Log in

'Du bist Schuld'

Interview met Meryame Kitir en Rudi Kennes ([oud]vakbondsafgevaardigden en mandatarissen voor sp.a)

Mensen ontslaan, gaat in België nog steeds veel te makkelijk, vinden Meryame Kitir en Rudi Kennes. Dat de duizenden slachtoffers van de sluitingen amper het brugpensioen wordt gegund, wijten ze aan het groeiende klimaat van afgunst en verrechtsing. Het is ‘elk voor zich geworden’, een fenomeen dat zelfs de Europese Unie verlamt, nu lidstaten enkel nog hun eigen belangen verdedigen. En in Vlaanderen verlamt de N-VA elke progressieve dynamiek met een ‘Du bist Schuld’-discours dat bij de bevolking aanslaat. “De Wever is voor mij geen democraat,” zegt Kennes onomwonden. Maar ook de sociaaldemocratie moet dieper in eigen boezem kijken. “Enkel de compromissen die we sluiten, blijven bij de mensen hangen, niet meer waar we echt voor staan,” zegt Kitir. “Ons verhaal moet veel meer vanuit de emotie komen, niet vanuit de ratio,” vindt Kennes.

Ze hebben slechts één woord nodig om elkaar te begrijpen, Rudi Kennes en Meryame Kitir, beiden (oud)vakbondsafgevaardigden in de autoindustrie en mandatarissen voor sp.a. Meryame Kitir (1980) kwam in het najaar van 2012 in de aandacht met een beklijvende toespraak over de sluiting van Ford Genk in het federale parlement, waarbij ze vriend en vijand de krop in de keel deed krijgen. De Maasmechelse werkte sinds 1999 als arbeidster bij Ford Genk, waar ze ook vakbondsafgevaardigde was voor het ABVV. Ze bleef in de fabriek werken nadat ze in 2007 voor de sp.a in het federaal parlement verkozen werd. Rudi Kennes (1959) raakte bekend als bevlogen vakbondsman tijdens de troebelen bij Opel Antwerpen, het autobedrijf dat in 2010 de deuren sloot. Vandaag is hij stafmedewerker bij het ABVV waar hij onderzoek doet naar media en rechts populisme. Sinds 1 januari is hij ook gemeenteraadslid voor sp.a in Willebroek. De carrières van Kennes en Kitir vertonen heel wat overeenkomsten, al was het maar omdat ze beiden de ondergang van belangrijke delen van de Vlaamse autoassemblage hebben meegemaakt en beiden als syndicalist actief zijn in de Vlaamse sociaaldemocratie. Ze delen ook hun bevlogenheid voor het progressieve ideaal dat ze met oprechte verontwaardiging blijven verdedigen.
Er mogen dan al overeenkomsten zijn tussen Opel Antwerpen en Ford Genk, de impact van de sluiting was verschillend. Bij Opel verdwenen er 5000 banen, bij Ford het dubbele. “In een provincie als Limburg valt nu alles stil,” zegt Meryame Kitir. “We hadden alleen Ford. Iedereen kent wel iemand die bij Ford gewerkt heeft. We hebben ook niet direct een alternatief. Wij hebben geen haven. Eigenlijk moet Limburg weer van nul vertrekken. Dat is het grootste verschil met Opel Antwerpen. Want de impact op de werknemers is dezelfde: mensen die altijd keihard hun best hebben gedaan en graag hebben gewerkt, horen nu dat het ‘niet goed genoeg was’, terwijl het niet aan hen lag maar aan het management. Zij beslissen welke wagen er komt. De werkman voert alleen uit wat hem of haar wordt opgedragen.”

Wat nemen jullie die bedrijfsleiding het meest kwalijk?


Meryame Kitir: “Dat de beslissing al veel langer genomen was, maar dat er eerst nog een CAO werd afgesproken en de mensen 12 procent moesten inleveren. Dat is niet alleen zakelijk incorrect, het is ook gewoon slecht management. De verantwoordelijken worden op de koop toe nog eens gepromoveerd.”

Rudi Kennes: “Onze grote frustratie was dat de sluiting van Opel een persoonlijke keuze was van topman Nick Reilly. Het had niets te maken met economische wetmatigheden. Onze zelfuitgeroepen autospecialisten hameren steeds weer op de overcapaciteit, op de loonkost, maar dat was bij Opel niet het probleem. Dat is ook een onderscheid met Ford: GM was too big to fail maar het onwaarschijnlijke gebeurde toch, en het bedrijf ging wel in faling. Dat startte een aantal machinaties waar Antwerpen, door toedoen van de persoonlijke agenda van Reilly, het slachtoffer van geworden is.”

