zou het dan zó erg zijn als de wolf weer verdwijnt, krijg je vaak te horen. Het antwoord daarop is neen. In se zou dat niet zo erg zijn – de schoonheid van het dier even buiten beschouwing gelaten. Dat een soort verdwijnt, is eigen aan evolutie. Maar vandaag zien we iets anders gebeuren. Een ecosysteem is zoals een blokkentoren. Als je daar enkele blokken uithaalt, dan blijft de toren staan. Maar als je te veel blokken uithaalt, gaat het systeem wankelen en op de duur ook vallen. Op die drempel staan we vandaag, zeggen wetenschappers.
Ook in eigen land dwaalt wondermooi wildlife: edelherten, vossen, dassen, bevers, wilde katten, noem maar op.
Goed, terug naar het verhaal. Dus já, we kunnen al op safari in onze achtertuin. In Slovenië: op zoek naar bruine beren. In Spanje: op zoek naar lynxen en wolven. In Polen: op zoek naar bizons. Of gewoon in eigen land, waar ook wondermooi wildlife dwaalt: edelherten, vossen, dassen, bevers, wilde katten, noem maar op. En dan vergeet ik de schoonheid van het leven in het water en de lucht. De droom is dichterbij dan je denkt. Alleen: willen we deze droom, en dus het prachtige wildlife in onze achtertuin, redden voor toekomstige generaties, dan gaan we dringend werk moeten maken van de fundamenten van onze natuur, want deze staan onder druk. We dreigen deze schoonheid te verliezen. We moeten daarom – kort door de bocht – drie dingen doen.
Het eerste heb ik al genoemd: werk maken van een gezonde bodem, want dat is de basis van alle leven. Als insecten uitsterven, vallen vogels zonder eten. Zonder vogels gaan roofdieren honger lijden. Zo hangt een ecosysteem aan elkaar. Straffer zelfs: zonder biodiversiteit, geen propere lucht, geen zuiver water, geen voedsel. Het tweede dat we moeten doen, is meer natuur creëren, óók in eigen land. De vernietiging van leefgebied blijft de grootste dreiging voor onze dieren. Drie jaar geleden werd op de VN-top in Montreal afgesproken om dertig procent van land en water te beschermen tegen 2030. Nu is het aan de landen om dat uit te voeren - óók aan ons land. Wie denkt dat Polen en Roemenië het voor ons zullen oplossen, begrijpt het nog niet.
Hoe gezonder onze natuur, hoe meer biodiversiteit, hoe minder vee wolven zullen graaien en hoe minder conflicten tussen mens en natuur.
Maar de derde uitdaging wordt de moeilijkste: beter samen-leven met wilde dieren. Dat vraagt immers een mentaliteitswijziging. Wij, mensen, moeten aanvaarden dat wij niet boven, maar naast andere soorten leven. En ik weet het: dat is makkelijk praten voor een schrijver die geen schapen heeft die straks in de bek van een wolf belanden. Dat boeren en andere ondernemers grote schade lijden, moeten we vermijden. Dat is zelfs een voorwaarde om beter samen te leven. Het goede nieuws is: dat kán. En niet alleen omdat wolfwerende omheiningen prima werken. Het Belgische Wolf Fencing Team, opgericht door onder meer WWF en Natuurpunt, dient trouwens als voorbeeld voor heel Europa. Dat team stuurt vrijwilligers uit om veehouders te helpen. Maar dus niet alleen daarom. Als een wolf kan kiezen, zo blijkt uit onderzoek, verkiest hij wilde prooien zoals ree en everzwijn boven landbouwdieren. Met andere woorden: hoe gezonder onze natuur, hoe meer biodiversiteit, hoe minder vee wolven zullen graaien en hoe minder conflicten tussen mens en natuur.
Als we deze uitdagingen aanpakken, komen we heel dicht bij het droombeeld van een wild Europa. En daarna kunnen we écht op safari in onze achtertuin. Op zoek naar ónze Big Five!
Deze bijdrage verscheen in de Zomerreeks 2025: Make Europe Great Again van Samenleving & Politiek.
Abonneer je op Samenleving & Politiek

Het magazine verschijnt 10 keer per jaar; niet in juli en augustus.
Proefnummer? Factuur? Contacteer ons via
info@sampol.be
of op 09 267 35 31.
Het abonnementsgeld gaat jaarlijks automatisch van je rekening. Het abonnement kan je op elk moment opzeggen. Lees de
Algemene voorwaarden.
Je betaalt liever via overschrijving?
Abonneren kan ook uit het buitenland.
*Ontdek onze SamPol draagtas.