Log in

Kleur in de gemeenteraad?

Bij deze gemeenteraadsverkiezingen steeg het percentage kandidaten met een migratieachtergrond in de groot- en centrumsteden sterk tegenover 2012. Ze bekleden echter vooral middenposities op de kieslijsten, wat hun kansen verkleint om verkozen te geraken, en zijn dus nog altijd ondervertegenwoordigd in de lokale politiek.

GEMEENTERAADSVERKIEZINGEN 2018

Van dorpsstraat naar Wetstraat
Sofie Marien, Gert-Jan Put, Jef Smulders, Bart Maddens, Kris Deschouwer en Ine Govaerts
Groene golf, rood tranendal?
Johan Ackaert en Sofie Hennau
Kleur in de gemeenteraad?
Sigrid Van Trappen en Bram Wauters

De Vlaamse steden zijn de afgelopen decennia diverser geworden, maar dat heeft zich niet in dezelfde mate vertaald naar aanwezigheid in gemeenteraden. Terwijl 24,3% van de bevolking in de centrumsteden een buitenlandse achtergrond heeft, geldt dit maar voor 9,8% van de gemeenteraadsleden. Voor de grootsteden zijn deze percentages respectievelijk 41,8% en 23,1%.1

Politieke partijen en kiezers spelen hierbij een cruciale rol.2 Partijen selecteren kandidaten en kiezers beslissen wie verkozen wordt. Eerder onderzoek wees uit dat burgers met een migratieachtergrond vaak ondervertegenwoordigd zijn op de kieslijsten en lagere posities bekleden.3 Kiezers kunnen dit (deels) compenseren door via voorkeurstemmen ervoor te zorgen dat deze kandidaten verkozen worden, zelfs vanop een lage plaats.4

In dit artikel analyseren we de kieslijsten en de gekozenen bij de lokale verkiezingen van 2018.5 We maakten gebruik van de methode van de naamherkenning, welke vaker gebruikt wordt in dit soort onderzoek.6 Kandidaten met een vreemde naam werden verder gescreend via de partijwebsite, hun Facebookprofiel, enzovoort. De focus lag op Europese en niet-Europese zichtbare7 etnisch-culturele minderheden, wiens aanwezigheid en politieke representatie het maatschappelijk debat domineren.8 De gehanteerde methode is echter niet foutloos. We hebben dit proberen op te vangen door duidelijke criteria op te stellen en steekproefsgewijs met meerdere onderzoekers dezelfde kandidatenlijsten te coderen. Door het tijdrovende karakter van deze methode hebben we ons beperkt tot de 2 grootsteden en de 11 centrumsteden in Vlaanderen.

DIVERS GENK, DISSONANT BRUGGE

Descriptieve vertegenwoordiging gaat ervan uit dat kandidaten en gekozenen een afspiegeling moeten vormen van de samenleving. Hoe diverser de samenleving, hoe diverser de kieslijsten en gemeenteraden. Hieronder vergelijken we per stad de diversiteit onder burgers9, kandidaten en gekozenen.

Genk, Antwerpen en Gent hebben het hoogste percentage kandidaten en gekozenen met een migratieachtergrond (Tabel 1). Antwerpen en Gent scoren wel lager dan Genk. Nochtans zijn er in beide steden migratiepartijen actief wiens kandidaten nagenoeg allemaal een migratieachtergrond hebben (VMC, Be.One, MRP en De Spiegel in Gent; D-SA en Be.One in Antwerpen). Hun aanwezigheid verklaart gedeeltelijk de hogere scores tegenover de overige steden waar dit soort partijen niet of minder opkomen. In Brugge, de minst diverse stad, vinden we het laagste percentage etnische kandidaten (3,8%) en helemaal geen gekozenen.

