Samenleving & Politiek
INTERVIEW

Şeyda Kurt

'Wie het label hater krijgt, wordt monddood gemaakt'

Foto: Harriet Meyer

Haat geldt als onfatsoenlijk en links als gevaarlijk, maar volgens Şeyda Kurt is dat morele taboe zelf een politiek wapen. In dit gesprek fileert de Duitse filosofe hoe emoties worden ingezet om ongelijkheid te bestendigen en waarom 'strategische haat' soms nodig is voor emancipatie.

Wie mag er haten? Waarom is er haat en wat leren we daaruit? Wat is haat eigenlijk en hoe gaan we ermee om? De Duitse filosofe Şeyda Kurt schreef er een boek over, dat recent bij Verso een Engelse vertaling kreeg: Hate. The Uses of a Powerful Emotion (2025). Het is de prequel, zeg maar, van haar eerste boek Radical Tenderness. Why Love is Political (2021), over de betekenis van liefde op het snijvlak van patriarchaat, kolonialisme en kapitalisme. Daarmee schreef de jonge, marxistische feministe twee bestsellers die eerst in Duitsland en daarna ook internationaal nieuwe debatten aanjagen.

We ontmoeten Şeyda Kurt bij het begin van het nieuwe jaar in Keulen voor een gesprek. Haar thuisstad lijkt wat te moeten bekomen van de drukke kerstperiode, die eindejaarsfeesten van vrede, liefde en licht waarmee we de donkere dagen proberen door te komen. Het nieuwe boek van Kurt wil dat morele zelfbeeld ontmaskeren. Doorheen de geschiedenis identificeerde het Westen zich graag met vrede en rede, maar daar zit volgens Kurt ook een ideologische strategie van overheersing in.

"Ha, de kerstmarktdrukte," lacht Kurt over een kop thee. "Het illustreert treffend wat ik in het boek met een boutade 'vrede, liefde en pannenkoeken' noem. Uiteraard is vredelievendheid goed. Maar als de machthebbers met die vlag zwaaien, is dat ook een manier om de orde te bewaren. Een orde die vooral privaat bezit beschermt. Het christendom verkondigt de naastenliefde en viel zo als religie van onderwerping eeuwenlang in de gratie bij de macht. Verder is er het gebod tot consumptie. Koop, zwijg en lach lief! Pannenkoeken!"

Vredelievendheid is goed, haat is slecht.

"Als we de westerse filosofie overlopen, van Aristoteles tot de kerkvader Thomas van Aquino, zien we dat haat steeds als iets lelijk is weggezet. Vrede en rede zijn het goede, het mooie. Vanaf de moderniteit en de Verlichting zien we vervolgens hoe de niet-westerling het label van woeste wilde meekrijgt, onderhevig aan emoties. Dus moesten wij ze gaan beschaven. Die christelijk geïnspireerde beschavingsmissie leende zich ideaal als ideologie voor de koloniale uitbuiting. In mijn boeken bespreek ik hoe liefde en haat politiek worden geïnstrumentaliseerd."

U heeft het over een haatpolitiek, zeg maar. Die neutraliseert wie emotioneel reageert op onrechtvaardigheid en weerstand wil bieden tegen ongelijkheid. Wie het bijvoorbeeld onrechtvaardig vindt dat de CEO van Starbucks vele miljoenen kan uitgeven aan een luxejacht maar tegelijk de vakbonden buitenhoudt, wordt ervan beschuldigd de rijken te haten, jaloers te zijn op hun welvaart.

"Klopt. Terechte kritiek wordt zo tot een individueel probleem gereduceerd en vervolgens afgevoerd. Het is een tactiek van psychologisering en moralisering. Haat hoort niet, dan ben je net zoals extreemrechts. Op die manier kan je wie gediscrimineerd en gemarginaliseerd wordt, disciplineren. Je maakt hen monddood: zij moeten zich vooral schamen voor hun emoties. Beleefd zijn, zo gaan wij als democraten immers met elkaar om. Fatsoen eisen, leent zich zo tot manipulatie en hypocrisie.

