Abonneer Log in

2004: Kreten en gefluister

Samenleving & Politiek, Jaargang 11, 2004, nr. 1 (januari), pagina 33 tot 35

Als versbakken politicus leg je nog meer dan anders je oren te luisteren naar wat er leeft tussen de mensen. Je analyseert een dagelijkse berg literatuur en spitst de oren naar wat er leeft, vooral in de coulissen van het vaderlandse en Europese parlement. 2004 brengt onstuitbaar een paar themata naar voren die weinigen nog kunnen negeren en die ik volgaarne tot de mijne neem.

Migranten en asielzoekers

Als het soms aanstootgevende senaatsdebat over het stemrecht voor migranten op gemeentelijk vlak ons iets geleerd heeft, dan is het wel de dringende noodzaak aan een degelijke maatschappelijke discussie en herziening van ons migratie- en asielbeleid. Het proefballonnetje dat vice-premier Patrick Dewael in de pers opliet, opent heel wat interessante perspectieven die overigens nauw aansluiten bij de vaststellingen van auteur Chris Destoop in Ze komen uit het Oosten.

Naast de gezinshereniging is de asielprocedure de enige wettelijke piste om België legaal binnen te raken. We weten onderhand al tot wat dat leidt: oneigenlijk gebruik van deze procedure door aanvragers die gewoon economische vluchtelingen zijn; niet altijd zo consistente interpretatie van het begrip ‘politiek vluchteling’ (cf. de Afghaanse en Iraanse hongerstakers); onverantwoord lange wachttijd vooraleer een beslissing valt; wegvallen van iedere steun eenmaal in beroepsprocedure, zodat noodgedwongen de (semi)criminaliteit de enige uitweg is, enz.

Een fundamentele evaluatie en bijsturing dringt zich op. Moeten we jaarlijks niet een afgesproken aantal ‘vreemdelingen’ toelaten? Het is in het belang van België zelf dat immers behoefte heeft aan extra arbeidskrachten gezien de nataliteit hier alsmaar blijft dalen. Het is ook in het belang van mensen zonder toekomst in eigen land, mensen die klaar en duidelijk op zoek zijn naar een beter leven. Uiteraard gebeurt een dergelijke fundamentele bijsturing van het migratiebeleid best in overleg met en op parallelle wijze in zoveel mogelijk landen van de Europese Unie.
Een nieuwe wettelijke regeling zou ook de hier nog steeds onderschatte maffia, waarvan de mensenhandel een van de belangrijkste ‘bedrijfstakken’ is, wind uit de zeilen kunnen nemen. Van die maffiabestrijding dient prioritair werk gemaakt, want die is zich ondertussen aan het inwerken in ons economisch bestel, zoals onlangs nog bleek uit een rapport van het Centrum voor Racismebestrijding. En economische macht laat zich vlug vertalen in politieke macht, daarvan zien we in bepaalde Europese landen al duidelijk de sporen. We hopen daarom de legalisering en de reglementering van prostitutie in de loop van dit jaar te kunnen realiseren, om zo de maffia te kunnen afblokken.

Gevangenen

De graad van beschaving kan je afleiden uit de manier waarop een land zijn gevangenen behandelt. Op dit ogenblik verblijven een 9.300 gedetineerden in de Belgische gevangenissen terwijl er eigenlijk maar plaats is voor 7.875 personen. Het gevangenisbeleid schreeuwt al jaren om een fundamenteel nieuw beleid. De belangrijkste pijnpunten zijn bekend. Overbevolking en lage kwaliteit van de infrastructuur, het opsluiten van mensen die er niet thuis horen, zoals in eerste instantie geesteszieken (een echte schande!) en drugsverslaafden, het ontbreken van een volwaardige hulpverlening en voorbereiding op een terugkeer in de samenleving, enz.
Gevangenisstraf moet neerkomen op vrijheidsberoving, maar wordt nu te veel bezwaard met andere factoren die in feite onwettelijk zijn: gebrek aan privacy door de cel met meerderen te moeten delen, slechte hygiënische toestanden, enz. Gevangenneming heeft als tweede doel de wederaanpassing van de gevangene tot integratie na zijn invrijheidsstelling. Wat komt daar nog van terecht? Gevangenis is dikwijls, vooral voor jongeren, een vakschool tot criminaliteit.
Er is al aardig wat voorbereidend werk gebeurd, zoals bijvoorbeeld de zgn. basiswet Dupont. Maar helaas heeft nog niemand de kostprijs berekend van de uitvoering van die behartigenswaardige voorstellen, zodat er met Begroting moeilijk kan onderhandeld worden. In de regeringsverklaring en de recente beleidsintenties van minister Laurette Onkelinx staan beloftevolle engagementen. We hopen daarvan reeds dit jaar de eerste resultaten te zien. Onder andere in verband met alternatieve straffen, waar nu reeds een opening gemaakt is voor samenwerking met Landsverdediging. Aan het aanslepend geschil met religieuze en morele begeleiders van gevangenen, die echt onvervangbaar ombudswerk verrichten, moet definitief een einde komen. Langs de kant van die begeleiders mag ook wat meer redelijkheid verwacht worden.

