Log in

Syrië en de toekomst

redactioneel

Over de burgeroorlog in Syrië is al veel geschreven en geanalyseerd. De wereld kijkt toe en doet vooralsnog niets om het onnoemelijke leed te stoppen. Het debat over een militaire interventie vanuit de internationale gemeenschap woedt in alle hevigheid. Over de aard van de Syrische oppositie lopen de meningen sterk uiteen. Men is het erover eens dat het terrein geografisch, maar ook sociologisch en geopolitiek veel complexer is dan Libië. Daardoor zijn aan een interventie grote risico’s verbonden. En dan zijn er Rusland en China, die het regime nog steeds de hand boven het hoofd lijken te houden, en een krachtdadige VN-resolutie afblokken. Hoe zal het eindigen? Een militair afgedwongen ‘corridor’ en no-fly zone met of zonder VN-mandaat? Maar wat dan? Een onwaarschijnlijk compromis met Assad en zijn getrouwen? Een totale desintegratie van het land met een burgeroorlog van onbepaalde duur, zoals in Afghanistan en Congo?

DE WERELD ALS FAILED STATE

Het is anno 2012 triest om te zien dat de geschiedenis zich blijft herhalen in de vorm van dit soort wreedheden. Wat kunnen we uit dit drama leren omtrent de wereldpolitiek op een meer fundamenteel niveau? De wereld is een anarchisch systeem, meer nog, een soort failed state, zonder enig centraal gezag. In een goed functionerend land wordt een aan de gang zijnde massamoord zo vlug mogelijk gestopt door de veiligheidsdiensten. Dat duurt soms enkele uren, maar in de wereld kan het maanden, zelfs jaren doorgaan. Slechts uitzonderlijk maakt een VN-gesteunde of ad hoc-coalitie er een einde aan, zoals in Bosnië en Kosovo gebeurde. Zo is het altijd geweest, en volgens cynici zal het altijd zo blijven. Maar de vraag mag gesteld of we ons daarbij moeten neerleggen. Mannen, vrouwen en kinderen hebben recht op een ‘overheid’ die hun recht op leven garandeert, ook wanneer de eigen staat faalt of zelf de dader is.
Dit brengt ons bij het principe van Responsibility to Protect (R2P), dat in 2005 op een VN-top werd goedgekeurd. In geval van genocide, misdaden tegen de mensheid, oorlogsmisdaden of etnische zuivering heeft de internationale gemeenschap de plicht militair in te grijpen als andere middelen zijn uitgeput en het land in kwestie in gebreke blijft. Dit was de vlag waarmee de NAVO ten strijde trok tegen Kadhafi. Ook over R2P is al veel inkt gevloeid. Kan R2P niet uitmonden in een oncontroleerbare escalatie? Zijn de krachten die je steunt dan altijd zo betrouwbaar op vlak van mensenrechten? Is het Westen niet bezig met de ene hand het jihadisme te bestrijden (Afghanistan), en met de andere te steunen (Syrië)? Wordt R2P niet misbruikt om andere rekeningen te vereffenen? Bestaat er wel zoiets als een militaire interventie zonder bijhorende platte, imperialistische agenda? Zal van R2P iets in huis komen wanneer te veel westerse troepen in gevaar kunnen komen, voor te weinig eigen belangen?
Een ethisch verantwoorde én effectieve toepassing van R2P is denkbaar, maar qua politieke haalbaarheid en moreel gehalte moet ze aan zoveel voorwaarden voldoen, dat we er in de praktijk weinig voorbeelden van zullen zien. Libië was in dit opzicht verdedigbaar, maar op diverse vlakken problematisch. R2P in Syrië is andere koek. Laten we ook niet vergeten dat westerse en andere bemoeienissen in het (recente) verleden mee aan de basis liggen van heel wat problemen die we vandaag kennen. Nu eens werden bedenkelijke regimes tot de tanden bewapend (Saddam, Kadhafi), dan weer voedde imperialistisch onrecht extremistische stromingen (Iran, Afghanistan) die de wereld vandaag nog steeds onveilig maken. Ondertussen is het een schande dat de bloedige repressie tegen de Rohingya-moslims in Birma in onze media amper aandacht krijgt. In plaats van eenzijdig Aung San Suu Kyi op handen te dragen, zou het Westen haar beter onder druk zetten om ter zake eindelijk positie in te nemen (zie MO\* online, 5 september 2012).
Syrië maakt mensen moedeloos. Toch is er hoop. Laten we twee sporen verkennen: één is een positieve wending in de Realpolitik, het andere is een mogelijke transformatie van de wereldsamenleving op lange termijn.

