Log in

'Europa, Israël en de Palestijnen. Van politiek deficit naar normatieve impasse'

Uitgelezen

Samenleving & Politiek, Jaargang 17, 2010, nr. 10 (december), pagina 69 tot 70

Europa, Israël en de Palestijnen. Van politiek deficit naar normatieve impasse

Bilal Benyaich
Academic and Scientific Publishers, Brussel, 2010

Het boek van Bilal Belaich is geen literatuur waar je vrolijker van wordt. Het geeft een minutieuze beschrijving van veertig jaar betrekkingen tussen de Europese Gemeenschap (nu Unie), Israël en Palestina. Het toont aan hoe naarmate de Unie meer feitelijke macht verwierf op het vlak van buitenlands beleid, die macht ook minder en minder effectief wordt aangewend.
Die relaties met Israël en met de Palestijnen, zo stelt de auteur, worden ‘gekenmerkt door een machtsdeficit, een politiek deficit, een gebrek aan politiek vermogen… er is een afwezigheid van een Europese politieke rol in het conflictgebied die evenredig is aan de economische macht die Europa op de conflictpartijen projecteert’ (p. 18).
Toen in de jaren 1960 de EG voorzichtig van start ging met een Europese Politieke Samenwerking werden stoere verklaringen afgelegd over het noodzakelijk respect van de VN-resoluties, over de terugtrekking achter de grenzen van 1967, en over de ‘rechtmatige eisen van de Palestijnen’. Het hoogtepunt werd de Verklaring van Venetië van juni 1980. De Palestijnen hadden ‘recht op zelfbeschikking’, zo declameerden de Europese Lidstaten. Die verklaring hield echter meteen een politieke breuk in tussen de EG en Israël en ook al ging de Verklaring van Berlijn in 1999 nog een stap verder door te pleiten voor een onafhankelijke Palestijnse Staat, de pas verkozen Franse president Mitterrand had de verklaring van Venetië al in 1981 in twijfel getrokken. Op dat ogenblik was de motor van de Europese Politieke Samenwerking volledig stil gevallen. Na het Oslo vredesproces werd de EU gewoon de ‘bankier van de vrede’; ze spendeerde gigantische financiële bijdragen maar haar politieke rol was uitgespeeld.

Opvallend is eveneens de asymmetrie tussen het associatieverdrag dat de EU met Israël afsloot, en waarbij Israël toegang krijgt tot handel en wetenschappelijke samenwerking, en de akkoorden met de Palestijnen die weinig voordelen maar vooral voorwaarden opleggen om voor samenwerking in aanmerking te kunnen komen. In het actieplan voor Israël wordt met geen woord over de bezetting gesproken, wel over terrorisme, mensenrechten en ‘gedeelde waarden’. Nooit werd Israel onder druk gezet, hoewel dat op heel wat punten mogelijk zou zijn geweest, zoals bijvoorbeeld met de discriminatie van de Arabische Israëliërs.
De auteur geeft geen echte en sluitende verklaring voor de dubbele tong waarmee de Europese Unie spreekt. Af en toe doen de Europese Commissie en het Europees Parlement een schuchtere poging om de problemen aan te kaarten of om een associatieakkoord op te schorten, maar telkens opnieuw blijkt de Raad daar geen oren naar te hebben.

Misschien moeten we de sceptici gelijk geven die dertig jaar geleden al stelden dat alle stoere verklaringen van de Europese instellingen over veraf gelegen conflicten enkel en alleen konden verklaard worden door het gebrek aan reële macht. Van zodra die macht er echt zou zijn, zouden de instellingen wel voorzichtiger worden om ze echt te gaan gebruiken. Het conflict in het Midden-Oosten bevestigt die stelling, maar daarmee nog niet dat landen als Frankrijk, Spanje, Italië en … België geen ander standpunt kunnen innemen. Met het Verdrag van Lissabon beschikt de EU nu in theorie over echte macht, maar de vraag blijft of die ooit effectief zal worden gebruikt. De EU heeft zich altijd sterk gemaakt te kunnen handelen met ‘soft power’, maar als ook die niet wordt gebruikt om bijvoorbeeld het associatieakkoord met Israël op te schorten, dan blijft daar niet veel van over. Dat is ook de stelling van de auteur na 250 trieste bladzijden: de normatieve ster van de EU is een vallende ster geworden, de EU heeft besloten zich te wentelen ‘in inertie en gekronkel’. De auteur kiest duidelijk partij in dit conflict, maar geeft voor elke stelling gedetailleerde argumenten, feiten en cijfers. Het is interessante lectuur om meer te leren over de oorsprong van het conflict en over de mythes die de EU nog steeds in stand probeert te houden.

Samenleving & Politiek, Jaargang 17, 2010, nr. 10 (december), pagina 69 tot 70