Abonneer Log in

Baanbrekers

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 6 (juni), pagina 74 tot 76

Baanbrekers

Güler Turan
Houtekiet, Antwerpen, 2018

'Een dikke vette knipoog', zo introduceerde volksvertegenwoordiger Güler Turan haar boek bij me. Die knipoog was niet voor mij bedoeld maar voor de Antwerpse burgemeester en andere politici die de 'meerwaarde' van Vlamingen met migratieachtergrond en migranten wel eens in vraag durven stellen. Met Baanbrekers dient Turan de sceptici van antwoord: ze geeft de vele succesvolle (maar onzichtbare) ondernemers met migratieachtergrond in Vlaanderen niet alleen een naam en een gezicht, maar ook de kans om met hun verhaal naar buiten te treden.

In een politiek klimaat waarin kosten-batenanalyses niet alleen voor bedrijven maar ook voor mensen worden opgemaakt en volksvertegenwoordigers de 'economische meerwaarde' van hele groepen burgers in vraag stellen, kan dit boek zonder meer als statement gelden. Turan verzamelde voor dit boek tien getuigenissen van 'baanbrekende' ondernemers mét roots in het buitenland. Ze heeft het zelf over 'het gezicht van een nieuwe economie: een kersverse generatie, waarvoor diversiteit geen last maar een kracht is'. Als advocate gespecialiseerd in ondernemingsrecht, is Turan in elk geval de geknipte persoon om dit verhaal te brengen. En dat doet ze in dit boek doordacht én met veel stijl. In de inleiding geeft Turan duidelijk aan waarom dergelijke uitlatingen haar (als zelfstandige met andere roots) zo aangrijpen, maar ook welke kansen zij (als politica) ziet om divers ondernemerschap verder te laten groeien in Vlaanderen vandaag. Daarna laat ze het woord aan tien topondernemers in Vlaanderen om hun eigen verhaal te vertellen.

De verhalen zijn bijzonder uiteenlopend, evenals hun roots. Het zijn kinderen van Turkse en Griekse mijnwerkers en Marokkaanse gastarbeiders, maar evengoed Maleisische, Indische en Turkse entrepreneurs die een opportuniteit zagen om in Vlaanderen te investeren en er dan ook maar kwamen wonen. Het enige wat deze zeer diverse reeks mensen gemeen heeft is het feit dat ze als ondernemer aantoonbare (en bijna allemaal internationale) successen hebben geboekt in Vlaanderen. Allemaal runnen ze grote bedrijven die tientallen of zelfs honderden mensen tewerkstellen.

De economische meerwaardezoeker komt met andere woorden ruim aan zijn trekken in dit boek. Maar ook los daarvan is dit zeker een lezenswaardig boek. De verhalen zijn goed gekozen en gebracht, met veel aandacht en respect voor de persoonlijke visie van de getuigen. Dat maakt het boek extra interessant. Op het einde heb je niet alleen tien verhalen gelezen, maar ook tien verschillende visies op 'allochtoon ondernemerschap' in Vlaanderen. In die zin durf ik ook hopen dat dit boek ertoe zal bijdragen dat deze straffe ondernemers een zitje aan de debattafel kunnen veroveren.

De verhalen spreken voor zich. Waar ik als lezer wel over blijf struikelen, is het kader dat Turan aanbiedt in de titel. Turan noemt haar tien getuigen 'baanbrekers' en dat lijkt me niet helemaal terecht. Niet dat de geportretteerden geen uitzonderlijk en inspirerend parcours hebben afgelegd. Rolmodellen zijn ze zonder twijfel, maar het zijn daarmee geen 'baanbrekers' in die zin dat ze de weg bereid hebben voor anderen. Sterker nog, bijna alle getuigen in het boek verwijzen expliciet naar het 'baanbrekend werk' dat hun ouders hebben verricht als belangrijkste verklaring voor hun eigen succes. Zo vertelt Stijn Skodras (CEO van Skodras Sales Service) het aangrijpende verhaal van zijn vader die elke dag van 22u tot 6u in de mijn werkte, maar overdag ook nog een Grieks winkeltje uitbaatte in Houthalen.

