Abonneer Log in

WAT ALS Ed Miliband premier wordt?

STATE OF THE LEFT

Samenleving & Politiek, Jaargang 22, 2015, nr. 2 (februari), pagina 70 tot 75

Wat zou er gebeuren ten aanzien van Europa als Ed Miliband de nieuwe premier van het Verenigd Koninkrijk wordt na de verkiezingen van mei 2015? Ed Miliband heeft moedig beslist dat Labour niet David Camerons belofte voor een referendum, maar wel zijn eigen agenda voor ‘hervorming’ van de EU zal volgen. Jammer genoeg betekent dit niet dat de Britse positie binnen Europa helemaal verzekerd is bij een zege van Labour.

STATE OF THE LEFT

Een rode dageraad voor Griekenland
Nico Pattyn
WAT ALS Ed Miliband premier wordt?
Roger Liddle

Naarmate de Britse verkiezingen van mei 2015 dichterbij komen, schuiven de standpunten van Labour inzake Europa en immigratie op in tegengestelde richtingen.

EUROPA

Tot op heden is Ed Miliband dapper en vastberaden over het Europese thema. Hij nam het op tegen diegenen in het schaduwkabinet die Labour de belofte van Cameron voor een referendum wilden laten volgen. Een dergelijke stap zou door aanhangers van het Europese lidmaatschap, bezorgd als ze zijn om de ‘onzekerheid’ op dat vlak weg te nemen, als een pro-Europese politiek verkocht worden. Maar in werkelijkheid zou het voornaamste politieke doel zijn om de Europese kwestie een stille dood te laten sterven en zo eurosceptische stemmen terug te winnen die zich aangetrokken voelen tot UKIP. Ed Miliband verwierp de argumenten voor een referendum over al dan niet EU-lidmaatschap omdat het de aandacht veel te sterk zou afleiden van de binnenlandse prioriteiten voor een mogelijke nieuwe Labour-regering. Maar hij verklaarde ook ondubbelzinnig en meermaals dat de toekomst van Groot-Brittannië binnen de EU ligt. Hij voegt er aan toe dat hij echte hervormingen wil in Europa, maar wel op basis van een vaste overtuiging, als sociaaldemocraat, dat het Verenigd Koninkrijk lid van de EU moet zijn en zal blijven. Miliband lijkt te erkennen dat de EU een beslissingsniveau ‘boven de natiestaat’ vormt dat een essentieel instrument uitmaakt voor een progressieve regering die de uitdagingen opgeworpen door de globalisering wil aangaan. Hij stelde Pat McFadden, de voormalige minister voor het bedrijfsleven, aan om de Europese zaak te bepleiten en tegelijkertijd een geloofwaardige Labour agenda voor de hervorming van de EU uit te werken en na te streven.

IMMIGRATIE

Op het vlak van immigratie daarentegen is de positie van Labour onduidelijker, meer defensief en mogelijk zorgwekkend. Na het succes van UKIP bij de Europese parlementsverkiezingen in mei 2014 gingen binnen Labour invloedrijke stemmen op om meer naar de ‘eigen mensen’ - waarvan verondersteld wordt dat velen naar UKIP zijn overgelopen - te luisteren. Dit is nauwelijks verhulde codetaal om de partij te vragen haar houding tegenover Oost-Europese immigratie te verharden onder druk van ontevreden kiezers.

Labour ontwikkelde dan ook een defensief pakket aan maatregelen rond migratie. Labour wijst terecht op de problemen van uitbuiting van arbeidsmigranten door werkgevers: extra lage lonen en misbruik via onderaannemers. Het is zinvol migranten aan te zetten om Engels te leren en zo de sociale integratie te vergemakkelijken. Labour pleit ook voor strengere grenscontroles, zowel voor wie binnenkomt als wie het land verlaat, om zo het probleem van de illegale immigratie beter te kunnen inschatten. Het gevolg zou evenwel kunnen zijn dat eerder het misprijzen voor de onmacht van de overheid versterkt wordt, zonder dat deze maatregel bijdraagt aan een oplossing voor het ‘probleem’.

Labour heeft ook gelijk wanneer men het zogenaamde sociaal toerisme wil aanpakken om het publieke vertrouwen in de sociale zekerheid te behouden. Maar op dit punt stuiten de beleidsvoorstellen op ernstige problemen. Uiteraard zijn er misbruiken van de sociale zekerheid door migranten. Maar de werkzaamheidsgraad van zij die op arbeidsleeftijd zijn, ligt hoger bij migranten dan bij de autochtone bevolking. Labour moet deze simpele waarheid onder ogen zien. Anders zal de voortdurende nadruk op zogenaamd sociaal toerisme alleen maar aanmoedigen dat migranten en hun families op schandalige wijze als zondebokken worden aanzien.

