Abonneer Log in

De ideologie van 100 vragen

redactioneel

Samenleving & Politiek, Jaargang 12, 2005, nr. 3 (maart), pagina 1 tot 2

Steve Stevaert is een geniaal politicus. Absoluut toptalent van een zeldzame soort. Maar zelfs grootmeesters doen wel eens een verkeerde zet. Zo was de negenproef n.a.v. de verkiezingen van 13 juni 2004 too little too late. Bovendien bleef de partij tijdens de campagne vrijwel onzichtbaar op de achtergrond en kon ze de toon niet zetten. Ook de vrolijke groepsdynamiek van de kopstukken rendeerde niet. De chemie van het kartel bleek al na één stembusslag gedoofd. Spirit wordt vandaag zelfs uitgelachen in de Wetstraat: welke andere partij slikt het eigen standpunt op een kernpunt zo lullig in?

Vandaar dat het niet echt verbaasde toen Stevaert op 15 januari in De Morgen liet noteren dat hij terug naar de spits moet. Hij had in 2004 getracht om als libero wat uit de camera’s te blijven en dat leverde geen doelpunten op. Dit jaar zou hij meer in de punt spelen. Daarvoor heeft hij de hulp van enkele getrouwe adviseurs niet langer nodig, dus stuurde hij ze weg of gaf hij ze een nieuwe opdracht. Zijn opdracht is duidelijk: ‘De socialisten gaan dit jaar eigenzinnig tegen de stroom in.’

