Log in

Versnippert Wallonië?

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 7 (september), pagina 13 tot 18

In Franstalig België kijken de traditionele partijen – PS, MR en cdH – met de nodige ongerustheid uit naar de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober. De kleinere partijen – Ecolo, DéFI, PTB en PP – hopen er hun voordeel uit te halen. Deze stembusgang dreigt het politieke landschap te versnipperen, zoals dat in Vlaanderen al een tijdje het geval is.

GEMEENTERAADS­VERKIEZINGEN 2018

Links in de gemeenten: een voorbeschouwing
Johan Ackaert en Sofie Hennau
Versnippert Wallonië?
Pascal Delwit
Antwerpen en Gent, a tale of two cities
Geert Mareels
Jongeren hebben geen stem, wel een mening
Hannes De Reu

De context van de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober verschilt gevoelig van die van 2012. MR stapte in 2014, als enige Franstalige partij, in een federale coalitie met N-VA en twee andere Vlaamse partijen, wat niet altijd even gemakkelijk blijkt. PS maakt voor het eerst sinds 1988 geen deel uit van de federale regering en gaat door een moeilijke periode. En ook cdH zit in een lastig parket, zeker na de 'coup' van Benoît Lutgen in juni 2017. De politieke hoofdkwartieren van de traditionele partijen kijken met veel belangstelling maar ook met de nodige ongerustheid uit naar de komende gemeenteraads- en provinciale verkiezingen. Bij lokale verkiezingen spelen vooral lokale kwesties, maar bij deze stembusgang zijn al eerder regerende en oppositiepartijen beloond of afgestraft. Dat kan vandaag ook gebeuren, zeker omdat we sinds de Tweede Wereldoorlog nog nooit zo'n lange periode zonder verkiezingen hebben gekend. Meerdere politici hebben dan ook beslist om deze valkuil te omzeilen: premier Charles Michel (MR) stelt zich geen kandidaat in Waver en Didier Reynders (MR) in Ukkel evenmin. Laurette Onkelinx (PS) haakt af in Schaarbeek, net als Joëlle Milquet (cdH) in Brussel-stad.

De kleinere partijen Ecolo, DéFI, PTB en PP hopen hun voordeel te halen uit de moeilijke situatie waarin de traditionele partijen zich bevinden. Net zoals dat sinds de gemeenteraadsverkiezingen van 2000 en 2006 in Vlaanderen het geval is, hangt het 'spookbeeld' van de versnippering als een schaduw over deze verkiezingen. In deze bijdrage bekijken we de uitdagingen en kansen van alle Franstalige partijen, groot en klein, in de aanloop naar de stembusgang van 14 oktober.

PS – PARTI SOCIALISTE

Net zoals dat voor de Vlaamse christendemocraten het geval is, zijn deze gemeenteraadsverkiezingen van kapitaal belang voor de Franstalige socialisten. Sinds het einde van de 19e eeuw, en zeker na de Eerste Wereldoorlog, ligt de kracht van het socialisme vooral in haar lokale verankering. Vandaag trekt PS, zowel in Wallonië als in Brussel, op een minder gecoördineerde manier naar de kiezer dan we van haar gewoon zijn.

Twijfels over het nationale leiderschap bemoeilijken de lokale campagne. In het voorjaar 2017 werd fors gedebatteerd over de kwestie van de cumul. Paul Magnette had voorgesteld om een einde te maken aan alle cumuls tussen het mandaat van burgemeester/schepen en het parlementair mandaat, maar stootte op tegenstand. Op het congres van juli 2017 stond hij geïsoleerd. Uiteindelijk vaardigde Elio Di Rupo een voorstel uit en werd alle cumul verboden in een stad van meer dan 50.000 inwoners. Laurette Onkelinx, die achter de schermen pleitte voor de oplossing van Di Rupo, werd door haar eigen federatie teruggefloten, die stemde voor de integrale decumul van Magnette. Ook de affaire-Publifin/Nethys in de provincie Luik en de affaire-Samusocial in Brussel bemoeilijken de campagne, zeker in Brussel. In Molenbeek en Anderlecht zorgde de samenstelling van de lijsten voor spanningen. En ook in Jette, Schaarbeek en Ukkel verliep de keuze van de lijsttrekker niet zonder problemen.