Fatsoen eisen, leent zich zo tot manipulatie en hypocrisie

Duitsland profileert zich vandaag als moreel hersteld. We zouden al 80 jaar vrede ervaren. Zelfs wie over haat praat, zoals ik, krijgt het verwijt het te cultiveren en zo aan te sturen op een Derde Wereldoorlog. Maar over welke vrede hebben we het dan? Zijn we de oorlog in Joegoslavië vergeten? Onze NAVO-operaties in het Midden-Oosten? Wij exporteren geweld, outsourcen het. Ook in Duitsland zelf is er elke dag geweld. Het politiekorps werd wel divers, maar het aantal deportaties stijgt. Met de repressie van het protest tegen de genocide in Gaza valt dat masker van het menselijke, vredelievende gelaat af."

U wijst op de pathologisering van haat door de machthebbers. Ook andere auteurs, zoals Hannah Arendt (in On Violence) of Pankaj Mishra (in The Age of Anger), erkennen de emancipatorische kracht van woede. Maar ze blijven wel voorzichtig met haat van onderuit, uit angst voor nihilisme en escalatie. Ze vinden die onbetrouwbaar. Moeten we haat ook niet vrezen?

"Voor alle duidelijkheid, ik pleit niet voor méér haat en geweld. Waar ik op wijs, is dat ze al bestaan. Laten we daarom nadenken over hoe we ermee omgaan. Ik maak bijvoorbeeld een conceptuele analyse van soorten haat. Zo heb je de haat die 'de ander' als een karaktereigenschap toegeschreven krijgt en daarmee als inferieur bestempelt. Zij haten van nature, wij zouden zo niet zijn. Dan is er de 'gezaaide haat': denk aan de verdeel-en-heerslogica die uitgebuite arbeiders tegen vluchtelingen en geracialiseerde mensen opzet. Er is wat Frantz Fanon de 'opgelegde zelfhaat' noemt: de niet-westerling moet de onderdrukking internaliseren door zichzelf als minderwaardig te beschouwen. Verder is er de 'verboden haat': ook al ben je gemarginaliseerd, jij zal niet haten! Dat keuren we moreel af. Wandel maar een brave mars met ballonnetjes. Op het voetpad, niet op de straat. Ten slotte is er ook 'goede haat', zeg maar: een collectieve weerstand, niet gericht tegen mensen maar tegen systemen van onderdrukking. Deze 'strategische haat', zoals ik het noem, is een belangrijk politiek-emancipatorisch instrument. En dat bedoel ik vooral discursief en ook spiritueel, eerder dan fysiek. Dat is het punt dat ik wil maken."

U schreef voordien al een boek over een andere politieke emotie: liefde. In Radical Tenderness: Why Love Is Political doet u een oproep om opnieuw samen zorgzaam met elkaar om te gaan, als basishouding, tegen de neoliberale tendens van individualisering en competitie in. Schreef u uw haatboek als aanvulling omdat we er met alleen teder zijn niet komen in deze ongelijke wereld?

"Je zou het eerder de prequel kunnen noemen. Hoe belangrijk pacificatie ook is, we moeten inzien hoe rechtse krachten dat tegen emancipatiebewegingen gebruiken. Zoals rechts zoveel linkse waarden omtovert om ons onderuit te halen. Conflict is onvermijdelijk, maar laten we daarin ook tederheid cultiveren. We hoeven ons ook niet te schamen voor woede of haat. Maar laten we ook niet afglijden naar een gemakzuchtige, revolutionaire strijdidentiteit waarbij we de ander ontmenselijken en onszelf niet meer in vraag moeten stellen, hoe wij als mens leven en met elkaar omgaan.

Ik zoek naar de dialectiek tussen tederheid en haat: hoe we de simplistische tegenstelling kunnen overstijgen. In mijn boek heb ik het over de notie 'dirty care' van de Franse filosofe Elsa Dorlin. Vrouwen moesten zich steeds moederlijk en zorgzaam opstellen, lief en zacht ook, en zo moest de onderdrukte vrouw dan berusten in haar lot. Dat 'vuile', controlerende en verknechtende aspect is interessant. Idem bij wie het label 'hater' opgeplakt krijgt."

Hebben we dan over woede of haat?

