Log in

Openbare televisie en de vrije markt

De revolutie in nieuwe technologieën biedt de wereld ongekende mogelijkheden. Maar is ons uitbreidend universum een gevaarlijke illusie? Welke vorm van ethiek zal dienst doen als basis voor de media in de volgende eeuw? Hoe zal die stand houden tegenover de dodelijke druk van deadlines, budgetten en kijkcijfers?

Zelf leerde ik van deskundige filmploegen hoe te filmen en loste met hen veel netelige problemen op. Gebrand op verhalen om de concurrentie te verslaan, sturen wij vandaag de dag pas afgestudeerden - soms helemaal alleen - naar complexe omgevingen zoals rampen en opstanden. Dankzij de nieuwe technologie kunnen zij hun verhalen onmiddellijk de ether insturen zonder met een ploeg te spreken. De voorbije twintig jaar heb ik de politie gefilmd. Ik voel me dus zeker van mijn eigen meningen. Maar wat als je als sportjournalist plots naar de nieuwsredactie wordt overgeplaatst, of als je je bevindt in een oorlogsgebied in een land waar de mensen vier talen spreken, waarvan geen enkele de jouwe is?
Journalistieke integriteit telt in het tijdperk van paniek nog meer. Tijdens de Golfoorlog keken Saddam Hussein en George Bush live naar het bombardement van Baghdad op CNN en handelden volgens hetgeen zij zagen. Momenteel zijn er veel 24-uren-nieuwszenders die er allemaal voor vechten om hetzelfde verhaal te hebben. Het is al erg genoeg dat de agenda verkleint terwijl het aantal zenders alsmaar toeneemt. Maar wat als het originele verslag verkeerd is, zoals met het ‘toevallige’ bombardement van de Chinese ambassade in Belgrado?

Kijkgewoontes

We moeten onze verantwoordelijkheden naar het publiek opnieuw bekijken, omdat veel programmamakers er niet in slagen met de kijkgewoonten mee te gaan. Wij maken programma’s nog altijd op een lineaire manier, alsof kijkers een film bekijken op dezelfde manier waarop ze lezen, van begin tot einde, in het geloof dat uitleg bovenaan latere scènes zal helpen verklaren. Daar horen ook inleidende waarschuwingen bij over seks en geweld. Maar de toevalligheid van de meeste televisie-ontmoetingen ontkent een dergelijke zorg. In veel huizen staan in verschillende kamers toestellen te schijnen. Als mensen al gaan zitten om een programma te bekijken, wordt de beeldenstroom onderbroken door de normale onderbrekingen zoals telefoon, eten, seks, baby’s en andere natuurlijke behoeften. Zappen tussen zenders is een familiesport geworden.
Naarmate er meer digitale huishoudens zijn, zal de tijd die mensen doorbrengen voor één programma verminderen. Naarmate het publiek op aarde versplintert, neemt de druk toe om het terug te winnen. De wanhoop stijgt om het centrum te behouden met een eindeloze stroom van ontspanningsprogramma’s. Ondertussen haken oudere gelegenheidskijkers met meer gevarieerde smaken - dat zijn de meesten van ons - af. Zijn de planners niet te veel toegespitst op het heilige publiek tussen 18 en 34?

Grof

Dezelfde soort grove mentaliteit is aan het werk met betrekking tot ethische kwesties. En we merken het zelfs niet. Wij zuigen programma’s op en spugen ze zo snel uit dat we ons niet bewust zijn van de vragen die ze oproepen, of ze niet willen herkennen. Sensatiezucht en uitbuiting zijn er al even lang als de kranten. Toch zijn er in onze zogenaamde informatie-explosie bepaalde ongelukken die eigen zijn aan het tijdperk. De snelheid, het kleiner aantal mensen betrokken bij het maken en afleveren van ‘product’ (zoals het nu heet), en de nieuwe technologie hebben een genetisch gemodificeerde soort gecreëerd van televisieproducers en mediajournalisten. Zij hebben de morele aanleg verloren. Het is niet dat zij niet akkoord gaan met deze soort conversatie: zij begrijpen ze gewoon niet. Zij zijn in feite moreel kleurenblind.
Velen onder hen werken aan real-life-televisie, dat zowel goedkoop als populair is. De biecht-talk shows zijn ons equivalent van christenen voor de leeuwen gooien. Voyeuristische snertdocumentaires over gewone mensen - familie van Big Brother - maken misbruik van hun rellen, oppervlakkige seksgewoontes of lomp gedrag. Ik ben er zelf enigszins verantwoordelijk voor, aangezien ik samen met anderen aan de wieg stond van de filmstijl die bekend geworden is als vlieg-op-de-muur. Maar wij hebben altijd een contract gebruikt die duidelijke rechten geven aan deelnemers om het soort privacy en waardigheid te beschermen die ik zelf zou willen. Vandaag brengen mensen zichzelf in onmogelijke posities en beseffen zij gewoon niet dat zij het doen.
Nieuwe technologie confronteert alle programmamakers met genetische modificatie in de naam van economie en efficiëntie: naarmate budgetten en programma’s krimpen, verliezen wij levensbelangrijke ruimte voor menselijke factoren - verrassing, en de plaats om te mislukken, fouten te maken, te heroverwegen en er aan te werken tot wij ze juist hebben. Naarmate de vraag toeneemt naar onmiddellijke sterke resultaten, worden ethische overwegingen onvermijdelijk gedegradeerd.