CONCERT VAN DE GROTEN

Naarmate de mondialisering voortschrijdt en de kwetsbaarheid van alle staten, groot en klein, vergroot, hebben de machtige staten nog meer belang bij een goede verstandhouding en samenwerking. Dit is geen kwestie van idealisme, maar van rationele berekening in functie van het nationaal belang en de nationale veiligheid. Tegen deze brede en relatief vage achtergrond, is het niet geheel ondenkbaar dat vroeg of laat de leiders van de VS, China en Rusland gaan samenzitten om eens ernstig na te denken over het wereldbestuur. Een forum als de G20 kan de opbouw van vertrouwen tussen deze en andere relevante leiders faciliteren. De EU en de middelgrote staten kunnen als bruggenbouwers optreden.
In elk geval kan een project om de wereld een minimum aan sturing te geven niet zonder het engagement van de grootmachten. Ja, dit doet denken aan een ouderwets concert van de groten zoals dat bestond in de 19de eeuw. Dit is Realpolitik, bij gebrek aan een haalbaar alternatief op korte en middellange termijn. Binnen zo’n concert kan stilaan de chemie tussen Washington, Beijing en Moskou groeien om samen verantwoordelijkheid op te nemen. Dit impliceert ook de wederzijdse erkenning van elkaars vitale belangen, opdat de rivaliteit kan verminderen; het is onder meer het gebrek aan vertrouwen tussen de grootmachten dat veel werelddossiers blokkeert. Dat Obama expliciet een post-Assad-tijdperk voorspiegelt waarin de Russische invloed behouden blijft (sic), klinkt verschrikkelijk in democratische oren, maar past binnen deze logica. Misschien, of wellicht, is dit ijdele hoop, maar zo’n concert is goed geplaatst om kwesties als Iran, Noord-Korea, Afghanistan en Syrië te ontmijnen. De groten wenden dan hun macht aan om lokale spelers, in het belang van de wereld, in de pas te doen lopen. In dezelfde zin moet Palestina daar op tafel komen, waarbij het Westen moet stoppen de illegale bezetting te gedogen en te steunen. Maar nu komen we al te zeer in een sfeer van wensdenken.

YOU MAY SAY I’M A DREAMER…

Bloedbaden als die in Syrië, en duizenden andere in de geschiedenis, hebben veel te maken met het soort software die mensen en leiders in hun hoofd hebben draaien. Wat zijn hun basiswaarden? Velen houden ervan de mensheid volgens irrelevante categorieën in te delen en vervolgens het recht van de sterkste te doen gelden. Men eist alles op voor de eigen clan, de eigen natie, de eigen godsdienst, tegen de anderen, die men per definitie als inferieur en vijandig beschouwt. In functie daarvan wordt onrecht begaan en de geschiedenis vervalst. Met groepen in de omgeving die er eenzelfde moraal op nahouden, zorgt wederzijdse angst voor extra springstof en vallen bloedige conflicten moeilijk te vermijden.
Men kan ook kiezen voor een andere logica, die bijvoorbeeld vertrekt vanuit de kosmopolitische gedachte dat er maar één mensenras is. Dat we zowel binnenlands als mondiaal nood hebben aan een neutrale, seculiere democratische ruimte, waarin ieders basisrechten zijn gegarandeerd, rechten van minderheden worden gewaarborgd, en alle individuen en groepen kunnen deelnemen aan actief pluralisme en diep verankerde instituties voor machtsdeling en vreedzame geschillenbeslechting. Zoiets bestaat niet alleen in de verbeelding van John Lennon; als regio heeft ook West-Europa een aardige weg afgelegd in de richting van dit ideaal, ondanks de vele tekortkomingen. De geweldloze manier waarop landen als Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië thans met elkaar omgaan, is het resultaat van een onwaarschijnlijke mentaliteitsverandering ten opzichte van de rivaliteit die culmineerde in de Tweede Wereldoorlog. Dat is ook waar de Europese Unie over gaat. In plaats van haar omwille van de crisis en het democratisch deficit uit te spuwen, moeten we er elke dag aan werken om ze te verbeteren. De terechte zelfkritiek op het Westen dreigt soms te doen vergeten welke vooruitgang in deze contreien is geboekt.

…BUT I’M NOT THE ONLY ONE

Alle relevante verschillen in acht genomen, biedt dit hoop voor het Midden-Oosten, Verre Oosten en Afrika. In al die regio’s strijden oprechte democraten voor een ander soort politiek en maatschappelijk systeem, waarin elites en massa’s eindelijk voor een andere software gaan opteren. Voor hen vormen rechtvaardigheid, historische waarheid en zorg voor democratische procedures cruciale toetsstenen voor het denken en handelen - voorbij de haat, voorbij het racisme, religieus fanatisme, extreem nationalisme en andere ideologieën die het idee van een neutrale, pluralistische democratische ruimte verwerpen ten voordele van minorisering, vervolging en uitroeiing van andere etnische groepen en andersdenkenden. Gezien samenlevingen dynamisch zijn en elke machtsconstellatie per definitie sociaal geconstrueerd is, is er altijd reden om te blijven hopen dat de democratische krachten het vroeg of laat zullen halen.

Dries Lesage
Redactielid Samenleving en politiek

edito - Syrië - G20

Samenleving & Politiek, Jaargang 19, 2012, nr. 7 (september), pagina 1 tot 3