"Woede is een emotie in het heden, ze ebt na verloop van tijd weg. Haat is eerder een houding, een verhouding. Of beter: haat is het radicaal in vraag stellen van een relatie. Kijk, toen mijn vorige boek uitkwam, trok de #MeToo-beweging zich op gang. Heel wat feministen, zoals bell hooks of Sara Ahmed, kozen voor een rehabilitatie van politieke woede: de vrouwelijke wraakengel, de boze feministe, de killjoy, het belang van de call-out culture. Maar haat bleef nog een taboe. Daar wou ik mee aan de slag gaan. Zo heb ik het over de hoefijzertheorie van haat: wie haat met haat beantwoordt, zou zich aan hetzelfde schuldig maken. Haat, één monolithisch kwaad. Werkelijk? Alsof elke haat hetzelfde is? Haat bestaat niet in een vacuüm, het komt niet uit de lucht gevallen, het is een bijproduct van iets anders: er is dus nood aan meer nuance en monitoring, we moeten nagaan waar het vandaan komt en wat we ermee doen, zodat we niet blijven steken in trauma en fixatie."

Haat, één monolithisch kwaad. Werkelijk? Alsof elke haat hetzelfde is?

Uw uitgever Verso publiceerde ook een boek van de Britse filosofe Hannah Proctor over burn-out als politieke emotie. Haar denkoefening is vergelijkbaar met de uwe: ze wil nagaan hoe we emoties zoals verlies kunnen reguleren. Maar haar psychologische drive lijkt anders. Ze heeft het over omgaan met rouw na falen. U heeft het over omgaan met haat; over hoe die kan bijdragen tot een breuk, tot een overwinning, waarna radicale tederheid mogelijk wordt.

"Het is niet zo dat ik dan hoopvol ben en zij depressief. Beide boeken vullen elkaar aan als reflecties over wat sommigen 'affectpolitiek' noemen - over hoe macht inwerkt op hoe we ons voelen of onszelf lichamelijk ervaren, over de politieke context van emoties.

Na een geflopte politieke campagne volgt er sowieso emotie. Proctor schrijft over hoe kameraden dat dan soms onderling op elkaar uitwerken. Terwijl we ons verdriet niet moeten compenseren of onderdrukken, maar er wel samen moeten mee leren omgaan. En elkaar daarin helpen, om fatalisme te vermijden. Haat of woede horen evengoed tot de emotionele reacties die opduiken bij falen. Het is emancipatorisch noodzakelijk dat we, naast alle grote maatschappelijke ideeën, reflecteren hoe we als mens op langere termijn ons engagement kunnen volhouden. Die zelfzorg werkt ook bevrijdend of verlichtend."

Uw boek ving ook aandacht, zo vertelt u in het voorwoord van de Engelse vertaling, omdat het ondermijningsmechanismen blootlegt die niet veel later vooraan in de actualiteit zaten: in Duitsland werden de protesten tegen de genocide in Gaza al snel als 'haatmarsen' in diskrediet gebracht. U voorspelde dus hoe het beleid activisme wil ontkrachten. Verbaast het u hoe snel onze politieke cultuur radicaliseert?

"Het gaat inderdaad snel in Duitsland, net zoals in de VS of in het VK. Ook in België, zo vernam ik, is er wetgeving hangende waarbij het beleid, eerder dan de rechter, organisaties illegitiem kan verklaren zodra ze 'betrokken zijn' bij protesten waar er 'gewelddadige handelingen' worden gesteld. Die vaagheid is al snel een hellend vlak, een instrument waarvan je weet dat het vroeg of laat misbruikt zal worden.

De maskers vallen af. Samen met Trump duikt overal in het Westen de rauwe machtspolitiek op, zonder scrupules en welgemanierde façades. Dat is ook een emotioneel strijdtoneel: via provocaties wil extreemrechts intimideren en afschrikken. Grenzen verleggen, en ons zo ontregelen. Schoktherapie. Dat ontmoedigt en verlamt veel linksdenkende mensen, die beginnen aan zichzelf te twijfelen. Opnieuw die 'affectpolitiek'. Daarnaast maakt het ook veel mensen kwaad. Die opstandigheid kan verandering brengen als ze breed uitstraalt. Maar de rechtse provocaties verleiden ook tot radicalisering van het protest, tot doorgeslagen activisme. Zo kunnen we ons, omwille van de inertie van het klimaatbeleid, aan wanhoopsdaden van klimaatactivisten verwachten. Zoals de zogenaamde Vulkan Gruppe die recent via sabotage Berlijn zonder elektriciteit zette en daarmee ook veel burgers trof. Dat is een ideale aanleiding voor het beleid om zich repressiever te gaan opstellen, om repressie te legitimeren.