De laatste drie kolommen tonen de verhoudingen tussen de diversiteit onder burgers, kandidaten en kiezers. Een score van 100% betekent dat de kieslijsten en gemeenteraad een perfecte weerspiegeling vormen van de bevolkingssamenstelling (kolom 5 en 6) of van elkaar (kolom 7). Een score boven 100% wijst op oververtegenwoordiging; een score onder 100% duidt op ondervertegenwoordiging.

Wat blijkt? In alle steden zijn burgers met een migratieachtergrond ondervertegenwoordigd, zowel op de kieslijsten als binnen de raden. In Genk zijn ze het best vertegenwoordigd met respectievelijk 88,3% en 80,8%. Terwijl in Aalst de kandidaatlijsten het minst representatief zijn (27,3%), is de gemeenteraad in Brugge het minst representatief (0,0%).

De vraag rijst of de lijstsamenstelling dan wel het stemgedrag meest bijdraagt tot deze ondervertegenwoordiging (kolom 7). In Gent, Mechelen en Aalst zorgt de kiezer voor relatief meer gekozenen dan kandidaten met een migratieachtergrond. Vooral de score in Aalst (246,8%) valt op. Het lage percentage kandidaten met een migratieachtergrond wordt er ten volle benut. Zo haden N-VA en Vlaams Belang elk maar één zulke kandidaat, maar beiden werden verkozen. In de negen andere steden is het percentage gekozenen lager dan het percentage kandidaten, wat erop wijst dat de kiezer minstens een gedeelde verantwoordelijkheid heeft inzake ondervertegenwoordiging.

Op hogere plaatsen op de kandidatenlijst zijn kandidaten met een migratieachtergrond nog meer ondervertegenwoordigd met 11,5% van de lijsttrekkers en 17,6% van de top 5-kandidaten. Dat geldt ook als we kijken naar 'realistische' lijstposities die meer kans geven om verkozen te geraken.10 We bepalen 'realistische' lijstposities door te kijken naar het aantal zetels (X) dat een lijst heeft behaald. De eerste X aantal plaatsen op deze lijst zijn 'realistische' posities. Hieruit blijkt dat 22,5% van de gekozenen met migratieachtergrond op een onrealistische plaats stond en dankzij voorkeurstemmen over kandidaten met een hogere lijstpositie gesprongen is. Het lijkt er dus op dat kiezers de lage posities die partijen hebben toegekend voor een stuk compenseren.

Een vergelijking met de vorige lokale verkiezingen van 2012 en 200611 (Grafiek 1) toont aan dat het aantal kandidaten stijgt in alle steden (Brugge uitgezonderd). Antwerpen (+10,5%) en Gent (+7,8%) kennen de sterkste stijging.

GROEN EN SP.A: HET MEEST DIVERS

Als we per partij kandidaten en gekozenen met een migratieachtergrond bekijken12, dan staan de linkse partijen voor beide bovenaan. Daarnaast valt op dat bij centrum- en rechtse partijen het percentage gekozenen lager is dan het percentage kandidaten, terwijl dit bij de linkse partijen omgekeerd is. Linkse kiezers zorgen dus voor een betere afspiegeling dan hun lijstsamenstellers. Voor PVDA moet hierbij wel een kanttekening gemaakt worden. Enkel in Antwerpen en Gent zijn PVDA-kandidaten met een migratieachtergrond verkozen. Dit zijn tevens de enige steden (naast Hasselt) waar PVDA meer dan één zetel bemachtigde. In de steden waar ze één gekozene haalt (Turnhout, Mechelen, Genk, Leuven en Sint-Niklaas), gaat het steeds om een autochtone lijsttrekker. Zoals voor de vertegenwoordiging van vrouwen13 lijkt ook hier de partijgrootte een stimulerende rol te spelen voor het bekomen van diversiteit.

