Abonneer Log in
INTERVIEW

Louise Hoon

'De Europese relance zal ook verliezers kennen'

Samenleving & Politiek, Jaargang 28, 2021, nr. 6 (juni), pagina 38 tot 45

Over de Europese relanceplannen wordt gesproken alsof iedereen cadeaus krijgt, maar ook in investeringsbeleid worden keuzes gemaakt. 'Ook hier zijn winnaars en verliezers', stelt Louise Hoon. 'De één moet zich tevreden stellen met een eenmalige consumptiecheque, de ander surft als aandeelhouder mee op door Europa gesubsidieerde megaprojecten.'

De woorden 'coronabonds' en 'eurobonds' worden zoveel mogelijk gemeden, maar zijn wel realiteit.

Meer bewustzijn van de herverdelingsvraagstukken die met de groene transitie verweven zijn, is op zijn plaats.

Een verdragswijziging is een vereiste om sociale rechtvaardigheid daadwerkelijk via Europees beleid te bereiken.

Je vindt genuanceerde, uiteenlopende en eerder positieve standpunten, zelfs onder harde eurosceptici.

Louise Hoon start op 1 juli als wetenschappelijk medewerker bij Minerva, denktank binnen de brede progressieve beweging. Maar eerst staat nog het indienen van haar doctoraat gepland, getiteld 'European Voice' over hoe een stem te geven aan burgers. De voorbije jaren deed Louise Hoon aan de VUB onderzoek naar euroscepticisme en democratie. Ze heeft veel zin om bij Minerva te beginnen en zich te mengen in het ideeëngevecht. "Ik zal er in eerste instantie bezig zijn met de impact van Europees beleid op socio-economische thema's hier. Die impact wordt groter dan ooit, zeker nu het herstel na de pandemie door de Europese Unie getrokken wordt. Die relance wordt digitaal en groen, maar vergis u niet: ook daar zullen winnaars en verliezers zijn. Het is zaak duurzaamheid en sociale rechtvaardigheid met elkaar te verzoenen."

Ook in de vaccinatiecampagne speelt de Europese Unie een centrale rol. Ze kreeg hiervoor van velen een brevet van onvermogen, met een beleid getekend door naïviteit, verkeerde prioriteiten en risicomijding. Dat in de onderhandelingen met de grote farmabedrijven fouten zijn gemaakt, is niet louter de schuld van de Europese Unie stelt Louise Hoon. "De traagheid die haar in de onderhandelingen parten speelde, valt vooral terug te brengen op het feit dat de Europese Commissie bij elke stap moest wachten op het akkoord van regeringen met uiteenlopende belangen, budgetten en visies. Dit maakte dat de Europese Unie, in vergelijking met andere grootmachten, niet zo hard met de vuist op tafel kon slaan."

Toonde de Europese Commissie zich gewoon niet te zuinig?

"Ze maakte inderdaad de strategische fout door in te zetten op de prijs van de vaccins, eerder dan op garanties en transparantie. Het Verenigd Koninkrijk betaalde 45% meer voor het vaccin van AstraZeneca. Doordat we de laagste prijs betalen, zijn we ook de slechts behandelde klant. Maar ook hier waren het juist de nationale regeringen die – in de toon van de top over het noodfonds en de meerjarenbegroting – aandrongen op zuinigheid.

Nederland is één van die zuinige landen, maar speelt een pervers spel. Pfizer verdient miljarden aan coronavaccins die mede ontwikkeld worden dankzij onderzoek van universiteiten en met belastinggeld, maar betaalt in Nederland nauwelijks belastingen en gebruikt het land om miljarden winst weg te sluizen naar het buitenland. Tegelijk wijst Nederland zuidelijke lidstaten met de vinger dat die zich meer moeten organiseren zoals zij. Maar mocht elke lidstaat op zo'n egoïstische manier omgaan met haar economie, is er geen Europese Unie meer."

