Samenleving & Politiek

Is dit nog socialisme?

ANTWOORD OP VANDENBROUCKE

De ideologische verantwoording van Frank Vandenbroucke als bestuurder roept vooral één vraag op: wat blijft er vandaag nog over van het socialistische project?

Eindelijk een ideologisch debat! Het vernieuwde SamPol Magazine heeft een goede polemiek beet: Frank Vandenbroucke reageert in het recente juninummer zeer omstandig - acht bladzijden! - op het kritische artikel van Brecht Rogissart en Yannis Skalli-Housseini dat in een eerder nummer verscheen.

In dat artikel hadden Rogissart en Skalli-Housseini de ideologische transformatie van de jonge Frank Vandenbroucke geanalyseerd: van het Sociaal-Economisch Alternatief, dat de SP in 1983 had uitgewerkt, naar het model van de actieve welvaartsstaat, dat een versie van Derde Weg sociaalliberalisme zou zijn. "Je leest het niet elke dag: een topminister die uitlegt hoe hij zijn politiek en ethisch kompas afstelt in 'het morsige spel van de dagdagelijkse politiek'," zegt Walter Pauli daarover terecht in Knack. En ja, Frank Vandenbroucke is met Bart De Wever nog een van de weinige bestuurders die hun beleid ook een ideologische onderbouw meegeven. Een oude praktijk die vandaag is weggedeemsterd, ook in de media.

Vandenbroucke is nog een van de weinige bestuurders die hun beleid ook een ideologische onderbouw meegeven

Ik wil er wél graag op ingaan, verwijzend naar onze gedeelde basisvorming in de jeugd. In zijn repliek wijst Vandenbroucke, mijns inziens terecht, op twee punten. Eén, het Alternatief uit 1983 was geen pure oppositielijn maar een bestuurlijk project. En, twee, de actieve welvaartsstaat heeft meer een keynesiaanse relance-achtergrond dan een puur neoliberale inspiratie. Maar daarmee is de kritiek natuurlijk niet volkomen weerlegd.

De neoliberale context

In het begin van de jaren 1980, na de eerste globale recessie van 'les trente glorieuses' in 1974, zeggen Reagan en Thatcher het 'welfarism' en het sociaal contract op. Ze zetten puur in op een concurrentiële wereldmarkt en maken het sociaal beleid daaraan ondergeschikt. Sociologen als Anthony Giddens verklaren die omslag door een tweeledige maatschappelijke verandering: doordat het tijdperk van de volledige tewerkstelling voorbij is en de arbeidsmarkt dualiseert, ontstaat er enerzijds een nieuwe middenklasse die meegaat in de nieuwe flexibele competitieve werkethiek én komt anderzijds een groeiend deel van de bevolking in de precariteit terecht. Dat heeft ook te maken met de globalisering, dus met schaalvergroting en daardoor een herschikking van de arbeidsmarkt. De industrie verschuift naar lageloonlanden. En de solidariteit in de bevolking komt onder druk omdat de risico's zeer ongelijk verdeeld zijn en omdat de sociale zekerheid net steunt op het vermoeden dat iedereen ongeveer dezelfde kansen op ongeluk heeft. Quod non, schrijft de Duitse socioloog Ulrich Beck in zijn boek Risikogesellschaft (1986). Het socialistische project moet dus worden herdacht. Zeker ook na het bankroet van het stalinisme en de implosie van het Oostblok.

De Derde Weg onderschrijft die basisanalyse, maar verlaat meteen ook het socialistisch ideaal van sociale gelijkheid en een nieuwe economische orde gebouwd op maatschappelijke behoeften. Tony Blair is geen socialist meer, maar een liberaal. In die zin heeft Frank Vandenbroucke gelijk dat een deel van de Europese sociaaldemocratie toch blijft opteren voor een Keynesiaans beleid via een stevige staatsinterventie in de economie. Ook al gaat dat steeds minder om een sturend structureel beleid ('openbaar industrieel initiatief', heette dat in de oude tijd) en steeds meer om subsidies als concurrentiesteun aan private bedrijven. Ik had graag wat meer gelezen over Vandenbrouckes huidige kritiek op de Lissabonstrategie, het actieplan van de Europese Unie uit het jaar 2000. Want de neoliberale grondregels van de Unie zijn wel degelijk mede door sociaaldemocratische regeringen ingevoerd. Frank Vandenbroucke is wel transparant over de principiële draai in zijn ideologie. Hij verlaat de klassenanalyse, baseert socialisme niet langer op de belangenstrijd van de werkende bevolking en verlaat dus ook de analyse van het kapitalisme als uitbuiting van de arbeid. Vandaar ook de latere breuk met de belangenorganisaties zoals vakbond of mutualiteit en met op klasse gerichte partijen als PVDA.