Wat kan een overheid in een klein land daar aan verhelpen?

Rudi Kennes: “Mijn grootste frustratie is dat er uit het Opel-verhaal geen lessen zijn getrokken. De geschiedenis herhaalt zich. Er moesten een aantal dingen veranderen, maar dat is nog altijd niet gebeurd. Heel het parlement heeft met Meryame zitten meehuilen, al dan niet met twee ajuinen onder de armen, maar toen ze de volgende dag om een oplossing vroeg - om het brugpensioen maar niet te noemen - ging dat niet.”

Met het brugpensioen los je het internationale spel van de auto-industrie niet op.

Rudi Kennes: “Neen, maar na het Opel-verhaal had ik verwacht dat het ten minste al moeilijker zou zijn geweest om mensen te ontslaan. Een fabriek sluiten is in België nog altijd een van de gemakkelijkste dingen die er is. Dat speelt natuurlijk mee in de hoofdkwartieren; niet zozeer die loonkost. De Belgische overheid kan de wet verstrengen. Ze kan subsidies verbinden aan een aantal voorwaarden, aan tewerkstelling.”

Meryame Kitir: “Dat is voor een stuk ook wel gebeurd. Toen er bij ons in 2003 zo’n 3000 mensen moesten afvloeien, heeft de Vlaamse regering subsidies voorzien, op voorwaarde dat er nieuwe modellen naar België zouden komen. Die 54 miljoen euro staat nog altijd geparkeerd in de Vlaamse Regering. Wat kan de overheid nog doen? Een. Het zou al een stap in de goede richting zijn als het moeilijker wordt om mensen te ontslaan. Het arbeiders- en bediendenstatuut speelt daar een grote rol in. Arbeiders zijn nog altijd het goedkoopste om te ontslaan. Twee. De wet-Renault moet in zijn geheel herbekeken worden. Op zich is die wet goed, omdat er een consultatieronde voorzien is. Maar dat luidt ook meteen het eindspel in. Je zit immers in een fase waarin de beslissingen al genomen zijn. Je kan daar als vakbond enkel nog een keihard dossier tegenover leggen. In sommige gevallen zal dat met een sterke vakbond nog wel lukken. Maar in kleinere bedrijven is niet iedereen geschoold om dat te doen. Drie. Het verhaal van een mank lopend Europees beleid.”

Toen Opel dicht moest, is reeds gezegd dat de Europese Commissie de grote reconversies van grensoverschrijdende bedrijven naar zich zou kunnen toetrekken. Als zich dat op Europees niveau afspeelt, zal de solidariteit tussen de vakbonden in de verschillende landen ook anders werken. Want nu is daar nauwelijks sprake van.


Meryame Kitir: “Het is te gemakkelijk om te zeggen dat er geen solidariteit is binnen de vakbonden. Hadden ze aan ons gevraagd of we de Mondeo wilden en dat daardoor elders zoveel mensen moesten afvloeien, hadden wij ook niet neen gezegd. Europese politici moeten zorgen dat die situatie zich niet voordoet. De Ford-productie gaat naar Spanje, niet naar Roemenië of Bulgarije. Het is dus niet de loonkost die meespeelt. Uit iedere studie kwam Ford Genk eruit als de fabriek met de beste, meest flexibele, best geschoolde werknemers die bovendien kwaliteit leverden. Daar viel niets op aan te merken. Zelfs topman Stephen Odell stelde in zijn communiqué dat de loonkost weliswaar ten dele heeft meegespeeld, maar niet doorslaggevend was.”

