Abonneer Log in

Postcorona city: stad van capsules

Zomerreeks 2020: #BeterNaCorona

Het bestaan van de stad zoals we die gekend hebben, van 'stedelijkheid' als levenswijze, staat op het spel.

De (post)coronastad is, en blijft wellicht voor de nabije toekomst, een stad van capsules. Mijn oude boek, The Capsular Civilization (2004), lijkt met de coronacrisis een nieuwe actualiteit te hebben gekregen. Allerlei vormen van 'inkapseling' of ‘capularisering’ zoals ik het noemde, vormen de kern van bijna alle coronamaatregelen. De lockdown en opsluiting hebben ons onderworpen aan een capsulaire logica, maar ook de exitstrategieën zijn gedoemd om allerlei maatregelen te volgen die allemaal gebaseerd zijn op een capsulaire logica: het mondmasker, de bubbel, het telewerk, de drive-instad, en – niet te vergeten – de opdeling van elke ruimte, van terrassen tot winkels en musea. Voeg daarbij het 'cyber-panopticum' van tracing apps en de neoliberale dualisering van de samenleving, en je krijgt een grimmig beeld.

DE CAPSULAIRE LOGICA VAN DE POSTCORONA STAD

De bubbel
De capsulaire logica van de (post)corona stad begint met het nu populaire concept van de 'bubbel', een primaire sociale cel. Dat is de eerste capsule. De ruimtelijke 'economie' van de pest is sinds mensenheugenis, althans sinds de pest van de 14e eeuw, gebaseerd op de 'oikos' (huishouding): de ontbinding van de stad in haar kleinste cel of bouwsteen (in overeenstemming met Aristoteles' definitie van de polis: een autarkische politieke entiteit, een congregatie of samenvoeging van dorpen gevormd door huishoudens.1 Deze oikos, als elementaire bouwsteen van de samenleving, moet zo gesloten mogelijk zijn. De uitdaging van 'deconfiniëring', van het verlaten van de lockdown, is om het contact tussen die bubbels te beperken. In een eerste moment, op 10 mei 2020, mocht men volgens de richtlijnen van de Nationale Veiligheidsraad slechts twee bubbels samenvoegen. Deze voorzichtige versoepeling van de absolute inkapselingslogica was uiteraard bedoeld om te voorkomen dat men te gemakkelijk in een netwerk van bubbels zou terechtkomen, waardoor het virus zich snel weer zou kunnen verspreiden en zo de gevreesde tweede golf zou kunnen veroorzaken. Elementaire epidemiologie, maar toch een breinbreker voor elke familie. De vraag om de lockdown te verlaten zou, in termen van Peter Sloterdijks opus magnum Sferen, zo geformuleerd kunnen worden: hoe gaan de bubbels weer 'schuimen'? Maar de bubbel is, net als de sferen van Peter Sloterdijk, nogal abstract, of sociaal, het is de ruimtelijke logica waar we ons hier op willen richten. Alle ruimtes moeten worden behandeld in de logica van de opdeling binnen een capsulaire logica. Allerlei lijnen, obstakels en schermen worden aangebracht om mensen te scheiden. De alomtegenwoordige mondmaskers zijn de micro-tools van deze 'insulariteit' en isolatie, de eeuwenoude logica van de quarantaine, van de scheiding van lichamen. 'Insulatie' en isolatie zijn vandaag de dag sleutelbegrippen. De stad is opgedeeld om 'insulariteit' te creëren: het wordt een archipel van kleine afgesloten (micro)eilandjes.