Centraal bij Vandenbroucke staat niet zozeer gelijkheid, maar wel rechtvaardigheid en billijkheid

Het alternatief is een ethisch socialisme dat vertrekt van waarden en daarvoor steun zoekt in een breed electoraat. Centraal daarbij staat niet zozeer gelijkheid, maar wel rechtvaardigheid en billijkheid. "Ja, ik denk dat simpele gelijkheid in uitkomsten botst met sociale rechtvaardigheid," stelt Frank Vandenbroucke in zijn stuk. De inspiratie komt van de Amerikaanse filosoof John Rawls die in zijn boek A Theory of Justice (1971) zijn argumentatie voor rechtvaardigheid uitwerkt. Rawls is een liberaal filosoof. Hij vertrekt van een methodologisch individualisme. Rawls ontwikkelt zijn beleidsvisie vooral binnen de natiestaat en heeft in die zin geen antwoord op de ontregeling en schaalvergroting van mondialisering en monetarisme. Die beperkingen komen ook terug in de focus van Frank Vandenbroucke: liberale filosofie, individuele verantwoordelijkheid en nationaal beleid.

Postsocialisme

Daarmee is het debat natuurlijk niet gesloten. Blijft de vraag: is het ethische socialisme van Frank Vandenbroucke nog wel socialisme of toch een vorm van sociaalliberalisme? Het socialisme verbindt immers de sociale ongelijkheid met de structuur van een geprivatiseerde en op private winst gerichte economie. Alle tendensen in de arbeidersbeweging komen aldus ook op voor een hervorming van de economische structuur, voor economische democratie, voor aanpak van maatschappelijke behoeften, voor openbare diensten, enzovoort. Kortom, voor structuurhervormingen. En ze rekenen daarvoor niet alleen op beleid maar ook op krachtsverhoudingen, sociale actie en solidariteit binnen het middenveld. De verschuiving naar het ethische socialisme heeft geen dam opgeworpen tegen de neoliberale groei van het egocentrisch individualisme, de ultra-privatisering van de economie en van de sociale zekerheid, de breuk tussen partij en sociale beweging en uiteindelijk de neergang van welvaartsstaat en solidariteit. Socialisme kan niet zonder groepsdenken en een visie op samenlevingsopbouw. Ook niet zonder emanciperend programma.

De verschuiving naar het ethische socialisme heeft geen dam opgeworpen tegen het neoliberalisme

Dat een socialistische partij op beleid gericht moet zijn, daarmee ben ik het eens met Frank Vandenbroucke. Politiek is gericht op legitieme macht vanuit de staat. Dat betekent nog niet dat je ten alle prijze in elke regering moet stappen. De maatschappelijke krachtsverhouding wordt immers niet alleen gemeten met verkiezingen, maar ook in het dagelijks leven en de verhoudingen op het werk, de openbare ruimte en het sociale leven. Socialisten zijn (in principe) actief in alle geledingen van het samenleven. Frank Vandenbroucke beperkt zijn pragmatische houding te veel tot besturen. En als "ouderwetse politicus", in de eigen woorden van de minister, wordt daarbij het regeringscompromis ook het maximumprogramma. Beleid is niet meer gericht op transitie, op structuurhervorming. Het ethische socialisme biedt geen leidraad meer voor socialisering, de dagelijkse opbouw van een samenleving, of praktijken als syndicalist, mutualist of buurtbewoner. Alleen gericht zijn op het besturen van het bestaande systeem en binnen de contouren van de bestaande krachtsverhoudingen en compromissen een sociale lijn uittekenen, is toch wel een erg grote reductie van het socialistisch project.

Beherend socialisme

Het is dus ook tijd om de balans op te maken van dat verengde beherend socialisme, voorbij het riedeltje van "zonder ons was het nog erger geweest". Als je alle nuances in het verweerschrift van Frank Vandenbroucke erbij neemt, heb ik wel de indruk dat ook zijn balans van het medebeheer erg matig is. Opnieuw in de eigen woorden van Frank Vandenbroucke: "Ik ontken dus niet dat er een grote spanning is tussen hoe ik principieel denk en wat mogelijke politieke compromissen zijn. Een kritisch debat over de politieke praktijk van Vooruit moet daarover gaan."