Het Europees Parlement stemde onlangs een resolutie voor het tijdelijk opheffen van patenten, maar de Europese Commissie bewoog niet.

"Ursula Von der Leyen reageerde nochtans snel op de opening van Joe Biden. Maar ze werd teruggefloten door regeringsleiders en het idee geraakte langzaam weer opgeborgen. Dat is jammer. Ik zie geen redenen om de patenten niet tijdelijk op te heffen. Vooral omdat het Covax-programma van de VN, waaraan de Europese Unie bijdraagt, van geen kanten werkt. Het is een dumpingprogramma. Volgens de statistieken zijn er meer dan 300 miljoen vaccins geëxporteerd naar arme landen, maar de meeste van die vaccins kunnen gewoonweg niet in de arm worden geplaatst wegens overtijd."

De Europese Commissie zet nu wel een digitaal groen certificaat op poten, waarmee deze zomer zal kunnen worden gereisd.

"De uitkomst van de onderhandelingen was teleurstellend: er zijn geen garanties op gratis testen en lidstaten kunnen nog altijd zelf extra quarantaine- of testvoorwaarden invoeren. De Europese Unie maakt 100 of 200 miljoen miljoen vrij voor de aankoop van PCR-testen, maar krijgt geen garanties over of en hoe die gericht ingezet worden om socio-economische discriminatie in vrij reizen te voorkomen, of terechtkomen waar ze hoogst noodzakelijk zijn. Eigenlijk is het vooral een logistieke operatie waarbij nationale vaccin- en testbewijzen via éénzelfde systeem in een QR-code gevalideerd kunnen worden."

Wat is u in deze pandemie het meest opgevallen inzake Europa?

"Zonder twijfel de oprichting van het Europees Herstelfonds. We beseffen onvoldoende welke ongeziene implicaties dat heeft. Het Fonds toont dat Europese gezamenlijke schulden op de kapitale markten mogelijk zijn – iets wat voorheen werd afgedaan als ondenkbaar. De woorden 'coronabonds' en 'eurobonds' worden zoveel mogelijk gemeden, maar zijn wel realiteit. Naast een muntunie is er nu dus ook een schuldenunie. Dat is een gigantische stap voor het Europees project. Niet alleen verandert de rol van de Europese Commissie hiermee drastisch, ook de lidstaten zelf hebben nu veel meer gezamenlijk belang bij het economische herstel."

De woorden 'coronabonds' en 'eurobonds' worden zoveel mogelijk gemeden, maar zijn wel realiteit.

Het verschil met de aanpak van de vorige economische crisis is groot. Hoe verklaart u dat?

"Toen hadden sommige lidstaten belang bij het in stand houden van onevenwichten in de Europese Unie, maar vandaag zit iedereen economisch in het slop. Ook de moraliteitvraag is anders. Na 2008 leefde de idee dat Griekenland maar moest boeten voor zijn slecht economisch beleid. De coronacrisis was een exogene shock waarin de schuldvraag niet speelde."

Het Europees semester en de strikte begrotingsdoctrine zijn nu aan de kant geschoven. Tijdelijk of definitief?

"Gezien de gezamenlijke belangen bij het Europese relancebeleid, is het weinig waarschijnlijk dat die strikte begrotingsdiscipline snel zal terugkomen. Die schuldenunie is er en zal er blijven. Het is moeilijk in te beelden dat dit echt maar een eenmalige actie is. Waarom zou men in een volgende zware crisis niet opnieuw gebruik maken van dit instrument, nu we weten dat het kan? En het is ook moeilijk in te beelden dat de schulden straks daadwerkelijk gehernationaliseerd zullen worden, want dat verzwakt de positie van de euro en is in strijd met alle doelen van de Europese Commissie."

Die Europese Commissie treedt nu echt op de voorgrond. Ze neemt een centrale rol op in het faciliteren en begeleiden van de relance. Een goede zaak?