Het verschil tussen linkse en rechtse partijen reflecteert bevindingen uit eerder verkiezingsonderzoek. Kiezers met een migratieachtergrond stemmen vaker op linkse partijen én op kandidaten met een migratieachtergrond ('etnische stem'),14 terwijl ook 'symbolische stemmers' (kiezers zonder migratieachtergrond die diversiteit belangrijk vinden en daarom op kandidaten met een migratieachtergrond stemmen) talrijker zijn bij linkse partijen.15

Tot slot schatten kiezers kandidaten met een buitenlandse naam linkser in dan kandidaten met een Vlaamse naam.16 Daardoor zijn rechtse kiezers wellicht minder geneigd om voor kandidaten met een migratieachtergrond te stemmen.

Een vergelijking met de kieslijsten van 2006 en 2012 (Grafiek 2) toont aan dat het aandeel kandidaten met een migratieachtergrond in bijna alle partijen toeneemt, met sp.a als sterkste stijger. De daling bij PVDA kan worden verklaard doordat ze in 2018 meer (volledige) kandidatenlijsten heeft ingediend in kleinere centrumsteden met een minder diverse bevolking.

GENDER EN AFKOMST

Globaal genomen zijn 46,1% van de kandidaten met een migratieachtergrond man en 53,9% vrouw. Nationale partijen tellen iets meer vrouwelijke kandidaten met migratieachtergrond (55,1%) terwijl migratiepartijen meer mannen (52,9%) hebben. Onder gekozenen met migratieachtergrond (allemaal lid van een nationale partij) zijn de verschilllen miniem: 50,7% mannelijke en 49,3% vrouwelijke verkozenen.

Uit eerder onderzoek blijkt dat (nationale) partijen voornamelijk geïnteresseerd zijn in het aantrekken van vrouwelijke kandidaten met migratieachtergrond. Zij hebben een diverser profiel (vrouw én buitenlandse roots) dat ook helpt om quota-doelstellingen te halen en zouden daarnaast minder bedreigend overkomen op kiezers.17 Onze resultaten bevestigen dit maar in beperkte mate: er zijn iets meer vrouwelijke kandidaten met migratieachtergrond, maar dat verschil verdwijnt bij de gekozenen.

CONCLUSIE

In dit artikel hebben we de aanwezigheid van burgers met een migratieachtergrond op kandidatenlijsten en in gemeenteraden onderzocht bij de recente gemeenteraadsverkiezingen.

Het percentage kandidaten met een migratieachtergrond in de Vlaamse groot- en centrumsteden bedraagt 14,6%. Dit is een sterke stijging tegenover 2012 (9,5%). De meest diverse steden tellen ook het grootste aantal etnische kandidaten en gekozenen. Linkse partijen scoren beduidend beter dan rechtse partijen. Kandidaten met migratieachtergrond bekleden vooral middenposities op de kieslijsten. Dit verkleint hun kansen om verkozen te geraken, hoewel ze vaak dankzij voorkeurstemmen over anderen heen 'springen' en zo toch verkozen raken. Het aandeel gemeenteraadsleden met een migratieachtergrond ligt op die manier toch in de buurt van het percentage kandidaten met 12,4%. Maar burgers met een migratieachtergrond zijn nog altijd ondervertegenwoordigd in de lokale politiek ten opzichte van hun aandeel in de bevolking.

(Sigrid Van Trappen wil als FWO-aspirant het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen danken voor het mogelijk maken van dit onderzoek).

