Abonneer Log in

Met of zonder hoofddoek, feminisme blijf nodig

Samenleving & Politiek, Jaargang 12, 2005, nr. 4 (april), pagina 54 tot 56

Verschillende stromingen doorkruisen het pad van het feminisme. De vraag is niet welke stroming het haalt, maar of het feminisme nog zal overleven. Gelijkheid tussen mannen en vrouwen, de diversiteit van mensen in de samenleving, de multiculturele aspecten, de sociale invalshoek, de globalisering zijn belangrijke dimensies van het maatschappelijk debat van vandaag. Deze (f)actoren kunnen leiden tot een multidimensioneel model dat onze samenleving van morgen gestalte geeft. De vrouwenbeweging is vanuit haar doelstelling en vanuit haar ervaring een toonaangevende partner in deze constructie.

Gelijkheid en diversiteit staan hierbij centraal. Gelijkheid van mannen en vrouwen, niet gezien als een vorm van competitie tussen de seksen met normeringen van de dominante groep. Gelijkheid, niet onder de vorm van eenvormigheid of uniformiteit, maar wel onder vorm van het krijgen van gelijke kansen, die maken dat mensen soms verschillend worden behandeld. Diversiteit versterkt de gedachte van solidariteit, die vertrekt vanuit een differentiatie en een aanvaarding ervan. Diversiteit is precies hét middel om meer gelijkheid te bereiken omdat het oog heeft voor de vele verschillen tussen mensen.
Het multicultureel debat moet dan ook om die fundamentele uitgangspunten binnen de vrouwenbeweging gevoerd worden. Het resultaat daarvan kan alleen maar bevestigen dat het feminisme vele gezichten heeft en vele mogelijkheden. Nochtans geeft die stelregel van het meervoudig feminisme ons allerminst voldoening. Ten eerste omdat de vraag naar het voortbestaan van het feminisme hiermee niet beantwoord wordt. Ten tweede omdat deze al te grote nuancering voor velen (meestal mannen) een teken van zwakte is, of een zogenaamde bedreiging vormt van gevestigde waarden.

Een nieuwe adem voor eigentijds(e) feminisme(n)

Van het socialisme kan gezegd worden dat het op termijn werkt aan zijn eigen overbodigheid. Steeds zullen echter andere uitdagingen dat socialisme nieuwe vormen geven. Weinigen twijfelen aan deze permanente maatschappelijke opdracht. Met het feminisme is het niet anders, alleen heeft het feminisme meer dan een face lift nodig om de bezorgdheid om vrouwenrechten en de positie van vrouwen maatschappelijk te blijven legitimeren. Het feminisme moet weer wervend worden, moet aansluiting vinden bij de leefwereld en de noden van nieuwe generaties. Hoewel in ons land geen wettelijke discriminaties tussen mannen en vrouwen meer bestaan, hoewel ongelijke behandeling omwille van geslacht principieel niet meer kan, blijft de ongelijkheid in de feiten nog steeds en hardnekkig bestaan. De loonkloof, de ongelijke participatie aan beleid en macht, de ongelijke verdeling van zorgtaken, het bestaande en toenemend geweld op vrouwen,de armoede bij alleenstaande vrouwen, zijn maar enkele domeinen waarbinnen de achtergestelde situatie van vrouwen nog steeds meer dan duidelijk is. Toegegeven, de mogelijkheden om individuele oplossingen te zoeken en te vinden voor diverse problemen zijn toegenomen. En dat geeft wellicht aan veel jonge mensen (m/v) de indruk dat ze geëmancipeerd genoeg zijn om voor zichzelf op te komen en de zaken onderling te regelen binnen de privaat sfeer van het koppel of het gezin. Welke boodschap, welke begeestering kan het feminisme aan deze mensen nog geven? Feministen vormen voor hen een groep verzuurde 50-plussers, die met hun antiman- en hun supervrouwimago zoveel weerstanden oproepen. Ik ontken niet dat er fouten zijn gemaakt, dat extreme acties uit het verleden ook hebben bijgedragen tot dat negatieve beeld en tot die karikaturen. Maar er zijn al geruime tijd sterke signalen, die een feminisme weer perspectief geven ten bate van een positief en divers samenlevingsmodel. Feminisme is voor mij sterk sociaal geladen en dus van alle tijden omdat het de individuele oplossingen van mensen overstijgt. Dat breder kader moet zorgen voor meer zekerheid, enerzijds door de verankering van die verworven gelijkheden, anderzijds door de verruiming naar de hele samenleving.

