Abonneer Log in

Sociaal werk op 1,5 meter afstand

Zomerreeks 2020: #BeterNaCorona

Dankzij een stevige portie creativiteit komt het sociaal werk in al haar facetten weer op gang. Maar het blijft een uitdaging om toegankelijk te blijven op niet-digitale manieren.

'Social distancing is a privilege. It means you live in a house large enough to practise it.
Hand washing is a privilege. It means you have access to running water.
Hand sanitisers are a privilege. It means you have money to buy them.
Lockdowns are a privilege. It means you can afford to be at home.
A disease that was spread by the rich as they flew around the globe will now kill millions of the poor.'
(Dr Jagdish Hiremath, Chief medical officer ACE Healthcare India)

Sociaal werkers zijn tijdens de pandemie van grote betekenis geweest. Toen horecazaken en kappers hun deuren sloten, bleven zij in stilte verder werken met de meest kwetsbare doelgroepen. Het sociaal werk heeft zich bij de start van de lockdown in ijltempo moeten heruitvinden om ook op afstand de nodige begeleiding te voorzien. Tegelijk kwamen een aantal ongelijkheden en knelpunten aan de oppervlakte. Nu de maatregelen om het virus in te dijken grotendeels van kracht blijven, is extra aandacht voor die knelpunten noodzakelijk.

IN DEZELFDE STORM, MAAR NIET IN HETZELFDE SCHUITJE

'Covid-19 maakt geen onderscheid in rang of stand' wordt vaak beweerd. Maar wie al een kwetsbare positie innam in de samenleving, wordt wel degelijk zwaarder getroffen. De sociale isolatie, het pre-teachen, de mondmaskers... het kan voor velen niet snel genoeg voorbij zijn. Stel dat je bovendien in een veel te kleine woning leeft, zonder tuin maar ook zonder ruimte om even wat afstand te nemen van jouw huisgenoten. Dat toiletpapier hamsteren niet in jouw budget past, want alles werd duurder en zelfs de voedselbanken kunnen de vraag moeilijk aan. Stel dat jouw kinderen geen computer ter beschikken hebben om online les te volgen, met alle gevolgen van dien. Dat je de taal van de virologen niet of moeilijk begrijpt. Immers, 'social distancing' en 'blijf in uw kot' laten zich niet zo eenvoudig vertalen naar het Pashtoe of het Tigrinya. Dan zit je in dezelfde storm als iedereen, maar niet in hetzelfde schuitje.

Sociaal werkers hebben de voorbije maanden gezien hoe hun cliënten buitengewoon op de proef werden gesteld. Het is duidelijk dat een aantal knelpunten vandaag bijzondere aandacht verdienen. Het gaat om structurele ongelijkheden en kwetsbaarheden die in crisistijd nog meer aan de oppervlakte komen, en waarvan precaire en slechte woonsituaties, de digitale kloof, eenzaamheid en problematische thuissituaties het hoogst op de agenda staan.

KWALITATIEF WONEN

Ongeveer de helft van de huurwoningen is van ondermaatse kwaliteit. Dat kan gaan over de huurprijs, de grootte en de staat van de woning. Reken daar ook nog de wachtlijsten voor een sociale woning bij, de discriminatie op de huurmarkt en het hoge maar onzekere aantal thuislozen en je weet dat 'in uw kot blijven' voor heel wat mensen geen sinecure is. In mijn loopbaan als maatschappelijk werker bij OCMW Gent heb ik heel wat huisbezoeken gebracht. Zelden kon ik mijn cliënten aantreffen in een woning die aangepast was aan hun behoeften en aan hun budget. Te duur, te klein, te ver, vochtproblemen, sterke lawaaihinder, gebrekkige verwarming,… De extreme leefomstandigheden zijn talrijk maar blijven vaak onder de radar. Dat er structureel een inhaalbeweging nodig is wat betreft het verbeteren van de woonkwaliteit weet het kleinste kind. Maar ook het sociaal werk heeft een bijdrage te leveren. Het is noodzakelijk om vanuit verschillende organisaties te focussen op het onderste segment van de huurmarkt. We moeten samen met die doelgroep aldoor en intensief zoeken naar de woonvorm het meest aangepast aan hun behoeften en budget. Niet iedereen kan aarden in een appartement, bijvoorbeeld. Ook na de (her)huisvesting moet er worden geïnvesteerd in de nodige begeleiding om woonstabiliteit op lange termijn te bereiken.