Voetnoten

  1. Agentschap Binnenlands Bestuur (2018), Lokale inburgerings- en integratiemonitor editie 2018, Brussel: Vlaamse overheid.
  2. Bird, K. (2004). 'Comparing the political representation of ethnic minorities in advanced democracies.' Annual Meeting of the Canadian Political Science Association, Winnipeg.
  3. Celis, K., Eelbode, F. & Wauters, B. (2013). 'Visible Ethnic Minorities in Local Political Parties: A Case Study of Two Belgian Cities (Antwerp and Ghent).' Politics 33(3): pp. 160-171.
  4. Eelbode, F., Wauters, B., Celis, K., & Devos, C. (2013). 'Left, right, left: the influence of party ideology on the political representation of ethnic minorities in Belgium'. Politics, Groups and Identities, 1(3), pp. 451–467; Janssen, C., Dandoy, R., & Erzeel, S. (2017). 'Het electorale succes van etnische minderheden in Brussel: de rol van kiezers en partijen'. Res Publica, 59(4), pp. 389-412.
  5. Beschikbaar via www.vlaanderenkiest.be.
  6. Zie o.m. Janssen, C., Dandoy, R., & Erzeel, S. (2017). 'Het electorale succes van etnische minderheden in Brussel: de rol van kiezers en partijen'. Res Publica, 59(4), pp. 389-412; Minderhedenforum (2012), 'Kleur op de lijst. Tweede rapport etnische diversiteit in de lokale politiek'. Onderzoeksnota. Brussel: Minderhedenforum, 12 p.
  7. Zichtbaar op basis van hun naam of hun huidskleur.
  8. Voor bijvoorbeeld Nederlanders is dat veel minder het geval.
  9. De stedenrapporten van de Lokale inburgerings- en integratiemonitor, ontwikkeld door de Dienst Statistiek van het Agentschap Binnenlands Bestuur, bevatten cijfers over de bevolkingssamenstelling op basis van herkomst wat een vergelijking met onze eigen analyse mogelijk maakt.
  10. Put, G-J & Maddens, B (2013), 'The Selection of Candidates for Eligible Positions on PR Lists: The Belgian/Flemish Federal Elections 1999–2010', Journal of Elections, Public Opinion and Parties, 23(1), pp. 49-65.
  11. Minderhedenforum (2012), 'Kleur op de lijst. Tweede rapport etnische diversiteit in de lokale politiek'. Onderzoeksnota. Brussel: Minderhedenforum, 12 p.
  12. Voor de kartellijsten in Gent (sp.a-Groen), Hasselt (roodgroen+) en Mechelen (vld-groen-m+),werden kandidaten toegewezen aan de specifieke partij waarvoor ze opkwamen binnen het kartel.
  13. Silwa, S., Meier, P. & Thijssen, P. (2011). 'De impact van party magnitude op het aantal vrouwelijke verkozen: gender quota in België kritisch bekeken.' Res publica: tijdschrift voor politieke wetenschappen, 53(2): pp. 141-165.
  14. Zie o.m. Teney, C., et al. (2010). 'Ethnic voting in Brussels: Voting patterns among ethnic minorities in Brussels (Belgium) during the 2006 local elections.' Acta Politica 45(3): pp. 273-297 ; Jacobs, D., Kelbel, C., & Pilet, J.-B. (2013). 'De politieke voorkeur van kiezers van allochtone afkomst tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2012 in Brussel'. In Dassonneville, R., Hooghe, M., Marien, S., & Pilet, J.-B. (Eds.), 'De lokale kiezer: het kiesgedrag bij de Belgische gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2012' (pp. 169-194). Brussel: Academic and Scientific Publishers.
  15. Swyngedouw, M., & Jacobs, D. (2006). 'Wie heeft er in 2003 gestemd voor de kandidaten van vreemde afkomst in Vlaanderen (België)?' In: Khader, B., Martiniello, M., Rea, A., & Timmerman, C. (Eds.), 'Immigratie en integratie anders denken' (pp.153-169). Brussel: Bruylant.
  16. Van Trappen, S. (2018), 'Mohammed op het politieke toneel: steracteur of figurant?', Samenleving & Politiek 18(2): pp. 48-55.
  17. Zie o.m. Celis, K., & Erzeel, S. (2017). 'The Complementarity Advantage: Parties, Representativeness and Newcomers' Access to Power'. Parliamentary Affairs, 70(1), pp. 43-61.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 9 (november), pagina 68 tot 73