Abonneer Log in

Het primaat van de patriarch

Samenleving & Politiek, Jaargang 26, 2019, nr. 9 (november), pagina 80

De uitspraak van Ben Weyts past in een zorgwekkende evolutie waarin klimaatbeleid in het vizier is gekomen van rechts-populisten en nationalisten die er een electoraal wingewest in zien.

Kersvers onderwijsminister Ben Weyts gaat strenger optreden tegen klimaatspijbelaars. Tegen alle spijbelaars, maar tegen klimaatspijbelaars een beetje meer. Want spijbelen is als door een rood licht rijden; dat mag niet. Mocht dit een geïsoleerde uitspraak zijn van een overspannen excellentie, we zouden wellicht onze schouders ophalen. Dat is het helaas niet.

De uitspraak past in een zorgwekkende evolutie waarin klimaatbeleid in het vizier is gekomen van rechts-populisten en nationalisten die er een electoraal wingewest in zien. N-VA behoort weliswaar niet tot de Europese hard core populisten; Cas Mudde noemt het een burgerlijk conservatieve partij die zo nu en dan 'in het populistisch verweer gaat'. De uitspraak van Weyts zou je als populistisch verweer kunnen beschouwen. Ze appelleert aan het conservatieve waardenkader van burgers die opgevoed werden in wat George Lakoff het 'strikte vader-model' noemt, waarbij vader de regels bepaalt, absolute autoriteit heeft en kinderen die de regels overtreden, gestraft worden. Kinderen horen achter de schoolbanken te zitten en als ze dat niet doen – wat ook de reden is – moeten ze worden gestraft. Dat waardenkader heeft het bijzonder moeilijk met pluralisme dat het gezag uitdaagt. Dat verklaart onder meer ook de voortdurende roep in N-VA-middens om het primaat van de politiek te herstellen, in Lakoffs woorden: het primaat van de patriarch.

Dat is minder onschuldig dan het lijkt. De afgelopen jaren verschenen er talrijke rapporten van middenveldorganisaties en zelfs van het EU Agentschap voor Fundamentele Rechten om het zogenaamde fenomeen van de shrinking space aan te klagen, het doelbewust inkrimpen van de bewegingsruimte van het burgerlijk middenveld. Het gebeurt op evidente wijze in landen als Hongarije en Polen, maar net zo goed – zij het iets meer verdoken – in Vlaanderen, waar N-VA de aanval heeft ingezet op de middenveldorganisaties. Youth for Climate is zo'n jonge middenveldorganisatie en Weyts' waarschuwing dat hij zal ingrijpen als ze op het 'foute moment' op straat komen, moet wel degelijk gezien worden in het kader van het shrinking space-fenomeen. Tot nader orde behoort het recht om betogingen en optochten te organiseren nog steeds tot de essentie van een pluralistische democratie, een recht dat verankerd is in het Charter van de fundamentele rechten van de EU. Dat recht kan worden beperkt maar enkel omwille van zeer ernstige redenen, zoals de bedreiging van de openbare orde, terrorisme of het risico van witwaspraktijken bijvoorbeeld.

Er zijn nog mogelijkheden om de klimaatspijbelacties te laten ophouden: door een rechtvaardig klimaatbeleid te voeren, één dat de terechte zorgen wegneemt van de grote groep mensen die vrezen dat zij zullen opdraaien voor een crisis die ze niet zelf veroorzaakt hebben. Het Vlaamse regeerakkoord stemt helaas tot pessimisme. Maar dat was misschien de bedoeling. Met klimaatscepticisme zijn immers stemmen te rapen.

(Lees de lange versie van dit stuk: Waarom N-VA zo vijandig staat tegenover de klimaatbeweging)

Samenleving & Politiek, Jaargang 26, 2019, nr. 9 (november), pagina 80