Armoede

Voor enkele jaren was armoede een uitdrukkelijk hot item bij beleid en publieke opinie. Het risico is echter niet denkbeeldig dat armoede en armen enkel een gelegenheidsonderwerp worden, wanneer er weer eens iets spectaculairs voorvalt. Er blijven echter de recente harde cijfers. Volgens het rapport ‘Armoede en sociale uitsluiting. Jaarboek 2003’ (Universiteit Antwerpen) is het aantal leefloontrekkenden met 15% gestegen in vergelijking met vorig jaar en is minstens 11% van de Belgen arm.
Ik vind het belangrijk dat armoede en mensen die in armoede leven niet doodgezwegen worden, dit moet permanent zichtbaar gemaakt worden. En niet alleen dat. Wil men adequate maatregelen treffen om deze situatie te verhelpen, dan moet men uitdrukkelijk en permanent in dialoog gaan met die mensen. Zij ondervinden de problemen aan den lijve en beschikken daardoor over de deskundigheid om over analyse en oplossing te oordelen. In deze tijden van budgettaire schaarste en de vooralsnog weinig rooskleurige economische situatie zal het niet simpel zijn om op korte termijn armoede volledig uit onze samenleving te bannen. Daarom pleit ik voor waakzaamheid, waakzaamheid om te voorkomen dat we hier naar Rotterdamse toestanden verglijden. Het Rotterdamse denkmodel dat iets te gretig onnadenkend door sommige politici wordt overgenomen.

Verder naar een nieuw Vlaanderen

Eindelijk heeft dit land de weg ingeslagen van de ontzuiling, maar er is nog een erg lang stuk van die weg af te leggen. Ik verwacht, ik hoop en ik zal zeker zelf impulsen daartoe geven, dat de sp.a hier gaat optreden als ijsbreker. Onder meer op dit vlak kan de partij laten zien dat het haar menens is met de a van anders. Ik denk in dit verband aan de oproep van Patrick Janssens op de fractiedagen van september dit jaar in Nieuwpoort: ‘De sp.a mag niet alleen de verdediger zijn van het gemeenschapsonderwijs!’ Een brede volkspartij uitbouwen betekent een afzweren van een voorbijgestreefd antiklerikalisme waar Steve Stevaert zo dikwijls op terugkomt, maar zonder zich echter te laten recupereren door gelijk welke religieuze of filosofische groepen. Integendeel, door een hak zetten naar obscuranten van elke vorm van fundamentalisme.
Ik zou een pleidooi willen houden bij kerken en niet-confessionele organisaties, dat zij het niet zouden opgeven om te blijven opkomen voor waarden en moraal en dit niet over te laten aan rechtse fatsoenrakkers. Via creatieve vormen en kanalen moet een (nieuwe) mentaliteit gekweekt worden van respect voor anderen, tegen elke vorm van agressie, tegen vandalisme, tegen individualisme en, vooral, tegen gebrek aan verantwoordelijkheid voor elkaar.
Ondergetekende voerde ooit zijn verkiezingscampagne onder de slogan ‘Een mens leeft niet van brood alleen’. Dat moet ons socialisten dierbaar zijn: de geestelijke ontwikkeling van de mens. ‘Volksverheffing’, dat woord vind je terug in de oudste archieven en volkshuizen. Dat betekent dat het immateriële meer onze aandacht moet verdienen. Vooral nu de moderne plagen van depressie, allerlei verslavingen, zelfdoding en blinde agressiviteit dringend om een dam smeken. De mentale en culturele leegstand van velen maken dat ze al te gemakkelijk kandidaat-kiezers en sympathisanten worden van de racistische partij.
Dus werk aan de winkel in 2004.

Staf Nimmegeers
sp.a-senator

nieuwjaarsbrief - armoede - sociale bescherming

Samenleving & Politiek, Jaargang 11, 2004, nr. 1 (januari), pagina 33 tot 35