Log in

Heeft mei ’68 wel een erfenis?

De breuk met het verleden ligt niet in ’68 maar in ’79 en ’80, met Thatcher en Reagan.

De gedachten zijn vrij. Mei ’68 heeft geen eenvormige erfenis… Het is de meimaand in Frankrijk. Het hoogtepunt van de studentenstrijd, verlengd met de grootste algemene staking in de Franse geschiedenis. De strijd was al begonnen op 22 maart. En het leidde tot het einde van het Gaullistisch bonapartisch regime in 1969. Misschien is Macron en de ineenstorting van de gaullistische rechterzijde wel nog een erfenis van mei ’68.

Mei ’68 maakt deel uit van het kanteljaar ’68. In januari zette de Vietcong het grote Têt-offensief in. Een veldslag die een historische nederlaag van het Amerikaans imperialisme in 1975 inluidde. De tijd ook van de ontvoogding van derdewereldlanden, waarvan sommige nu ook wereldspelers zijn geworden. Het was ook het jaar van de Praagse fluwelen revolutie. Neergeslagen door de Russische tanks, maar toch de verderzetting van het verzet tegen de bureaucratische dictatuur en de voorbode van de totale ineenstortring in 1989.

Mei 68 behoort tot de jaren 1960. In de gehele wereld waren de jongeren in beweging, van de VS tot in Japan. Koopkrachtige en hoger opgeleide jongeren lieten hun aparte stem horen in verzet tegen betutteling en traditie. 'The Times They Are a-Changin', zong Bob Dylan. Het was de tijd van Elvis Presley en later van The Beatles, The Rolling Stones, maar ook van Bob Dylan, Donovan, zelfs van Pete Seeger, Woody Guthrie, Joan Baez en andere protestzangers. Een generatie die van 'welvaart' 'welzijn' wilde maken. Bij het ouder worden werd het voor velen terug gewoon 'consumptie', maar voor een significant deel toch ook 'anders gaan leven'. Zij droegen de nieuwe sociale bewegingen: de vrouwenbeweging, de roze beweging, de groene beweging, de onderwijsvernieuwing, derdewereldsolidariteit, enzovoort. En ja, velen hebben nog een tijd aan een echte omwenteling gedacht. Dat was ook niet zo fantastisch in tijden van de Anjerrevolutie in Portugal, het einde van de Franco-dictatuur in Spanje of de val van het Griekse kolonelsregime.

De gouden jaren 1960 waren het product van een historische uitzondering, een illusie als het ware: een kapitalisme zonder crisis, waarin economische groei werd gecombineerd met algemene tewerkstelling, sociale vooruitgang en meer vrije tijd. In zo’n wereld was echt wel emancipatie aan de orde, bevrijding,… 'Sterft gij oude vormen en gedachten'. De illusie werd nogal bruusk onderbroken door de veralgemeende crisis van 1974-75, het einde van het Keynesiaanse beleid en in de jaren 1980 het neoliberaal verbreken van het sociaal contract. Daar ligt de breuk met het verleden. Niet in ’68, maar in ’79 en ’80 met Thatcher en Reagan. Het vrijheidsstreven werd deregulering, flexibilisering en liberalisering. De internationale solidariteit werd mondiale vermarkting. Emancipatie werd egocentrisch individualisme en obsessioneel consumentisme.

Velen verloren er het kompas bij. Vele generatiegenoten, zeker. Maar vooral zij die beter hadden moeten weten. In de eerste plaats de arbeidersbeweging die zich inpaste in het nieuwe marktdenken. De partijen die allen liberaal werden, zij het wat meer of minder sociaal of nationaal. Of vele nieuwe sociale bewegingen die met subsidies en decreten deel werden van de nieuwe orde. Of media, kunstenaars, onderzoekers en intellectuelen, die kijk-, publieks- of publicatiecijfers als maatstaf namen. En om zichzelf te verschonen werd hier en daar de geschiedenis herschreven en zeker de uitgangspunten als 'uit de tijd' weggezet.

En nu, vijftig jaar na datum, moet alles zo nodig nog eens op een rijtje worden gezet, ook bij ons. Was Leuven Vlaams dan wel onze mei ’68? De studentenrevolte was hier al in ’66 begonnen tegen het zeer dictatoriale mandement van de bisschoppen. En ja, het draaide om de splitsing van de KU Leuven, voor de enen om 'Walen buiten', voor de anderen – de meesten toen nog – tegen de bourgeois universiteit en voor een Franstalige universiteit voor het volk in het midden van Wallonië. Er waren twee kanten aan de medaille en voor elke kant wordt nu gevochten, alsof het N-VA toen is geboren. En dus vergeet men de massale scholierenbeweging voor een democratisch onderwijs. De studentenrevoltes in Brussel in ’68 en in Gent in maart ’69. De golf van wilde stakingen in de mijnen en aan de dokken. Dat de jaren 1960 hier begonnen met de grote algemene werkstaking ’60-’61. Dat leidde tot een radicalisering die door de toenmalige BSP werd afgewezen; en tot de uitsluiting van de linkerzijde rond de bladen Links en La Gauche. Spaak werd midden de Koude Oorlog NAVO secretaris-generaal en Vranckx werd de minister van de rijkswacht en de sterke staat. De worm was toen al in de sociaaldemocratie geslopen. Misschien zijn de huidige desastreuze verkiezingsresultaten van de Europese sociaaldemocratie ook wel een erfenis van die jaren 1960.

De beste bijdrage tot het debat bij ons schreef Paul Goossens. Met verve verdedigt hij de geest van mei ’68 als een verlenging van de verlichting tegenover het nieuwe obscurantisme en het conservatieve denken. Wat mij betreft hebben de laatste vijftig jaren mij gesterkt in de overtuiging van toen, dat emancipatie steeds botst op het heersende systeem. Vandaag zijn de planetaire uitdagingen groter dan ooit. Onze verhouding met de natuur is desastreus. De sociale ongelijkheid leidt tot economische catastrofes. Nationalisme en conservatisme zijn obstakels tegen menselijkheid en broederschap. Radicaal denken is meer dan ooit noodzakelijk. En daarvoor is een goed debat over de geschiedenis altijd meegenomen. En dat ontbreekt vandaag schromelijk: historisch inzicht. Daarom ook gaat de erfenisdiscussie alle kanten op. Ce n'était qu'un début, continuons le débat.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 5 (mei), pagina 16 tot 17