Rudi Kennes: “Je moet het onvermijdelijk over de Europese constructie hebben. Die is zo geconcipieerd dat Europa nooit als geheel kan winnen. De Europese constructie is gebaseerd op winnaars en verliezers binnen de EU zelf. Als men het over export heeft, praten Europese ondernemers over een afstand van 400 kilometer van de Grote Markt van Antwerpen. Zolang je op die schaal werkt en niet naar groeimarkten gaat, verliest de ene lidstaat als de andere wint. Iedere lidstaat maakt apart zijn akkoorden. Dat is nu eenmaal het spel waarin je wordt gedwongen. Zoals Meryame daarnet zei: de beste beslissingen zijn de beslissingen die niet moeten worden genomen. Daar schort het.”
“Vorige maand kondigden ze de sluiting van Opel Bochum aan. Je zou denken dat het Ruhrgebied in brand staat. Neen. Ik zeg u nu al dat die fabriek in 2016 niet zal dichtgaan. Omdat ze in Duitsland een heel andere manier van zaken doen hebben. De mensen die de fabriek in Ford Genk proberen te sluiten, worden beloond. In België is HR-manager een prestigieuze titel. Als je een fabriek sluit, wil iedereen je aanwerven. Je hebt immers bewezen tegen de vakbonden te durven ingaan. Als je in Duitsland in faling gaat, mag je de volgende vijf jaar geen rechtstreekse bestuursverantwoordelijkheid meer opnemen. Daar heeft het woord ‘faling’ nog altijd een negatieve connotatie. Er is in Duitsland ook meer respect voor de vakbond. En dus waarschijnlijk ook omgekeerd. Je moet vakbonden verantwoordelijkheid geven. Er is geen enkele vakbondsman die ’s morgen opstaat en zijn fabriek wil kloten. Let op, ik pleit niet voor de mitbestimmung. Onze ideologie is de arbeiderscontrole, niet het medebeheer. Ik pleit ervoor om dat zo te houden. Maar de middelen die ter beschikking staan van de mensen die in de mitbestimmung werken, reiken veel verder. Je kunt ook alleen op een adequate manier aan arbeiderscontrole doen als je over alle informatie beschikt. Dan kan je de beslissing omkeren nog voor ze genomen wordt. Nu moet er in Ford nog gevochten worden voor een sociaal plan, terwijl de strijd al lang gestreden is. Want alleen al door de sluiting aan te kondigen, is ze betaald. Drie uur nadat de sluiting werd aangekondigd, gingen de aandelen van Ford met 1 procent omhoog. Dat gaat om 386 miljoen, of ongeveer 77.000 euro per werknemer. Door de sluiting aan te kondigen is ze dus meteen betaald. De beslissing tot sluiting wordt door de markt vertaald als ‘ze durven overcapaciteit wegsnijden’. Dat zit ingebakken in het kapitalistische bestel. Hoe los je dat op? Door een beslissing niet te laten nemen.”

In het geval van de autoconstructeurs weerklinkt er kritiek op Europa. Nagenoeg alle nieuws over Europa klinkt vandaag negatief. Het gevolg is dat het draagvlak bij de bevolking voor een Europese Unie langzaam aan het afbrokkelen is. En dat terwijl alle oplossingen voor de crisis net op het Europese niveau te vinden zijn.

Meryame Kitir: “Er kan enkel een sociaal Europa ontstaan als er mensen aan tafel zitten die over het Europese, en niet over het eigen belang praten. Nu gaat iedereen naar Brussel om zijn eigen lidstaat te verdedigen. Je moet het Europese plaatje in zijn geheel bekijken. Alleen dan zal je tot een sociaal Europa komen. Daar zijn we nog lang niet.”

Rudi Kennes: “We moeten duidelijk stellen dat we voor Europa zijn. Maar we moeten er ook bij vertellen welk Europa we dan bedoelen. Want we worden soms met héél eigenaardige medestanders geconfronteerd. Neem nu de N-VA. Die partij heeft problemen met de Belgische democratie omdat die geen Vlaamse meerderheid heeft. Maar met een Europa waar de Commissarissen niet eens verkozen zijn, hebben ze geen probleem. We moeten dus duidelijker omschrijven welk Europa we willen. Anders creëer je verwarring. Met de Europese verkiezingen in aantocht, zal het niet eenvoudig zijn om ons daar te positioneren. Natuurlijk heeft Europa een aantal verdiensten. We kennen al zestig jaar lang geen oorlog meer op ons continent. Althans, men betaalt de oorlog nu, in plaats van hem te voeren. Ik geef daar uiteraard de voorkeur aan. Want oorlog is niets anders dan een arbeider in een uniform steken. De Odells van deze wereld ga je niet op het front vinden.”

Laten we nog even terugkomen op het probleem van het brugpensioen…

Rudi Kennes: “...dat heet werkloosheid met bedrijfstoeslag. Ik wil dat toch goed benadrukken, want de mensen denken dat zij het ‘brugpensioen’ betalen en dat is niet het geval.”

