Abonneer Log in

2004: krijgt het realisme van de andersglobalisten een kans?

Samenleving & Politiek, Jaargang 11, 2004, nr. 1 (januari), pagina 30 tot 32

De tijd indelen in periodes heeft het voordeel dat er ergens een begin- en eindpunt is, we kunnen evalueren en plannen. Verder loopt alles gewoon verder. Zo is het ook tussen 2003 en 2004. Het zou naïef zijn om tegen een jaarwisseling anders aan te kijken.
En de Noord-Zuidbeweging is niet naïef. Ze is realistisch, verontwaardigd en optimistisch. Ze was dat in 2003 en ze zal dat blijven in 2004.

Elk jaaroverzicht van 2003 maakte het opnieuw duidelijk: het is een wereld van verschil waar je wieg gestaan heeft of staat. In een land of regio in oorlog of in een van de miljoenen gezinnen waar het inkomen zo klein is dat extreme armoede je deel zal worden: 1 miljard mensen moeten leven met 1 euro per dag, ongeveer 11 miljoen kinderen zullen dit jaar sterven omdat de noodzakelijke medicijnen voor hun ouders veel te duur zijn, hetzelfde kunnen we verwachten voor de ongeveer 30 miljoen dragers van HIV in de ontwikkelingslanden. Realistisch gesproken zullen de cijfers over armoede, rijkdom, gezondheid, scholingsgraad, oorlogen, bewapening, werkloosheid… in 2004 niet wijzigen. Maar elke kleine wijziging kan onmenselijk leed of grote tevredenheid meebrengen.
We kennen deze feiten, en met stijgende verontwaardiging plaatsen we ze tegenover uitgaven voor defensie, de winsten van de farmaceutische industrie, de stijgende opbrengst van de landbouw en de extreme rijkdom van een kleine groep in Noord en Zuid. Herverdeling, een mondiaal systeem van sociale zekerheid, is noodzakelijk. Het zijn naïevelingen, die geloven dat alles op te lossen is met economische groei. Economische groei in de wereld zoals die nu georganiseerd is komt bijna uitsluitend ten goede aan de welvarende of rijke burgers van deze planeet.
Een belangrijke geste waarmee rijke landen tonen dat ze streven naar herverdeling, is hun bijdrage voor ontwikkelingssamenwerking. België wil tegen 2010, eindelijk, de al veel gevraagde en beloofde 0,7% halen. In 2004 zal duidelijk worden of deze regering de wet gaat naleven en haar uitgaven ook echt vermeerdert. Geld vrijmaken is niet voldoende. Het moet goed besteed worden en daarvoor is er kwaliteitsvol beleid nodig waarin mensenrechten, gender en duurzame ontwikkeling verankerd zijn. Om deze kwaliteitseisen te realiseren is het noodzakelijk dat ontwikkelingssamenwerking een zelfstandig beleidsdomein blijft en te zorgen dat ontwikkelingsprogramma’s geen ‘ relatiegeschenken’ worden van een minister van Buitenlandse zaken.
Maar het gaat niet alleen om geld en ontwikkelingsprogramma’s. Veel belangrijker nog is het als onze regering in politieke dossiers de kaart van het Zuiden trekt. De regering moet er bijvoorbeeld voor ijveren dat in de onderhandelingen over het vrijmaken van de wereldhandel een aantal fundamentele principes aanvaard worden: handelsbekommernissen zijn steeds ondergeschikt aan de sociale rechten, en aan milieu- en ontwikkelingsbekommernissen. De onderhandelingen in de Wereldhandelsorganisatie moeten bovendien transparant en democratisch verlopen. De regering moet daarom de onderhandelingen over de vrijmaking van de diensten met extra aandacht volgen.
De regering kan ook het debat over de democratisering van de huidige mondiale financiële structuur op gang trekken en voeden. Zowel de beslissingswijzen van de Wereldbank en het IMF als de macht van de informele groepen zoals de G8 en de G10 zijn voor democraten onaanvaardbaar. Wij blijven daarnaast aandringen op de kwijtschelding van de schulden van de armste landen en het invoeren van een belasting op munttransacties.
Het optimisme en de kracht van de Noord-Zuidbeweging spreekt duidelijk uit de veelheid van voorstellen die wij doen aan de beleidsvoerders. Er is niet naast te kijken: er bestaat een korf van voorstellen om de kloof te dichten. Het is een kwestie van politieke wil en moed. Wij hopen dat de regering en heel in het bijzonder minister Verwilghen deze politieke opdracht, die veel ruimer is dan de steun voor ontwikkelingsprogramma’s, ter harte zal nemen.

