Abonneer Log in

Wat als… je je eigen leeftijd kan kiezen

Stel dat een wettelijke leeftijdsverandering ooit realiteit wordt, dan moeten we onze hele sociale zekerheid herdenken.

Als een leeftijdsverandering mogelijk wordt, moet het bestaande systeem volledig op de schop.

RECHTSZAAK IN NEDERLAND

We kennen allemaal wel iemand die zich jonger (of ouder) voelt dan zijn of haar wettelijke leeftijd. Zo ook Emile Ratelband, veelbesproken Nederlands ondernemer en mediapersoonlijkheid. Wat Ratelband echter anders maakt, is dat hij zich niet alleen jonger voelt. Hij wil het ook echt zijn. Daartoe spande hij een rechtszaak aan, met als doel zijn wettelijke leeftijd te wijzigen. Dat lijkt misschien een gek en utopisch idee, maar is het veel minder wanneer je de vergelijking maakt met wettelijke geslachtsverandering. Ook daarvan dacht men tot enkele jaren terug dat het nooit mogelijk zou zijn. En kijk nu.

Ratelbands betoog vertrekt inderdaad vanuit de premisse dat leeftijd, net zoals geslacht, een kernelement is van de menselijke identiteit, en het daarom aan het individu en niet aan de overheid is om die te bepalen. Hoewel het Nederlands hof de bewijsvoering van Ratelman deels onderschreef, besliste het toch om zijn verzoek tot leeftijdsverandering af te wijzen, met als voornaamste argument dat er aan iemands leeftijd ook allerlei rechten en plichten verbonden zijn, en dat elke verandering in die leeftijd dus ook verstrekkende gevolgen heeft.

Laat ons het hier hebben over de mogelijke gevolgen van een wettelijk toegelaten leeftijdsverandering voor de inrichting van onze sociale zekerheid.

MOGELIJKE GEVOLGEN VOOR ONZE SOCIALE ZEKERHEID

Leeftijd is in ons huidig systeem een erg belangrijk criterium om de toegang en de hoogte van sociale uitkeringen te bepalen. De kinderbijslag, bijvoorbeeld, ontvangt men tot de kaap van 18 jaar (of in sommige gevallen 25 jaar) bereikt is. Maar als een leeftijdsverandering mogelijk is, wat doe je dan met mensen die – à la Peter Pan, of wat dichter bij huis, à la Marc de Bel – zich eeuwig kind voelen en dat misschien ook wel willen zijn? Een ander voorbeeld zijn uiteraard de pensioenen, die pas uitbetaald worden zodra de wettelijke pensioenleeftijd bereikt is, wanneer ook de verplichting tot arbeidsmarktparticipatie wegvalt. Maar als leeftijdsverandering wettelijk mogelijk is, wat doe je dan met de twintiger die zich 80 voelt en dat ook wil zijn? Mag die dan ook stoppen met werken en van een pensioen genieten?

De meesten onder ons denken op dit moment wellicht dat dit alles wel erg onwaarschijnlijk klinkt, en voelen het misschien tevens als onrechtvaardig aan. Ook beleidsexperten zullen in koor zingen: 'Begin hier niét aan'. Als een leeftijdsverandering mogelijk wordt, moet het bestaande systeem immers volledig op de schop. Toch is het niet geheel ondenkbaar dat leeftijdsverandering, net zoals geslachtsverandering, met de jaren steeds meer aanvaard zal worden in de publieke opinie, tot op het moment dat het ook juridisch een reële optie wordt. In dat geval zal de sociale zekerheid zich – willens nillens – moeten aanpassen aan de veranderde maatschappelijke situatie, zoals het dat in het verleden al zo vaak gedaan heeft.

Als een leeftijdsverandering mogelijk wordt, moet het bestaande systeem volledig op de schop.

3 MOGELIJKE PISTES

Mocht het ooit zover komen, zijn er alvast drie mogelijke pistes denkbaar, ervan uitgaande dat leeftijdsverandering slechts éénmalig kan.

De eerste piste bestaat er simpelweg in om de biologische in plaats van de wettelijke leeftijd te nemen als basis voor sociale rechten (en plichten). In dat geval hoeft er in feite helemaal niets te gebeuren aan de huidige sociale zekerheid. Het druist echter wel lijnrecht in tegen de geest van een leeftijdsverandering. Mensen die hun leeftijd wijzigen, zullen het immers niet aanvaarden dat de overheid hen nog steeds bejegent alsof ze niét van leeftijd veranderd zijn. Dat is vandaag de dag ook duidelijk te zien bij mensen die van geslacht wisselen.

De tweede piste is dat alle leeftijdsbepalingen in onze huidige sociale zekerheid behouden worden, maar dat er – op z'n Amerikaans – maximumtermijnen worden opgelegd. Elk burger kan dan bijvoorbeeld maximum 18 (of 25) jaar kinderbijslag of maximum 35 jaar een pensioen ontvangen. Dat zorgt er alvast voor dat mensen die hun wettelijke leeftijd veranderen daarbij geen overmatig gebruikmaken van sociale uitkeringen. De keerzijde van de medaille is echter wel dat het kan leiden tot onderbescherming. Bijvoorbeeld: iemand die biologisch gezien 70 jaar is en dit wettelijk heeft veranderd naar 10 jaar ontvangt in dit systeem geen kinderbijslag (indien de maximumtermijn van 18 jaar bereikt is) maar ook geen pensioen (omdat de wettelijke leeftijd onder de pensioenleeftijd ligt). Ook omgekeerd is de twintiger die 80 wil zijn onderbeschermd omdat hij of zij slechts een mager pensioen zal hebben opgebouwd op basis van sociale zekerheidsbijdragen. Men zou hier kunnen beargumenteren dat zulke onderbescherming aanvaardbaar is omdat ze het gevolg is van een bewuste individuele keuze. Tegelijkertijd behelst het echter discriminatie op basis van leeftijd, en is de kans bijzonder groot dat het leidt tot een forse toename in armoede en inkomensongelijkheid.

De derde piste zou de onderbescherming en de daaraan verbonden discussies alvast doen oplossen, door alle bestaande leeftijdscriteria in onze sociale zekerheid te verwijderen. In plaats daarvan kan de focus verschoven worden naar andere criteria die in wezen niet-leeftijdsgebonden gebonden zijn, zoals zorgbehoeften, financiële zelfredzaamheid of arbeidsverleden. Een alternatieve optie is om een universeel basisinkomen te introduceren, waarbij ieder burger (of inwoner) van het land een maandelijks bedrag ontvangt, ongeacht zijn of haar wettelijke leeftijd.

'Only time will tell' of een wettelijke leeftijdsverandering ooit realiteit wordt, en welke van de drie pistes in dat geval de voorkeur wegdraagt.