Paradox

Er is veel drukte gemaakt rond het ensceneren in documentaires. Dat gaat nochtans voorbij aan het feit dat de meeste feitenprogramma’s altijd in scène werden gezet - maar wel met veel meer tijd voor onderzoek, filmen en monteren dan wij vandaag toegewezen krijgen. De documentairemaker Robert Flaherty moest zijn Eskimo’s nog leren jagen op zeehonden en vissers van de Aran-eilanden leren haaien vangen zoals hun voorouders, omdat hun tradities verloren waren gegaan. Flaherty werkte jaren samen met zijn studie-objecten en stond open voor zowel hun verlangens als hun belangen. Een dergelijke zorg is nu veel moeilijker omdat budgetten de tijd voor het proces tot het praktische minimum beperken. Toch is dat de test die wij allemaal zouden moeten hopen te doorstaan: de vertrouwensband beschermen tussen onszelf, de onderwerpen van onze films en onze kijkers.
De zorg en fijnzinnigheid van het pionierswerk maakt een andere paradox duidelijk: terwijl onze mogelijkheid toeneemt om naar alle delen van de wereld een verbinding te leggen, lijkt onze belangstelling om dat te doen, te verminderen - tenzij een of andere plaats toevallig bovenaan de agenda staat van actueel nieuws, waar buitenlandse onderwerpen over het algemeen taboe zijn. Net nu onze wereld aan het uitbreiden is en complexer wordt, worden onze conceptuele instrumenten om daarmee om te gaan, vereenvoudigd.
,,Denk mondiaal, handel lokaal’’, zegt een actueel cliché. Maar welke verhouding hebben de media met de lokale cultuur? De wereld hangt aan elkaar met kabels en satellieten. Maar kunnen wij andere landen en culturen nu wel beter begrijpen? Of smelten de taal en de architectuur van dit virtuele werelddorp samen tot één veramerikaniseerd beeld van de wereld? Ironisch genoeg verdwijnt in dit informatietijdperk om de drie weken een levende taal.

Echt

Reizen door de nieuwe media is als wandelen door een nachtmerrieversie van een stratenmarkt, waar iedereen op hetzelfde moment aan het roepen is. Kunnen wij ooit doorheen de rommel bij iets komen dat wij als ‘echt’ zouden kunnen herkennen? De mogelijkheid om met een klik de wereld te verkennen, brengt wel een potentiële culturele verscheidenheid en rijkdom naar veel plaatsen ter wereld die voordien helemaal onmogelijk was. De sterkte van de nieuwe media is dat zij relatief goedkoop en toegankelijk zijn, en dat zij voorbijgaan aan conventionele controlemiddelen. Wij kunnen onze eigen zenders herprogrammeren om met programmamakers in wisselwerking te staan, onze levens op videoband op te nemen of een webcamera in onze huizen te zetten voor iedereen die wil kijken. Censuur is nagenoeg onmogelijk.
De zenders bieden ons allemaal de mogelijkheid om de conventionele manieren van verslaggeving en presentatie op te geven en onze wildste dromen zowel persoonlijk als collectief te verwezenlijken. Met de capaciteit om eender welke beeld- en geluidspatronen te creëren die wij kunnen bedenken - en de wereld rond te zenden in enkele seconden - veranderen deze nieuwe instrumenten onze ideeën van tijd, privacy, cultuur en vermaak. Zij transformeren de manier van zakendoen, hoe wij iemand het hof maken of met journalistiek en politiek bezig zijn. Wij kunnen autoriteit op manieren aanvechten waar wij vroeger enkel van droomden. Naarmate regeringen en multinationale ondernemingen alsmaar geheimzinniger doen, betwist het internet de aristocratie van informatie. Dat kan tot uitersten gaan als recepten voor bommen te maken, uitgewisseld door terroristen en neofascisten, tot positieve initiatieven die democratie en technologie combineren om staatscontrole te ontwijken.
Vandaag is er een website voor Palestijnse en Israëlische geleerden om te debatteren over hun tegengestelde versies van de voorbije 2.000 jaar. Het is een uitwisseling die enkel nog op het web mogelijk is, maar een die tot betere verstandhouding kan leiden op hun betwiste gebied. De wreedheid in Sierra Leone werd op de meest levendige manier in de huiskamers overal ter wereld gebracht door een moedige journalist, Sorious Samura, die enkel gewapend was met een kleine digitale camera en de moed om daar te gaan waar de rest van de media niet wou - op de straten. Dissidente stemmen gebruiken nu het net om autoritaire regimes om de tuin te leiden.