Wat is de inzet voor PS? In eerste instantie het behoud van de status van grootste partij, met een resultaat tussen 30 à 35% van de stemmen. Dit is verre van zeker. De peilingen liggen een stuk lager. Daarnaast wil PS de grootste speler blijven in de steden als Charleroi, Bergen, Luik, Doornik, Verviers en ook Seraing. Ook wil PS het beter doen dan in 2012 in een aanzienlijk aantal middelgrote gemeenten, toen ze uit verschillende politieke meerderheden werd verdreven; denk aan Moeskroen, Courcelles, Verviers en Molenbeek. De socialisten richten de blik daarom ook op de zogenaamde 'tweede verkiezingsronde', het samenstellen van meerderheden. In Brussel is de kans dat ze in Schaarbeek in de meerderheid geraken onbestaand. De aandacht gaat eerder naar andere grote gemeenten zoals Anderlecht waar Fadila Laanan niet op de lijst staat, Molenbeek waar Catherine Moureaux de burgemeesterssjerp wil overdragen aan Françoise Schepmans en uiteraard ook Brussel-stad waar Philippe Close Yvan Mayeur moet doen vergeten. Overigens zou een matige prestatie in Brussel de positie van Laurette Onkelinx als voorzitter van de Brusselse federatie fel bemoeilijken in de aanloop naar de federale en regionale verkiezingen van 2019.

Naast de electorale uitslagen zullen ook de resultaten van een aantal kandidaten zelf nauwlettend worden bekeken. Er is de kwestie van het voorzitterschap van de partij en – zoals gezegd – die van de Brusselse federatie. Bijzonder aandacht zal gaan naar de score van Paul Magnette in Charleroi en Ahmed Laoouej in Koekelberg, beiden kandidaat-voorzitters PS. Natuurlijk zal ook Bergen, waar Nicolas Martin de lijst trekt en Elio Di Rupo duwt, met argusogen worden bekeken. In Brussel zijn de ogen dan weer gericht op Caroline Désir (Elsene), Rachid Madrane (Etterbeek) en Ahmed Laaouej (Koekelberg), allen genoemd als kandidaat-voorzitter van de Brusselse federatie. Ook de prestaties van politieke beloften of toekomstige kandidaat-ministers zal met aandacht worden gevolgd. Denk aan Bruno Lefebvre in Ath die verwikkeld zit in een hevige strijd; aan Deborah Geradon, tweede op de lijst in Seraing; en aan de oud-ministers Christophe Lacroixin in Wanze en Pierre-Yves Dermagne in Rochefort.

PTB – PARTI DU TRAVAIL

PTB volgt de weg die het insloeg bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2000: het is niet haar ambitie om zoveel mogelijk lijsten in te dienen, maar om goede resultaten te halen in de gemeenten waar ze wel opkomt. Het aantal gemeenten waar PTB deelneemt, blijft eerder beperkt: 7 in Brussel en 25 in Wallonië. Net zoals in Vlaanderen is het de doelstelling om het goed te doen in de provinciale hoofdsteden en middelgrote steden. Dat is niet overal even gemakkelijk. In Doornik, bijvoorbeeld, stelt de partij na veel aarzeling een lijst voor met… 3 kandidaten.

Verder hoopt PTB te kunnen scoren in de regio's waar ze nu reeds sterk staat: in het Luikse bekken en – in mindere mate – in de regio Charleroi. Daar zal de partij op afgerekend worden. Net als op feit of ze er in zal slagen toe te treden tot een aantal colleges. Want sinds de zomer van 2017 is de positie duidelijk: PTB wil niet deelnemen op federaal en regionaal niveau, wel op gemeentelijk niveau.

De partij staat hier voor een schier onoplosbaar dilemma: voor haar potentiële partners – PS en Ecolo – is samenwerken misschien wel een optie in gemeenten waar de partij niet al te sterk staat, terwijl PTB enkel in een college wil stappen als ze haar electoraal gewicht in de schaal kan leggen. Zo werd er deze legislatuur een mogelijk akkoord met PS in Bergen tegengehouden door de Henegouwse federatie van PTB, omdat er maar 1 PTB'er was gekozen voor de gemeenteraad.

De partij zou deze verkiezingen voordeel kunnen doen bij de roep om politieke vernieuwing. Anderzijds wordt PTB geconfronteerd met een aantal moeilijkheden. Zo zijn de gemeenteraadsverkiezingen niet het meest geschikte terrein daarvoor. Ook vervelend is dat de sociale agenda recent heeft plaatsgemaakt voor een meer culturele agenda rond diversiteit, wat per definitie een moeilijke kwestie is voor een radicaal-linkse partij. Dit thema speelt in de grotere gemeenten meer in het voordeel van Parti Populaire, nog zo'n outsiderpartij waar PTB allang schrik heeft.1