Nochtans volgt de bevolking stilaan de strenge lijn: Als we allemaal langer moeten werken voor ons pensioen, dan is het ongepast dat sommigen vroeger met pensioen kunnen...

Rudi Kennes: “Maar ze gaan niet vroeger op pensioen. Bovendien wordt het ‘brugpensioen’ in 95 procent van de gevallen gegeven op vraag van de patroon om sociale bloedbaden te vermijden. De werknemers hebben dat niet gevraagd. Het enige wat zij willen, is blijven werken. Een werkloze met bedrijfstoeslag is trouwens goedkoper voor de maatschappij omdat hij sociale bijdragen blijft leveren. Een andere werkloze is gewoon een werkloze waar je geld in steekt. Maar de propaganda heeft zijn werk gedaan.”

Meryame Kitir: “Het is belangrijk te beseffen dat de maatschappij het ‘brugpensioen’ niet betaalt. Bruggepensioneerden krijgen een toeslag van de werkgever. Ook blijven ze, tot een bepaalde leeftijd, beschikbaar op de arbeidsmarkt. Men gaat daar te makkelijk over heen. De vijftigers die iedere dag aan het piket staan, willen nog wel werken. De vraag is hoeveel werkgevers hen nog willen aanwerven?”

Is dat niet net het perverse van de discussie: werkgevers roepen in de media dat ze tegen het brugpensioen zijn, maar weigeren vijftigplussers aan te werven.

Rudi Kennes: “Precies. Slechts 16 procent van de mensen boven de 50 die bij Opel Antwerpen op brugpensioen ging, is nog aan het werk. De vijftigplussers die wel aan werk zijn geraakt, laat men aan een goedkoper loon werken. Patroons maken vandaag misbruik van de bedrijfstoeslag van Opel, terwijl dat net de incentive was om terug te gaan werken. In het begin werden vijftigplussers aangenomen omdat de werkgevers tijdelijk vermindering kregen op de loonkost. Eens dat voorbij was, werden ze afgedankt. Vandaag zeggen diezelfde patroons dat vijftigplussers mogen blijven werken, maar aan een lager loon, met het behoud van bedrijfstoeslag. Werkgevers gebruiken dus de bedrijfstoeslag om lagere lonen te kunnen uitbetalen. De patroon die roept dat hij tegen het brugpensioen is, passeert dankzij de bruggepensioneerde langs de kassa.”

Hoe verklaar je dat negatieve klimaat over het brugpensioen in de pers?

Rudi Kennes: “Ik pardonneer de journalisten, omdat ik weet dat de beste artikels niet mogen verschijnen. Als Meryame morgen aan een journalist meldt dat er op Ford 300 mensen worden aangeworven, hoort ze dat de krant niet dient om een goednieuwsshow te verkopen. Kranten moeten verkopen. Bloed aan de muur verkoopt.”

Ik heb ook de indruk dat er een soort afgunstklimaat heerst dat graag gevoed wordt.

Rudi Kennes: “Het is nog altijd hetzelfde als vroeger: verdeel en heers. Als mensen zich verenigen kunnen ze veel bereiken. Je moet hen dus proberen te verdelen. Dat kan door afgunst te creëren. Ik heb dat bij Opel ook meegemaakt. Ook voor de vele interimairs hadden we een sociaal plan onderhandeld. Ik heb dat moeten bekopen in de refter. Egoïsten redeneren dat alles wat je aan een ander geeft, van hen wordt afgepakt.”

Voelen jullie in vakbondsmiddens ook die verandering in de samenleving? Er zijn nog altijd heel veel mensen lid van de vakbond, maar je hoort steeds meer dat vakbondsleden niet meer per definitie tot de linkervleugel behoren.

Rudi Kennes: “Uiteraard. Onze leden zijn geen anderen dan diegenen die op zondag gaan stemmen. Het is niet omdat je iemand zijn boterham afpakt dat hij links wordt. Het komt erop aan wie er het best zijn verhaal brengt. Het gaat niet om gelijk hebben, maar om gelijk krijgen. En het verhaal van N-VA wordt nu eenmaal gehyped. We leven niet meer in een democratie, maar in een mediacratie. De media maken en kraken. Iemand die progressief is, en in een televisiestudio wordt gevraagd, moet zich verdedigen. Wie rechts is, mag zijn verhaaltje komen vertellen zonder weerspraak.”