Het multicultureel debat

Ook een multiculturele samenleving moet een aantal basisrechten erkennen, die vervat zijn in het Verdrag tot uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen (CEDAW 1979), in vaststellingen en engagementen van de Vierde Wereldvrouwenconferentie van Peking 1995, in het Internationaal Verdrag van de rechten van de Mens en van de Vrouw en in de Belgische grondwet. Een specifieke culturele of religieuze context mag geen voorwendsel zijn om de schending van deze basisprincipes en verworvenheden te verrechtvaardigen. Laat dat duidelijk zijn. Ik weet dat niet iedereen mijn mening zal delen, maar de scheiding van kerk en staat blijft in dit debat voor mij een belangrijk element.
Aan de basis van het aanvaarden van het pluralistisch karakter van onze samenleving en instellingen lag het belangrijke proces van ontkerkelijking en dus de afname van de invloed en de macht van religie en religieuze instellingen in het openbaar leven. Deze wending heeft een belangrijke rol gespeeld in het emancipatieproces van vrouwen, gezien de dominante, heersende, patriarchale interpretatie en structuren in de meeste religies. De laïcisering van onze samenleving is algemeen een positieve verworvenheid die de erkenning en betere invulling van vrijheden en rechten heeft mogelijk gemaakt. Het is niet wenselijk dit terug te schroeven.
Vanuit dat standpunt kan men de invloed van de islamcultuur als een bedreiging interpreteren en moeten we dan ook de paniekreacties van VLD voorzitter Somers kaderen. Somers riep de Vrouwenraad immers ter orde om paal en perk te stellen aan de aantasting van de gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen door de multiculturele dimensionering (zeg maar de islam). Verder dan de symboliek van de hoofddoek is Somers niet geraakt. Maar er is zoveel meer, het is zoveel complexer.
De vrouwenbeweging kiest en overweegt zorgvuldig haar stellingen en praat daarover vooral met de betrokken vrouwen en vrouwengroepen. Ook zij hebben hierop geen pasklaar en eenduidig antwoord. Diversiteit is niet zo eenvoudig.
De vraag of de islam compatibel is met emancipatie moet meteen worden uitgebreid naar andere godsdiensten en niet het minst naar de katholieke kerk. De compatibiliteit van feminisme en religie is onderworpen aan de geldende regels en gewoonten ten aanzien van de scheiding van kerk en staat en aan de inachtneming van de internationaal erkende mensen- en vrouwenrechten.

Emancipatie van vrouwen met een islamitische achtergrond en hun integratie

De Vlaamse vrouwenorganisaties hebben in het verleden al meermaals de deuren opengezet voor allochtone vrouwen. Zij gaven impulsen om ongedwongen en spontaan met elkaar kennis te maken via laagdrempelige activiteiten. Maar het stadium van samen Marokkaanse couscous te maken of Afrikaans haarvlechten behoort stilaan tot het verleden. Tijdens deze eerste stappen in het integratieproces kwamen meteen allerlei verschillen naar boven: verschillen tussen oudkomers (vrouwen van de eerste generatie migranten), hun dochters die hier naar school gingen (jong dynamisch en volledig Nederlandstalig) en nieuwkomers (meisjes en vrouwen die hier terecht kwamen na gezinshereniging). Het zal dan ook niemand verwonderen dat zich een caleidoscoop aan verwachtingen en invulling van het begrip emancipatie ontvouwde. Vaak gingen deze eerste moeizame pogingen ook gepaard met een gebrek aan evenwicht: de allochtone meisjes en vrouwen werden beschouwd als diegenen die door de Vlaamse vrouwen moesten geëmancipeerd worden. Dit lokte na verloop van tijd reacties uit. Sterke groepen allochtone vrouwen nemen sindsdien hun emancipatieproces zelf in handen. Wij worden daarbij geconfronteerd met grote verschillen en eigen snelheden in hun evolutie, van onderdrukt tot geëmancipeerd. Hoe dan ook neemt de islam in dit emancipatieproces een belangrijke plaats in. De religie wordt daarbij als belangrijk obstakel gezien voor een succesvolle integratie van migranten met een islamitische achtergrond. Vooral de onderdrukkende rol die de islam ten opzichte van vrouwen zou hebben, is een steeds terugkerend thema. Als illustratie dienen vaak uitspraken van zeer orthodoxe imams. De focus op de islam heeft tot gevolg dat de aandacht voor de positie van vrouwen met een islamitische achtergrond vooral van cultureel-religieuze aard is. In de discussie verdwijnt de maatschappelijke en sociaaleconomische component van integratie en emancipatie volledig. Beeldvorming en berichtgeving blijven de nadruk leggen op negatieve elementen en extremisme. Islam wordt daarbij steeds gelinkt aan terrorisme en vernietigend fundamentalisme. De vrouwenbeweging moet dit verruimen en overstijgen. Ten aanzien van de emancipatie van moslimvrouwen kunnen volgende vragen worden gesteld:
- welke zijn de kaders en de voorwaarden waaronder de emancipatie van vrouwen met een islamitische achtergrond moet plaatsvinden?
- wat is de rol van de islam bij de emancipatie van vrouwen?
- welke zijn de knelpunten op weg naar emancipatie?
- hoe kan een beleid ontwikkeld worden zodat de oppositie ‘islam versus emancipatie’ wordt doorbroken?

De Vrouwenraad heeft zich tot taak gesteld het debat op deze manier te voeren met deze vragen en de gekende uitgangspunten. Het al of niet dragen van een hoofddoek is daarbij slechts een detail waarop sommigen zich nu blind staren. Blind voor de talrijke andere problemen die onder die hoofddoek verborgen zitten.

Francy Van der Wildt
Voorzitster Nederlandstalige Vrouwenraad

Noot
Met dank aan Rita Van Gool, stafmedewerksters van de NVR

Bronnen
- E-Quality - Factsheet Emancipatie van vrouwen met een islamitische achtergrond, 23 december 2004.
- Van den Eynde S. (red.), (2004) Midden in de cirkel.Vrouwen en leiderschap in diverse spirituele tradities, Leuven: Halewijn en Centrum vrouwenstudies Theologie KU Leuven
- Wekker G., (Gender en etniciteit Universiteit Utrecht) Een pleidooi voor feminisme en multiculturalisme in Tijden van Cholera (lezing in Leuven, 6 maart 2005)
- Van der Wildt F., Intentieverklaring voorzitterschap NVR, november 2004.

vrouwen - feminisme - hoofddoeken

Samenleving & Politiek, Jaargang 12, 2005, nr. 4 (april), pagina 54 tot 56