Ideologisch is de sociaaldemocratie immers voorbijgestreefd door het individualistisch liberalisme, dat ze zelf hebben omarmd. Dertig jaar geleden al schreef VUB-hoogleraar Eric Rosseel het kritische boek Ethisch socialisme in Vlaanderen: de 20ste eeuw overbrugd (1996). Daarin waarschuwde hij voor de afglijding naar een psychologisch socialisme à la Hendrik De Man, een nieuw 'flinks' denken en voorspelde de verrechtsing van toenmalig partijideoloog Mark Elchardus. Daar is toen, zoals dikwijls met kritiek, niet op ingegaan. Met het verlaten van een sociale klassenanalyse wordt het groepsdenken nu gewoon overgelaten aan nationalistisch communitarisme. Vandaar trouwens de aantrekkingskracht van extreemrechts binnen de arbeidersbeweging. En er is ook geen antwoord op de grote systemische uitdagingen, die voortkomen uit het kapitalistisch productivisme: de niet duurzame verhouding met de natuur, de groeiende sociale en inkomensongelijkheid, de multiculturele samenleving. Er is geen antwoord op regulering van de geopolitiek, de meerschaligheid en het multilateralisme. Er is geen solidariteitsverhaal. Dit zijn allemaal zeer complexe uitdagingen die een diepgaand en radicaal programma vragen. Dat zien we trouwens in vele landen. Het ethische socialisme is zodanig vergroeid met het bestaande systeem dat het zijn maatschappijkritische blik heeft verloren.

Het ethische socialisme is zodanig vergroeid met het bestaande systeem dat het zijn maatschappijkritische blik heeft verloren

Omdat er geen perspectief is op structurele ombouw van economie, samenleven of menselijkheid, is er ook geen strategisch transitiedenken. Men blijft vasthangen in de bestaande particratie. Er is geen perspectief op een progressieve frontvorming. Daardoor draagt het compromis met een rechtse meerderheid, en een 'ouderwetse' school van uitdragen van dat compromis, bij tot de verrechtsing. Want rechts heeft zelf wel degelijk een transitieprogramma! Binnen die ideologische context wordt de focus op de zwakkeren in de samenleving en een beleid om net die te activeren en te laten deelnemen aan een steeds stijgende ratrace en werkdruk, met afname van diensten en stijgende levensduurte, met steeds meer stress, deel van het probleem en niet van de oplossing.

Tijd voor echte herbronning

De stevige argumentatie van Frank Vandenbroucke in zijn SamPol-stuk Dit is mijn houvast als socialist mag dan wel een 'houvast' zijn, maar niet voor een 'socialist'. Zelfs een reformist en bestuurssocialist kan vandaag niet zonder een stevige systeemkritiek. Het lijkt bij Vooruit wel alsof er in feite niks grondig mis is met onze samenleving. Enkele bijsturingen zullen echter niet volstaan om de welvaartsstaat te redden. En ook niet de democratie. En dat ligt niet alleen aan een tijdelijk probleem met de begroting. Dat ligt aan een economische structuur, aan het onevenwicht tussen private belangen en sociale behoeften, aan een scheve inkomensstructuur, aan een diepe ecologische crisis, aan een slechte werk-leven-balans, aan een atomisering van het samenleven, aan een verschuiving in de geopolitiek, aan een gebrek aan … 'ethisch socialisme'. De Derde Weg, ook in de afgezwakte versie van Frank Vandenbroucke, is te veel met de rechtse flow meegegaan.

Ik ben benieuwd wat Vandenbroucke vandaag te zeggen heeft over het Global Justice Project van Thomas Piketty en consoorten

Het is tijd voor echte herbronning. En daarbij hoort een afweging over de vraag in hoeverre het besturen onze samenleving dichter bij het beoogde socialisme heeft gebracht. Is er nog plaats voor een echte maatschappijkritiek? En hoever reikt die dan nog? Een vernieuwd project zal mijns inziens veel verder moeten gaan dan het principiële parcours van Frank Vandenbroucke. Benieuwd wat de minister vandaag te zeggen heeft over het Global Justice Project van Thomas Piketty en consoorten. Aan Conner - bootcamp - Rousseau en de jonge garde durf ik dat zelfs niet meer te vragen.

 

SAMPOL ONLINE

40€/jaar

  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
Meest gekozen 

SAMPOL COMPLEET

50€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
 

SAMPOL STEUN

100€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
  • Je krijgt een SamPol draagtas*
 

SAMPOL SPONSOR

500€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
  • Je krijgt een SamPol draagtas*