Meryame Kitir: “De vakbonden hebben de perceptie tegen. Dat ligt vooral aan de media. Die verschuilen zich achter de vrijheid van mening, maar doen zelf ook aan politiek. Als er vroeger gestaakt werd, werd in de krant verteld waarom er gestaakt werd. Als ik naar de beelden van de laatste stakingen kijk, zie ik dat ze iemand aan het woord laten die te veel gedronken heeft. Het negatieve wordt eruit gefilterd. Het wordt ook steeds moeilijker om syndicalist te zijn, omdat je het moeilijk aan de mensen uitgelegd krijgt. Mensen stappen mee in dat rechtse verhaal dat de vakbonden alles kapot maken. Iedereen zegt dat de Duitse vakbond zo super is. Maar je zit daar wel met mini-jobs aan 4 euro per uur. Is dat zo super? Doen we het hier dan zo slecht? Je krijgt de perceptie gewoon niet mee. Je zit constant in een verdedigende rol.”

Spelen de stakingen in het openbaar vervoer in jullie nadeel?

Rudi Kennes: “Ook dat is weer grotendeels perceptie. Als je de tijd krijgt om de mensen uit te leggen hoe het statuut van een spoorarbeider de laatste tien jaar veranderd is of hoe de veiligheid door desinvesteringen in het gedrang komt, ontstaat er wel begrip. Alleen krijg je dat niet uitgelegd. De treinstakingen zijn in de media het symbool van de grote gijzeling door de boze vakbond. Men krijgt dat verkocht omdat mensen op hun individualistische gevoelens worden bespeeld. Iedereen wil een bus in zijn buurt, niemand wil een bushalte voor zijn deur. Dat fenomeen zie je overal. De progressieve beweging heeft te weinig geïnvesteerd in, wat ik zou noemen, de vorming van mensen. We hebben de zaken te weinig uitgelegd. Neem nu de belastingen. Niemand betaalt die graag. Maar we leggen niet meer uit waarom we belastingen betalen. Terwijl het de enige manier is om die knaap met zijn Porsche nog mee te laten betalen voor de autosnelweg. Als we dat blijven uitleggen, ben ik er van overtuigd dat de meeste mensen, net zoals ikzelf, graag belastingen willen betalen. Weet je wanneer je niet graag belastingen betaalt? Als je denkt dat ik niet betaal en jij meer moet betalen. Als niet iedereen bijdraagt, hebben we een probleem.”

### De verrechtsing van de samenleving kristalliseert zich nu uit in één partij, N-VA. Dat is een duidelijke antivakbondspartij. Hoe bedreigend vinden jullie dat?

Meryame Kitir: “Ach, iedere partij wint en verliest wel eens. Je kan zeggen, laat ze maar eens aan de macht, dan zullen de mensen het wel voelen. Maar vanuit een persoonlijke ervaring maak ik me zorgen. Omdat ik weet dat het niet beter zal worden. Ik vrees dat heel wat mensen dat gewoon niet beseffen. Als ik als politica/syndicaliste met de mensen praat, schrik ik vaak. Je hoort hen nu het N-VA discours gewoon napraten. Ik maak me echt zorgen waar dit gaat eindigen.”

De N-VA maakt nu ook stilaan duidelijk welk Vlaanderen ze willen uitbouwen na de splitsing, een Vlaanderen waar iedereen zelf verantwoordelijk is voor de miserie waarin hij terecht is gekomen.

Rudi Kennes:Du bist Schuld. Alles wat u in het leven overkomt, is uw eigen schuld. N-VA is voor mij geen democratische partij. De Wever is geen democraat. Hij zegt dat ook vlakaf. Hij erkent de premier niet. Hij praat over twee democratieën. Voor mij is hij geen democraat. Hij heeft zelfs fascistoïde trekjes. Maar dat wordt met de mantel der liefde toegedekt.”

Laat me toe de advocaat van de Duivel te spelen. ‘Wij van de N-VA zullen de eerste allochtone burgemeester hebben, we hebben in Antwerpen een joodse en een Marokkaanse schepen, we hebben een openlijk homoseksueel raadslid...’