ECOLO

Ecolo heeft meerdere troeven: de partij is goed ingebed op lokaal niveau en kan kiezers vanop links én rechts binnenhalen. De partij gelooft alleszins in zichzelf. Co-voorzitters Zakia Khattabi en Patrick Dupriez kondigden begin dit jaar nog een 'groene golf' aan. Anderzijds plafonneert de partij al tien jaar, naar het beeld van het merendeel van Europese groene partijen.2 Op dit moment heeft de partij een niet zo uitgesproken profiel. Vernieuwen blijkt niet eenvoudig. Zo sprak het burgemeesterschap van Olivier Deleuze in Watermaal-Bosvoorde niet erg tot de verbeelding, al hoopt Ecolo deze burgemeestersstoel te behouden. En ook op die van Elsene, waar ze altijd al goed verankerd is, heeft de partij haar zinnen gezet.

Buiten Brussel heeft Ecolo meer moeite om de meerwaarde van een groene burgemeester aan te tonen. In Ottignies-Louvain-la-Neuve stelt Jean-Luc Roland zich na drie opeenvolgende mandaten niet langer kandidaat. In Amay is Jean-Michel Javaux kandidaat om zichzelf op te volgen, maar zijn deelname aan de beweging E-change, grotendeels gestuurd door politici van cdH-signatuur, bemoeilijkte de campagne.

Op politiek-strategisch vlak zou Ecolo kunnen profiteren van de exclusieven die gesteld worden tussen PS en cdH (zoals in Charleroi en Luik) of tussen PS en MR (zoals in Bergen). De partij heeft duidelijk troeven in handen in Charleroi, Bergen, Doornik, Moeskroen, en zelfs in Luik en Verviers. Merk op dat in Luik Ecolo zich heeft geschaard achter een grotere lijst met een aantal opmerkelijke linkse spelers, 'Vert ardent' genaamd.

MR – MOUVEMENT RÉFORMATEUR

In 2012 behaalde MR een mooi resultaat bij de gemeenteraadsverkiezingen, vooral dan bij het onderhandelen van meerderheden. Voor de liberalen zou even goed doen als in 2012 al zeer goed zijn. MR staat echter nog voor een aantal onbekende factoren. Het is afwachten wat de impact zal zijn van haar rol in de federale regering. Ook het meer rechtse discours van premier Charles Michel kan centrumkiezers afschrikken. Zal dit meespelen in de gemeenten waar bekende figuren opkomen? Het blijft een onbekende factor.

MR heeft alleszins af te rekenen met nieuwe concurrenten. Op de rechterflank krijgt MR te maken met Parti Populaire. In het centrum wordt ze geconfronteerd met DéFI, het voormalig FDF. Deze concurrentie voelde MR al in 2012 in de Brusselse gemeenten, maar deze stembusgang zal ze dit voelen in heel Wallonië. DéFI diende in een heel aantal gemeenten lijsten in en kan een stuk van het liberaal, humanistisch kiespubliek inpalmen.

MR zit natuurlijk ook verwikkeld in een aantal 'affaires'. De partij is betrokken bij het Publifin/Nethys-dossier en bestuurt samen met PS in Brussel-stad, epicentrum van het Samusocial-schandaal. Ook Kazakhgate heeft aanzienlijke imagoschade toegebracht. Armand De Decker, lange tijd één van de kopstukken van de Brusselse MR, zit middenin dit schandaal. Hij heeft erg lang gewacht voor hij afstand nam van het burgemeesterschap van Ukkel. Zijn opvolging veroorzaakte een breuk bij de Ukkelse liberalen. Marc Cools verliet MR en startte zijn eigen lijst.

Deze stembusgang zal dus een serieuze test zijn voor een aantal van de MR-toppers, en niet in het minst voor haar ministers. Marie-Christine Marghem steekt haar ambitie om PS in Doornik van de troon te stoten niet onder stoelen of banken. Ook Willy Borsus, sinds juli 2017 minister-president van Wallonië, zal zijn handen vol hebben om in Marche-en-Famenne cdH verslaan, een lijst getrokken door René Colin, minister in de Waalse Regering en geduwd door uittredend burgemeester André Bouchat. In Bergen wil Georges-Louis Bouchez PS vloeren.

MR heeft echter een grote troef: de houding van Benoît Lutgen heeft zijn partij cdH verwijderd van PS. In verschillende gemeenten lijkt samenwerking tussen beide partijen weinig waarschijnlijk. MR zou de rol van 'kingmaker' kunnen spelen. Het is ook uitkijken naar Luik waar MR allang opnieuw aan de macht hoopt te komen. Dat is vandaag nog steeds verre van zeker, maar toch een stuk aannemelijker dan in de campagne van 2012.

