Log in

'Couscous met frieten'

Uitgelezen

Samenleving & Politiek, Jaargang 9, 2002, nr. 10 (december), pagina 47 tot 48

Couscous met frieten

Mimount Bousakla
Houtekiet, Antwerpen, 2002

De titel van het boekje deed me denken aan de Koeskoeskreten-song van De Kreuners en het gelijknamige boekje dat in 1989 is verschenen binnen een campagne van Coloriek vzw. Dat boekje heeft elke brave progressief die danig was geschrokken van het electoraal succes van het Vlaams Blok in 1988 nog wel eens in handen gehad. Koeskoeskreten verzamelde korte teksten, foto’s en cartoons, ter bevordering van het multicultureel denken in Vlaanderen. De uitslag van het Vlaams Blok wees erop dat mensen onvoldoende klaar waren om te leven in een multiculturele samenleving en dat mensen bang waren van diversiteit.
Ondertussen zijn we dertien jaar later. Een essay van Erwin Mortier in De Morgen (26-10-2002, Zeno) kopt: ‘Vlaanderen heeft een probleem’. En jawel het gaat nog steeds over hetzelfde: Vlaanderen ‘heeft een probleem met een wereld waarin migratie plaatsvindt en wellicht zal blijven plaatsvinden, maar Vlaanderen heeft in de eerste plaats een probleem met zichzelf. … Mentaal gesproken zijn we dorpelingen gebleven. … De geest van kosmopolitisme die ontegensprekelijk aanwezig was in het culturele en politieke klimaat op het einde van de negentiende en in het begin van de twintigste eeuw is - helaas - mede door de Vlaamse ontvoogding afgekalfd tot een parochialisme dat roodblozend van weldoorvoede gezondheid zijn eigen benepenheid koestert en het navelstaren tot een ware kosmologie heeft verheven.’
Om die angst en het parochialisme te doorbreken kunnen verschillende strategieën worden aangewend en gezien de ernst van de situatie kunnen alle beetjes helpen. Dit moeten ze bij De Morgen ook gedacht hebben als ze ongeveer een jaar geleden Mimount Bousakla als columniste hebben aangetrokken. Niet dat Bousakla ergens anders al een groot schrijverstalent had ten toon gespreid, nee, ze werd aangetrokken omdat ze als allochtone bankbediende en als politica (sp.a loco-schepen in Antwerpen) van Marokkaanse afkomst kan getuigen van haar ervaringen in de multiculturele samenleving zoals die zich in Vlaanderen aandient. Bousakla zou wekelijks een kort stukje plegen waarin ze probeert de multiculturele samenleving tot leven te brengen met haar goede en minder goede kantjes. Er gaat vrij veel aandacht naar het alledaagse leven, in het bijzonder van ons Vlaams Marokkaanse medeburgers. Door over enkele alledaagse dingen te schrijven zou de (autochtone) lezer een beter zicht moeten krijgen op de ervaringswereld van allochtonen en dat kan het verdraagzaam samenleven alleen maar bevorderen.
Couscous met frieten verzamelt meer dan 25 van die columns. De columns bleven niet onbesproken. Voor de Abou Jahjahs waren de schrijfsels niet meer dan doekjes voor het bloeden en een uiting van een te softe kijk op de problematiek van de Vlaamse multiculturele samenleving, anderen lieten in lezersbrieven weten dat de stukjes van Bousakla een verademing waren, en dat Vlaanderen al te lang heeft moeten wachten op dergelijke commentaren op en vooral vanuit de multiculturele samenleving. De waarheid zal wel ergens in het midden liggen. De columns lezen vlot en bieden inderdaad een interessante kijk op uiteenlopende kwesties, maar het zijn anderzijds ook ‘maar’ columns, en dan nog bijzonder korte. Dit betekent dat er geen overkoepelende visie wordt uiteengezet, hoewel we mogen vermoeden dat Bousakla die wel heeft. Haar boodschap wordt gefragmenteerd en puntsgewijs naar voren gebracht, meestal opgehangen aan concrete weetjes, wat anekdotiek en leuke verhaaltjes. Zo komen we te weten dat ze de snel-Belg-wet strenger wil maken, dat ze voor stemplicht is voor migranten, dat ze het moeilijk heeft met de volgmigratie, dat ze wil strijden tegen allerlei vormen van discriminaties, vooroordelen en onrechtvaardige praktijken, zowel tussen allochtonen en autochtonen, maar ook binnen de allochtone gemeenschap zelf. Er moet een oplossing komen voor de ‘losgeslagen’ jongeren in de binnensteden, voor de gedwongen huwelijken en verstotingen, de intolerantie tegen holebi’s en omgekeerd racisme. Bousakla schrijft vrank en vrij en heeft geen probleem ook op de verantwoordelijkheden van de allochtone gemeenschappen te wijzen. Soms begeeft ze zich op glad ijs, en heel af en toe glijdt ze ook uit. Zo vervalt ze op sommige plaatsen in een simplistisch soort Flair- of Humo-talk: ‘Oh ja, één reden waarom Marokkaanse meisjes er soms voor kiezen te trouwen met iemand zonder verblijfsvergunning, is dat die laatste meestal ook geen lastige schoonmoeder met zich meebrengt’ (51). Verder schrijft ze dat ze ‘met lede ogen’ moet aanzien dat ‘er wekelijks vliegtuigen vol nieuwe immigranten landen die weer helemaal van voren af moeten beginnen’(123). De volgmigratie is inderdaad een feit en kan voor wat moeilijkheden zorgen, maar het heeft geen zin zich in het overheersende antimigratiediscours in te schrijven. Bousakla legt vooral de nadruk op het feit dat de mensen die hier nu al zijn zich als Belgische medeburgers moeten gedragen en als medeburgers willen behandeld worden, het moeilijke immigratievraagstuk raakt ze even aan b.v. in haar stukjes over de illegale migratie van Saida (99-107), maar het wordt niet ten gronde behandeld. Door soms wat minachtend te doen over de mensen die nog steeds naar hier willen komen (‘mannen denken maar aan één ding!’ (44)) bewijst ze onze samenleving, die ook een immigratiesamenleving zal blijven, geen goede dienst. Bovendien klinkt deze minachting wat cynisch-verwaand uit de mond van iemand die zelf het product is van migratie. Maar ik zou het genre oneer aandoen door een diepgaande inhoudelijke kritiek te formuleren naar aanleiding van bepaalde passages. Columns mogen wat licht op de hand zijn, af en toe eens overdrijven en een vleugje humor bevatten. Voor zover Bousakla zonder enige pretentie een stem vanuit de allochtone gemeenschap wilde laten klinken en op die manier enkele blikopeners wilde aanbieden waarmee ‘de Vlamingen’ haar cultuur kritisch en beter kunnen leren kennen, is ze daar bijzonder goed in geslaagd.

Samenleving & Politiek, Jaargang 9, 2002, nr. 10 (december), pagina 47 tot 48