Log in

Het schaduwkabinet à la belge

redactioneel

In Groot-Brittannië is het de gewoonte dat de oppositiepartij een schaduwkabinet samenstelt. Het bestaat uit een groep politici die partijwoordvoerder zijn op verschillende beleids­terreinen en zo een alternatieve ministerraad vormen. Bij de Britse Labour partij worden de schaduwministers zelfs verkozen door de partijleden. Na die verkiezing wijst de partijleider aan elke schaduwminister een beleidsterrein toe. Bedoeling is natuurlijk dat de schaduwminister het beleid van de zittende minister op hetzelfde beleidsterrein kritiseert, hem in moeilijkheden brengt, alternatieven presenteert.

Het is een traditie die we in België niet kennen. Nadat Wilfried Martens in 1988 van politieke partner wisselde en opnieuw een roomsrode regering leidde, vormde Guy Verhofstadt een eerste schaduwkabinet; en ook Agalev vormde in 2003 even een schaduwkabinet in de aanloop naar de verkiezingen. Maar verder blijft het fenomeen beperkt tot het politiek debatprogramma Het Schaduwkabinet dat lange tijd op VTM werd uitgezonden, en de reeks Het Schaduwkabinet in De Tijd waar opiniemakers wekelijks hun visie geven over de politieke actualiteit.

Een relatief marginaal verschijnsel dus. Tot vandaag. Maar zoals het landgenoten van René Magritte betaamt is de invulling à la belge ervan een tikkeltje surrealistisch. Anders dan in Groot-Brittannië regisseert hier de grootste regeringspartij, N-VA, de oppositie tegen het eigen regeringswerk. Het is bij de Britten een gangbare praktijk dat schaduwministers na een verkiezingsoverwinning van hun partij ook daadwerkelijk minister worden. Hier is de volgorde omgekeerd. Hier word je eerst minister en vervolgens direct ook je eigen schaduwminister.

Neem nu Theo Francken, onze staatssecretaris voor Asiel en Migratie. Hij bekleedt tegelijk de functie van staatssecretaris en schaduwstaatssecretaris; hij is tegelijk meerderheid als oppositie. Theo op zijn bureau aan de Wetstraat 18 klinkt heel anders dan Theo op zijn Twitter- en Facebook-account. Hij belichaamt perfect het ‘nieuwe regeren’ in de toeschouwersdemocratie van vandaag: compromissen sluiten in de Wetstraat, onverzettelijk klinken in de dorpsstraat. Met één been in het moeras van de besluitvorming, met het andere standvastig voor de eigen achterban. Politieke propaganda in plaats van politieke prestaties; marketing in plaats van beleid.

Je moet het de partij nageven: N-VA heeft het goed voor mekaar. De partij heeft, verspreid over de twee beleidsniveaus, 1 minister-president, 6 ministers en 2 staatssecretarissen in de rangen. Dat is relatief weinig, gezien de partij in zowel de Vlaamse als de federale regering met voorsprong de grootste coalitiepartner is. Het is alleszins lekker handig. Niet alleen draagt de partij daardoor niet het volle gewicht in de federale regering, een niveau dat ze eigenlijk verdampt wil zien. Deze keuze stelt N-VA ook in staat om een aantal kopstukken in het publieke debat te positioneren, met als enige taak de partijlijn uit te dragen los van het regeringswerk. Een hele reeks partijtoppers komen zo mogelijk nog meer in beeld dan de ministers zelf: Zuhal Demir, Valerie Van Peel, Siegfried Bracke, Peter De Roover, ... en natuurlijk ook partijvoorzitter Bart De Wever.

Probeer het in Groot-Brittannië maar eens uitgelegd te krijgen, dat de belangrijkste politicus van de grootste regeringspartij niet toetreedt tot de coalitie. This must be Belgium. Bart De Wever speelt vanop het schoonverdiep in Antwerpen een bepalende rol in het parcours van de regering-Michel tot nu toe; het is daarom dat we, verderop in dit nummer, ook hem een brief toesturen.

Cartoonist Erik Meynen tekent dagelijks in Het Laatste Nieuws en wekelijks in Knack een variant van het beeld van schaduwpremier Bart De Wever die de touwtjes in de 16 in handen heeft. Charles Michel wordt er steevast neergezet als een marionet van de ‘echte baas’. Dat Bart De Wever de machtigste cartoonist in de Wetstraat op z’n dak heeft, doet hem waarschijnlijk meer pijn dan de talloze analyses en opiniestukken die over hem verschijnen. Het beeld dat ontstaat in de stripjes van Erik Meynen is immers zeer moeilijk te keren. Het gaat feilloos naar de zwakke plek.