Meer in het algemeen slaagt Labour er momenteel niet in het thema migratie in zijn eigen context te zien. Alle politici, ook die van Labour, staan er huiverig tegenover te erkennen dat migranten een stevige positieve bijdrage leveren en zullen blijven leveren aan de Britse economie en de publieke financiën, en tevens arbeidstekorten opvangen in de bouw en in een aantal essentiële diensten zoals sociale zorg. Mogelijk zijn er daadwerkelijk problemen met de culturele assimilatie van migranten (hoewel het moeilijk aan te nemen lijkt dat deze zich meer stellen bij Oost-Europeanen, dan bij eerdere migratiegolven uit Zuid-Azië, Afrika en de Caraïben), maar feit is dat er amper hard bewijs bestaat dat migratie negatieve effecten heeft gehad. Labour moet bereid zijn dit met evenveel woorden te zeggen. Het migratieprobleem is vaak een alibi voor ontoereikende sociale voorzieningen, zoals fatsoenlijke huurwoningen. Een tekort aan woningen is echter niet de schuld van migranten, maar een falen van het huisvestingsbeleid. Trouwens, zonder belastingbijdragen van de migranten zou de overheid zich in deze tijden van soberheid in een zwakkere positie bevinden om deze bredere maatschappelijke problemen aan te pakken.

Het Verenigd Koninkrijk heeft nood aan een eerlijk discours over migratie. Maar Labour, net zomin als de Conservatieven, is bereid deze consequenties te trekken. Focusgroepen waarschuwen politici dat ‘de waarheid zeggen over migratie’ gezien wordt als een aanval op het UKIP-electoraat en dus stemmen zal kosten. Dit is een verloochening van politiek leiderschap. Het ontbreken van leiderschap rond Europese migratie kan maar in één richting leiden: als politici stilzwijgend het UKIP-standpunt accepteren dat Oost-Europese migratie een enorm probleem vormt dat moet worden beteugeld, dan is de enige mogelijkheid tot oplossing op lange termijn om de instroom van migranten te stoppen door het Verenigd Koninkrijk te laten breken met de verplichtingen van het vrij verkeer van mensen gegarandeerd door de EU-verdragen.

Numerieke controles aan de grenzen van het Verenigd Koninkrijk vergen een terugkeer naar een systeem van visa en werkvergunningen. Dit is onverenigbaar met een blijvend EU-lidmaatschap. Het zou onvermijdelijk gevolgen hebben voor de miljoenen Britten die reizen, leven, werken, studeren en van hun pensioen genieten op het continent. Maar het voornaamste probleem met deze politiek is niet dat ze anti-Europees is, en leidt tot een exit uit de EU, maar wel dat ze gewoon verkeerd is. Niet alleen is ze niet verenigbaar met het fundamentele principe van EU-lidmaatschap, maar deze politiek zou vooral van Groot-Brittannië een armer, meer bekrompen en op zichzelf gericht land maken - net het tegenovergestelde van de ‘open houding ten aanzien van de wereld’ die het kenmerk zou moeten zijn van het succes van het Verenigd Koninkrijk in een geglobaliseerde wereld.

REGEREN WORDT NIET EENVOUDIG

Zelfs al wordt Ed Miliband in mei 2015 premier, de verkiezingsnederlaag van de Conservatieven zal voor zijn Labour-regering gevolgen hebben. Als David Cameron bij de parlementsverkiezingen van mei faalt om de Conservatieven aan de macht te houden, luidt zijn doodsklok als Tory-leider. Aangezien het aantal UKIP-stemmen naar alle waarschijnlijkheid als oorzaak zou worden gezien voor de nederlaag van de Conservatieven, zou zijn opvolger wellicht een meer eurosceptische en anti-immigratietoon moeten aanslaan om de partijleiding in handen te krijgen. Sommige kandidaten voor het Conservatieve leiderschap zouden onder immense druk van de rechtervleugel van de partij komen te staan om ondubbelzinnig een terugtrekking uit de EU te beloven en/of het opleggen van grenscontroles op de interne migratie binnen de EU, met of mogelijk zelfs zonder referendum. Het zou van de nieuwe leider van de Conservatieven afhangen of beslist wordt die houding te nuanceren, en de deur open te laten voor blijvende steun voor het EU-lidmaatschap, of toe te geven aan de druk van populistisch rechts. Beide opties zouden de verdeeldheid binnen de partij versterken. Sterke weerstand tegen de rechtervleugel zou alleszins kunnen leiden tot meer desertie van Conservatieve parlementsleden richting UKIP, afhankelijk van hoe geloofwaardig die partij blijft na de verkiezingen.