Bijna allemaal brengen de getuigen een dergelijk verhaal over hun ouders aan. Een Italiaans busbedrijfje, een Turks kruidenierswinkeltje of een eenmansmetsersbedrijfje. Zo'n zaken zouden vandaag wellicht onder de categorie 'imagoverlagend' vallen, maar het waren wel 'echte pioniers' in hun tijd. Zij maakten het onmogelijke mogelijk, braken in veel gevallen wél met hun verleden en namen grote risico's om het pad te effenen, niet alleen voor zichzelf, maar ook voor anderen. Hun 'economische meerwaarde' is misschien niet groot genoeg om burgemeesters lik op stuk te geven, maar hun maatschappelijke meerwaarde is in veel gevallen bijzonder groot (en weinig erkend). In die zin denk ik dat de titel van 'baanbrekers' meer van toepassing is op de generatie die de kansen creëerde, dan op de generatie die de kansen greep.

Door deze ondernemers als 'baanbrekers' te introduceren, bevestigt Turan bovendien in zekere zin het beeld dat ze met dit boek juist wil ontkrachten: namelijk dat 'succesvolle ondernemers met migratieachtergrond' vandaag de 'uitzonderingen zijn die de regel bevestigen'. Is dat zo? Turan stelt de vraag zelf in de inleiding van het boek, maar laat ze uiteindelijk grotendeels onbeantwoord. Een meer cijfermatige analyse was hier nochtans niet verloren gegaan. Zo is er onderzoek dat aantoont dat de ondernemingsgraad bij Vlamingen met migratieachtergrond al decennia hoger ligt dan bij Vlamingen zonder migratieachtergrond. Wat maakt deze generatie ondernemers dan 'nieuw'? Wat doen zij precies anders? Met hoeveel zijn ze? Met Baanbrekers laat Turan enkel het allerhoogste topje van de ijsberg zien (en dat is als eerste aanzet bijzonder waardevol), maar als lezer zoek je meer. Om aan te geven dat het hier niet om een stelletje 'witte raven' gaat, maar om een beweging waarvan we hier slechts de voorhoede zien, was een analyse van de ijsberg in zijn geheel erg interessant geweest.

Om al die redenen lijkt de titel niet helemaal bij het boek te passen. De ondertitel dekt de lading van het boek veel beter. Die luidt: 'Kracht uit afkomst'. Dat typeert de ondernemers die Turan aan het woord laat meer en hierin herken je als lezer wel de rode draad in dit boek. Zelf verwijzen ze minder naar hun culturele achtergrond, als wel naar hun migratieverhaal als katalysator voor hun ondernemerschap. Uit het lef en het doorzettingsvermogen dat nodig was om de migratie naar Vlaanderen mogelijk te maken, putten de ondernemers tot op de dag van vandaag energie. Ook uit de discriminatie die ze (vaak als jonge kinderen) ondervonden, halen de getuigen in het boek kracht. Hatice Karakurt (CEO van Résidence Granvelle) verwoordt het: 'Als ik gelijk was behandeld, had ik misschien minder de drang gevoeld om te presteren. De motor voor mijn dadendrang is pure colère.'

Uit de verhalen wordt ook duidelijk dat die 'afkomst' niet alleen voor energie zorgt, maar ook een extra dimensie toevoegt aan hun ondernemerschap. Zo beschikken ze allemaal over een opvallende 'internationale mindset'. Het buitenland schrikt niet af, het was er in hun hoofd al altijd bij. Met hun meertaligheid en achtergrondkennis over de bedrijfscultuur in andere landen, hebben deze ondernemers bijzondere troeven in handen om te internationaliseren. Behalve van een internationale 'mindset' geven deze ondernemers ook blijk van een 'superdiverse' mindset. Terwijl heel wat Vlaamse bedrijven vandaag worstelen om zich te herpositioneren in een context van toenemende superdiversiteit, beschrijven de getuigen in het boek hun eigen bedrijven als 'de wereld in een notendop'. Voor hen is diversiteit geen uitdaging, maar de natuurlijkste zaak van de wereld. Ze hoeven er niet over na te denken, geen beleid rond uit te werken of in te investeren: het komt allemaal automatisch.

Voor deze ondernemers is hun afkomst een extra troef, ook al ziet de buitenwereld dit misschien niet zo. Baanbrekers zou ik ze niet noemen, maar rolmodellen zijn het zeker. Ook, of misschien zelfs vooral, voor Vlaamse ondernemers zonder migratieachtergrond die veel vragen hebben over ondernemen in diversiteit. Zouden ze ook de voorhoede kunnen worden van een nieuwe generatie ondernemers? Dat zal volgens Turan niet alleen afhangen van het potentieel, maar minstens even veel van het beleid dat de baan voor deze ondernemers moeten openbreken.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 6 (juni), pagina 74 tot 76