CDH – CENTRE DÉMOCRATE HUMANISTE

Ook de Franstalige christendemocraten gaan de gemeenteraadsverkiezingen met enige bezorgdheid tegemoet. Bij de verkiezingen van 2014 zakte cdH tot een electoraal dieptepunt en de manier waarop de partij toen de onderhandelingstafel verliet riep vragen op. Met zijn 'coup' in juni 2017 haalde Benoît Lutgen zijn slag maar gedeeltelijk thuis. De partij doet het niet goed in de peilingen en wordt geconfronteerd met overlopers. Een aantal sleutelfiguren trokken zich terug: Joëlle Milquet (Brussel), Véronique Salvi (Charleroi), Vanessa Matz (Aywaille), Joseph George (Huy), Theo Blaffart (Wanze), Didier Hamers (Dison), René Thissen (Waimes) en Véronique Waroux (Péruwelz) stelden zich geen kandidaat voor de gemeenteraadsverkiezingen. In Bergen is de partij verdeeld over de kwestie-Opaline Meunier. Ze legde haar functie bij cdH neer en komt op bij de liberale lijst 'Mons en Mieux !'. De partij kreeg ook af te rekenen met de nodige portie dramatiek. In Moeskroen, één van de laatste grote gemeentes waar cdH nog wel aan de macht is, werd burgemeester Alfred Gadenne vermoord door een zoon van een ontslagen ambtenaar en overleed zijn verwachte opvolger – Damien Yzerbyt – aan kanker. En in Bastenaken lijkt Benoît Lutgen het te moeten gaan opnemen tegen zijn broer Jean-Pierre.

De 'coup' van Benoît Lutgen zou cdH wel eens cash kunnen betalen in een aantal gemeenteraden, vooral dan in de twee grootste Waalse steden Charleroi en Luik. Enkel Namen, onder het leiderschap van Maxime Prévot, lijkt te ontsnappen aan de malaise. Zijn lijst zou er een goede score moeten halen en het bestuursakkoord met MR is er erg solide.

Het hoeft dus niet te verwonderen dat cdH, meer nog dan voorheen, in heel wat gemeenten onder een andere naam naar de kiezer trekt: C+ (Charleroi), Agora – Agir pour Mons (Bergen), Ensemble (Doornik), Plus & cdH (La Louvière).

Het zal er voor de partij op aankomen om – in het slechtste geval – de schade te beperken en – in het beste geval – de trend in de peilingen om te buigen. Als dat niet lukt belooft de weg naar de federale, regionale en Europese verkiezingen van 2019 een echte martelgang te worden.

DÉFI - DÉMOCRATE, FÉDÉRALISTE, INDÉPENDENTE

DéFI zet alles op alles in deze verkiezingsmarathon die loopt tot 2019. De démarche van Benoît Lutgen in juni 2017 heeft bijgedragen tot de populariteit van Olivier Maingain en DéFI. De partij hoopt het ontgoochelde of bezorgde kiespubliek van MR en cdH, en zelfs van PS en Ecolo aan te trekken. In Brussel hoopt DéFI het burgemeesterschap in Watermaal-Bosvoorde te heroveren. Het is echter vooral in Wallonië dat zal duidelijk worden of DéFI de grote spelbreker zal zijn bij de volgende regionale en federale verkiezingen. Er wordt vooral gekeken naar Namen en Luik, waar de partij kandidaten met een zekere bekendheid op haar lijsten wist te plaatsen.

PP - PARTI POPULAIR

PP, of 'de Franstalige tegenhanger van N-VA' zoals ze zichzelf pleegt te noemen, heeft als bijna enig partijpunt het etnocentrisme. PP kwam bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2012 slechts op in 10 gemeenten, maar deze keer zijn dat er al 53. Op lokaal niveau zijn hun politici voor de meeste burgers zo goed als onbekend, maar de partij hoopt voordeel te halen uit de aandacht voor de migranten- en vluchtelingenkwestie. Rond dit thema profileert PP zich als een echte radicaal-rechtse partij, zowel naar vorm als naar inhoud.

(Vertaling: Patsy Magerman)

Voetnoten

  1. Pascal Delwit (2014), 'Nouvelle gauche, vieille recette', Luik, LucPire, p. 291.
  2. Caroline Close, Pascal Delwit (2016), 'Green Parties and Elections', in: Emilie van Haute (Ed.), 'Green Parties in Europe', Londen, Routledge, pp. 243-269.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 7 (september), pagina 13 tot 18