De social distancing
Naast het mondmasker is de beruchte en fundamentele 'social distancing' de capsulaire logica in zijn ruimtelijk minimum: elk vreemd lichaam moet worden afgesloten van contact met een ander vreemd lichaam. Deze logica van opdeling, afsluiting, afstandelijkheid, maskering, staat haaks op het stedelijke, op de 'stedelijkheid' zelf. Als we teruggaan naar de definitie van wat stedelijk is, voelen we hoe fundamenteel antistedelijk deze logica van afsluiting en opsluiting is. Louis Wirth definieert in zijn klassieke essays Urbanism as a Way of Life, een stad als volgt: 'Een stad kan worden gedefinieerd als een relatief grote, dichte en permanente nederzetting van sociaal heterogene individuen'.2 Al deze elementen van de definitie zijn nu problematisch: grote massa's heterogene individuen vormen een epidemiologische nachtmerrie. Het woord 'heterogene individuen' opent een perspectief op klasse, ras, racistische, etnische lagen en spanningen die kenmerkend zijn voor deze pandemische stad.3 Maar nog opvallender zijn natuurlijk in de definitie van Louis Wirth de woorden 'relatief groot, dicht en permanent'. Dichtheid is nu een dodelijke kracht. De promiscuïteit van meerdere lichamen die gedurende lange tijd in nauw contact staan, wat de stedelijke ervaring definieert, veranderde in een levensbedreigend risico, de achillespees van hele samenlevingen. De stad is inderdaad een assemblage van verschillende promiscuïteitszones met een toenemende dichtheid: parken, pleinen, straten, cinema's, theaters, bars, cafés, restaurants, en niet te vergeten danstenten en nachtclubs, waar de promiscuïteit uitmondt in een anonieme elektrificatie van een bewegende, bewogen, op elkaar geplakte, ontroerende, zweterige veelheid van lichamen (de goede oude tijd...).

Het capsuleterras
Elke openbare ruimte, maar vooral alle binnenruimtes moeten nu worden omgevormd tot een archipel van geïsoleerde miniruimtes. In open ruimtes en winkelcentra kan dit min of meer eenvoudig worden gerealiseerd, maar het is moeilijker om dit voor te stellen voor de hierboven genoemde ruimtes van grote dichtheid en nabijheid (van welke aard ook). Er is een hele nieuwe micro-architectuur van afscheidingen ontstaan, zelfs nieuwe typologieën: het capsuleterras bijvoorbeeld. Een restaurant in Amsterdam met kleine serres voor twee tot drie personen aan de waterkant was in het nieuws en blijkt al twee maanden van tevoren te zijn volgeboekt.4

De auto als vervoerscapsule
Er is mogelijk ook een antistedelijke logica aan het werk. Sommige specialisten zien nu al dat de trend van jonge gezinnen om de steden te verlaten, versterkt wordt. Het platteland en de voorsteden lijken nu paradijselijk: het particuliere huis met tuin een veilige haven tegen de pandemie.5 Deze decamarone-logica, waarbij mensen zich terugtrekken in een landhuis terwijl de pest de stad treft, is oeroud. Ze zou nu opnieuw de trends voor de komende jaren, zoniet decennia, kunnen bepalen. Op een analoge manier kan men vrezen voor de massale terugkeer van de auto als belangrijkste transportmiddel. Het openbaar vervoer is bezaaid met gevaarlijke promiscuïteit. De auto is nu een perfecte oplossing: de auto is een capsule, bijna net zo perfect capsulair als een ruimtecapsule.6 U kan van uw huis naar elke bestemming gaan zonder zelfs maar grond of iets te raken. De drive-inbioscoop leek een Amerikaanse nostalgische droom van de jaren 1950, maar hij zou nu kunnen terugkeren als een middel voor veilige massaevenementen: naast drive-incinema, drive-infestivals, drive-intheater, drive-inconcerten, enzovoort. Natuurlijk hoort het online winkelen en de thuisbezorging bij deze nieuwe capsulaire, op auto's gebaseerde aanpak. De branche is sinds de coronacrisis enorm gegroeid, waardoor Jeff Bezos van Amazon nog vele miljarden rijker is geworden. Eén van de vele obscene kanten van deze crisis.

DE DONKERE KANT VAN DE SLIMME STAD

En dan is er nog de digitale wereld die vrijwel volledig hygiënisch is, want het is een netwerk dat gebaseerd is op gescheiden virtuele capsules (pc's, laptops, smartphones). Het is een onmiskenbaar feit dat het internet in coronatijden een reddende instantie is gebleken. Maar er komt nog meer. Smart Cities, slimme steden zijn al een tijdje talk of the town. De pandemie geven deze stad gebaseerd op informatietechnologie, big data en kunstmatige intelligentie een nieuwe impuls. Hele instellingen zoals universiteiten zijn naar de virtuele modus overgegaan. De meeste activiteiten zoals lessen, examens en academisch onderzoek worden online voortgezet. Hetzelfde geldt voor sociale relaties. Telefoons en chatplatforms zoals Skype, Zoom of Teams waren de instrumenten bij uitstek om in contact te blijven met vrienden en familie. Ook de cultuur doet haar best om zich online te bewegen, maar dat blijkt moeilijker. Het evenement, de ontmoeting en de live-ervaring zijn immers bij uitstek essentieel voor een concert, theaterstuk of tentoonstelling.