Dat deed hij in zijn eentje met de ‘vijfkamp’ over de gezondheidszorg, waarin zijn uniek talent blijkt. Hij maait meesterlijk de CD&V het gras voor de voeten weg, zet de PS ingenieus onder druk zet en snoert de VLD subtiel de mond. Zelfs zonder Frank. Hij geeft dan nog steeds geen overduidelijk antwoord op enkele hoofdvragen - zoals: hoe de onderfinanciering van de ziekenhuizen oplossen? Als geen ander slaagt hij erin om marktleider te worden in het gevecht voor de gezondheidszorg, bovendien met een progressieve, linkse invulling. Op zijn eentje scoorde hij ook voluit met Ander Geloof. Zijn pleidooi voor actief pluralisme is dan wel niet revolutionair, wel verfrissend. En er zit een belangrijke les in voor het ideologisch congres van 17 en 18 december 2005: het is pas wanneer iedereen zichzelf is, zijn eigenheid beleeft, dat je met de ander actief en in respect kan samenleven. En wat geldt voor religie geldt ook voor ideologie: de eigenheid beleven en durven tonen. Pas dan zit in samenleven met anderen een meerwaarde.
Om dat congres voor te bereiden werden onlangs 25 werkgroepen samengesteld die tegen eind juli discussieteksten moeten schrijven. De bedoeling is dat die teksten over 10 jaar nog bruikbaar zullen zijn. Ze moeten zich focussen op ‘principes, op denkbeelden en uitgangspunten’. Volgens een nota van de studiedienst moet vermeden worden dat ‘(delen van) teksten al na enkele weken of maanden na het congres, laat staan tegen het congres, zelf achterhaald zouden zijn.’
Kortom, vermijden wat de PvdA is overkomen met haar nieuwe en fletse beginseltekst. Die is geschreven met de inkt van de hedendaagse Nederlandse problemen. Van elke bladzijde druipt fatsoen af. Het respect en de moraal maken er een burgerlijk pamflet van. Progressieve christendemocraten of links-liberalen zouden slechts met enkele puntjes ervan last hebben.
Uiteraard hebben de sp.a-leden ook hun zeg in de redactie van de nieuwe beginseltekst. Via het maartnummer van dóen werden ze daartoe opgeroepen. Met datzelfde nummer wordt ook het boekje Steve honderduit verstuurd. Daarin geeft de grote leider zijn antwoord op 100 gestelde vragen, meteen het officieel startschot van het congres. Naar verluidt gaat het om een vrij individuele, persoonlijke operatie. Nogal wat mensen uit de subtop van de partij hadden tot vrij kort voor het verschijnen van dat boekje geen idee van wat daar allemaal in te lezen stond. Slechts enkelen keken mee. Is dat een probleem, Stevaert schrijft immers wel vaker alleen een boekje? En hij kan het, helemaal alleen voorop stappen. Maar is dat gezond? Want deze keer is het misschien toch een beetje anders. Het is niet zomaar een boekje.
Volgens Johan Vande Lanotte is ideologie gelijk aan het antwoord op ‘die honderd vragen die het congres zal beantwoorden.’ In De Morgen van 5 februari is hij daarover bijzonder duidelijk: ‘Als het een echt ideologisch congres wordt, dan pas ik. Ik wil niet dat men zegt: “Dit is onze ideologie en daaruit volgen dan deze en deze en deze oplossing.” Daar geloof ik niet in. Vroeger schreef het maoïsme voor of we stoffen dan wel papieren zakdoeken moesten gebruiken. Dat was allemaal i-de-o-lo-gie. Ik wil dat we onbevangen antwoorden op die honderd vragen. Dat geheel is dan onze ideologie. Ik ga er dan wel prat op dat ik pragmatisch ben, maar dat wil niet zeggen dat je een aantal principes soms niet in herinnering moet brengen.’
Onbevangen antwoorden op honderd vragen. Daarover mag het congres gaan. Dat ‘geheel’ is ideologie. Daarop mogen werkgroepen een antwoord zoeken. Onbevangen? Hoe onbevangen kunnen, of beter durven leden of andere geïnteresseerden in die werkgroepen tewerk gaan nadat de voorzitter himself eerst zijn eigen, persoonlijke honderd antwoorden heeft toegestuurd? Dat lijkt een wat eigenaardige methode. Welke van de huidige kaderleden of partijleden durft buiten de lijntjes van Steve honderuit te tekenen? Ook van de jonge garde valt niet direct veel rimpeling te verwachten, zoals bij de Jongsocialisten tijdens het vorig ideologisch congres van 1974. En als het dan toch om een congres gaat over principes en uitgangspunten, zoals de nota van 9 februari van de studiedienst aan het partijbureau stelt, dan mag hij niet enkel met de inkt van Stevaert geschreven worden. Hoe verstandig die man ook is, dat is een ongezonde situatie. Als de trainer de sterkste speler is en andere kopstukken niet op het veld komen, dan moeten de andere spelers een trap onder de kont krijgen. In elk geval, het congres mist voorlopig die ene sterke, politieke figuur. Dat is een andere rol dan die van een sterk geprofileerde voorzitter.
Stevaert is al een tijd aan de macht. Hij leidde zijn partij tot mooie overwinningen. Maar als kok is hij ook medeverantwoordelijk voor de duffe worst die reclamemaker Jens Mortier onlangs bijzonder treffend beschreef: ‘Behalve het Vlaams Belang durft bijna geen enkele partij nog een positie in te nemen. Uit angst om zich te vergissen of een kiezer te verliezen, willen ze allemaal zo breed mogelijk gaan. En zo krijg je eenheidsworst die je nu ziet. Merkt u nog gigantische verschillen tussen CD&V, sp.a en VLD? De basisideologieën van die partijen zijn nochtans fundamenteel verschillend’, aldus Jens Mortier in Knack van 2 februari. Mortier sloot met de sp.a een contract af tot aan de federale verkiezingen van 2007 en geniet dus het vertrouwen van de partijtop. Hopelijk geloven ze daar een beetje in zijn deskundigheid, waarvoor ze hem ook betalen. Op de vraag of zijn advies voor de sp.a is ‘weg uit het centrum’ antwoordt Mortier: ‘Ja. De partij moet een duidelijker profiel krijgen.’
Wel, op 17 en 18 december 2005 kan de sp.a in Brugge dat profiel uitdiepen. Zelfs Stevaert kan dat niet alleen, vele andere visies en benaderingen zijn nodig. Samenleving en politiek wil voor deze bijdragen graag een forum zijn. We bijten in dit nummer de spits af. Wie durft te volgen?

Carl Devos
Hoofdredacteur

edito - ideologie - democratie - ideologisch congres sp.a - Steve Stevaert

Samenleving & Politiek, Jaargang 12, 2005, nr. 3 (maart), pagina 1 tot 2