Abonneer Log in

De marginalisering van de SDG's

Samenleving & Politiek, Jaargang 26, 2019, nr. 4 (april), pagina 70 tot 71

Plaats de Agenda 2030 van de Verenigde Naties centraal in het EU-beleid

In september 2015 lanceerden de Verenigde Naties hun Agenda 2030 en de bijhorende Sustainable Development Goals (SDG's). Met hun 17 doelen en 169 concrete doelstellingen moeten ze van de planeet een leefbaarder plek maken. Duurzame ontwikkeling is het overkoepelende paradigma. Met andere woorden: de verzoening van sociale bescherming, economische ontwikkeling en ecologische grenzen. De tekst is verre van perfect, maar als compromis tussen 193 staten een diplomatieke prestatie. De meervoudige, onderling verweven mondiale crisissen gaven het concept duurzame ontwikkeling terecht een nieuw leven.

De SDG's verdienen het om centraal te staan in de beleidsvorming van de EU. Ze beslaan een ruime waaier van relevante thema's, zoals armoede, ongelijkheid, voedsel, gezondheid, biodiversiteit, infrastructuur, enzovoort. Ze veronderstellen actie en beleidscoherentie in het interne en externe beleid. De SDG's zijn de opvolgers van de Millennium Development Goals (MDG's) die in 2015 afliepen. Als zodanig worden ze nog te vaak gezien als een zaak voor de ministers en EU-commissaris van Ontwikkelingssamenwerking – in het beste geval ook Milieu. Dat is niet de bedoeling. De SDG's zijn universeel en mikken op transformatie in zowel noord als zuid. Ze veronderstellen een zogenaamde whole-of-government approach waarbij de hele nationale regering en alle EU-instellingen worden gemobiliseerd.

De SDG's bieden een kans om de sluimerende EU-beleidslijn duurzame ontwikkeling nieuw leven in te blazen. Na een evaluatie in 2009 van de Europese Strategie voor Duurzame Ontwikkeling hebben we daar niet veel meer van gehoord. Toen kwamen immers de mondiale en Europese financiële crisis. De EU-instellingen gingen vlug andere plannen maken om de Europese economie vlot te trekken en de schulden onder controle te houden.

In 2010 werd de EU 2020-strategie aangenomen met het oog op een 'slimme, duurzame en inclusieve groei'. Zij bevatte onder meer doelstellingen en 'vlaggenschip-initiatieven' over economie, klimaat, hulpbronnenefficiëntie en armoedebestrijding. Volgens de methodiek van het Europese semester ter opvolging van EU 2020 moeten de lidstaten elk jaar een nationaal hervormingsprogramma indienen, naast een plan over de begrotingspolitiek. Hoewel de EU 2020-strategie verscheidene aanknopingspunten met de SDG's bevat, kunnen wij niet zeggen dat zij doordrongen is van het integrerende paradigma van duurzame ontwikkeling. Dat geldt zeker ook voor het Plan-Juncker voor investeringen en de 10 prioriteiten van de Europese Commissie, beide gelanceerd in 2014.

Vanaf 2015 stelde zich dan de vraag hoe de SDG's geïntegreerd konden worden in de lopende Europese strategieën. De coördinatie werd toevertrouwd aan de eerste vicevoorzitter van de Europese Commissie, Frans Timmermans. Als nieuwkomers konden de SDG's niet de bestaande strategische teksten laten vervangen. Omtrent veel SDG's had de EU al beleid, met nu eens andere, dan weer meer of minder ambitieuze doelstellingen.

De VN-Agenda 2030 is goed verankerd in de Nieuwe Europese Consensus voor Ontwikkeling (2017). Dat gaat over ontwikkelingssamenwerking. Maar voor de rest is Brussel nog niet veel verder geraakt dat te zeggen hoe goed de EU het al doet. In cruciale beleidsteksten zoals het Witboek voor de Toekomst van Europa (2017) en zijn opvolgingsdocumenten, alsook de herziene Better Regulation Guidelines (2017) is de VN-Agenda 2030 zelfs nagenoeg afwezig. Een studie besteld door het Europees Parlement is niet mals voor de Europese Commissie. Vanuit het Europees Parlement en de Raad van Ministers kwamen er vanaf 2017 wel impulsen. Maar uiteindelijk moet de Commissie het sturende werk op EU-niveau leveren.

Eind januari 2019 – bijna vier jaar na de goedkeuring van de SDG's en enkele maanden voor de Europese verkiezingen – publiceerde de Europese Commissie een eerste grondiger reflectienota over de inpassing van de SDG's in het EU-beleid. De Commissie stelt drie mogelijke scenario's voor. In scenario 1 worden de SDG's het centrale beleidskader voor de EU én haar lidstaten met een sterke coördinatie vanuit het hoogste niveau. Scenario 2 voorziet de verdere mainstreaming van de SDG's binnen de EU-instellingen onder leiding van een EU-commissaris (zoals nu), maar met veel vrijheid voor de lidstaten. In scenario 3 zou de EU haar SDG-werk vooral op de buitenwereld richten, opdat die zou kunnen bijbenen met de EU, toch al de mondiale 'trailblazer' voor duurzame ontwikkeling.

De Europese ngo-koepel SDG Watch sprak zijn teleurstelling uit over het feit dat Europa hier zo laat mee komt, en dan nog met een vage tekst. Scenario 3 vindt helemaal geen genade: het is een aanfluiting van de universele SDG-agenda, getuigt van neokoloniale zelfoverschatting en gaat erg licht over de nog grote problemen inzake duurzaamheid in de EU zelf.

Over het algemeen kunnen wij zeggen dat de EU de SDG's niet als centraal referentiekader hanteert. De belangrijkste beslissing van de universele VN in jaren wordt in Europa te veel als een achterafje beschouwd. Het scharnierjaar 2019 biedt een gouden kans om een nieuwe start te maken. We krijgen een nieuw Europees Parlement en een nieuwe Commissie. De Europa 2020-strategie loopt op haar laatste benen. In juli gaat de EU op het High-Level Political Forum van VN in New York haar zelfrapportage voorstellen. Op een slimme manier kan de Agenda 2030, overeenkomstig scenario 1, tot de voornaamste inspiratiebron voor de Europese strategie op economisch, sociaal en ecologisch vlak worden gepromoveerd. Dit kan samengaan met hogere ambitieniveaus. De opvolging van de SDG's kan worden opgenomen in het vernieuwde Europese semester. Want is er een beter overkoepelend paradigma denkbaar dan duurzame ontwikkeling?

Samenleving & Politiek, Jaargang 26, 2019, nr. 4 (april), pagina 70 tot 71