DIGITALE KLOOF

Meer dan ooit verloopt het maatschappelijk leven langs digitale wegen. Van bankverrichtingen over virtuele loketten tot online lessen. Wie die digitale vaardigheden niet onder de knie heeft, valt uit de boot. Heel wat lokale besturen hebben zich tijdens de lockdown geëngageerd om laptops in te zamelen voor gezinnen in armoede. Het beschikken over de juiste apparatuur is uiteraard een goed begin. Maar die apparatuur kunnen bedienen is vaak een ander paar mouwen. Niet zelden zag ik mijn cliënten op het OCMW struikelen over de lettercombinatie CTRL+ALT+DEL bij het opstarten van een laptop. Laat staan dat werken met de alomtegenwoordige e-mail moeiteloos verloopt. Probeer eens alle handelingen uit het dagelijks leven te elimineren waarvoor je een e-mailadres nodig hebt, en je leert al snel wat digitale exclusie betekent.

Om de gapende digitale kloof te kunnen dichten, zal het sociaal werk nog meer moeten inzetten op digitale geletterdheid. Gezinnen toeleiden naar betaalbaar en gepast computermateriaal, maar ook de nodige ondersteuning bieden om dat alles te benutten. Dat is minstens noodzakelijk wanneer er schoolgaande kinderen in het spel zijn. Wat dat betreft is er een serieuze inhaalbeweging nodig.

Daarnaast blijft het in tijden van social distancing een uitdaging om als dienst en als hulpverlener toegankelijk te blijven op niet-digitale manieren.

EENZAAMHEIDSVIRUS

We kunnen COVID-19 gerust het eenzaamheidsvirus noemen. Hulplijnen zagen de oproepen van alleenstaanden fors toenemen. Niet alleen ouderen, maar ook verrassend veel jongeren ervaren in deze periode een sterk gemis aan sociale contacten. Eenzaamheid is geen onschuldig fenomeen maar kan daadwerkelijk een hardnekkige impact hebben op het mentaal welbevinden. Nu de Nationale Veiligheidsraad het aantal 'bubbelcontacten' opnieuw terugschroeft krijgt het sociaal leven weer een ernstige knauw.

Ook hier worden kwetsbare mensen weer extra zwaar getroffen. Armoede gaat immers al langer hand in hand met sociale isolatie. Door het gebrek aan financiële middelen is het natuurlijk moeilijker om te participeren aan de samenleving, maar ook instabiele woon- en werksituaties, gezondheidsproblemen,… leiden tot een afname van sociale relaties.

Maatschappelijk werkers hebben de voorbije maanden fors geïnvesteerd in het telefonisch en digitaal contacteren van hun vaste cliënten. Hen informeren over de veiligheidsvoorschriften, een luisterend oor aanbieden, vingers aan de pols houden. Daarnaast namen enkele lokale besturen het initiatief om eenzaamheid actief te detecteren en door te verwijzen naar geschikte actoren in het middenveld of publieke dienstverlening. Het komt er nu op aan om niet op een eiland te blijven zitten. Hulpverleners en lokale bestuurders moeten partnerschappen en informele samenwerkingsverbanden aangaan en koesteren in functie van acties, activiteiten en beleid rond het thema eenzaamheid gericht op een brede doelgroep.

PROBLEMATISCHE GEZINSSITUATIES

Wat als je als jongere een extreem conflictueuze relatie hebt met jouw ouders maar je een boete riskeert van 250 euro als je even wil ontsnappen om jouw vrienden te ontmoeten? Wat als je voortaan niet enkel 's avonds maar 24 uur per dag in dezelfde woning moet leven als jouw gewelddadige partner? Voor gezinnen die onder zware druk staan zijn er weinig mogelijkheden om even op adem te komen, om even te vluchten uit de ruwe realiteit van thuis. Laat ons niet vergeten dat niet alleen onze bewegingsvrijheid is ingeperkt, maar dat ook de drempel naar hulpverlening is verhoogd ten gevolge van de lockdown. Het is van het grootste belang om de aandacht voor gezinnen waar de spanning uit de hand dreigt te lopen niet los te laten. Daarnaast is het essentieel dat alle gezinnen de mogelijkheid hebben om van tussen hun vier muren te komen. Scholen die openblijven, zomerkampen die doorgaan, het jeugdwerk en groepswerkingen die toegankelijk zijn,… Het kan voor heel wat mensen de druk van de ketel halen.