2004 wordt ook een heel belangrijk jaar voor Centraal Afrika. Voor het eerst in vele jaren is er een voorzichtig vooruitzicht op vrede en wederopbouw. Rwanda heeft net presidents- en parlementsverkiezingen achter de rug, Congo en Burundi hebben een overgangsregime. Maar het blijft een heel broze situatie. In Rwanda geven de verkiezingen zeker geen garantie op stabiliteit op lange termijn, zowel in Congo als in Burundi blijven de spanningen onderhuids leven. En dit alles terwijl de indicatoren van menselijke ontwikkeling voor de drie landen erg laag blijven. In het UNDP-rapport over de menselijke ontwikkeling van 2003 staat Rwanda op de 158ste, Congo op de 167ste en Burundi op de 171ste plaats (op een totaal van 175 landen). Naast een regionale benadering, zal goedgekozen steun aan het overheidsapparaat van de drie landen nodig zijn en blijft er de belangrijke bijdrage die ontwikkelingssamenwerking moet leveren aan de zo noodzakelijke armoedebestrijding. Specifiek voor Congo is de kwijtschelding van zijn schulden. De kwijtschelding is noodzakelijk om ruimte te creëren om de objectieven voor armoedebestrijding van de millenniumtop te halen tegen 2015. Er is ook dringend nood aan een bindende wetgeving voor bedrijven die actief zijn in het Zuiden, om zo misbruiken zoals de grondstoffenplundering in Congo te doen stoppen.

2004 zal voor de Irakese bevolking nog een heel moeilijk jaar zijn. Het naïeve beleid van de Verenigde Staten, dat verwacht dat door een land te bezetten vooruitgang, meer democratie en een betere staatsstructuur zal gerealiseerd worden, heeft gefaald. Het opportunistische beleid om op die manier meer macht en invloed te krijgen over de olierijkdommen van Irak is vermoedelijk wel gelukt, maar daar zullen de Irakezen niet beter van worden. Wij rekenen erop dat de Belgische regering elke steun of deelname aan de bezetting blijft weigeren.
Ten aanzien van diezelfde Arabische wereld is het wel wenselijk dat België een actievere politiek voert in verband met Palestina. Vooral omdat de Europese Unie een doorslaggevende rol kan spelen in de oplossing van het conflict. Heel concreet zou een correcte toepassing of zelfs een opschorting van het associatie-akkoord dat de Europese Unie met Israël heeft een belangrijk politiek signaal zijn voor de Israëlische regering. Dat akkoord voorziet dat Israëlische producten aan voorkeurstarieven kunnen worden ingevoerd in de Europese Unie. De uitvoering ervan is echter gebonden aan respect voor mensenrechten. De bouw van een muur rond de Westelijke Jordaanoever past niet in dat plaatje, om maar iets te noemen. Druk uitoefenen tegen de schendingen van mensenrechten, tegen de bouw van een muur en voor de vrede is meer dan ooit noodzakelijk.

Hebben onze politici de moed om de dingen globaal op een ander spoor te zetten? Uiteindelijk weten we dat in België de sociale wetgeving de welvaart enorm heeft doen toenemen. In de voorbereiding van de uitbreiding van de Europese Unie, kunnen we ondanks alle twijfels over het sociale karakter en het democratische gehalte van het nieuwe Europa, toch niet anders dan opnieuw hoopvol zijn over de extra kansen voor bepaalde, nog erg arme, Europese landen. Europa heeft bewezen dat onderlinge solidariteit zeer arme landen - denk maar aan Portugal in de jaren 70 - tot ontwikkeling kan brengen. Diezelfde solidariteit moet Europa ook laten spelen in de economische partnerschapsakkoorden die momenteel onderhandeld worden tussen de Europese Unie en de ACS-landen (landen van Afrika, de Caraïben en de Stille Oceaan). Op dit moment lijkt de afzet van Europese producten daarin belangrijker dan armoedebestrijding en duurzame ontwikkeling.
Wie durft er nog beweren dat de huidige wereldorde niet globaal anders bekeken en georganiseerd kan worden? We kunnen gerust spreken van een Nieuwe Internationale Sociale, Economische en Financiële Orde voor duurzame ontwikkeling. De andersglobalisten kennen het recept. In 2004 zullen we er opnieuw voor pleiten en hopelijk worden meer politici realistisch, sociaal, toekomstgericht en minder naïef.

Mieke Molemans
Voorzitster 11.11.11

nieuwjaarsbrief - andersglobalisme - Noord-Zuidverhouding

Samenleving & Politiek, Jaargang 11, 2004, nr. 1 (januari), pagina 30 tot 32