Log in

Tegen 'dromenvangers', voor 'dromenjagers'

Links voert zijn politiek gevecht best tegen de bovenste 20% en voor de onderste 20% in de samenleving.

De 8 rijkste mannen ter wereld bezitten samen bijna evenveel als de armste helft van de wereldbevolking. In eigen land bezit de rijkste 10 procent bijna de helft van het vermogen, goed voor ongeveer 1.043 miljard euro; Albert Frère is in zijn eentje goed voor 6,2 miljard euro en bezit meer dan de 2 miljoen minst vermogende Belgen samen. Het zijn de hallucinante cijfers uit een recent rapport van Oxfam.

Helaas zijn het de belastingparadijzen elders, en niet onze samenleving hier, die wel varen bij al dat kapitaal. Logisch dat de allerrijksten in het vizier komen van het linkse politieke gevecht. Maar als we eerlijk zijn, saboteert niet langer enkel de 1% onze samenleving. Ook de bovenste 20% van onze samenleving is losgezongen geraakt en heeft geen zin meer nog solidair te zijn. Tijd dus dat links het elitebegrip verruimt.

Vorig jaar verscheen het boek Dream Hoarders. How the American Upper Middle Class is Leaving Everybody Else in the Dust and What to Do about It, van de Brits-Amerikaanse schrijver Richard Reeves. Hij schrijft over de 'dromenvangers' in zijn land die de American Dream blokkeren; hij noemt hen de top 20%. Deze betere middenklasse heeft niet noodzakelijk veel kapitaal op de bank staan, maar leeft wel in mooie wijken, stuurt haar kinderen naar goede scholen en heeft gemakkelijke toegang tot gezondheidszorg. De economische crisis is aan haar voorbijgegaan; tegelijk voelt ze zelf nog weinig empathie met diegenen die wel veel verloren hebben.

Ook in België leeft de betere middenklasse zeer comfortabel. Het is haar uiteraard gegund. Mensen uit die betere middenklasse hebben ongetwijfeld hard gewerkt om te komen waar ze staan - vaak zelfs aanhikkend tegen een burn-out wellicht – maar ze vergeten daarbij dat hun succes mede mogelijk is gemaakt door publieke diensten. De 'eigen verdienste' is vaak minder groot dan ze zelf denken en over de factor 'geluk' valt ook best wat te zeggen. Deze betere middenklasse voelt nauwelijks nog empathie met diegene die het lastig heeft. Ze heeft geen zin meer in het sociaal contract. Natuurlijk wordt ze via onze sociale zekerheid nog wel verplicht te herverdelen, maar mocht het van haar afhangen dan trapt ze alle sporten van de ladder van sociale mobiliteit onder haar kapot – voor zover die al niet rot zijn.

Daarom voert links vandaag best haar politieke gevecht tégen die bovenste 20% van 'dromenvangers'. Zonder schroom en erg uitgesproken. Er vallen toch geen stemmen te halen. Tegelijk moet de onderste 20% de doelgroep zijn voor wie het wél aan politiek doet. Elk dossier bekijkt het best door de bril die ongelijkheid ziet; het moet consequent de verdediging opnemen van zij die dat zelf niet kunnen, van de 'dromenjagers' die vooruit willen in het leven maar daar om een of andere reden niet in slagen.

Moet links dan geen oog hebben voor succes? Uiteraard wel, maar gegeven de schaamteloze keuzes van de politieke tegenstrevers, is het best even expliciet in de keuze vóór wie het zelf aan politiek doet. Is dit miserabilisme? Helemaal niet. Want niet alleen de sukkelaars hebben het vandaag lastig, ook de zogenaamde 'Jam'-categorie ('just about managing') die elke maand moet knokken om het hoofd boven water te houden lijkt met de dag aan te groeien.

België is één van de meest gelijke landen ter wereld, maar onder de oppervlakte bestaan diepe kloven inzake kansen, scholing, enzovoort. Door een aantal recente beleidsmaatregelen dreigen sommige groepen in onze samenleving ervan tussen te vallen. Dat zien we nog niet echt in de cijfers – die dan steeds worden aangehaald om aan te tonen dat er in België geen sprake is van 'Angelsaksische toestanden' - maar achter de statistieken schuilen heel wat mensen die het moeilijk hebben. Middenveldorganisaties luiden al een tijdje de alarmklok. Huurders houden na het betalen van hun huur niet voldoende over om een menswaardig bestaan te leiden. Jongeren kunnen enkel nog aan de slag in Deliveroo-jobs zonder opbouw van rechten.

Het is voor deze, en andere, groepen dat links best een geloofwaardig verhaal vertelt; een factuuroppositie is niet genoeg. Een verhaal dat radicaal focust op de zwakkeren heeft wel degelijk potentieel. Het kan zelfs de middengroepen, die het nog goed hebben, aanspreken. Want hen moet je natuurlijk aan boord houden voor de financiering van de sociale zekerheid.

Links focust dus best niet enkel op de kloof tussen kapitaal en arbeid. De kloof die er echt toe doet is die tussen de betere middenklasse en de middenklasse die dreigt af te glijden, tussen diegenen die zonder omkijken elk jaar stappen zetten in hun leven en diegenen die elke maand moeten knokken om het hoofd boven water te houden, tussen de 'dromenvangers' die geen zin meer hebben in het sociaal contract en de 'dromenjagers' die vooruit willen in het leven maar daar niet in slagen.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 2 (februari), pagina 2 tot 3