Abonneer Log in

Tony Blair: drie op een rij

redactioneel

Samenleving & Politiek, Jaargang 12, 2005, nr. 5 (mei), pagina 1 tot 3

Labour heeft dus de verkiezingen gewonnen. Voor de derde keer op rij, ondanks Irak, de verdeeldheid in de partij en het feit dat veel kiezers niet meer gecharmeerd zijn van Tony Blair. Wat men over hem ook moge denken, electoraal gesproken heeft hij een prestatie neergezet die nooit is vertoond in de Britse politieke geschiedenis. Vanzelfsprekend, het ging deze keer minder gemakkelijk. Meer dan de helft van de Britse bevolking vond naar de oorlog gaan met valse voorwendsels niet kunnen. Maar dat heeft finaal niet meegeteld. De sociaaleconomische resultaten van Labour hebben de doorslag gegeven. En de tegenstand was te zwak. Howard verdiende te verliezen. Hij voerde een soms smakeloze campagne - inzake immigratie en asiel - en joeg potentiële rechtse kiezers de gordijnen in. De rechtse zwenking is er dus niet gekomen. Meer zelfs, als men de stemmen van Labour en de Liberale Democraten optelt en ervan uitgaat dat de programma’s van beide partijen niet zo ver uiteen liggen, dan kan men concluderen dat Conservatief Engeland op zijn retour is. Er is geen meerderheid in het Verenigd Koninkrijk om de verzorgingsstaat af te breken.

Een sociaaldemocratische agenda

Labour zal nu haar beloftes moeten waarmaken én trachten veel twijfelende sociaaldemocratische kiezers weer voor zich te winnen. Beide vormen geen gemakkelijke opdracht. Veel is goed gegaan sinds 1997. Minder wachtlijsten in de ziekenhuizen, hogere uitkeringen voor de armen, aanzienlijke vooruitgang voor de gepensioneerden, en vooral meer leraren, jonge moeders, jongeren en gehandicapten aan het werk; zo veel zelfs dat sinds 1975 nog nooit zoveel mensen een baan hebben in het Verenigd Koninkrijk(VK). Er is nu 73% van de beroepsbevolking actief en dat cijfer wil Labour laten evolueren naar 80%. Helaas wil dat niet zeggen dat de armoede snel is geslonken na Thatcher. Het VK blijft het EU-land met de hoogste (relatieve) armoedecijfers. Maar Labour gaf vooral het inkomen van kinderen, moeders en grootmoeders een duwtje. Daarvoor is de partij door de kiezers beloond, in de wetenschap dat Blair en Brown zich hebben geëngageerd om tegen 2010 de armoede bij kinderen te halveren.
De strijd tegen de armoede staat, naast de gezondheidszorg, hoog op de agenda voor de derde regeerperiode. Volgens Gordon Brown is het niet mogelijk de armoede met wortel en tak uit te roeien zonder de kiezer te confronteren met radicale maatregelen. Daar is Labour tot dusver niet toe bereid geweest. Vanzelfsprekend, er is veel geld van de rijken naar de armen gevloeid, ook in de vorm van uitkeringen en traditionele sociale uitgaven; al geeft Labour er de voorkeur aan daar niet mee te pralen en eerder het activerend karakter van maatregelen te beklemtonen. Maar er zal nog veel geld (en een belastingverhoging) nodig zijn, wil Labour in de praktijk het ambitieniveau bereiken dat met haar retoriek samenhangt. Armoede is immers geen statistisch gegeven. Veel mensen kunnen dankzij de maatregelen van Labour het hoofd (net) weer boven water houden, maar velen riskeren in de armoede terug te vallen, zoals onderzoek heeft uitgewezen. Vers geld zal dus moeten op tafel komen voor families en kinderen.
Alleen al het koninginnenproject - Sure Start, alle gezinnen met kinderen tussen drie en veertien laten profiteren van zorg, opvang en professionele begeleiding tussen acht en zes, op school, in hun eigen buurt - impliceert een formidabel financieel engagement. Dit voorstel was de ‘trekker’ in de campagne en elke vertraging in het realiseren van dit voorstel zal Labour vroeg of laat door de neus worden geboord. Nu al hoor je het verwijt dat Labour prima voorstellen durft te hypen zonder dat daar spijkerharde financiële arrangementen achter staan. Het is een verwijt dat samenhangt met de Britse realiteit: in een tax-phobic (media)land, met een voorkeur voor Amerikaanse belastingtarieven, toch een Scandinavisch niveau van sociale voorzieningen voorspiegelen. Concreet: tegen 2008 zal zo’n extra 300 miljoen pond naar zorg voor kinderen gaan. Zal dat volstaan? Of moet Labour het debat openen over de link tussen publieke voorzieningen en belastingen. Zo te zien heeft de kiezer de modernisering van de Britse verzorgingsstaat in handen gelegd van de socialisten, maar of die kiezer daarvoor ook de middelen wil verschaffen door taksen te accepteren, valt nog af te wachten.
Sure Start is overigens een oerdegelijk sociaaldemocratisch voorstel. Geïnspireerd door ervaringen in Zweden wil Labour meer professionele aandacht geven aan drie- en vierjarigen, om hen reeds op die leeftijd ‘bij te trekken’ en ervoor te zorgen dat zij een traject ontlopen dat door hun afkomst is bepaald. Change class destiny, daar gaat het om. Onderzoek op dat vlak laat zien hoe moeilijk dat is en welke inspanningen daarvoor moeten gebeuren. Labour kondigt die nu aan. Maar niet ongeclausuleerd. Ouders en kinderen moeten meewillen, jonge lastposten zullen van straat worden geplukt, antisociaal gedrag zal ongenadig worden beteugeld en er worden vele honderden extra politieagenten aangeworven. Voor de 150.000 zestien- tot negentienjarigen die niet werken of studeren, zullen er persoonlijk onderhandelde contracten komen, met rechten en plichten, en met extra geld. Dit wordt Labour’s war on poverty.