Bart De Wever zelf, huivert van het beeld dat de regering-Michel aan zijn handje loopt. Althans dat laat hij in verschillende interviews uitschijnen. Voor hem is het steeds dezelfde riedel, vol fantasie, gefundenes Fressen voor mensen die hem niet graag zien. Bewust van het gevaar hield De Wever zich in de eerste maanden van de legislatuur wat gedeisder, ‘het verwijt van schaduwpremier was zo evident’ zei hij daar zelf over, maar gaandeweg ging hij zich actiever bezighouden met de regering. Dat onlangs uitlekte dat hij mee aanschoof bij een veiligheidsbijeenkomst net na de aanslagen van 22 maart, deed de beeldvorming uiteraard geen goed.

Elk nadeel heb natuurlijk zijn voordeel. Zijn keuze om niet in de regering te stappen, biedt Bart De Wever de uitgelezen mogelijkheid om het partijstandpunt uit te dragen. Hij is en blijft de incarnatie van de partijlijn. Dat is ook de analyse van Kris Deschouwer in het Sampol-interview: "Bart De Wever is af en toe scherp, af en toe zalvend voor ‘zijn’ regering, maar hij blijft een buitenstaander. Als de regering-Michel niet slaagt, is er daardoor voor N-VA steeds een terugvalpositie."

De regering-Michel heeft al een woelige rit achter de rug, en dat zal er de volgende twee jaar niet op verbeteren. De volgende confrontaties liggen netjes klaar: de begroting, de vennootschapsbelasting, de meerwaardebelasting, de vliegroutes, Arco, de gevechtsvliegtuigen, het energiepact. Het wordt alle hens aan dek om niet te kapseizen. De verwachting is dat het pappen en nathouden wordt tot 2019. Aankondigings- en doorschuifpolitiek, op zijn best. Op een comeback van een eensgezinde ploeg hoeven we niet te rekenen. Het vele gekibbel is de verantwoordelijkheid van alle regeringspartners, ook de kleine CD&V voelt zich erg ongemakkelijk in haar rol, maar vooral de grote N-VA draagt een verpletterende verantwoordelijkheid. Hoe het schaduwpremierschap vanuit Antwerpen verder wordt ingevuld, zal bepalen op welke manier de regering-Michel de rit uitrijdt.

Met verkiezingen in 2018 en 2019 in het verschiet, ziet het er naar uit dat de stealth-raketten verstuurd vanuit het schoonverdiep steeds harder zullen inslaan. Zo was er recent het kerstinterview van Bart De Wever op de nieuwssite Newsmonkey.be. Dat interview maakte vooral ophef omdat hij er een politieke tegenstander ‘het restafval van de 20ste eeuw’ noemde, maar was om een nog andere reden significant. Bart De Wever zei er in nauwelijks omfloerste bewoordingen dat het de bedoeling was om de taxshift niet volledig te financieren, zodat op die manier de besparingslogica in de Sociale Zekerheid gehandhaafd zou blijven. Slik. CD&V zal dit graag gehoord hebben.

Er speelt natuurlijk een zekere frustratie mee. Uit de brieven die we in dit nummer naar alle ministers sturen, blijkt dat het op bepaalde beleidsdomeinen nog wel meevalt met de Verandering die N-VA beoogt. Soms is duidelijk sprake van ideologische vooringenomenheid; soms blijft het beleid beperkt tot aanpassingen in de marge. Het tussentijdse rapport van de zelfverklaarde herstelregering-Michel oogt dan ook mager. Het Belgische systeem laat zich niet zo gemakkelijk sturen; de beoogde koerswijziging valt niet zo eenvoudig te realiseren.

Ook de tussenkomsten van Bart De Wever en andere N-VA-kopstukken dragen steeds meer een zekere deemoedigheid met zich mee. Au fond geloven ze niet meer in deze regering; alleen mag het niet met zoveel woorden gezegd worden. Het is vechten tegen de gevestigde orde - vakbonden, mutualiteiten, middenveld - die de koers van de tanker België bewaakt. De machtsbastions geven zich niet gewonnen tegen ‘het weeskindje’ dat de regering-Michel is ‘waar niemand 100% om geeft’ (naar de woorden van Peter De Roover).

Het is op die nagel dat de N-VA-ministers, -kopstukken en -voorzitter in de aanloop naar de verkiezingen van 2019 zullen kloppen. Het is het schaduwkabinet à la belge in actie.

Wim Vermeersch
Hoofdredacteur Samenleving en politiek

edito - De Wever Bart - N-VA

Samenleving & Politiek, Jaargang 24, 2017, nr. 1 (januari), pagina 1 tot 3