Rudi Kennes: “Een allochtone burgemeester? So what. De Grijze Wolven bestaan ook. Denk jij nu echt dat er geen rechtse Marokkanen bestaan? Dat zijn uithangborden, symbolen. Dat is goed voor de markt, voor de perceptie. Het is beangstigend dat je verkiezingen kunt winnen, niet door wat je gedaan hebt, maar enkel op basis wat mensen denken dat je gaat doen. Dat is bij deze verkiezingen gebeurd. In mijn gemeente, Willebroek, zijn de socialisten er na 92 jaar uitgevlogen. N-VA is er verkozen op basis van niets, op basis van ‘de kracht van de verandering’. Nu, ik wil het niet minimaliseren, maar zo’n eclatante verkiezingsoverwinning van N-VA was dat nu ook weer niet. Eén plus één is nu eenmaal drie in de politiek. Je moet alles maar kunnen concentreren. Rechts is inmiddels helemaal opgesoupeerd. Nu gaat De Wever beginnen aan het centrum. En hij zal er niet veel voor moeten doen. Ik zie het centrum naar hem lopen. Iemand als Steven Vanackere, waar ik in het begin veel respect voor had, zegt nu openlijk dat hij Di Rupo II niet ziet zitten. Het is zo klaar als een klontje dat De Wever burgemeester en Peeters minister-president zal blijven. Verder is er maar één streefdoel: de socialisten uit de Vlaamse Regering gooien. Dat is de agenda voor 2014.”

Dat opkomende anti-socialisme begint op te vallen. Maar het is geen typisch Vlaams fenomeen. Je ziet het ook in andere Europese lidstaten.

Meryame Kitir: “We moeten vertellen waar we wél voor staan, niet waar we tegen zijn. We moeten ook duidelijker vertellen waarom we sommige dingen niet hebben kunnen doen. De degressiviteit van de werkloosheidsuitkering is er niet gekomen omdat we dat als socialisten zo graag wilden, maar omdat de liberalen de werkloosheid in de tijd wilden beperken en je dan helemaal niets meer zou krijgen. We moeten blijven zeggen dat iedere mens recht heeft op een uitkering. Dat stuk vergeten we. Wat bij de bevolking blijft hangen, is het compromis, niet waar we voor staan.”

Klinkt de verklaring dat het ‘zonder ons nog erger was geweest’ niet steeds holler? Dat vreet stilaan aan de linkervleugel van de sociaaldemocratie. Daar wil men geen compromissen meer, maar duidelijke standpunten. Je merkt het aan de uitslag voor PVDA+ in Antwerpen: 7 procent. In Borgerhout zelfs 17 procent.

Rudi Kennes: “Progressieven maken te veel boter en verkopen er geen. Anderen zijn daar wel constant mee bezig. We maken te weinig onderscheid tussen wat een regeringsploeg doet en wat je bent als partij. Alles wordt vereenzelvigd met het beleid. Vóór de vorige federale verkiezingen wist niemand dat we federaal in de oppositie zaten. In de perceptie zijn we een beleidspartij. Als er iets misloopt, is het de schuld van de sossen, zelfs als we er niet bij zijn. We hebben ons kapot geregeerd.”

Meryame Kitir: “Het sp.a Visiecongres van december 2012 werd afgesloten met een gesprek met PvdA-leider Diederik Samsom. Hij vertelt de zaken zoals ze zijn. Wij piekeren over hoe we het moeten vertellen en wie we daarmee in de gordijnen zullen jagen. Terwijl het eigenlijk simpel is: vertel uw verhaal. Dat doen we te weinig. En als we het vertellen, doen we dat te ingewikkeld en te veel vanuit de beleidshoek.”

Rudi Kennes: “Ik pleit niet voor links populisme, maar er is binnen de sociaaldemocratie te veel ratio en te weinig emotie. We maken die fout ook als vakbond. We denken dat we een kwartier nodig hebben om het systeem van de index te verdedigen, terwijl het ook in een oneliner kan. Maar daar zijn we vies van. We vergeten naar het hart te praten. We zijn altijd maar bezig met de ratio. De mensen zappen dan weg.”

