Abonneer Log in

Verkiezingen zorgen voor stevige vervrouwelijking

Samenleving & Politiek, Jaargang 10, 2003, nr. 6 (juni), pagina 16 tot 18

Lichtpaarse regering in de maak

Als lichtblauw een mannenkleur is en lichtroze een vrouwenkleur, dan kleurt de regering binnenkort mooi lichtpaars. Nooit eerder werden zoveel vrouwen verkozen als bij de federale verkiezingen van 18 mei. Afhankelijk van de regeringsonderhandelingen kunnen sommige verkozenen doorschuiven of vervangen worden. Het is dus nog even afwachten wie er uiteindelijk een zetel zal krijgen. Voor de Kamer werden 35% vrouwen verkozen, tegenover 19% in 1999. In de regeerperiode 1999-2003 zetelden 23,3% vrouwen in de Kamer. Voor de Senaat werden 30% vrouwen verkozen en zetelden er 28,2%. Op 18 mei zijn 38% vrouwen verkozen voor de Senaat.

Verkozen

Bij alle partijen neemt het aantal vrouwelijke verkozenen toe in absolute cijfers. Zelfs de christelijke partijen die zetels verloren, krijgen straks twee vrouwelijke vertegenwoordigers erbij. Bij sp.a-Spirit, het MR en het Vlaams Blok komen er evenveel zetels bij als vrouwelijke verkozenen, respectievelijk negen, zes en drie.
Bij de PS en de VLD zijn er zelfs meer vrouwen verkozen dan er zetels zijn gewonnen. De PS wint zes zetels en krijgt er acht vrouwelijke verkozenen bij en bij de VLD gaat het respectievelijk om twee en vijf. Aan Vlaamse kant heeft het kartel sp.a-Spirit de meeste vrouwen in haar rangen met negen vrouwelijke kamerleden op 23 en vier vrouwen in de Senaat op een totaal van zeven. In de vorige regeerperiode was de sp.a nochtans de enige Vlaamse partij zonder vrouwelijke minister, merkte de krant De Standaard terecht op. Agalev was toen nog de vrouwvriendelijkste partij. Het kartel wordt op de voet gevolgd door de VLD. Aan Franstalige kant leveren de PS en MR de meeste vrouwelijke verkozenen.

|

*Verkozen vrouwen federale verkiezingen 18 mei 2003 *

sp.a-Spirit VLD CD&V Vlaams Blok
*Kamer *
Hilde Claes Yolande Avontroodt Trees Pieters Frieda Van Themsche
Magda De Meyer Margriet Hermans Greta D’Hondt Alexandra Colen
Dalila Douifi Marleen Vanderpoorten Inge Vervotte Marleen Beckers-Govaerts
Anissa Temsamani Fientje Moerman Nahima Lanjri Gerda Staveaux-Van Steenberge
Kathleen Van Brempt Hilde Dierickx Lisbeth Van Der Auwera Nancy Caslo
Freya Van den Bossche Hilde Vautmans
Greet Van Gool Sabien Lahay-Battheu
Els Van Weert Annemie Neyts
Maggie De Block

Senaat
Mimount Bousakla Jeannine Leduc Sabine De Bethune Anke Van dermeersch
Christel Geerts Annemie Van De Casteele Erika Thijs
Fatma Pehlivan
Myriam Vanlerberghe

(Bron: websites van de partijen)

|

De forse toename van het aantal vrouwen is te danken aan een aantal maatregelen waarvan de quotawet de meest opvallende is. De quotawet is geïnspireerd op de afspraken die gemaakt werden op de laatste grootste Vrouwenconferentie van de Verenigde Naties in Peking. Met de wet Smet-Tobback stonden er wel al meer vrouwen op de kieslijsten, maar waren zij ondervertegenwoordigd op verkiesbare plaatsen. Maar door de quotawet moet er een gelijk aantal kandidaten van hetzelfde geslacht op een lijst staan. En bij de laatste verkiezingen mochten slechts twee leden van hetzelfde geslacht op de eerste drie plaatsen staan.
Andere maatregelen betreffen vooral de ‘Stem Vrouw’-campagnes die de vrouwenbeweging al heel lang, en de Vlaamse overheid sinds kort, inricht. In 1999 lanceerde het Vlaamse Evenwichtsteam voor het eerst de campagne ‘Voor elke man een vrouw in ‘t parlement’. Dit jaar werd ze opnieuw van stal gehaald. Kandidaten van alle partijen behalve het Vlaams Blok ontvingen materiaal (zoals affiches, postkaarten en pins) om hun eigen campagnes te ondersteunen. Er werd ook een lied geschreven op de melodie van een hit van de popgroep K3.

