Abonneer Log in

Samenleven

Zomerreeks - Hoop 2019

Het kan. Het vraagt een erg kleine inspanning om rekening te houden met de ander.

Misschien wil ik een wat eigenaardige these verdedigen om enigszins in te gaan tegen doemdenken, gezeur en dwaze gedachten die steunen op drijfzand. Of mijn these dan zelf enige evidentie zal hebben, zal ik nog moeten aantonen; het zal dan wel geen empirische evidentie zijn, maar een pure logische deductie.

'Het leven is onhoudbaar zonder hoop', of de meer logisch formalistische omschrijving 'leven impliceert hoop hebben'; of 'hoop is inherent aan leven'; een stelling die inderdaad haar waarheid moet aantonen door empirische bewijsvoering. Wie geen hoop heeft zet geen stap verder, blijft ter plaatse trappelen, stapt via doemdenken een neerwaartse spiraal binnen die leidt tot zwartgalligheid, doemdenken, tunnelvisie en uiteindelijk de vroeg of latere dood. Het bijwoord 'hopeloos' wordt immers aangewend om aan te geven hoe erg het wel gesteld is (bijvoorbeeld 'hopeloos vervelend' of 'hopeloos langzaam'). Geen twijfel mogelijk: hopeloos is 'heel erg'. 'Hoop doet leven' is nog zo'n uitsmijter en sinds vorig jaar onweerlegbaar verbonden met de film over leven en werk van Will Tura. We hebben een empirisch draagvlak voor ons axioma. De deductie luidt dan als volgt:

Hoop is inherent aan leven
A leeft
A heeft hoop

Tot zover misschien een wat simplistische deductieve redenering. Maar er bestaat toch ook zoiets als 'veel hoop' of een 'sprankeltje hoop'. Inderdaad, hoop is geen discreet gegeven. Het is een continuüm: van veel naar weinig hoop (of omgekeerd), met alle tussenvarianten. We kunnen wel eens uitroepen 'het is hopeloos', maar tegelijkertijd is dit een aanzet tot het zoeken naar een sprankeltje hoop. 'De toestand is ernstig maar niet hopeloos' is nog zo'n geijkte uitspraak. Omgekeerd wordt 'De toestand is hopeloos, maar niet ernstig' net gebruikt als woordspeling op de voorgaande uitspraak, met de bedoeling aan te geven dat je de situatie niet al te letterlijk moet nemen.

Wat kunnen we nog toevoegen aan de analyse van de hoop na de publicatie van het driedeling standaardwerk van Ernst Bloch Das Prinzip Hoffnung (1938-1947)? Als Joodse vluchteling komt Bloch in de VS terecht en overleeft er als bordenwasser. Vanuit deze realiteit schrijft hij zijn filosofie van de hoop. Geïnspireerd door de fenomenologen uit zijn tijd (Husserl, Heidegger), poneert Bloch een nieuwe ontologische categorie: 'het nog niet zijn'; wezenlijk verschillend met 'het niet zijn' en een principieel statuut gevend aan het maakbare. In hedendaagse termen zouden we spreken over 'de maakbare mens'.

Waar halen we de dwaze gedachten vandaan als ware het dat we vandaag zouden worden geconfronteerd met 'de crisis van de toekomst'? Zijn we de verhalen van een paar decennia geleden dan verleerd? Wie voedt de narratieven van de angst, het vreemde en het wantrouwen? Wie vertelt nog de verhalen van het sociaal weefsel, het verbinden, het samenzijn, het hoopvol uitkijken en het samen bouwen? Eerst en vooral aan jezelf, maar ook aan de wereld? Wel, ik zal een voorzet geven voor een nieuwe bundel verhalen over de hoop. Laat we elk een verhaal schrijven, en dat doorsturen naar elkaar. Hier komt ie:

Ik heb het voorrecht om een lezing te geven in Montreal, Canada. Ik boek via Airbnb. Zoals altijd ben ik op zoek naar wat verbindt; ik vermijd dan liever de anonieme en inderdaad ook duurdere hotels. Het lijkt zo evident, logeren in het appartement van een jonge dame die me een kamer, haar badkamer en haar keuken ter beschikking stelt tegen een bescheiden prijs. We delen voedsel, we laten een briefje achter waar we die avond al dan niet uithangen, we leven een stukje en een korte tijd samen. Onderweg naar het congres loop ik door het centrum, 's avonds dwaal ik door de stad om de sfeer, de cultuur, het vermaak, de openbare werken, het publiek transport, de gigantische St Lawrence rivier, de waterkant, de festivals, de mensen te observeren. Inderdaad observeren, bijna met een wetenschappelijke, antropologische blik. Hoewel ik langs de Portugese, Chinese en Italiaanse wijken loop, zie ik nog restanten die refereren naar de oorsprong van de wijken; de bakkerij Coimbra, het restaurant Peking, de gelateria Roberto's. Je kan er niet omheen: Montreal is een toonbeeld van samenleven; een geslaagd stuk geschiedenis van een immigratieplek waar mensen uit verschillende regio's van deze wereld samen een welvarende maatschappij hebben uitgebouwd – recent met herwaardering van de oorspronkelijke inwoners. Het samenleven uit zich nog het best in de samenstelling van de koppels; ze lopen er alle – welke afkomst ook – hand in hand. Het lijkt zo evident. Het kan. Het vraagt een erg kleine inspanning om rekening te houden met de ander. De ander die de spiegel vormt van waar ik zelf van hou, wat ik zelf waardeer en respecteer.

Deze bijdrage verscheen in de SamPol-zomerreeks Hoop 2019