"De digitale en groene transitie is hoog nodig en lovenswaardig. Het plan bevat veel wenselijke effecten, maar dat maakt het gebrek aan transparantie, politieke strijd en electorale verantwoording erover niet minder problematisch. Over de relanceplannen wordt gesproken alsof iedereen cadeaus krijgt. Maar ook in investeringsbeleid worden keuzes gemaakt. Ook hier zijn winnaars en verliezers. De één moet zich tevreden stellen met een eenmalige consumptiecheque, de ander surft als aandeelhouder mee op door Europa gesubsidieerde megaprojecten. Dat maakt investeren in de groene transitie niet onwenselijk, maar meer bewustzijn van de herverdelingsvraagstukken die ermee verweven zijn is wel op zijn plaats."

Meer bewustzijn van de herverdelingsvraagstukken die met de groene transitie verweven zijn, is op zijn plaats.

Kan u hiervan een voorbeeld geven?

"Neem het systeem van 'verbetering van de energiesubsidieregeling' in de relanceplannen van de Belgische regering. Dat is erop gericht om duurzame renovaties te ondersteunen en past uiteraard binnen de groene transitie. Maar de fiscale voordelen en investeringen concentreren zich bij huiseigenaars, en nog meer bij grotere vastgoedeigenaars die veel en slim kunnen investeren in functie van de nieuwe regeling.

Een ander voorbeeld in dat relanceplan zijn de grote investeringen in het onderwijs, bijna uitsluitend gericht op digitalisering. Dat is logisch omdat de Europese Commissie eist dat investeringen in de door haar vooropgestelde digitale transitie moeten passen. Maar dat betekent niet noodzakelijk dat zo'n 'digisprong' ook voor de onderwijssector zelf de eerste prioriteit is. Als je luistert naar leerkrachten en scholen klinkt de vraag om investeren in leerkrachten, in tijd en aandacht voor leerlingen luider dan die om apparatuur en ICT."

Op 8 mei schaarden de Europese leiders zich in de Verklaring van Porto achter de belofte samen te werken richting het verdiepen van de Europese pijler van sociale rechten. Een doorbraak of een zoveelste rondje workshops?

"Het is tweeledig. Het idee wordt getrokken door de Europese Commissie, het Portugees voorzitterschap onder António Costa en een aantal regeringsleiders die van de Europese besparingsdoctrine en de vrijemarktfixatie willen afstappen. Het feit dat Duitsland sinds de pandemie lijkt te willen bewegen op dat vlak is een doorslaggevende factor. Anderzijds blijft er weinig bereidheid bestaan onder nationale regeringen om nieuwe bevoegdheden af te staan, of verdragen te herzien. Landen als Nederland, Oostenrijk en Luxemburg zien het als een bedreiging voor hun soevereiniteit en economische competitiviteit. De Scandinavische landen zien een meer sociaal Europa als een afbraak van hun bestaande verworvenheden.

Een verdragswijziging is een vereiste om sociale rechtvaardigheid daadwerkelijk via Europees beleid te bereiken.

Een verdragswijziging is nochtans een vereiste om sociale rechtvaardigheid daadwerkelijk via Europees beleid te bereiken. Want verankering in de verdragen onttrekt besluitvorming aan het eigenbelang van de nationale regeringen, en maakt democratische controle en inspraak van het Europees Parlement mogelijk. Als dat niet gebeurt, verhuizen socio-economische vraagstukken naar het Europees niveau zonder democratische controle. Dat zou geen goede zaak zijn."

António Costa wist ook mee het Europees minimumloon op de agenda te zetten bij de Europese Commissie, die nu aandringt op een richtlijn daarover.