Renovatie van de democratie

Uit deze verkiezing is Blair niet onbeschadigd te voorschijn gekomen. Een verlies van vijfenvijftig zetels en vele duizenden traditionele kiezers die naar de Liberale Democraten zijn overgelopen, het zal in de partij en in het land niet onbesproken blijven. Vergis je niet: Blair blijft onbetwistbaar de man die de band verzekert tussen de traditionele Labour-kiezers en de middenklassen, en deze laatste hebben hem ook deze keer niet massaal de rug toegekeerd. Maar toch is zijn reputatie aangetast door de manier waarop hij, inzake Irak, Amerika achterna gelopen heeft. Dat is een foute keuze geweest. De toekomst van het VK ligt elders - lees: met Europa. Blair heeft een historische kans verkeken om de Britse bevolking hiervan te overtuigen én het continent een dienst te bewijzen.
Blair heeft veel te weinig gedaan inzake Europa. Hij zit zelden op één lijn met de zusterpartijen (inzake de institutionele gevolgen van een Unie met 25), de Bolkestein-richtlijn vindt hij in orde, met Berlusconi deed hij meer zaken dan strikt nodig en over de grondwet hoor je hem nooit. Bovenal mist hij het besef dat, in een globale wereld, moderne sociaaldemocratische oplossingen slechts via de EU kunnen worden gerealiseerd. Labour wenst niet in te zien dat er inzake sociaaleconomische coördinatie een schaalvergroting - Europeanisering - nodig is om het vrije spel van de markt te corrigeren. Een Europese sociaaldemocratische agenda, die bijvoorbeeld een discussie impliceert over belastingcoördinatie, kan Blair gestolen worden. Een en ander zal in de tweede helft van dit jaar, wanneer het Verenigd Koninkrijk het voorzitterschap van de EU waarneemt, niet veranderen. Evenmin lijkt Blair van plan te zijn om de verstoorde relaties met veel zusterpartijen te remediëren of de merites van sommige continentale sociale systemen echt naar waarde te schatten.
Of we die afwezigheid van heldere sociaaldemocratische keuzen Labour moeten aanrekenen of Blair, is een delicate vraag. Brown, Mandelson, Milburn en anderen denken niet fundamenteel anders. Blair zelf is altijd vreemd aan de partij(cultuur) gebleven. Dat hoeft niet altijd een probleem te vormen, maar het vormde wel een beslissend element in de verkeerde inschatting die hij maakte van de zeer rechtse natuur van Bush, Cheney en Rumsfeld. Het gemiddelde Labour-lid vergist zich niet in die kerels, dat is een kwestie van instinct. Robin Cook vergiste zich niet en trok zijn conclusies. Alleen Blair vergiste zich en dat zal hem de rest van zijn carrière achtervolgen.
Politiek is een collectief proces. Dat lijkt niet altijd zo, vanwege de personalisering in de media, maar vanuit democratisch oogpunt kan het niet anders dan zo zijn. Blair heeft geen brandschone reputatie op dat vlak. Zijn stijl is presidentieel. Het parlement en de partij werden vaak te laat ingelicht. De spin heeft onder zijn bewind gekke vormen aangenomen. Veel mensen zijn die spin beu. Ze zijn losgekoppeld van het politieke proces en hebben allerminst een hoge pet op van de democratische rekenschap. Het zou Labour sieren, in het licht van de gemeenteraadsverkiezingen van mei 2006, mocht de partij wat minder ideologievrij opereren en meer vertrouwen op de politieke overtuiging van de mensen. Eveneens zou het van democratische zin getuigen mocht Labour een denkoefening inzake evenredige vertegenwoordiging(PR) initiëren. Het kan immers niet zijn dat een partij die 22% van de stemmen behaalt - de Liberaal-Democraten - slechts over 10% van de zetels beschikt. Met PR tekent zich reeds de coalitie van de toekomst af.
Tenslotte is er de kwestie Irak. De beslissing om naar de oorlog te gaan zonder VN-resolutie en op grond van twijfelachtige argumenten heeft een ravage aangericht in de geesten van de leden. Daarover moet niet kinderachtig worden gedaan. Het vertrouwen is nog altijd geschonden en Blair beseft dat. Nu dezelfde leden en vooral veel kiezers zijn vel hebben gered, mag van de premier ook iets worden verwacht. Zijn argumentatie inzake Irak is en blijft zwak. In de campagne hebben we niets gehoord dat de Amerikaanse analyse m.b.t de strijd tegen het terrorisme tegenspreekt - hij lijkt die nog altijd te delen - en we hebben evenmin iets gehoord over een andere, gezamenlijke VS-EU-aanpak van die strijd. Vroeg of laat zal Blair voor een ordelijke terugtrekking van de troepen uit Irak moeten zorgen. Het zou de premier sieren mocht hij een alternatief formuleren voor de ‘speciale verhouding’ met de Verenigde Staten.

Jan Vermeersch
Redactielid

edito - Tony Blair - Labour Party

Samenleving & Politiek, Jaargang 12, 2005, nr. 5 (mei), pagina 1 tot 3