Meryame Kitir: “Op dat slotdebat van het Visiecongres kreeg Samsom een vraag over godsdienstvrijheid. Hij vertelde dat een universiteit de vraag had gesteld of er op de campus een gebedsplaats mocht komen. De eerste reactie was: ‘waarom eigenlijk niet?’ Toen bleek dat de jongens die naar de gebedsplaats gingen, meisjes die niet gingen onder druk zetten. Dat was een goede reden om aan te geven waarom je zo’n gebedsplaats maar liever niet ziet komen. Samsom slaagde erin dat duidelijk uit te leggen. Wij zijn gestopt met ons verhaal te vertellen. Wij vertellen altijd waar we geëindigd zijn, nooit waar de start van ons verhaal ligt.”

Rudi Kennes: “Waarom hadden wij vroeger de sympathie? Omdat we de verontwaardiging hadden. Als je dat niet meer kunt overbrengen, ben je dood. Daar moeten we aan werken. Maar je moet ook mensen hebben die dat geloofwaardig kunnen maken.”

N-VA heeft nu de verontwaardiging. Verontwaardigd over de profiteurs die op 52 met pensioen gaan, over de luiaards van de spoorwegen die niet anders doen dan staken, over de Walen die profiteren van de zuurverdiende centen van de hardwerkende Vlamingen…

Meryame Kitir: “Wij kunnen dat ook. Ik schrok van de reacties op mijn speech in het parlement. Dat had ik totaal niet verwacht. Ik heb hard nagedacht hoe het kwam dat net die speech heel wat commotie heeft veroorzaakt. Zijn het nu echt alleen die tranen, of was het ook het verhaal? Mijn enige conclusie is dat er gereageerd werd op mijn verontwaardiging.”

Rudi Kennes: “Geloofwaardige verontwaardiging. Iemand anders had die speech niet moeten geven. Het was omdat jij dat was, omdat het oprechte emotie was.”

Meryame Kitir: “Maar op andere vlakken kunnen we dat toch ook?”

Rudi Kennes: “Dan moet je echte verhalen brengen. Geen academische.”

In 2014 gaan we naar ‘de moeder aller verkiezingen’. Hoe zien jullie de toekomst?

Meryame Kitir: “De Wever is er in geslaagd om van gemeentelijke politiek een nationaal thema te maken. Niet alleen in Antwerpen, maar bijvoorbeeld ook in mijn Maasmechelen. Daar zijn vijf mensen verkozen die anders nooit in de politiek geraakt zouden zijn. Anderzijds gaat N-VA bijvoorbeeld in Riemst, met Peumans, niet vooruit. Zo’n grote hype is de N-VA nu ook weer niet geweest. Het zal van onszelf afhangen hoe het zal lopen. We weten dat het enorm moeilijk wordt. Binnen de regering proberen onze ministers het regeerakkoord zo goed mogelijk uit te voeren. John Crombez met zijn verhaal over fraude, Monica De Coninck met haar verhaal over tewerkstelling, Johan Vande Lanotte met het verhaal van energie. Iedereen doet wat hij moet doen, maar we gaan onze boodschap toch wat feller en duidelijker moeten brengen.”

Wat dachten jullie van de analyse van Bart Brinckman in_ De Standaard_: De Wever zal niet in de federale regering inbreken en de socialisten worden er alvast in Vlaanderen uit gekieperd. Dat wordt de deal om Peeters nog een termijn te gunnen. Dan creëer je in Vlaanderen een oppositie tegen het federale beleid, gesteund door een sterke burgemeester in Antwerpen, en kan je België verder laten verrotten.

Meryame Kitir: “De analyse is nu dat N-VA zal stijgen. Maar gaat dat zo blijven? Je voelt nu stilletjes dat het tij aan het keren is. De gewone man begint zich ook vragen te stellen. De Wever heeft in de media voorlopig nog alle vrijheid. Als hij in de studio zit, is dat vaak alleen. Als ik morgen iets wil vertellen, krijg ik direct iemand tegenover mij die me tegenspreekt. Hij krijgt van de media vrij spel. Maar ik weet niet of dat zo zal blijven. De media kunnen dat toch niet blijven volhouden? Dat is totaal niet correct. Op een gegeven moment gaat dat, gewoon omwille van de journalistieke deontologie, toch moeten keren. In dat anderhalf jaar kan er nog veel gebeuren. Ik wil dus niet al te pessimistisch zijn.”

Rudi Kennes: “Qua media-aandacht zit de N-VA inderdaad op zijn top. Wat kunnen de media nog doen, De Wever zalig verklaren?”

foto's: Theo Beck

Samenleving & Politiek, Jaargang 20, 2013, nr. 1 (januari), pagina 40 tot 50