Abonneer Log in

Beginselen voor minstens 1.500.000

redactioneel

Samenleving & Politiek, Jaargang 12, 2005, nr. 10 bijlage (december), pagina 1 tot 3

In het eerste hoofdstuk van dit nummer vindt u een discussietekst die Mark Elchardus enige tijd geleden op verzoek van Steve Stevaert schreef. Stevaert vroeg Elchardus om het Charter van Quaregnon (1894) op te frissen, te actualiseren. Dat moest leiden tot een nieuwe beginselverklaring die op het ondertussen uitgestelde ideologisch congres van 17 en 18 december 2005 goedgekeurd moest worden. Dat bleek verschroeiend ambitieus te zijn.

Deze discussietekst werd aanvankelijk als nieuwe beginselverklaring1 van de sp.a voorgesteld. Op de fractiedagen van september ll. werd hij binnen de partij ook zo gelanceerd. Doel was om daarover binnen de partij volop te debatteren. Dat was alvast een heuse vooruitgang. Onder Stevaert was de tekst nog niet-amendeerbaar. Een nieuwe beginselverklaring waarover geen debat mogelijk was: het idee alleen al! Met Vande Lanotte werd de tekst voor verandering vatbaar. Veel publieke gedachtewisseling heeft dat niet opgeleverd. Maar de kritiek die ondertussen wel passeerde bleef niet zonder gevolgen. Het voorstel van beginselverklaring - dat na herwerking nochtans een Tubbie-zegel kreeg - werd een ‘discussietekst van Elchardus’. Het siert de top dat hij met die kritiek rekening wil houden. Hopelijk geldt dat ook voor de nieuwe beginselverklaring die ondertussen op de Grasmarkt wordt geschreven.
De redactie vroeg enkele auteurs om via een eerlijke, scherpe en constructieve kritiek op deze discussietekst een bijdrage te leveren tot het debat over het ‘hedendaagse’ socialisme. Zodoende willen we o.a. de partij helpen bij de opmaak van een nieuwe beginselverklaring. De centrale vragen voor deze vakspecialisten en kenners van het socialisme waren: hoe kan en moet het socialisme en de sp.a zich onderscheiden? Waar moet het het socialisme nu en later om te doen zijn? Hoe kan het socialisme in wijzigende omstandigheden worden aangewend? Welke moeten vandaag en straks de aandachtspunten en centrale principes zijn? Naast kritiek op wat wel of niet in deze discussietekst te lezen is vroegen we ook om eigen voorstellen. Of de auteurs in hun opdracht slaagden kan u zelf op het einde van dit nummer uitmaken. Het levert alvast een boeiend nummer op met interessante reflecties over het socialisme.

In die zin helpt dit themanummer ook (een beetje) om een leemte te vullen. Er wordt namelijk - ondanks al het voorbije geweld over gemeenschapsvoorzieningen, gelijke kansen, gratis, de Mensen, de ideeënfabriek, de Vijfkamp, de eeuwige queeste naar de ultieme vernieuwing, witte konijnen of zwarte zondagen - te weinig fundamenteel nagedacht en gepraat over de basics van het socialisme. Hoe anders is het socialisme na jarenlange regeringsdeelname? Waar dromen socialisten vandaag nog van? Dromen ze nog? Durven ze nog? Of trekken ze zich zelfs in hun ambities terug in de pragmatische dwangmatigheden van de bestuurlijke realiteit? Doorbreken ze de sleur van populaire peilers en hippe zieners met flair? Of is het lot van de Vlaamse socialist dat van testaankoper voor mediaanconsumenten?