Op korte termijn kan Conservatieve verdeeldheid over Europa Labour misschien in de kaart spelen, maar in werkelijkheid vormt deze kwestie een existentiële keuze voor Labour. Groot-Brittannië regeren in het volgende parlement zal niet eenvoudig zijn. Door de recente economische heropflakkering worden de diepe onderliggende problemen gemaskeerd: een blijvend begrotingstekort, een zwakke betalingsbalans en amper productiviteitsgroei. De op investeringen en groei gerichte begrotingsconsolidatie, die Groot-Brittannië nog steeds nodig heeft, zal pijnlijke en politiek impopulaire bezuinigingen en belastingverhogingen vereisen. Om het even welke Labour-regering zou wel eens een zwakke parlementaire positie kunnen hebben. Misschien heeft ze geen absolute meerderheid. En als die er is, zullen er grote problemen zijn met rebelse parlementsleden uit de eigen gelederen die zich verzetten tegen harde economische maatregelen. Als er een minderheidsregering van Labour komt, kan er toch een pro-EU-referendum meerderheid zijn in het Lagerhuis.

Een in toenemende mate impopulaire en mogelijk verdeelde Labour-regering zou een sterker anti-Europese en anti-immigratie Conservatieve partij tegenover zich kunnen zien staan, wellicht strijdend met een sterker geworden UKIP. Die partij zou zich dan in een goede positie bevinden om gedesillusioneerde Labour-kiezers in te pikken. Vooral dan de kiezers uit de arbeidersklasse in Noord-Engeland, het kerngebied van Labour. Immigratie zal, ook na de verkiezingen, het thema blijven dat Labour het meest op de proef stelt.

OPEN OF GESLOTEN LABOUR?

Labour zal, eens in de regering, met de fundamentele keuze geconfronteerd worden wat voor soort partij ze is en welke electorale strategie ze moet volgen. In wezen zal de partij worden gedwongen te kiezen tussen een pleidooi voor een sociaaldemocratie van de gesloten natiestaat of het verdedigen van de open samenleving. Als Labour kiest voor de logica van de ‘open samenleving’ moet het ophouden met haar obsessie over het verlies aan UKIP van een, zo niet grotendeels mythische, dan toch op zijn minst sterk afnemende harde kern van traditionele blue-collar stemmen. Labour heeft onder Ed Miliband haar electorale strategie gericht op het terugwinnen van deze traditionele blue-collar kiezers, die Blair volgens velen ‘van de partij vervreemd heeft’. Miliband en zijn bondgenoten zijn wellicht zeer voorzichtig om weer tot een strategie voor de ‘open samenleving’ over te gaan die mogelijk het ‘politieke centrum’ meer aanspreekt. Dit betekent niet dat Labour moet overgaan tot een naïef multiculturalisme. Immigratie heeft controle nodig. De bevolking moet vertrouwen hebben dat de regels zullen worden afgedwongen. Integratie moet reëel zijn. Maar in een geglobaliseerde wereld zal er meer immigratie zijn. En in de EU is dat tweerichtingsverkeer. Dit is de enige geloofwaardige weg voorwaarts voor een progressieve politiek.

Vandaag zou Labour haar visie op beleid moeten kaderen in het licht van de continue transformatie van het Verenigd Koninkrijk in een kennis- en diensteneconomie met een zeer diverse sociale samenstelling. Daarmee zou Labour ook haar bijval versterken bij kringen uit het bedrijfsleven en bij de middenklasse, waarvan velen instinctief neigen naar de gematigden onder de Liberaal-Democraten en Conservatieven. Een dergelijk mikken op het centrum zou de basis kunnen leggen voor een nieuwe progressieve consensus waarin een modern beleid voor groei, op basis van een bedrijfsvriendelijk industrieel activisme en een betekenisvolle overdracht van bevoegdheden naar Engelse steden en regio’s, zou worden gecombineerd met een rechtvaardiger aanpak van de bezuinigingen waarbij via belastinginkomsten (vooral nieuwe belastingen op rijkdom en bezit) een groter deel van de lasten zouden worden gedragen. Er zou nog steeds behoefte zijn aan drastische bezuinigingen waarbij veel banen in delen van de publieke sector verloren zouden gaan, en ook aan moeilijke beslissingen in de sociale zekerheid, vooral voor de oudere leeftijdsgroepen die de huidige coalitie heeft ontzien ten koste van jonge gezinnen en werkende armen, maar zonder een rigoureuze aanpak gericht op prioriteiten, zal Labour niet in staat zijn de extra middelen te vinden die nodig zijn om de groeiende behoeften op sociaal vlak en in de gezondheidszorg te financieren, en tegelijk de onderwijskansen te verhogen voor de kansarmen. In plaats van alleen te focussen op het winnen van een meerderheid in Westminster, moet Labour tonen dat het bereid is om te werken aan beleid verspreid over verschillende niveaus. De decentralisatie van de macht in Engeland zou deel uitmaken van een nieuwe grondwettelijke regeling waarbij we evolueren naar een federaal Groot-Brittannië, dat in staat is de politieke macht en de economische dynamiek te herschikken, weg van de huidige dominantie door Londen en Whitehall.