Effect quotawet?

‘Internationaal gezien is de Belgische overheid één van de weinige overheden die via wet genderquota oplegt aan partijen,’ stelt politicologe Petra Meier van de VUB. Volgens haar waren het bij deze verkiezingen echter vooral de grotere kieskringen die voor verandering zorgden. De oude kieskringen werden immers samengevoegd tot provinciale kieskringen. Tegelijkertijd werd er een kiesdrempel van vijf procent ingevoerd en werd de kracht van de lijststem gehalveerd. Hierdoor kregen voorkeurstemmen van individuele kandidaten meer gewicht dan de plaats op de lijst. Volgens Meier zijn partijen geneigd een meer evenwichtige lijst samen te stellen, als de kieskring groter is, omdat de partijen nu veel meer stemmen per lijst winnen. Daardoor kunnen ze naast de gekende koppen ook eindelijk meer vrouwen kansen geven.
In die grotere kieskringen zijn nu veel ‘extra’ vrouwen verkozen. Volgens Meier was dat niet de oorspronkelijke bedoeling van de quotawet. Die beoogde een spreiding van vrouwen over de hele lijst en niet alleen een concentratie van vrouwen op de extra plaatsen. De vrouwen stonden eerder op plaatsen die het in enkele gevallen net hebben gehaald. Maar de eerste paar verkiesbare plaatsen van de lijst werden niet fifty-fifty verdeeld. Dat de voorkeurstemmen meer gewicht hadden, speelde vooral de mannelijke verkozenen in de kaart. Zij zijn meestal bekender dan de meeste vrouwelijke verkozenen.

|

*Argumenten voor een paritaire democratie *

Democratische deficit : logischerwijs zou het aantal mannen en vrouwen in de politieke besluitvorming een afspiegeling moeten zijn van de bevolkingssamenstelling.
Rechtstreekse vertegenwoordiging van de noden van de helft van de bevolking : in landen waar meer vrouwen politieke mandaten uitoefenen, is er meer aandacht voor vrouwvriendelijke punten.
Vernieuwing van de democratie : een evenwichtige deelname van mannen en vrouwen kan leiden tot een diversiteit van ideeën, waarden en gedragspatronen die de levenskwaliteit enkel ten goede kunnen komen.
Maximale uitbuiting van het menselijk kapitaal : de kans om de ‘meest bekwame’ persoon te vinden, wordt groter.
Voorbeeldfunctie : een evenwichtige deelname is een must als positief rolmodel voor de samenleving in het algemeen en voor andere beleidsdomeinen in het bijzonder.

(Bron: Rosa Factsheet mei 2001)