Kortom, heeft de sp.a met deze discussietekst een kandidaat-beginselverklaring in handen die de partij gedurende decennia door veranderende tijden kan loodsen? Een referentietekst die de partij van andere onderscheidt? Die via fundamentele principes en keuzes inspiratie en sturing geeft in de zoektocht naar antwoorden op oude en nieuwe vragen? Neen.
De teksten van het komende ideologisch congres, zo signaleerden we in het edito van maart, moeten volgens een partijnota de tand des tijds doorstaan. Ze moeten zich focussen op ‘principes, op denkbeelden en uitgangspunten’. Vermeden moet worden, zo gaat het verder, dat ‘(delen van) teksten al na enkele weken of maanden na het congres, laat staan tegen het congres, zelf achterhaald zouden zijn.’ Kortom, de lat ligt hoog. Terecht. De sp.a besliste moedig om een ideologisch congres te organiseren. Een juiste beslissing. Maar de sp.a maakt het zichzelf hiermee niet makkelijk. Andere partijen lieten gelijkaardige intenties ondertussen varen.
De betekenis van partijcongressen moet, behalve die over regeringsdeelname, sterk worden gerelativeerd. Toch is voor iedereen duidelijk dat de sp.a met dit PRO-congres in het weekend van 18 maart 2006 - waarop wellicht nog andere volgen - een belangrijke fase in haar ideologiegeschiedenis doormaakt. Alweer. Hoewel de sp.a voor het eerst sinds 1974 expliciet een ideologisch congres houdt is de afgelopen jaren - denk o.a. aan het Toekomstcongres (1998), het Groot Onderhoud (2002) of het ‘Stevaertisme’ - al vaak aan het socialisme geschaafd. Misschien wel te vaak. Ook de personele vernieuwing, waarbij verschillende types ‘socialisten’ de partij vervoegden, bracht niet altijd meer duidelijkheid over wat het nieuwe socialisme van de sp.a nu precies mag zijn. We stelden de vraag eerder al: wanneer is de zoveelste vernieuwing niet langer vernieuwend? Wanneer wordt de queeste naar het moderne socialisme vooral gezien als een teken van zwakte, van het intellectueel onvermogen om de vraag ‘wat is het moderne socialisme’ op een voldoende duidelijke, overtuigende en dus stabiele wijze te beantwoorden?
Op het moment dat het socialisme het moeilijk heeft - het gaat om veel meer dan het Generatiepact - is een congres over deze ideologie cruciaal. De tekst van de nieuwe beginselverklaring, die straks op het PRO-congres zal worden voorgesteld, zal een (grondige?) herwerking, verbreding en verdieping van de discussietekst van Elchardus zijn. Misschien wel een heel nieuwe tekst. Met hopelijk meer uitgesproken keuzes en vuur. Er wordt alvast naarstig aan gewerkt. Dit themanummer kan de auteurs daarbij inspireren en andere lezers aanzetten tot denken en discussiëren over het socialisme. Hopelijk is ook de nieuwe versie niet te nemen of te laten.
Persoonlijk vinden we dat de discussietekst van de gewaardeerde Mark Elchardus niet geschikt is als beginselverklaring. Deze tekst beantwoordt in de huidige vorm niet aan de doelstelling. Het gaat te veel om een boeiende inventaris van allerlei problemen en uitdagingen waarover de partij zich de komende jaren moet buigen. Er zijn onmiskenbaar enkele onderscheidende beginselen en uitgangspunten opgenomen, maar globaal beschouwd kan deze versie wellicht door veel, te veel volk worden onderschreven. De tekst is wat braaf, soms te beschrijvend, vaag of vrijblijvend. In dagelijkse praxis moet het socialisme via compromissen worden gerealiseerd, maar in zijn oproep, zijn ambities moet het radicaler zijn. De verontwaardiging moet dieper snijden. Het verzet luider klinken.

In de toekomst is immers niet minder maar meer herverdeling nodig, maar zal die solidariteit moeilijker te organiseren zijn. Omdat het welbegrepen eigenbelang voor velen geen overtuigend argument zal vormen. Omdat ongelijkheid in toenemende mate voorspelbaar zal zijn. Omdat de roep om de eigen verantwoordelijkheid via de markt te evalueren luider zal klinken. Omdat klassieke herverdelingsmechanismen onder druk komen.
De onuitwisbare kloof tussen arm en rijk, het hardnekkig voortbestaan van oude en de groei van nieuwe vormen van ongelijkheid, de gigantische werkdruk, het algemeen gevoel van controleverlies, van angst en onzekerheid, de verstikkende onmacht in deze geliberaliseerde wereld vol ondoorzichtige opties en verplichte keuzes, waar banken dagelijks miljoenen winst boeken, waar bij gezinnen na betalingsmoeilijkheden ondanks duistere vrieskou de elektriciteit wordt afgesloten, waar 31% van de Belgen verklaart over meer dan 50.000 euro financiële middelen te beschikken, onroerend goed niet meegerekend, waar 1,5 miljoen Belgen (!) onder de armoedegrens leven, waar het Jaarboek Armoede en Sociale Uitsluiting bewijst dat ook te lande een klasse van working poor probeert te overleven, waar een partij onbeschaamd de staat op de hardwerkende Vlamingen wil modeleren, …
In zo’n wereld hebben socialisten nog veel werk te verrichten. De dualisering neemt niet af. De kloof wordt niet kleiner. Het omgekeerde lijkt bezig.
Het doet er niet toe of dat nu als nieuw, modern dan wel als klassiek, traditioneel of zelfs ouderwets socialisme door het leven moet. Of het in felle bewoordingen of voorzichtige frases gegoten is. Deze vermoeiende (taal)strijd gaat vaak voorbij aan de onuitwisbare ambities van het tijdloze socialisme. De relevantie van een congres, van een herformulering van deze of gene tekst is zoveel kleiner dan de dagelijkse strijd die het resultaat is van wisselende krachtsverhoudingen en tijdelijke coalities. En van principes. Die vloeken luid met veel onrecht dat vandaag in Vlaanderen en erbuiten voor te velen evident, aanvaardbaar is.
Handig dus dat beginselen af en toe eens scherp op papier staan.
Kwestie van de bakens uit te zetten.

Carl Devos
Hoofdredacteur

Noot
1/ Niet te verwarren met de intentieverklaring die Johan Vande Lanotte schreef in het licht van de verkiezing van de nieuwe partijvoorzitter, na het ontslag van Stevaert.

edito - ideologisch congres sp.a

Samenleving & Politiek, Jaargang 12, 2005, nr. 10 bijlage (december), pagina 1 tot 3