Opnieuw, daarom is het van belang over onze politieke emoties na te denken: hoe ze ons kunnen leiden of misleiden, verzwakken of net versterken. In het reine komen met emoties gaat niet alleen om heling, het is ook zingeving en een herstel van agency. Haat is een subversieve gift."

U schrijft ergens: 'waar eindigt conflict en waar begint geweld?' Dat is een vraag die zich vandaag in de maatschappelijke strijd opdringt. Aan de linkerzijde hebben we een ethiek op te houden, we kunnen de democratische spelregels niet overboord gooien en rechts in hun radicalisering gaan imiteren. Liberale democraten zullen zeggen: kritiek op het Westen en Europa, allemaal goed en wel, maar het kan allemaal zoveel erger?

"Natuurlijk kan het allemaal erger en hebben we ook veel te verliezen. Dat mag geen reden zijn om onszelf niet langer kritisch te ondervragen en vooruitgang na te streven. Na de val van de Muur leefden we in het westen ideologisch in een sprookjeswereld. Het neoliberalisme deed ondertussen zijn werk, de onvrede komt ergens vandaan. Misschien was die gespeelde pacificatie ook een stilstand? Enkele jaren geleden verschoof er plots iets in het maatschappelijke debat: verontwaardiging als emotie kreeg een opwaardering. Het werd plots in om verontwaardigd te zijn over ongelijkheid of discriminatie. Maar woede en haat, dat kon niet.

Haat is de kracht van de onderdrukten, omdat zij zich niet de luxe kunnen veroorloven om zich af te wenden

Minachting was, en is, ook alomtegenwoordig. De Duitse filosofe Hilge Landweer maakt een onderscheid tussen minachting en haat. Ze zegt: minachting komt van bovenaf in een klassenmaatschappij en past perfect in het neoliberale emotionele landschap, omdat het een gebaar van afwenden is. De neus ophalen, ontmenselijken, op anderen neerkijken. Maar haat is de kracht van de onderdrukten, omdat zij zich niet de luxe kunnen veroorloven om zich af te wenden, maar precies moeten weten wat hen schaadt - en het moeten confronteren en transformeren. Zo kan haat een transformerende kracht worden. En daarom is de haat van de onderdrukten zo gevaarlijk voor de status quo."

Daar is de hoopvolle strijdbaarheid weer …

Ben ik hoopvol? Hoop voelt voor mij wat te kwetsbaar. Wat mij bezighoudt, is de zoektocht naar meer duurzame, volhardende gevoelens. Waarom schrijf ik, waarom strijd ik? Ik denk minder uit hoop en meer uit verzet. Maar tegelijk ook uit haat en tederheid. Voor een wereld waarin ik dit alles kan proberen zonder angst en mezelf kan tegenspreken. Ik vind het belangrijk om te strijden, zelfs wanneer er geen hoop in zicht is, omdat het ons waardigheid en handelingsvermogen geeft. Hopeloosheid mag nooit berusting betekenen.

We zien dat extreemrechts gestaag de machtscentra binnendringt, maar des te meer is er ook politiek en cultureel verzet, soms subversief, jonger en diverser. Veel meer mensen spreken vandaag over zaken als inclusie, ecologie en feminisme, of transformerende rechtvaardigheid. Geen van deze verwezenlijkingen werd ons cadeau gedaan. Actie en reactie. Politiek is - ik zeg het nog eens - een emotioneel strijdtoneel. Laten we daarnaast alles ook historisch blijven bekijken, voorbij de heftigheid van het heden. We zijn al ver gekomen en er ligt nog een lange weg voor ons.

 

SAMPOL ONLINE

40€/jaar

  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
Meest gekozen 

SAMPOL COMPLEET

50€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
 

SAMPOL STEUN

100€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
  • Je krijgt een SamPol draagtas*
 

SAMPOL SPONSOR

500€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
  • Je krijgt een SamPol draagtas*