|

Ritsen

Strengere quotawetten lijken dan ook een goede oplossing. Deze keer was het effect van de quotawet vertroebeld omdat er gelijktijdig andere kieswethervormingen waren doorgevoerd. Maar ondanks dat is duidelijk dat quotawetten een krachtig beleidsinstrument zijn. De Nederlandstalige Vrouwenraad zou daarom graag zien dat het ritsprincipe man/vrouw wordt toegepast op de kieslijsten. Er zijn daartoe enkele wetsvoorstellen ingediend. Tegenstanders zien het ritsprincipe als een vorm van positieve discriminatie die niet per se leidt tot een cultuurverandering binnen de partijen.
In Frankrijk is het debat over de paritaire democratie al langer bezig. Inmiddels is in de Franse grondwet opgenomen dat mannen en vrouwen verschillend zijn. Dat betekent dat er ‘gelijkheid van de facto ongelijke mannen en vrouwen gerealiseerd moet worden’ waardoor ‘het streven naar gelijkheid van de seksen een concreet doel wordt’ zegt Petra Meier in een themanummer van de Nederlandstalige Vrouwenraad. In de praktijk betekent dat meer quotawetten.
De Franse feministe en filosofe Elisabeth Badinter is één van de bekendste stemmen die zich hier tegen uitspreekt. In een vraaggesprek met de Groene Amsterdammer zei ze kortgeleden: ‘Dat (positieve discriminatie - red.) bevalt me niks. Helemaal niks. Misschien voor een korte periode, vijf jaar, dan zetten we onze principes even opzij om dat onrecht teniet te doen. Vijf procent (het huidige aandeel - red.) vrouwen in het parlement, dat bewijst dat ze negatief worden gediscrimineerd. Maar waarom zitten er zo veel mannen in de politiek? Omdat ze de tijd hebben om naar vergaderingen te gaan, en de vrouwen het huishouden doen. Daar moet je wat aan doen. Je moet hameren op de fundamentele gelijkheid.’

Ideologie

Tegenstanders van de quotawetten lijken in zekere zin het gelijk aan hun kant te hebben, want de wet heeft ervoor gezorgd dat partijen vaak verder gaan dan de wet hen verplicht. De PS bijvoorbeeld, ooit een fervent tegenstander van de wet Smet-Tobback, heeft eind 2000 haar statuten gewijzigd waardoor de kieslijsten een gelijk aantal vrouwelijke en mannelijke kandidaten moeten bevatten. Hoe succesvol de maatregel is, zal pas blijken als een partij als de PS er inderdaad in slaagt om vrouwen te laten doorstromen naar de top.
Nog maar eens een vergelijking met het buitenland: in de nieuwe Nederlandse regering zetelen meer vrouwelijke ministers en staatssecretarissen dan ooit. Dat was ook uitdrukkelijk de wens van o.a. de partijtop van de liberale regeringspartij VVD. Maar zij vond geen vrouwen in de partij - omdat ze er (nog) niet waren - en heeft uiteindelijk een aantal topvrouwen uit het bedrijfsleven moeten strikken voor de ministersposten.

|

*Top 5 vrouwelijke kandidaten met meeste voorkeurstemmen *

  1. Anke Van dermeersch (Vlaams Blok) 106.694
  2. Freya Van Den Bossche (sp.a-Spirit) 105.877 (\*)
  3. Inge Vervotte (CD&V) 93.030 (\*)
  4. Sabine de Bethune (CD&V) 73.230
  5. Erika Thijs (CD&V) 65.028

(\*) Deze scores zijn des te opmerkelijker, omdat ze op een kamerlijst gehaald werden: de kieskring was dus niet heel Vlaanderen, maar respectievelijk Oost-Vlaanderen en Antwerpen.

(Bron: De Standaard).

|

Op 18 mei zijn er inderdaad veel stemmen naar vrouwen gegaan. Opvallend was daarbij het grote aandeel van de CD&V-vrouwen in de Top 10 voorkeurstemmen van vrouwelijke kandidaten. Binnen CD&V is de vereniging ‘Vrouw & Maatschappij’ voor vrouwelijke partijleden zeer actief. Toch was het even slikken bij het lijstje. Bovenaan stond Anke Van dermeersch van het Vlaams Blok. Een onvermijdelijk gevolg van de genoemde maatregelen? Als er meer vrouwen in de politiek komen, dan zal dat effect hebben voor alle kleuren. Maar zo’n moment maakt wel duidelijk dat het argument dat vrouwen nodig zijn om vrouwenbelangen op de politieke agenda te plaatsen, een houdbaarheidsdatum kent. Ideologie moet minstens zo belangrijk zijn en blijven.

Marlies Klooster
Divazine

verkiezingen - vrouwen

Samenleving & Politiek, Jaargang 10, 2003, nr. 6 (juni), pagina 16 tot 18