Abonneer Log in

We zijn de 99%

redactioneel

Samenleving & Politiek, Jaargang 18, 2011, nr. 9 (november), pagina 1 tot 3

Is er nog iemand die begrijpt wat er gebeurt? Er is, na 2008, een nieuwe bankencrisis. Er is een economische dip. Er is de crisis van de eurozone. De beurzen zijn wispelturiger dan ooit. Vraag aan 10 economen wat er moet gebeuren en je krijgt 10 verschillende antwoorden. Ondertussen stijgt de frustratie en de woede bij de bevolking. Is je geld nog ergens veilig? Heeft de politiek nog vat op het casinokapitalisme? Beslissen de Duitse kanselier en het IMF over onze welvaartstaat?

Normaal maakt een economische baisse 5 fases door: de luchtbel, de ontkenning, de aanvaarding, de paniek en het herstel. Velen dachten dat we ondertussen in de herstelperiode waren. De markten lijken nu eerder te spreken van een zesde fase: de terugval. Daar zijn analisten het blijkbaar wel over eens: het einde van de economische crisis is nog niet in zicht.
Misschien is het ogenblik aangebroken om een grondige analyse te maken van de financiële crisis (lees in dit verband zeker de bijdrage van Glenn Rayp), van het economisch systeem en volgens sommigen van de crisis van de westerse beschaving.
Filosoof Peter Sloterdijk geeft in een interview de volgende voorzet: ‘De kredietcultuur, het kreditisme, is in een definitieve crisis terechtgekomen. We hebben zoveel schulden op elkaar gestapeld dat de belofte van aflossing, waarop het wezen van de constructie berust, niet meer nageleefd kan worden.’ Ook België is in hetzelfde bedje ziek. De Nationale Bank meldde dat in oktober 314.000 Belgen één of meerdere kredieten niet op tijd terugbetaald kreeg. Een nieuw record voor de tweede maand op rij. Tim Jackson (auteur van Welvaart zonder groei) trekt dezelfde analyse verder door en stelt dat individuele schulden werden aangewakkerd om een onbeperkte consumptiegroei mogelijk te maken. Het systeem botst nu op zijn eigen grenzen. Jackson pleit dan ook voor een overgang naar een volledig ander economisch systeem dat welvaart nastreeft met groei op maat.

De voorbije weken stond de crisis van de eurozone in het middelpunt van de belangstelling. Mikpunt was Griekenland. Daar werd de schuld gelegd voor de problemen met de euro. En als er dan een moeizaam akkoord tot stand komt haalt de Griekse premier het in zijn hoofd om een volksraadpleging voor te stellen. Even trappen we met zijn allen in de verontwaardiging van het duo Merkel-Sarkozy. Dan realiseren we ons dat de vraag naar een democratisch draagvlak voor drastische besparingen niet onterecht is.
Er wordt voor het eerst zelfs gesproken over een mogelijke uitstap uit de eurozone. Kan iemand zich voorstellen dat Griekenland dat doet en dat de Grieken weer met drachmes betalen? Maar ook Europa’s derde economie, Italië, is ‘besmet’. De crisis wordt voorgesteld als een besmettelijke ziekte! De ratingbureaus bepalen nu de kredietwaardigheid van landen. Wie kende pakweg een jaar geleden het bestaan van ratingbureaus? Meer dan ooit blijkt dat het echte centrum van de macht in de financiële wereld ligt.Het artikel van Lars Vande Keybus en Kristel Debackerover dit thema brengt verheldering in de duistere wereld van de kredietbeoordelaars.

De bijeenkomst van de G20, uitgerekend in het mondaine Cannes en zwaar gesponsord door grote banken en multinationale ondernemingen, werd volledig overschaduwd door de eurocrisis. De wereldleiders weten best wat hun prioriteiten zijn: de hervorming van het financieel systeem, de hoge energie- en voedselprijzen, het klimaat, het milieu en de armoede, maar ze hebben zich weer eens beziggehouden met het blussen van een brand.
Het heeft ons in elk geval geleerd dat de hegemonie van de (oude) Europese economie definitief tot het verleden behoort. Stel je voor! De Franse president smeekt de Chinese leiders om te investeren in Europa. Wie had dat ooit gedacht. China kijkt wel de kat uit de boom en neemt ondertussen lustig Europese bedrijven over. Het is duidelijk dat de nieuwe economische tijgers, China, India en Brazilië, meer dan ooit hun stempel op de wereldeconomie drukken.
Ook Duitsland is terug. De echte Europese leider is niet Van Rompuy of Barroso, maar mevrouw Merkel. Blijkbaar is Duitsland het enige land met genoeg centen om die plaats op te eisen. Voor wat hoort wat, dus het risico is groot dat het Duitse model nu opgelegd wordt aan alle Eurolanden.