"Er zijn argumenten voor en tegen een Europees minimumloon. De grote vraag zit in de uitvoering en de manier waarop de richtlijn wordt ingepast in bestaande nationale regelgeving. Eenzelfde minimumloon zal verschillende effecten hebben in de zeer uiteenlopend gestructureerde arbeidsmarkten en sociale zekerheidssystemen. Het minimumloon kan enerzijds een 'bodem' plaatsen onder Europese economieën en sociale dumping tegengaan, maar het riskeert anderzijds sociale zekerheidsprincipes binnen de lidstaten onder druk te zetten en het sociaal overleg voor hogere minimumlonen binnen de lidstaten te gijzelen.

Ook problematisch is dat het voorstel van de Europese Commissie vooral gericht is op het creëren van werkgelegenheid als een doel op zich, terwijl een sociale toekomst voor de Europese Unie ons juist dwingt tot intelligenter en genuanceerder nadenken over werk, in termen van arbeidsduur, duurzaamheid, omkadering en kwalitatieve productiviteit. Alleen maar streven naar zo hoog mogelijke werkgelegenheid is niet de heilige graal."

De Brexit is wellicht een opportuniteit om verdere stappen te zetten?

"Zeker. Niet alleen op het vlak van sociaal Europa, maar ook op het vlak van verdere integratie. Met het vertrek van het Verenigd Koninkrijk kwam er meer overlap tussen de eurozone en de Europese Unie, waardoor de inspraak van Europese instellingen over de euro indirect groter werd. Eén machtige lidstaat blokkeert niet langer het synchroniseren van het monetair beleid met andere aspecten van de Europese integratie. Ook dat is een stap vooruit."

Wat zal het vertrek van Angela Merkel betekenen voor de Duitse Europakoers?

"Het feit dat Duitsland onder Angela Merkel akkoord ging met Europees schuldpapier is al een historische omslag. Van haar opvolger, of het nu een CDU- of groene kandidaat wordt, kunnen we alleen maar een meer pro-integratie houding verwachten. De 'Vrekkige Vier' (Nederland, Denemarken, Zweden en Oostenrijk, wv) verliezen daarmee een bondgenoot in hun strijd voor begrotingsstriktheid, het in stand houden van economische onevenwichten en minimaliseren van transfers binnen de EU. Het discours dat de staatsschuld niet meer dan 60% van het bbp mag bedragen, heeft ook gewoon aan kracht verloren nu we samen in een schuldenunie zitten."

Waarom blijven regeringsleiders vaak angstvallig verdere Europese integratie tegenhouden, bang om daarvoor electoraal afgestraft te worden?

"Omdat ze zich door radicaalrechtse partijen hebben laten dwingen in een discussie die niets te maken heeft met wat Europa daadwerkelijk is. Eén van de grote misvattingen over hoe mensen over Europa denken, is dat het publiek diep verdeeld is tussen een pro- en een anti-Europees kamp. Die polarisering lijkt vooral een gevolg van de manier waarop we mensen bevragen over Europa, van de electorale strijd tussen eurosceptische partijen en pro-Europese centrumpartijen en van polariserende referenda, met het Brexit-referendum als ultiem voorbeeld."

De vraag of we meer of minder Europa willen is compleet achterhaald?

"Absoluut. Integratie is een complex proces, dat in verschillende domeinen vooruit of achteruit kan gaan. Europa heeft vele gezichten. Sommige worden zeer gewaardeerd door burgers en andere minder. Wanneer je voorkeuren bekijkt over integratie in specifieke domeinen – zoals gezondheidsbeleid, milieubeleid, vluchtelingen- en migratiepolitiek, veiligheid – vind je genuanceerde, uiteenlopende en eerder positieve standpunten, zelfs onder harde eurosceptici."

Je vindt genuanceerde, uiteenlopende en eerder positieve standpunten, zelfs onder harde eurosceptici.

Hoe kunnen we het euroscepticisme de wind uit de zeilen halen?