AGENDA VOOR EUROPA

Een Labour-beleid voor Europese hervormingen moet op natuurlijke wijze aansluiten bij deze bredere agenda. Labour moet niet opnieuw proberen om de Europese kwestie uit de weg te gaan om dan opportunistisch te reageren wanneer het thema Europa niet langer kan worden vermeden. Labour moet op dit terrein haar eigen hervormingsvoorstellen ontwikkelen, en niet een flauwe imitatie van die van David Cameron aanbieden. Deze voorstellen moeten worden gebaseerd op de volgende principes:

  1. Een programma voor heel de EU van gecoördineerde grensoverschrijdende en binnenlandse investeringen om de wurggreep van deflatie en bezuinigingen te doorbreken. Dit moet zich richten op vervoer, energie en digitale infrastructuur om zo de EU in staat te stellen om haar doelstelling te bereiken van een vermindering van 40 procent van de uitstoot van koolstofdioxide in 2030. Dit zou worden gefinancierd door een mix van meer leningen van de Europese Investeringsbank, innovatieve door de EU-gedekte obligaties en een soepele inzet van de structuurfondsen.

  2. Een nieuw Europees initiatief tot fiscale samenwerking om te verzekeren dat grote ondernemingen in Europa een rechtvaardig deel van de vennootschapsbelasting betalen en dat vermogende particulieren niet aan hun verplichtingen kunnen ontsnappen via belastingparadijzen.

  3. De Europese groei stimuleren door het potentieel van grensoverschrijdend onderzoek en samenwerking te benutten; het EU-budget richten op duidelijke prioriteiten voor groei, en niet aan verspillende uitgaven; de verdieping van de interne markt voor informatica, energie en diensten, in evenwicht gehouden door passende en proportionele regelgeving op EU-niveau; en het krachtig nastreven van vrije en faire handelsakkoorden.

  4. Steun voor het principe van een eengemaakte kapitaalmarkt die snelgroeiende bedrijven nieuwe financieringsbronnen voor groei biedt en ondernemingen bevrijdt van het juk van een falend banksysteem.

  5. Een nieuwe nadruk op een sociaal Europa om er voor te zorgen dat elke lidstaat zorgt voor een fatsoenlijk minimumloon; het EU sociaal fonds doelbewust richten op de aanpak van de jeugdwerkloosheid door een gemeenschappelijke garantie op EU-niveau; de arbeidsmarkten openen, maar de werknemers beschermen tegen de angst voor sociale dumping; en regels rond migratie hervormen.

  6. Een engagement om een Europese defensie-industrie uit te bouwen die aan reële militaire aankoopbehoeften voldoet tegen aanzienlijk lagere kosten.

  7. Een engagement om de gezamenlijke grenzen van Europa sterker te maken, hulp te coördineren aan landen die aan de oorsprong liggen van de migratiedruk en de samenwerking tussen politie en veiligheidsdiensten te verdiepen (en niet te verzwakken).

  8. Een Britse minister voor Europa die verantwoording aflegt aan het Lagerhuis voor het beleid dat Groot-Brittannië voert in de Europese Raad.

  9. Een sterkere rol voor de nationale parlementen bij de toetsing en goedkeuring van het EU-beleid.

  10. Inzetten op het verminderen van de regeldruk van het bestaande EU acquis, het vereenvoudigen van de EU-wetgeving, en zorgen dat de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid volledig worden nageleefd in de toekomst.

GEDURFD STANDPUNT

Dit moet worden gezien als een weloverwogen programma om de Britse politieke economie te ‘Europeaniseren’, wat een veel breder terrein inhoudt dan het traditionele, economisch liberale Britse concept van ‘hervorming van de EU’. Liberalisering is nodig, maar in een bredere, op groei gerichte, milieuvriendelijke en sociaal inclusieve context.

Als Labour er niet in slaagt een gedurfd standpunt in te nemen over Europa en immigratie, bestaat het risico dat door een combinatie van Conservatieven die zich nog rechtser profileren over Europa, een zwakke en impopulaire Labour-regering, en UKIP dat zich opwerpt als de belangrijkste oppositiepartij tegen Labour in veel arbeiderskiesdistricten, de toekomst van de Britse positie in Europa zou kunnen afhangen van het nog onvoorspelbaarder resultaat van de parlementsverkiezingen die volgen op die van mei 2015. Die zouden er onaangenaam sneller kunnen zijn dan Labour het zou wensen.

Roger Liddle
Voorzitter Britse denktank Policy Network

(Vertaling: Nico Pattyn)

Groot-Brittannië - Labour Party - migratie - Europa

Samenleving & Politiek, Jaargang 22, 2015, nr. 2 (februari), pagina 70 tot 75