Stilaan wordt ook duidelijk welke gevolgen de economische crisis heeft voor de wereldbevolking. Die zijn volgens de IAO vergaand. Zo zijn er sinds de financiële crisis van 2008 ruim 20 miljoen banen verloren gegaan. Het risico is groot dat het banenverlies nog verder zal oplopen tot het dubbele tegen eind 2012. Het internationale Rode Kruis en de rode Halve Maan komen tot de conclusie dat de honger in de wereld toeneemt. Een van de oorzaken daarvan zijn de stijgende voedselprijzen. Uit een rapport van Unicef blijkt dat de meest gehanteerde recepten om de overheidsfinanciën te saneren zijn: verlaging van de lonen, stopzetten van subsidies voor energie en voedsel, sociale programma’s terugschroeven, de pensioenen hervormen en de verbruikerstaks op basisproducten verhogen. Stuk voor stuk neoliberale recepten die de grote vermogens ongemoeid laten. Nochtans is nagenoeg iedereen het erover eens dat precies landen met grote sociale gelijkheid het economisch beter doen.

Zijn er dan geen lichtpunten? Toch wel. De belasting op financiële transacties, de zogenaamde Tobintaks, is op de tafel van (vooral) Europese politieke leiders gekomen. President Sarkozy heeft zich duidelijk uitgesproken voor een dergelijke taks. Dit voorstel dat sinds vele jaren door Attac, ook in België, verdedigd wordt is niet langer een onhaalbare utopie, maar een maatregel die onderzocht wordt. Uiteraard stellen er zich nog veel vragen over een praktische uitwerking, maar meer en meer politieke verantwoordelijken willen de speculanten laten betalen voor de schade die ze dagelijks aanrichten. Of de middelen van een dergelijke taks ook gebruikt zullen worden voor sociale en ecologische initiatieven wereldwijd is niet zeker. Waakzaamheid blijft dus geboden.

Blijven de mensen machteloos toezien? Gelukkig niet. Ondertussen is de Occupy beweging ontstaan. Meer dan een maand geleden bezetten duizenden mensen Wall Street om hun frustratie uit te roepen over de hebzucht van de financiële wereld en de grote sociale ongelijkheid in de wereld. Eerder waren er gelijkaardige protestbewegingen tot stand gekomen: de Indignados in Madrid, de Chileense studenten en de Adbusters in Canada.
De Occupy beweging is er in geslaagd om op één en dezelfde dag in 900 steden wereldwijd te demonstreren. De demonstraties kenden een wisselend succes, van enkele honderden tot tienduizenden betogers. De manifestaties hadden ook een erg lokaal karakter. In Chili ging het nog steeds over het onderwijs. In Griekenland over de dreigende besparingen. In de Filippijnen protesteerde men tegen het Amerikaans imperialisme. Toch wil men via lokale acties een globale boodschap brengen. Die gaat voorlopig bijna uitsluitend over wat men niet wil en te weinig over een mogelijk alternatief voor het gehate kapitalisme. De actiemiddelen zijn rechtstreeks ontleend aan de Arabische lente (bezetting van grote pleinen in steden) en ook hier spelen de sociale media een prominente rol. De Occupy beweging zegt zelf dat ze naast de 1% rijken van deze wereld de stem wil zijn van de 99% anderen. Wat eerst afgedaan werd als een marginale proteststem zou in de toekomst wel eens luider kunnen klinken dan men verwacht.
Ook in ons land was er op 11 november een eerste initiatief van participatieve democratie op grote schaal. Lees hierover zeker het interview met David Van Reybrouck, bezieler van het G1000-initiatief.

Mil Kooyman
Redactielid Samenleving en politiek

edito - financiële crisis - economie

Samenleving & Politiek, Jaargang 18, 2011, nr. 9 (november), pagina 1 tot 3