De capsulaire logica heeft zich dus verspreid over ons dagelijks leven. Omdat we volledig opgesloten zaten in de privésfeer, het huis, ging zowat al onze communicatie online. Eén van de 'wetten' van de inkapseling uit mijn boek over de capsulaire beschaving , namelijk 'geen netwerk zonder capsules', kan worden omgkeerd: 'geen capsule zonder netwerk'. De mensen, uit verschillende bubbels, die samen gingen wandelen of lopen, waren – naar mijn ervaring – eerder uitzonderingen. Wanneer mensen elkaar toevallig ontmoetten tijdens de dagelijkse 'airings' (de fietstocht, de wandeling) merkte men eerder onwennigheid, onbeholpenheid, een nieuwe onthechting, een innerlijke afstand. We weten nog niet hoe we met '(a)sociale afstand' moeten omgaan. Daarom hebben we de neiging om snel afscheid te nemen en onze weg verder te zetten. We zullen een hele nieuwe 'stedelijkheid' – in de zin van steedsheid of urbaniteit, hoffelijkheid – moeten uitvinden (zonder zoenen, knuffelen, handdrukken en schouderklopjes). Een hele uitdaging voor de sociale, affectieve, zinnelijke en sensuele dieren die we zijn.

Maar de donkere kant van de slimme stad, van de bevolkingscontrole via allerlei apps, is ook erg reëel en gevaarlijk. Traceerapps zijn een 'hot topic' en zullen dat ook in de nabije toekomst blijven. Het is een groot publiek debat, maar er is ongetwijfeld veel geheim beleid gaande. De Europese overheden lijken vooralsnog weinig geneigd om inbreuk te plegen op de individuele privacy, maar vroeg of laat wordt een combinatie van ouderwetse pestmaatregelen, zoals opsluiting en lockdown, en wat men zou kunnen noemen 'het cyberpanipticum' – camera's, warmteregistratie, traceringsapps, datamining, enzovoort – geïmplementeerd. De slimme capsulestad als archipel onder het totalitaire kapitalisme wordt een niet zo onwaarschijnlijk scenario voor de toekomst.

HOOPVOLLE TEKENEN

Tegenover deze mogelijkheid, of bijna zekerheid, van deze online, drive-in, gedualiseerde, capsulaire postcorona stad van controle en veiligheid is de ruime, opgeruimde ecostad, de beloopbare stad, de stad van de fiets, van de cyclische economie en de korte ketens, van de lokale productie, van de nabijheid. Er zijn hoopvolle tekenen dat steden over de hele wereld deze optie pushen via 'tactische stedenbouw', tijdelijke maatregelen om een meer permanente stedelijke transformatie te testen, weg van op de auto gebaseerde stad. De eerste beelden die we kunnen tekenen van de (post)corona stad zijn dus in een grimmig zwart-wit: een capsulaire smart city onder een digitale controle via allerlei traceer-apps, onder een vorm van totalitair technokapitalisme. Het zal afhangen van de kunst van de polis, de politiek, om de uitkomst te bepalen. Burgeractivisme en -bewustzijn zullen daarbij cruciaal zijn. Het is precies de behoefte aan social distancing die steden over de hele wereld ertoe brengt om ruimte terug te nemen van de auto, om straten, pleinen en rotondes om te vormen tot voetgangerszones. Laten we hopen dat dit alternatief het wint.7 Voorwaarde is dat burgers en politici zich realiseren dat de eco-sociale, groene voetgangersstad de enige goede optie is; het is de manier om van deze crisis een kans te maken. En dat een mondige, kritische massa bereid is deze alternatieve maatregelen te ondersteunen, en zelfs op te staan om dit beleid met man en macht te verdedigen (denk aan Gele Hesjes die aanleiding gaven tot het burgerpanel over klimaatverandering in Frankrijk, wat Marcon nu dwingt zich te houden aan zijn belofte om hun vrij radicale 155 puntenplan te implenteren8, of aan Extinction Rebellion). Het zal niet gemakkelijk zijn. De capsulaire logica en de business-as-usual, op de auto gebaseerde, drive-in, suburbane, 'desurbane' stad is een veel gemakkelijker alternatief. Niet alleen omdat het perfect verenigbaar is met het kapitalistische consumentisme, maar ook omdat het appelleert aan diepgewortelde gewoontes en idealen: het suburbane wonen in een vrijstaand huis met tuin als universele middenklassedroom en de auto als de vervoerscapsule van de ultieme individuele vrijheid. Het bestaan van de stad zoals we die gekend hebben, van 'stedelijkheid' als levenswijze, staat op het spel.