"Als nationale leiders vasthouden aan een eenduidig en kunstmatig discours over een Europa dat alleen maar voordelen oplevert voor iedereen, voeden ze onwetendheid, desinteresse en uiteindelijk ook euroscepsis. Ondertussen zijn we in een situatie aanbeland dat we bijna niet meer weten hoe we over Europa moeten praten. Behalve in voor of tegen. Ook de centrumpartijen kunnen zich alleen nog maar verdedigen in heel algemene termen die niet overtuigen, genre 'nooit meer oorlog' of 'we kunnen overal met de euro betalen'."

Vindt u 'nooit meer oorlog' dan een zwak argument pro Europa?

"Het is een sterk argument, maar dat alleen is niet voldoende. Ondertussen is Europa zoveel meer dan een project voor vrede. Als dat het enige is dat je kan inbrengen over een project dat zoveel dimensies heeft, dan ontneem je niet alleen burgers zeggenschap over dat project maar het maakt ook dat je nergens nog kritisch over zou mogen zijn. Terwijl we vooral het debat over Europa niet langer uit de weg mogen gaan. Politici beseffen onvoldoende dat ze, door transparant te zijn over Europees beleid en door burgers meer inspraak te geven in Europees beleid in plaats van dat af te dekken, juist een veel krachtiger antwoord kunnen bieden aan het euroscepticisme."

Wat kunnen we verwachten van de net gelanceerde Conferentie over de Toekomst van Europa en andere deliberatieve evenementen?

"Ik geloof er niet in. Onderzoek toont aan dat deelname aan dit soort initiatieven ongelijk verdeeld is over socio-economische groepen. Het zijn grotendeels pro-Europese, hoogopgeleide mensen die hieraan deelnemen. Eerdere initiatieven die inspraak moesten vergroten, zoals de Future of Europe Dialogues of het Citizens Initiative, bleken vooral marketingevenementen en manieren om thema's aan daadwerkelijke politieke strijd te onttrekken. Waarom wordt telkens gekozen voor dit soort 'gedepolitiseerde' manieren om Europa democratischer te maken. Het geven van een krachtige stem aan Europese parlementsleden, hen die thema's laten aankaarten in de media, dat lijkt me veel effectiever."

Het Europees Parlement laat toch vaak zijn stem horen, zoals onlangs weer met de stemming over het tijdelijk opheffen van patenten?

"Het Europees Parlement vecht keihard voor zijn plaats, zoveel is duidelijk. Het heeft zich op een indrukwekkende manier geëmancipeerd. Maar een gezond parlement zou ik het niet noemen. Parlementsleden die iets willen bereiken, moeten veelal samenwerken met de zittende macht. En door de grote groep eurosceptische parlementsleden zijn ook sociaaldemocraten, liberalen en christendemocraten op elkaar aangewezen. Sociaaldemocraten kunnen dus minder scherp hun kritische stem laten horen over het socio-economisch beleid en zo de stem van progressieve burgers laten weerklinken. In een gezond Europees Parlement had je veel meer strijd tussen sociaaldemocraten en liberalen."

Die strijd is er alleszins wel tussen de voorzitter van de Raad en de voorzitter van de Europese Commissie.

"Charles Michel en Ursula Von der Leyen kunnen elkaars bloed drinken, zoveel is na Sofagate duidelijk. Fascinerend om te zien dat Recep Erdogan dat ook door had en bewust de setting klaarzette om dat conflict te laten ontploffen. Niemand had gedacht dat Charles Michel zich zou ontpoppen tot zo'n strijder voor het Europa van de lidstaten. Maar ook Ursula Von der Leyen wist tijdens de pandemie veel macht naar de Europese Commissie te trekken. Het conflict staat symbool voor hét grote vraagstuk van de Europese Unie op dit moment: krijgen we een Europa van de lidstaten of een Europa van de Europese Commissie? Het is afwachten hoe zich dat ontwikkelt, nu de Europese Commissie nauw gaat samenwerken met de lidstaten in het ontrollen van de relanceplannen."

Samenleving & Politiek, Jaargang 28, 2021, nr. 6 (juni), pagina 38 tot 45