Log in

Het menuet van Kondratieff

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 10 (december), pagina 66 tot 67

Het menuet van Kondratieff

Walter Loten
Gompel & Svacina, Oud-Turnhout, 2018

Onlangs kocht ik in een antiquariaat een boekje uit 1980 over Tito van de hand van Walter Lotens. Dit was de eerste politiek getinte publicatie van deze auteur. Tevoren had hij zich alleen maar bezondigd aan dichtbundels. Met het pas verschenen Het menuet van Kondratieff krijgen we een terugblik van meer dan veertig jaar maatschappelijk engagement van een soixante-huitard avant la lettre die het ook gebleven is après la lettre.

Lotens neemt ons mee op een trip down memory lane: van de slag bij Stalingrad in zijn geboortejaar 1942 tot nu. Deze kroniek van een kosmopoliet is opgevat als een soortement dagboek. Telkens wordt een datum gekoppeld aan een periode uit het leven van de auteur. We beginnen in de jaren 1960 met de beklemmende sfeer in katholieke colleges, de kleinburgerlijke moraal, trouwfeesten met Orloffgebraad, erwtjes, worteltjes en kroketten. Al tijdens zijn legerdienst gaat het mis. Soldaat Lotens heeft problemen met het gezag, wat hem de nodige dagen 'ballen' oplevert. Het gaat van kwaad tot erger. Als kritische leraar staat hij mee aan de wieg van de Aktiegroep Krities Onderwijs (AKO) en zo belandt zijn adres in het rode boekje voor scholieren en (hoogstwaarschijnlijk) ook in de microfiches-B van de rijkswacht.

De 'verlinksing' van Lotens gebeurt geleidelijk. Geen epifanie, maar de geleidelijke bewustwording van een petit-bourgeois. In 1985 en 1989 neemt hij deel aan acties van een vakbondsbrigade in Nicaragua. Hij keert vaak terug naar Zuid-Amerika en schrijft daarover. Hierbij focust hij vooral op de inheemse bevolking: coca kauwende mijnwerkers, breedgerokte vrouwen met bolhoed en een kind op de rug, enzovoort.
In de jaren 1990 woont hij in Suriname waar hij een chroniqueur wordt van deze culturele smeltkroes. Zijn commentaren zijn echter niet vrijblijvend, wat zeker blijkt wanneer hij in 2004 Omkijken naar een 'revolutie'. Surinaamse intellectuelen onder militairen uitbrengt. Lotens is niet de zoveelste Paramaribowatcher; hij is een indigena.

Het boek is het relaas van een globetrotter, maar dan wel één van het kritische soort. In Ticket naar Shangri-La (2006) fileerde hij al de reisindustrie. Dit wordt nog eens dunnetjes overgedaan in Het menuet van Kondratieff; er wordt stilgestaan bij de russificatie van Thailand, het japaniseren van Bali, enzovoort. Maar er is ook ruimte voor humor. Het verslag van de reis naar Lanzarote bijvoorbeeld is het hilarische verhaal van een poging tot journalistiek à la Günter Wallraff waarbij de undercovers binnen de kortst mogelijke tijd door de mand vallen.
Een kleine kanttekening: het over en weer wippen van het ene continent naar het andere, het pendelen tussen tijdvakken, de interludia over lesopdrachten als leerkracht moraal en de overvloed aan verwijzingen naar filosofie, kunst en cultuur kunnen de lezer misschien een intellectuele jetlag geven, maar een kniesoor die daarom maalt.

Is dit een links boek? Laat er geen twijfel over bestaan. De auteur heeft weinig of geen sympathie voor de pseudostalinisten van AMADA/PVDA en ook de zelfverklaarde trotskisten van RAL/SAP worden meermaals op de korrel genomen. En dan zijn er nog Mozambique en Cuba. In Maputo en Havana ondervindt Lotens de problemen van de gedegenereerde arbeidersstaat aan den lijve. Vaut plus le détour.
De auteur vraagt zich af of hij een libertair socialist is. Laten we het erop houden dat hij niet in een hokje kan worden gestopt. Walter Lotens is een belezen rebel, een tedere anarchist.

Moraal van het verhaal? In de nadagen van '68 sneuvelde de seksuele hypocrisie en leek de toekomst beloftevol. De oude vormen en gedachten zouden eindelijk sterven. Wat is daar nu nog van over? Tijdens de voorbije gemeenteraadsverkiezingen stond een kandidaat van de SAP in Antwerpen op de 46e plaats van een lijst van de PVDA. Mandel en le Vieux draaien zich om in hun graf. Tja, de wereld steunt nu op nieuwe krachten. Een partij ter linkerzijde zoals Groen pleit zelfs voor een beperking van het stakingsrecht. Toegegeven, een betaalstaking is minder drastisch dan minimale dienstverlening, maar toch: 't is niet meer wat 't geweest is. Desondanks blijft Lotens positief. Hij ziet mogelijkheden in het multinationaal verzet van vakbondsmensen, milieuactivisten, inheemse bewegingen, burgers en radicaal-linkse bewegingen die een roodgroene vuist maken. De strijd gaat voort.

¡Proletarios de todos los países, uníos!
Último aviso
(Eduardo Galeano, El Libro de los Abrazos, Dicen las paredes/2)

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 10 (december), pagina 66 tot 67