Deze bijdrage verscheen in de Zomerreeks 2020: #BeterNaCorona van Samenleving & Politiek.

VOETNOTEN

  1. Aristoteles, de politiek. Hier deze beroemde passage: 'De familie is de vereniging die van nature is opgericht voor het voorzien in de dagelijkse behoeften van de mens, (...) Maar wanneer meerdere families verenigd zijn, en de vereniging streeft naar iets meer dan het voorzien in de dagelijkse behoeften, dan is de eerste samenleving die gevormd wordt het dorp. (...) Wanneer meerdere dorpen verenigd zijn in één complete gemeenschap, groot genoeg om bijna of helemaal zelfvoorzienend te zijn, ontstaat de staat, die voortkomt uit de naakte behoeften van het leven, en blijft bestaan ten behoeve van een goed leven. En dus, als de vroegere vormen van de samenleving natuurlijk zijn, dan is de staat dat ook, want het is het einde ervan, en de aard van een ding is het einde ervan. Want wat elk ding is wanneer het volledig ontwikkeld is, noemen we zijn natuur, of we nu spreken over een man, een paard of een familie. Bovendien is de uiteindelijke oorzaak en het einde van een ding het beste, en om zelfvoorzienend te zijn is het einde en het beste. Het is dus duidelijk dat de staat een creatie van de natuur is, en dat de mens van nature een politiek dier is'. Dit citaat verdient een zorgvuldige lezing en een lang commentaar. http://classics.mit.edu/Aristotle/politics.1.one.html.
  2. Louis Wirth, 'Urbanism as a way of Life', The American Journal of Sociology, Vol. 44, No. 1 (Jul., 1938), pp. 1-24. Zie: http://www.yorku.ca/lfoster/2006-07/sosi3830/lectures/LouisWirth_Urbanismasawayoflife.htm.
  3. https://www.curbed.com/platform/amp/2020/5/20/21263319/coronavirus-future-city-urban-covid-19?utm_campaign=curbed&utm_content=entry&utm_medium=social&utm_source=twitter&__twitter_impression=true&fbclid=IwAR31bqrLYQfXm-IQgoditvz7ri08VbJiliEKJz4_NQvtQNnpNyPn6TxD6Ek.
  4. https://www.insider.com/amsterdam-restaurant-mini-greenhouses-cubicles-social-distance-2020-5.
  5. https://www.standaard.be/cnt/dmf20200508_04951870.
  6. Kisho Kurokawa noemde de auto en de stacaravan als model, naast de ruimtecapsule, in zijn 'Capsule Declaration' (1969). Zie hierop mijn boek The Capsular Civilization, 2004, pp. 65-68.
  7. Ik denk aan het manifest van Gideon Boie en anderen. De stad hertekenen, nu kan het: https://www.standaard.be/cnt/dmf20200414_04922610. Naar de exit zonder auto: https://www.standaard.be/cnt/dmf20200511_04954752, https://plus.lesoir.be/300076/article/2020-05-12/une-nouvelle-feuille-de-route-pour-une-nouvelle-mobilite?fbclid=IwAR1XdDBm6xtsNffSCzB3J8_DkeOm_TiqsAvCOlo0B-A_0ayAL6RYq7OLsNY, https://www.thebulletin.be/full-open-letter-security-council-and-expert-group-need-spatial-recovery-plan?fbclid=IwAR0uw8gZxBrlhXaZ23VhcnYHaR2b-MCzFanquA1atEZXwavGvb5e601MtkI; Klein stadstuintje, grote inzet: https://www.standaard.be/cnt/dmf20200617_04994082.
  8. https://www.france24.com/en/20200621-french-climate-council-urges-macron-to-hold-referendum-on-making-destruction-of-nature-a-crime. Zie ook: https://www.standaard.be/cnt/dmf20200622_04998315.