HET NIEUWE NORMAAL VOOR HET SOCIAAL WERK

Eigen aan de stiel van het sociaal werk is het tijd nemen voor gesprekken, langsgaan bij mensen thuis, groepsactiviteiten organiseren en ontmoeting stimuleren. Social distancing raakt het sociaal werk in de kern van zijn bestaan. Maar sociaal werkers hebben de voorbije maanden op opmerkelijk snelle wijze hun manier van werken aangepast aan de omstandigheden. In geen tijd werden alternatieven gezocht en gevonden om op een veilige manier aan hulpverlening te doen. Telefonische en virtuele hulpverleningsgesprekken werden de norm, en dit zo veel mogelijk op maat van de cliënt.

Maar niet elk sociaal werk verdraagt een virtuele variant van de gebruikelijke hulpverlening. Groepswerkingen zijn een belangrijk instrument in een aantal takken van het sociaal werk, omdat zij inzetten op krachtgerichte hulpverlening. Ook begeleiding aan huis, in de habitat van de cliënt, staat uit veiligheidsoverwegingen al maanden op een laag pitje maar vormt nochtans een belangrijke pijler binnen een integraal hulpverleningstraject. Ten slotte zijn er een aantal werkvormen of situaties waar er eenvoudigweg geen alternatief kan gevonden worden voor de individuele ambulante hulpverlening.

Dankzij een stevige portie creativiteit komt het sociaal werk in al haar facetten weer op gang, zij het op een aangepaste, veilige manier. In heel wat diensten en organisaties zijn manieren gevonden om nabij te zijn vanop de nodige afstand. Wandelgesprekken, groepswerkingen in kleine bubbels,… Het ziet er naar uit dat deze manier van werken nog even als het nieuwe normaal zal moeten beschouwd worden.

Nu komt het er op aan om te leren van alle nieuwe initiatieven die de voorbije maanden zijn genomen. Tijdens de lockdown zijn heel wat nieuwe samenwerkingsverbanden ontstaan tussen verschillende diensten en organisaties. Talloze sociaal werkers en vrijwilligers sloegen de handen in elkaar om maximaal paraat te kunnen staan. Laat ons die kersverse contacten koesteren om ideeën en expertise uit te wisselen en om onze eigen nieuwe manier van werken te verfijnen op maat van onze cliënten. Er is namelijk geen tijd meer te verliezen.

RECHT OP DIENSTVERLENING BLIJVEN GARANDEREN

Het is essentieel om – altijd, en zeker tijdens een crisisperiode – te vertrekken vanuit het recht op hulp en dienstverlening. Het sociaal werk moet de ruimte hebben om flexibel in te springen op de bestaande noden en zich richten tot de hele samenleving. Het sociaal werk maakt van diensten en organisaties basisvoorzieningen, die toegankelijk en bereikbaar zijn voor iedereen die nood heeft aan een vorm van ondersteuning.

Om dat te garanderen mag het sociaal werk gerust wat meer 'uit zijn kot komen'. Het sociaal werk kan wel degelijk het verschil maken in de samenleving. Het heeft een unieke positie en specifieke troeven om een antwoord te bieden op de uitdagingen die het coronavirus met zich meebrengt. Maar het laat te weinig van zich horen. Tijd voor een meer activistische rol, met meer aandacht voor beleidssignalering en het geven van een stem aan de meest kwetsbare mensen.

Respect voor alle sociaal werkers die in moeilijke omstandigheden hun cliënten van de nodige begeleiding bleven voorzien. Een bijzonder woord van dank aan Dirk De Ridder en An Van Dijk, maatschappelijk werkers binnen OCMW Gent.

Deze bijdrage verscheen in de Zomerreeks 2020: #BeterNaCorona van Samenleving & Politiek.