Visie

Nieuwe technologie op zich is evenwel niet voldoende om die vaart erin te houden. Er moet de visie zijn, de wil en de verbeelding om ze goed te gebruiken. Wat een onophoudelijke toevloed van werelddialoog en -debat lijkt te zijn, wordt wellicht op de proef gesteld door de wereldhandel. Het is een andere culturele paradox dat naarmate de technologie meer communicatiekanalen mogelijk maakt, de markt in de tegenovergestelde richting evolueert. In een grotesk voorbeeld van economisch Darwinisme slokken de mediabaronnen elkaar op om steeds grotere rijken te creëren door mobilofoniebedrijven te verbinden met internetproviders met filmstudio’s met pers- en tijdschriftengroepen met televisie- en radio-omroepen met grote onafhankelijke productiemaatschappijen. Het heet verticale integratie - en het doel is niet diversiteit maar controle en winst.
Wat voor ons een uitbreidend universum lijkt te zijn, wordt in feite begrensd door een steeds kleiner aantal mediareuzen. Zij vegen alle levende wezens op die hun pad kruisen, net als de vier kilometer lange netten die de Japanse vissers gebruiken. Zij die de manier controleren waarop deze nieuwe technologie zich ontwikkelt, zeggen dat zij het doen als antwoord op hun klanten. De mediamagnaat Rupert Murdoch sprak tien jaar geleden zulke taal. Hij wou de markt laten heersen.

Passief

Een dergelijke ogenschijnlijk democratische bezorgdheid verbergt het breder kader van de relatie: kijkers worden nog altijd grotendeels beschouwd als passieve consumenten, niet als dromers die deze nooit geziene gelegenheid gebruiken om iets anders te doen. De armoedige staat van openbare televisie in de Verenigde Staten van Amerika biedt de beste reden om hier de status van de openbare omroep te beschermen tegen alle uitdagers. Wij hebben ze meer dan ooit nodig om de weg te effenen voor het digitale tijdperk.
Het gebruik van kijkcijfers in plaats van bredere sociale en culturele waarden om hun waarde als verstrekkers van een openbare dienst te bevestigen, heeft een omgekeerd effect. Het biedt critici het bewijs om een abonnementensysteem of een volledige privatisering te rechtvaardigen. Wie volgens de cijfers leeft, zal enkel volgens de cijfers worden beoordeeld.
Dit tijdperk van nieuwe media biedt mij ondanks de onzekerheden toch de kans om mijzelf als filmmaker en journalist nogmaals te herontdekken. Naarmate de agenda van wereldtelevisie krimpt en aan de randen krult als een spoorwegbroodje, zullen veel filmmakers de kans grijpen om nieuwe digitale kanalen en het net te gebruiken om voor belangstellende kijkers om te roepen. De mogelijkheid bestaat om het publiek in een ander tijdskader te brengen, om ze uit te nodigen voor een deftige maaltijd in plaats van ze snel te vergeten hapjes voor te schotelen - ongezonde kost voor de hersenen.

Waarden

Op de 24-uren-nieuwszenders kunnen wij verslag uitbrengen van onderwerpen en hun context die al te vaak over het hoofd worden gezien, in plaats van de verslagen van de rivalen over te doen of elk uur dezelfde gegevens te herhalen. Wij kunnen veel meer buitenlands nieuws bekijken dat niet enkel samenhangt met rampen of burgeroorlogen, veel meer regionaal en lokaal nieuws, meer over het tweede en derde niveau van de agenda’s - economische, wetenschappelijke en culturele ontwikkelingen die niet sexy genoeg zijn om op de wereldzenders te komen.
Ik zie niet in waarom wij onze waarden zouden opgeven in deze Brave New World, maar wij kunnen haar toekomst niet overlaten aan de wetten van de markt. Als de prijs van de vrijheid eeuwige waakzaamheid is, dan moeten wij bereid zijn die te betalen. De markt is niet vriendelijk voor het soort creatieve vrijheid en journalistieke onafhankelijkheid die nu beschikbaar is. Wij kunnen die markt ook niet overlaten aan anonieme regelaars die er dikwijls niets van snappen en een coherente visie missen van openbare televisie. We moeten het genoeg waarderen om het zelf te beschermen.

Samenleving en politiek, Jaargang 7, 2000, nr. 9 (november), pagina 34 tot 37